Maandag 25/10/2021

'Een eeuw geleden was ik op de kermis beland'

Letters en getallen hebben een vorm voor mij, en sommige zelfs een beweging. 1 is stralend wit en 5 is als een donderslag. 333 is dan weer heel mooi, terwijl 289 bijzonder lelijk is

Gesprek met Daniel Tammet alias Brain Man

Als tiener ging hij urenlang in de bibliotheek op zoek naar het boek met zijn naam op de kaft. Ieder boek vermeldde een naam, redeneerde hij, dus er zou er ook wel eentje zijn met die van hem erop. Vandaag zoekt Daniel Tammet niet meer. Hij weet immers dat zijn boek in de rekken staat, in meerdere exemplaren zelfs, want Op een blauwe dag, de autobiografie van een uitzonderlijke asperger, is een wereldwijde bestseller geworden.

Door Marnix Verplancke

14 maart 2004 is een dag die Daniel Tammet nooit zal vergeten. Hij zat aan een lessenaar in het Oxfordse Museum for the History of Science. Af en toe nam hij een slok water en at hij een banaan of een stukje chocolade. Zijn blik stond op oneindig en er kwam een schier oneindige reeks getallen uit zijn mond: 314159265... Pas vijf uur en negen minuten later zou hij zijn voordracht eindigen met: 486953587. Even werd het stil en toen barstte een daverend applaus los. De aanwezige juryleden bevestigden met de glimlach dat ze de voorbije uren zo maar eventjes 22.514 cijfertjes hadden weggestreept en dat Tammet geen enkele fout had gemaakt. Het record was gebroken.

Daniel Tammet is een asperger, een hoogfunctionerende autist met een gave voor getallen. Ze schenken hem rust en veiligheid en dat is al zo sinds hij kind was. Daniel werd geboren in 1979 en was een huilbaby die slechts te sussen was door hem in een laken te leggen en heen en weer te zwaaien. Zijn taalontwikkeling verliep normaal, maar zijn overgevoeligheid voor geluid en zijn ritmische gebonk met het hoofd tegen de muur deden autisme vermoeden. Op zijn vierde kreeg hij een aantal zware epilepsieaanvallen en sindsdien ziet hij cijfers als vormen en kleuren. Zijn schoolresultaten waren goed tot zeer goed, maar met vriendjes maken wilde het maar niet vlotten. Daarvoor dramde hij al te veel door over ouwe munten, kastanjes of lieveheersbeestjes. Hij had problemen met fietsen en zwemmen en was pas echt gelukkig in de bibliotheek. Toen hij dertien was vatte zijn vader het idee op om hem te leren schaken. Het eerste partijtje werd meteen door de jongen gewonnen en in de lokale schaakclub groeide hij nadien uit tot een legende. Vandaag is Tammet een ietwat verlegen overkomende twintiger met een brede glimlach. Wanneer je hem spreekt luistert hij heel aandachtig naar je vragen, denkt dan even kort na en geeft een kort en uitermate to the point antwoord. Alleen toen we zomaar midden in het interview opmerkten dat het plots was beginnen te regenen, leek hij even uit zijn lood geslagen en ondervonden we dat Daniel Tammet geen mens is zoals u en ik.

Op welke leeftijd merkte u voor het eerst dat u anders was?

"Ik moet een jaar of acht, negen geweest zijn. Daarvoor had ik niet echt contact met andere kinderen en besefte ik dan ook niet dat zij anders waren dan ik. Ik zat in een cocon. Plots begon ik te beseffen dat er zoiets bestond als sociaal contact. Hoe het werkte, wist ik echter niet. Ik was heel erg naar binnen gekeerd, kon niet reageren op wat anderen deden en vermeed angstvallig ieder oogcontact."

Werd u daarom gepest?

"In feite niet zoveel. Hoeveel plezier pestkoppen aan hun acties beleven, hangt in grote mate af van de reactie van het gepeste kind. Aangezien ik reageerde door op de grond te gaan zitten en mijn vingers in mijn oren te steken, hielden ze er al gauw mee op. Wat raar, dachten ze wellicht eerst, waarna ze me verder maar met rust lieten. Aan die Daniel viel immers geen lol te beleven. Je zou het kunnen vergelijken met een kat die zo lang met een muis speelt als het diertje probeert weg te lopen. Beweegt de muis niet meer, dan acht de kat haar geen blik meer waardig."

U groeide op in een groot gezin. Was dat een voor- of een nadeel?

"Ongetwijfeld een voordeel. Het ergste wat een asperger kan overkomen is enig kind zijn en bedolven worden onder goedbedoelde, maar soms averechts werkende attenties. Ik ben de oudste van negen en mijn ouders maakten er een punt van geen van hun kinderen te benadelen. Ik werd behandeld zoals ieder ander, maar wist me tegelijkertijd gesteund door mijn broers en zussen. Sociaal contact aangaan is voor een asperger aartsmoeilijk. De enige manier om hem toch zo sociaal mogelijk te maken is hem te laten opgroeien tussen andere mensen, het liefst mensen die hij dagelijks ziet. Sociaal zijn leer je immers niet door erover te praten, dat leer je door te doen. Aanvankelijk zat ik in mijn kamer te kijken hoe mijn broers en zussen in de tuin speelden en begreep er niets van, maar gaandeweg begon ik zo wel te leren hoe ik met andere kinderen om diende te gaan."

Asperger werd als diagnose pas in 1994 gedefinieerd. Tot die tijd wist u dus in feite niet wat u mankeerde?

"Dat was inderdaad moeilijk. Ik liep het risico afgedaan te worden als een imbeciel om ergens in een instelling te belanden. Gelukkig hadden mijn ouders dat nooit toegestaan. Ze hebben er trouwens ook altijd nauwkeurig op gelet dat ik me niet liet uitbuiten. Ik heb pi niet tot 22.514 cijfers na de komma uit mijn hoofd geleerd om er rijk van te worden, maar wel om er geld mee in te zamelen voor de Britse National Society for Epilepsy. Had ik een paar eeuwen geleden geleefd, dan was ik zonder enige twijfel op de kermis beland, als ik niet eerder ergens aan een staak verbrand was tenminste. Gelukkig reageren we vandaag anders op aspergers. De diagnose heeft mijn leven veranderd. Opeens was er weer hoop. Aspergers zijn immers wel autisten, maar zij zijn hoogfunctionerend en blinken allemaal uit in een bepaald facet. Als nagegaan wordt welk facet en als ze er zich dan op toeleggen kunnen aspergers fascinerende dingen bereiken."

U leidt een heel normaal leven.

"Ik heb al zeven jaar een relatie met Neil en we wonen al meer dan zes jaar samen. Hij heeft zijn job en ik heb de mijne. Ik ben zelfstandige. Ik run een website die vertaalcursussen aanbiedt en schrijf mijn boeken. Aspergers zijn tot meer in staat dan algemeen gedacht wordt. Ze stuiten nog vaak op onbegrip. Dat is volgens mij de grootste reden waarom maar 12 procent van hen een job heeft. Het is niet dat ze niet kunnen werken, maar wel dat van hen verwacht wordt dat ze hetzelfde werk doen als ieder ander. Wanneer dat niet kan, vallen ze uit de boot, en dat terwijl aspergers heel betrouwbaar en standvastig zijn. Ze hebben het heel moeilijk om te liegen en wanneer je hen iets laat doen wat hen echt interesseert, leggen ze een nimmer geziene vaardigheid aan de dag. Maar helemaal zoals ieder ander zal ik nooit worden. Chaos en lawaai brengen me op de afgrond van een instorting en zonder orde en regelmaat kan ik niet leven. Iedere dag begint voor mij bijvoorbeeld met 45 gram porridge, netjes afgewogen op een elektrische weegschaal."

U bent homoseksueel. Heeft het syndroom van Asperger invloed gehad op de bewustwording van die seksuele geaardheid?

"Ik wist al op mijn elfde dat ik me aangetrokken voelde tot jongens, maar dat ik homo was, besefte ik pas veel later. Problemen heb ik daar nooit mee gehad. Als asperger ben je sowieso anders dan de anderen. Of je dan homo bent of hetero, maakt niet uit. Ik hou trouwens niet van het onderscheid dat men nog vaak maakt tussen normalen en autisten. Alle mensen zijn immers anders. Bovendien heb ik wellicht geprofiteerd van de huidige tolerantie tegenover homoseksuelen - en autisten wat dat betreft. Vroeger was het een grote stap om je te outen. Nu niet meer. Maar tegelijk vraag ik me af of zulk een stigmatisering wel enige invloed op me zou hebben gehad. Aspergers hebben immers niet het flauwste idee van wat anderen van hen denken, waardoor ze zich ook moeilijk kunnen schamen."

U hebt Neil via het internet leren kennen, het autistenmedium bij uitstek, zoals u het beschrijft.

"Internetcommunicatie is inderdaad veel eenduidiger dan een gesprek van mens tot mens. Je zit veilig achter je computer en hoeft geen oogcontact te maken. Je moet de knepen van de lichaamstaal niet beheersen en wanneer je niet lacht als er iemand tijdens het chatten een grap maakt, zal niemand dat ooit merken. Neil werkte als computerprogrammeur en zat veel op het internet. Omdat hij net als ik heel verlegen was, ging hij via het net op zoek naar vriendschap. En zo hebben we elkaar leren kennen."

Iets wat steeds terugkeert in het boek is het woord schoonheid. Getallen hebben een kleur en een vorm en zijn dus mooi of lelijk, en mooie getallen zijn aangenamer om mee om te gaan dan lelijke.

"Ik heb synesthesie. Mijn hersenen halen mijn zintuiglijke waarnemingen door elkaar en leggen verbanden die bij anderen niet voorkomen. Letters en getallen hebben daardoor een vorm voor mij, en sommige zelfs een beweging. 1 is stralend wit en 5 is als een donderslag. 333 is dan weer heel mooi, terwijl 289 bijzonder lelijk is. Hetzelfde heb ik trouwens met woorden. Die hebben een kleur die ik kan veranderen door er een letter voor te zetten. 'At' is een rood woord, terwijl 'hat' wit is. Getallen zijn echter mijn grote liefde. Wanneer ik voel dat ik al te opgewonden dreig te geraken, begin ik in gedachten te tellen en word ik weer kalm. Getallen leren me trouwens ook iets over menselijke emoties. Het getal zes heeft bijvoorbeeld iets verdrietigs voor mij, met zijn kleine, donkere rondje."

U slaagt erin in ongelooflijk korte tijd heel ingewikkelde vermenigvuldigingen te maken. Hoe doet u dat?

"Het is moeilijk uit te leggen, maar het komt erop neer dat ik gebruik maak van de ruimtelijke vorm die de getallen in mijn hoofd aannemen. Ieder getal heeft immers een specifieke vorm. Wanneer ik twee getallen vermenigvuldig zie ik die twee vormen naast elkaar staan, waarna er een nieuwe vorm ontstaat tussen hen in, wat dan de uitkomst is. Het lijkt magisch maar het moet volstrekt wetenschappelijk verklaarbaar zijn. Ik heb al vaak onder de scanner gelegen terwijl ik rekensommen maak, maar hoe ik het precies doe weet men nog niet. En dat is op zich ook niet zo verwonderlijk. Hoe jij 7 vermenigvuldigt met 5 en op 35 uitkomt, is voor neurologen ook nog altijd een mysterie."

Met wiskunde zoals wij die kennen heeft wat u doet dus niets te maken?

"Soms wel. Wanneer ik wil nagaan of een bepaald getal een priemgetal is, probeer ik het te splitsen. Stel dat ik ontdek dat een van de twee afgesplitste getallen deelbaar is door 23, en het andere ook, dan weet ik meteen dat ik niet met een priemgetal te maken heb."

Maar zoiets helpt u natuurlijk niet om die 22.514 decimalen van pi uit het hoofd te leren.

"Nee, dat heb ik gedaan door met die cijfers een landschap te vormen. Doordat ieder cijfer een vorm heeft, krijg je een heus landschap wanneer je er een groot aantal na elkaar plaatst. Het is te vergelijken met een klassieke truc om een getal te onthouden: verzin een verhaal waarin de afzonderlijke cijfers van het getal een rol spelen en als je je dat verhaal herinnert, zul je ook dat getal weer kennen. Ik doe in feite hetzelfde, maar dan op grote schaal."

En hoe lang hebt u die decimalen kunnen onthouden?

"Ik ken ze nog steeds. Wanneer ik een getal wil onthouden, doe ik dat ook. Het zit ergens in mijn hoofd opgeslagen, klaar om opgeroepen te worden. Ik vergelijk het vaak met het herkennen van een gezicht. Aspergers hebben daar grote moeite mee en ik ben daar geen uitzondering op. Je kunt je niet voorstellen hoe ingewikkeld een gezicht voor mij in elkaar zit. Vanuit iedere nieuwe hoek bekeken, ziet het er telkens weer anders uit. De kans dat ik je herken wanneer ik je morgen op straat passeer, is daardoor heel klein. Andere mensen hebben daar dan weer geen moeite mee. Je mag iemand in geen tien jaar meer gesproken hebben, wanneer je hem de kamer in ziet komen, zul je hem onmiddellijk herkennen. Zo gaat dat bij mij dus met getallen. Ik onthou ze zonder er echt aan te moeten denken, zo lang ik wil. Soms denk ik weleens dat in mijn hersenen het vermogen om gezichten te herkennen en dat om getallen te onthouden gewoon van plaats omgewisseld zijn."

De emotioneelste passage uit het boek is die waarin u beschrijft hoe u op bezoek ging bij Kim Peek, de savant die model stond voor Rain Man. Wanneer u Kim ontmoet zegt u op aandringen van zijn vader Fran dat u geboren bent op 31 januari 1979. "Je wordt op een zondag 65", antwoordt Kim. En nadat hij eraan toegevoegd heeft dat hij geboren is op 11 november 1951 zegt u dat dat een zondag was. Kim begint te stralen en u beseft dat jullie contact hebben gemaakt. Twee verwante zielen die voor het eerst beseffen dat ze niet alleen zijn op de wereld, zo lijkt het wel.

"Mijn ontmoeting met Kim was inderdaad indrukwekkend. De man zit hele dagen boeken te verorberen in de bibliotheek van Salt Lake City. Met zijn linkeroog leest hij de linkse pagina en met zijn rechter oog de rechtse, op het ritme van een seconde of tien per pagina. Hij was heel innemend. Zoals anderen misschien over verre kennissen zouden roddelen tijdens zo'n ontmoeting zaten wij een hele tijd belangrijke data uit de wereldgeschiedenis op te sommen. Het was zalig. Wat me ook opviel, is hoe sterk Kim verbeterd is de voorbije twintig jaar sinds de film Rain Man is gemaakt. De man is van bij de geboorte heel zwaar geestelijk gehandicapt. Er zat een grote waterblaas in zijn hoofd en de dokters gaven zijn ouders de raad hem in een instelling te parkeren en hem te vergeten. Zijn vader wou dat echter niet en hij heeft zijn leven helemaal in het teken van dat van zijn zoon gesteld. Nog steeds begeleidt hij hem overal waar hij gaat en de resultaten zijn fenomenaal."

Maar wat als Fran ooit sterft. Hij is kort te zien in Brain Man, de documentaire die over u gedraaid is, en hij lijkt me niet meer van de jongsten.

"Hij moet intussen in de tachtig zijn. Wat er met Kim zal gebeuren wanneer zijn vader er niet meer is, weet niemand. Iedereen beseft dat het op een tragedie zal uitdraaien, het langzame wegkwijnen van een briljante savant. Zelf denk ik daar liever niet over na."

> http://www.optimnem.co.uk/ Tammets persoonlijke website waar je niet alleen alles te weten komt over hem, maar ook kunt inschrijven op de eigenzinnige taalcursussen Frans en Spaans die hij heeft bedacht.

> http://www.videosift.com/video/ Daniel-Tammet-savant-Charms-David-Letterman, Tammet op bezoek bij de Amerikaanse talkshow host David Letterman.

> Brainman, de bekroonde tv-documentaire van het Britse Channel Five over Daniel Tammet, te bekijken op video.google.com.

Daniel Tammet

Op een blauwe dag geboren

Oorspronkelijke titel: Born on a Blue Day

Vertaald door Miebeth van Horn

Nieuwezijds, Amsterdam, 222 p., 19,95 euro.

Autisme: een epidemie in je hoofd

Een op 150, dat is volgens de laatste schattingen het aantal kinderen dat in de VS in mildere of ergere vorm getroffen wordt door autisme. Voor een aandoening die pas in 1944 op de kaart werd gezet en waarvan toen aangenomen werd dat een op 10.000 eraan leed, is dat niet mis. Geef ons nog een jaar of twintig en we zijn allemaal autisten, zo erg lijkt de epidemie om zich heen te grijpen. In sommige kringen doen die cijfers de haren ten berge rijzen, maar dat is volgens Roy Richard Grinker helemaal niet nodig. In Autisme in de wereld beweert hij immers dat er van een epidemie geen sprake is. Wat we vandaag zien is niet meer dan een erkenning van de ware omvang van de zaak. Tegenwoordig aanvaardt men de aandoening en probeert men het getroffen kind een opvoeding naar zijn of haar mogelijkheden te bieden, terwijl autisten vroeger in een instelling werden gedropt en vergeten.

Grinker is een succesrijk Amerikaans cultureel antropoloog met een autistische dochter. Hij gebruikt die dubbele invalshoek, waardoor zijn boek een boeiende mengeling van wetenschap en autobiografie is geworden. Na de geschiedenis van de diagnose autisme getekend te hebben, waarbij terecht de Amerikaanse psychoanalyse en meer bepaald Bruno Bettelheim er stevig van langs krijgen omdat zij de moeder als grote schuldige aanwezen voor de aanwezigheid van autisme bij het kind, neemt Grinker ons mee naar Giverny, waar dochter Isabel een grote stap zette in haar cognitieve en emotionele ontwikkeling. Zoals zijn vak het vereist ging Grinker ook op reis, om na te gaan of autisme in de rest van de wereld net zo vaak voorkomt als in het Westen. Hij trok naar Zuid-Afrika, Zuid-Korea, Peru en India en ontdekte dat autisme vooral een zaak van herkenning is: in sommige landen kwam het zogezegd niet voor, terwijl er naar westerse maatstaven natuurlijk geen enkel verschil was met wat we hier zien.

Roy Richard Grinker

Autisme in de wereld

Oorspronkelijke titel: Unstrange Minds

Vertaald door Albert Witteveen

Ambo, Amsterdam, 384 p., 24,95 euro.

Chaos en lawaai brengen me op de afgrond van een instorting en zonder orde en regelmaat kan ik niet leven. Iedere dag begint voor mij met 45 gram porridge, netjes afgewogen op een elektrische weegschaal

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234