Woensdag 30/11/2022

Beter levenTuinieren

Een eigen moestuin? Zo begin je eraan

Tuinexperte Laurence Machiels: ‘Geen tuin? Gelukkig kun je zowat alle groenten in pot kweken.’ Beeld Steven Richardson
Tuinexperte Laurence Machiels: ‘Geen tuin? Gelukkig kun je zowat alle groenten in pot kweken.’Beeld Steven Richardson

Wat spannend, een eerste moestuin! Maar vlieg er niet zomaar in, een succesvolle moestuin vraagt om een goede voorbereiding en planning. Hoeveel m² heb je nodig? Hoe bereid je je grond voor en wat als je geen tuin hebt? Tuinexperte Laurence Machiels helpt je op weg met enkele onontbeerlijke basisregels.

Nele Annemans

1. Begin klein

Met de juiste plek is je moestuin al een succes nog voor je er wat in gezaaid of geplant hebt. Je groenten hebben zeker acht uur zon nodig, zes uur is een absoluut minimum. Hoe dichter je moestuin bij je terras of keuken ligt, des te motiverend het is om regelmatig wat bij te planten of te zaaien en het netjes te houden. Begin klein, met maximum tien vierkante meter. Zelfoverschatting is de grootste struikelblok bij beginners. Investeer in een bodemanalyse: op te zure, te kalkrijke of te arme grond wordt groenten kweken een grote teleurstelling. Voor minder dan tien euro vind je al een basis analysesetje in het tuincentrum. Voeg indien nodig kalk, biologische meststoffen, compost of verteerde stalmest toe.

null Beeld rv
Beeld rv

2. Start schoon

Staat de plek nog vol onkruid of is het gazon, dan wordt het even doorbijten. Idealiter had je vorige winter een laag karton gelegd met daarboven liefst twintig centimeter tuinmateriaal, bladaarde of houtsnippers; dat verstikt gazon en onkruid. Maar nu moet je dus met een scherpe spade het gras afsteken, en daarna de bodem frezen of omspitten. Gelukkig is dat spitten eenmalig, daarna hoeft het niet meer. Wil je het eerste jaar vooral pompoenen, courgettes en aardappelen kweken, dan kun je toch de kartontruc toepassen. Snijd rondjes in het karton en plant daarin; die robuuste groenten kunnen tegen concurrentie van gras en onkruid.

null Beeld Steven Richardson
Beeld Steven Richardson

3. Moestuin in potten

Geen tuin? Gelukkig kun je zowat alle groenten in pot kweken. Recycleer emmers, een oud badje, een teil, lege potgrondzakken, ... Courgettes, pompoenen, komkommers en warmoes hebben een pot van minstens tien liter nodig, maar snij- en pluksla en radijzen groeien zelfs in een bloembak op de vensterbank. Pompoenen en komkommers kun je langs een klimrek leiden, dat spaart plaats. Tomaten kweek je het best onder een afdak, tegen de schimmels. Neem altijd biologische potgrond (voor groenten).

null Beeld Steven Richardson
Beeld Steven Richardson

4. Maak een plan(netje)

In een tuin van één of twee vierkante meter kun je alle groenten kriskras door elkaar zetten, maar zodra je wat groter gaat, is een plan een must. Door je groenten elk jaar van plaats te wisselen, krijgen ziektekiemen immers veel minder kans. Deel je tuin in minstens vijf vakken in. Geef elke familie een vak: de kolen, de bladgroenten (sla, spinazie, warmoes, prei), de vruchtgroenten (tomaten, paprika’s, komkommers, courgettes, pompoenen), de knollen (uien, wortelen, rode biet, aardappel) en de peulen (bonen, erwten). Elk jaar schuif je een vak op. Zo kun je ook heel gericht voeding geven: veel aan de kolen, bladgroenten en vruchtgroenten, en geen mest voor knollen en peulen.

null Beeld Steven Richardson
Beeld Steven Richardson

5. Gemakkelijke groenten

Begin met makkelijke groenten die jij lekker vindt; je maag is de beste motivator. Zet in een tuin van minder dan tien vierkante meter nooit meer dan tien verschillende groenten. Gemakkelijke basics zijn sla, spinazie, radijzen, rode bietjes en warmoes. Andere dankbare groenten zijn boontjes, erwten, wortelen, prei en uien of sjalotten. Heb je veel plaats, voeg dan aardappelen, pompoenen, courgettes en komkommers toe. Koop zoveel mogelijk plantjes, in plaats van alles zelf te willen zaaien. Dat gaat veel sneller en werkt motiverender in je eerste moestuinjaar.

null Beeld rv
Beeld rv

6. Nooit meer spitten

Het gros van dat kostbare bodemleven situeert zich in de bovenste 15 centimeter van je moestuin. Verstoor die laag zo weinig mogelijk en spit je moestuin, eenmaal aangelegd, niet meer. Zware (klei)grond maak je los met een spitvork. Strooi elke lente een emmer compost per vierkante meter uit, zo krijg je een kruimelige en vruchtbare toplaag. Heb je zelf geen composthoop, koop dan kant-en-klare compost of bodemverbeteraar. Houd blote aarde zoveel mogelijk bedekt. Strooi tussen je groenten stelselmatig grasmaaisel, bladeren van smeerwortel, bladaarde of bladeren, hennepvezels, hooi, stro... Dat weert het onkruid, houdt het vocht voor je planten beter vast en verbetert de grond.

7. Kruiden én bloemen

Zaai of plant Oost-Indische kers, komkommerkruid, goudsbloemen, papavers, korenbloemen of ‘stinkertjes’ tussen je groenten. Ze trekken hommels, bijen en vlinders aan, die je groenten bevruchten, en lokken lieveheersbeestjes, gaasvliegen en oorwurmen die de bladluizen opeten. Vul gaten met groene, eenjarige kruiden zoals peterselie, kervel, dille, koriander en basilicum, met hun geuren brengen ze plaaginsecten in de war.

null Beeld rv
Beeld rv

8. Moestuinboek is een must

Investeer in een goed basisboek, zoals ‘Mijn moestuin’ (Manteau, 29,99 euro), of een van de kleinere, zopas verschenen moestuinboeken. Het ‘Zakboek voor de hapklare moestuin’ (Lannoo, 19,99 euro) is een handig boekje over moestuinieren op maat van je gezin, met de nadruk op bakken en potten. Met ‘Een kleine biologische moestuin’ (KNNV, 19,95 euro) vormt de jonge Arthur met zijn tuintje van 15 vierkante meter een fijne inspiratiebron voor wie klein wil starten. ‘De Low Budget Moestuin’ (Lannoo, 22,50 euro) staat vol praktische tips over hoe je duurzaam, ecologisch, en met een klein budget moestuiniert. Met een handig maandoverzicht.

null Beeld rv
Beeld rv

9. Rustig aan!

Toom je in, en koop niet meer dan tien verschillende zaden voor je eerste seizoen. In één pakje zitten makkelijk honderden zaden. Zaai ook niet te enthousiast: één zaadje levert met een beetje geluk één plantje op. Houd je moestuinplan in de gaten, en reken vooraf uit hoeveel je per vierkante meter kwijt kunt. Respecteer de afstand die op de pakjes zaad staat, dat ene zaadje wordt echt wel een dikke rode biet of een flinke krop sla. Houd de kalender bij. Courgette, pompoen, komkommer, paprika, tomaat, boontjes, basilicum... mogen pas na de laatste vorst naar buiten, tegen begin mei.

null Beeld rv
Beeld rv

Dit artikel verscheen in De Morgen op 4 april 2021.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234