Woensdag 02/12/2020

Verkaveld Vlaanderen

Een eigen huis, een plek in de file

De typische Vlaamse lintbebouwing in Maldegem.Beeld Franky Verdickt

Een eeuw lang was een eigen huis met een eigen lap groen het woonideaal van de Vlaming. Dat verandert, lichtjes. Verandert minister van Ruimtelijke Ordening Joke Schauvliege (CD&V) mee?

Wie zich wil laten overweldigen door de adembenemend verrommelde ruimte genaamd Vlaanderen, moet vanuit het Zeeuwse dorp Eede de oude grens met het Oost-Vlaamse Maldegem oversteken. De douanepost is allang weg - en zal ook wel wegblijven, wat er ook met Schengen gebeurt - maar het blijvende fysieke verschil tussen Nederland en Vlaanderen/ België slaat je in het gezicht.

Noordwaarts ben je, 500 meter voorbij de grens, vertrokken voor een rit van kilometers doorheen nagenoeg ongerepte polders. Zuidwaarts rijd je over dezelfde poldergrond langs een lint van huizen en huisjes die schijnbaar zonder enige rooilijn op versnipperde kavels gesmeten liggen. Welkom in Vlaanderen, "waar de mensen belangrijk zijn/ En de buiken omvangrijk zijn."

Maldegem is geen uitzondering. Van de vreemde melange van de A12 met zijn woningen uit de jaren 50 en baanwinkels in alle formaten, tot de chaotisch in elkaar gehusselde woonwijk van Kobbegem waarin de kantoren van De Persgroep als een meteoriet lijken ingeplant: de 'Maldegemisering' van het land is overal. Een erfenis van een kleine eeuw ruimtelijk wan- en later non-beleid.

Fermettes en kasteeltjes

Mettertijd heeft de Vlaming zijn verrommeling leren omarmen als een gekoesterd cliché, net zoals de rest van het negatieve zelfbeeld dat spreekt uit het hierboven geciteerde 'Vlaanderen boven' van Raymond van het Groenewoud. Ja, wij wonen in een lelijk land van fermettes, pastoriewoningen en Spaanse kasteeltjes met daken vol zonnepanelen, maar wij mogen wel ons goesting doen.

Van zoveel anarchie gaat een internationale aantrekkingskracht uit. 'Ugly Belgian houses' is behalve een succesvol fotoproject ook een algemeen aanvaard begrip om over dit land te spreken. Het streng geordende Nederland overwoog al meermaals een Belgischere, lossere aanpak van het ruimtebeleid. Het land schrok uiteindelijk telkens terug voor zoveel katholieke plantrekkerij. Ook nu weer lijkt de stedenbouwkundige rampspoed aan de Nederlandse kustlijn, waar Belgische projectontwikkelaars op de loer liggen, afgewend.

Gelukkig maar. Want de Belgische vrijheid-blijheid in de ruimtelijke ordening komt met een hoge prijs. Liefst 33 procent van de totale oppervlakte van het Vlaams Gewest is bebouwd. Dat is een record in Europa, en het ruimtebeslag blijft oplopen met 6 hectare per dag. Dat maakt van de Vlaming ook nog eens een koploper in verkeersonveiligheid - 400 doden op Vlaamse wegen per jaar. En in filevorming: elke ochtend en avond vormen we samen 3.000 filekilometers op de gewestwegen alleen. Wie vandaag een huis met een boompje wil, koopt er zijn dagelijkse verloren tijd in de file bij.

Zou het kunnen dat mede daardoor een tendens aan het ombuigen is? Luidens deze week bekendgemaakte cijfers van het departement Ruimte Vlaanderen werden in 2014 1.855 nieuwe verkavelingsvergunningen uitgereikt. Dat is het laagste aantal sinds het begin van de telling. Ook het aantal kavels per verkaveling neemt af, net als de gemiddelde grootte van de kavels.

Is de baksteen in de Vlaamse maag aan het verkruimelen? Architecte Kati Lamens, voorzitter van de Vlaamse architectenkoepel NAV, ziet toch al een trendbreukje. "Mensen gaan compacter wonen. Bekommernis om energie-eisen staan bovenaan het verlanglijstje van bouwheren. Wie nog een nieuwbouw zet, is tegenwoordig ook geen twintig meer, maar eerder vijfendertig. Dat betekent dat ook al eens wordt nagedacht over een toekomst zonder kinderen in huis, of een oudere dag die minder ruimte behoeft."

Leo Van Broeck, architect en hoogleraar stedenbouw aan de KU Leuven, meent dat de Vlaming begint in te zien dat wonen op het platteland "een dure desillusie" is. "Niemand woont nog echt in het type groen dat hij zich herinnert van zijn ouderlijk huis: de verkaveling is overal. Bovendien woon je er 100 procent auto-afhankelijk en in een culturele woestijn. Mensen gaan op de buiten wonen om dan vooral in de auto te zitten op weg naar het werk, de cinema of de winkels in de stad. Sommigen beginnen daar eindelijk de absurditeit van in te zien."

Toch hoeden experts zich voor al te grote euforie. "De knik in de cijfers is een gevolg van de marktsituatie, niet van beleid of van bewustwording", meent Pascal De Decker, hoofddocent ruimtelijke planning aan de KU Leuven. "Er liggen momenteel gewoon genoeg vrije kavels, zonder dat er nieuwe moeten worden aangesneden."

Beeld Franky Verdickt

Suburbane idylle

Volgens De Decker is de 'suburbane idylle' nog altijd intact. "Het idee leeft nog steeds dat als je een gezin wilt grootbrengen, je dat best doet in een eigen, vrijstaand huis buiten de stad. We lachen wel eens graag met de fermette-Vlaming, maar dat ideaal leeft even sterk bij de progressieve, culturele elite. Schrijver Stefan Hertmans woont evengoed op de buiten, net als zanger Daan. Of kijk naar de ideale woningen in lifestylemagazines: knappe ontwerpen, passiefbouw... Maar wel boenk middenin de open ruimte."

Journalist gaat vrijwillig drie maanden in de grote stad wonen: in Vlaanderen heb je dan een tv-format (Molenbeek, overigens een goed programma). Dat de Vlaming niet van zijn steden houdt, klopt nochtans niet. De Vlaming houdt ervan om in de stad te werken, om er te gaan shoppen of om er zich te ontspannen in de netjes opgeknapte (pseudo-)historische centra. Om dan voldaan terug te keren naar huis, in verkavelingsgebied. Wereldwijd wonen 55 procent van de mensen in steden, hier is dat 30 procent.

Dat is ook een kwestie van centen - en dus beleid. Tot vandaag blijft het lonender om buiten de stad te wonen. Stadswoningen hebben vaak een hoger historisch kadastraal inkomen. Schaalvoordelen van stedelijk wonen - gedeelde kosten voor infrastructuur of openbaar vervoer - worden niet in rekening gebracht.

Leo Van Broeck: "Volgens Amerikaanse cijfers kost een woning in de stad de overheid 1.400 dollar aan voorzieningen, op het platteland 3.000 dollar. Bij ons is de situatie vergelijkbaar. En dan hebben we het nog niet eens over kosten door de fiscale aftrek van salariswagens, wat eigenlijk het subsidiëren van files en verkeersongelukken is, ook nog eens met hoge kosten voor economie en samenleving."

Het beleid moet dus om. Dat is niet eens een politiek statement, dat is een wetenschappelijk feit. Tegen 2030 komen er in Vlaanderen 284.000 huisgezinnen bij (en tegen 2060 nog eens zoveel). Die moeten allemaal een dak boven hun hoofd krijgen. Dat lukt niet met het huidige morsbeleid.

"Het kan ook anders", beklemtoont architect Joachim Declerck van denktank Architecture Workroom Brussels. "De perfect voorspelbare bevolkingsgroei biedt juist een kans om de ruimte beter te gaan indelen, zonder revolutie. Maar de regering zal wel de stop moeten durven zetten op het aansnijden van open ruimte, en elders zal gegroepeerd wonen gemakkelijker moeten worden gemaakt."

Het helpt dat Vlaams minister-president Geert Bourgeois (N-VA) daarvan overtuigd is. "Als we niet kiezen voor verstedelijking en verkerning en voor behoud van open ruimte, dan lopen we helemaal vast", zei hij vorige week in deze krant. "De kost van versnipperd wonen is te hoog." Bourgeois schijnt het te menen - een persoonlijke prioriteit die hij overhield aan zijn politieke wonderjaren als schepen van Ruimtelijke Ordening in Izegem.

Beeld Franky Verdickt

Weg naar de hel

De omslag moet gestalte gaan krijgen in het zogenaamde Beleidsplan Ruimte Vlaanderen dat minister van Ruimtelijke Ordening Joke Schauvliege (CD&V) nog in deze regeerperiode zal presenteren als opvolger van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen. De grondslag ervan ligt vast in het Witboek Ruimte, waarvan haar administratie al een eerste 'sneuveltekst' opstelde.

Dat klad-witboek (online te raadplegen) is nogal een tegenvaller. Aan dure principes - verdichting! Open ruimte! Kernversterking! - geen gebrek, maar met dure, zinledige principes ligt de weg naar de ruimtelijke hel geplaveid. "Moet ik blij zijn omdat de waarde van open ruimte erkend wordt?", zucht Joachim Declerck. "Ik mis concrete engagementen over hoe de overheid zelf het goede voorbeeld gaat geven om de ontwikkeling om te buigen.

"Ook met verdichting kun je een land om zeep helpen. Nu al voel je een druk om al die vrij verkavelde en veel te grote woningen van de jaren 70 te gaan opdelen in kleinere kavels. Dan krijg je nog meer versnippering, alleen heet het dan verdichting. Of neem renovatiepremies. Zonder achterliggende visie werken die contraproductief: mooi principe, maar waarom zou je iemand belonen die kiest om in een slecht geïsoleerd huis in volle open ruimte te gaan wonen?"

Ook Leo Van Broeck mist concrete doelstellingen. "Het uitdijende ruimtebeslag moet niet worden afgeremd, het moet worden teruggedrongen. Hoeveel procent Vlaanderen mag nog bebouwd zijn in 2050? 25? 28? En hoe gaan we dat doen, zonder mensen hun kapitaal af te pakken? Met het ruilen van grondrechten (mensen krijgen het recht in verdicht gebied te bouwen, in ruil voor het afstaan van hun recht op een afgelegen, open plek, BE), kan dat bijvoorbeeld."

Vooral moet er meer samenhang komen. Van Broeck: "Je kunt in dit kapotverkavelde land geen rendabel openbaar vervoer uitbouwen. Collectief vervoer lukt alleen waar mensen ook collectief bij elkaar wonen. Alleen gebruikt deze regering die vaststelling om dan maar gewoon bussen en treinen af te schaffen. Je kunt niet zeggen dat je de open ruimte respecteert als je de salariswagens ongemoeid laat. Je kunt niet Essers laten uitbreiden en zeggen dat je de open ruimte respecteert. Met wat verbeelding was daar veel mogelijk geweest: waarom moeten alle trucks daar kunnen parkeren naast de opslagruimtes? Kan dat niet onder of boven?"

Maldegem-Evergem

29 kilometer en de gemeentes Eeklo en Kaprijke scheiden Maldegem van Evergem, woonplaats van minister Schauvliege. Een politicus reduceren tot de plek waar haar huis staat, is flauw. In dit geval is de woonplek politiek relevant.

De randstedelijke, verlinte Evergems en Maldegems zijn het politieke kapitaal van de minister en haar partij. Landelijk Vlaanderen is waar Schauvliege haar stemmen haalt - en vergis je niet: in 2014 waren dat er een pak.

Aan deze minister komt het toe om een beleid uit te tekenen, waarvan de wetenschappelijke consensus wil dat wonen in landelijk gebied minder vrij en aantrekkelijk wordt gemaakt. De belangen zijn hoog, niet alleen voor CD&V. Toen Schauvlieges voorganger Philippe Muyters (N-VA) in de vorige regeerperiode een keer voorzichtig opperde om bouwers in afgelegen gebied de extra kosten aan te rekenen voor de nutswerken, stak een storm van protest op. Het idee verdween in de diepste kabinetsschuif.

Mag je dan van een minister uit Evergem verwachten dat ze stop zegt tegen een beleid dat grote delen van het Vlaamse Gewest er doet uitzien als één uitgestrekt Maldegem? Scepsis is niet verboden.

Hoe Vlaanderen 'vol' raakte

De suburbane idylle van verkaveld Vlaanderen is zo'n beetje de ruimtelijke vertaling van de verzuiling. Vlaanderen had er ook helemaal anders kunnen uitzien, als de socialisten de verkiezingen niet verloren hadden in... 1921. Zonder rood in de regering kunnen de katholieken hun paternalistische sociale woonmodel doordrukken. Om gezinnen 'evenwichtig' op te voeden, moeten ze zelf eigenaar zijn van een volkswoning, luidt het devies. Dat wil zeggen: dicht bij de kerktoren, waar de sociale controle intact is.

De crisis van de daaropvolgende decennia versterkt het antistedelijk sentiment: steden zijn broeihaarden van werkloosheid en onrust. Wanneer vanaf de jaren 50 de welvaartsstaat wordt opgebouwd, vinden de grote zuilen elkaar in een suburbaan en antistedelijk verbond. Voor socialisten is de stad een oord van verburgerlijking, voor katholieken van ontkerkelijking. De kleine man klein houden, lukt het best op zijn eigen kleine erf. Dat beleid leidt in de bloeiende jaren 60, met de wet op de Stedenbouw van 1962 als motor, tot een explosie van private verkavelingen zonder veel beregeling.

In de crisisjaren 80 tempert de verkaveldrift enigszins. Het duurt tot de totstandkoming van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen 1996 voor de overheid ook echt het ruimtebeslag wat mildert.

Bruno Meeus en Pascal De Decker, De geest van suburbia (Garant, 2013)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234