Vrijdag 17/09/2021

Een drieënhalfpotige windhond, dé hype van deze tijd

In een vorig leven verdeelde Mireille Broeders uit De Pinte haar tijd tussen binnenhuisarchitectuur en het schilderen van fresco’s. Tot ze op een avond inmiddels vijftien jaar geleden zappend op een BBC-reportage stootte over windhondenrennen in het buitenland. “De reportage toonde hoe greyhounds meedogenloos werden afgemaakt als ze niet meer konden volgen. Op de gruwelijkste manieren. Prikkeldraad rond hun nekjes. Mijn hart brak bij het zien van die beelden.”

Nog geen maand later was Mireille op weg naar Spanje om met haar eigen ogen te aanschouwen hoe erg het met de greyhounds gesteld was. Nog geen half jaar later organiseerde ze haar eerste reddingsactie. Met een gammel minibusje bracht ze uit Mallorca zes windhonden naar ons land die ten dode waren opgeschreven. Inmiddels heeft Mireille al meer dan 4.000 Spaanse galgo’s van een gewisse dood behoed en bij Belgische gezinnen ondergebracht. Aan fresco’s schilderen komt ze niet meer toe. Haar organisatie Greyhounds in Nood is inmiddels uitgegroeid tot de grootste van Europa, galgo’s redden tot een fulltime job.

MINDER DAN EEN BEEST

Vrijdag 22 oktober, een Spaanse haciënda met aangebouwde dierenkliniek, zo’n veertig kilometer van Madrid. We bevinden ons in de Spaanse uitvalsbasis van Greyhounds in Nood (GINB). Plaatselijk dierenarts Louis en assistente Marie-Carmen leggen de laatste hand aan een verband bij de zwarte windhond Zsa-Zsa. Waar ooit een poot moet hebben gezeten, gaapt nu een open wonde. “Waarschijnlijk was ze heel lang vastgeketend met een te krappe ijzeren ketting”, zucht Louis. “Een klassieker hier in Spanje. Al is het ook mogelijk dat haar poot door een ontvelmachine werd gehaald bij wijze van straf. Om haar een lesje te leren. Hier weet je nooit.”

De greyhound is een van de oudste hondenrassen. In de tijd dat er nog piramiden werden gebouwd in Egypte deden windhonden dienst als gezelschapsdier voor de farao’s. Sindsdien is het enigszins bergaf gegaan met de status van de greyhounds. In Spanje worden ze anno 2010 massaal gekweekt als jachthonden. Spaanse galgo’s zijn door hun snelheid de ideale hazenvangers. Of, als ze minder geluk hebben, een ideaal levend doelwit voor jagers om op te oefenen. In zigeunerkringen worden ze dan weer ingezet in illegale hondenraces.

“Een galgo staat in Spanje gelijk met een wegwerpartikel”, zegt Marie-Carmen. De Madrileense leidt een zoölogisch opvangcentrum voor achtergelaten en verwaarloosde honden vlak bij de Spaanse hoofdstad. Op een populatie van 600 honden zijn er 400 galgo’s. Maar weinig ervan vertonen geen littekens. “Een galgo is in de ogen van hun baasje, de galguero, nog minder dan een beest. Het is een ding, vuilnis. Dat is de enige mogelijke verklaring die ik kan bedenken voor het leed dat hen wordt aangedaan.”

“Als het dier het aandurft een haas zelf op te eten of geen races meer wint, wordt het verschrikkelijk gestraft: geslagen, een oor afgesneden, ogen uitgestoken, opgehangen of in brand gestoken”, vertelt Mireille. “Ik heb een dier gezien waarvan de tong was afgesneden, het bloed gulpte eruit. Voor de baasjes, de galguero’s, is het een manier om zich af te reageren. Het is een machocultuur. Ze willen tonen wie de baas is.” Jaarlijks worden er volgens GINB naar schatting 50.000 galgo’s afgemaakt.

De kliniek van Greyhounds in Nood is inmiddels bekend bij de lokale bevolking. Wie een zwaar toegetakelde galgo vindt op straat, brengt hem naar hier. Mireille is nog maar drie dagen in het land, en er wachten al vijftien galgo’s op een operatie of behandeling. De meeste met open wonden of gebroken poten. “Een nieuwe rage bij de galguero’s”, raadt Mireille. “Het jachtseizoen is net begonnen. Er staan ons nog zware maanden te wachten.” Zsa-Zsa geeft ondertussen geen krimp op de operatietafel. “Galgo’s hebben een ongelooflijk hoge pijngrens”, legt de dierenarts uit. “Hoe erg hun wonden ook zijn, ze geven amper een kik. Dat geeft een idee van hoeveel leed ze al hebben moeten doorstaan.”

Als ze eenmaal opgelapt, ontwormd, gesteriliseerd en gedetraumatiseerd zijn, worden de galgo’s op de website van Greyhounds in Nood ter adoptie aangeboden. Niet iedereen komt echter in aanmerking om een windhond onder zijn hoede te nemen. Mireille hanteert strenge criteria: wie in een klein appartementje woont en tien uur per dag werkt bijvoorbeeld, maakt geen kans. “Ik ga in Spanje geen honden redden opdat ze hier in België aan hun lot zouden worden overgelaten.”

Laat het adopteren van verminkte windhonden nu tegenwoordig erg hip zijn. BV’s als Ann Lemmens en Carry Goossens outten zich al als adoptieouders. Aan geïnteresseerden dan ook geen gebrek. Om de twee maanden brengen Mireille en haar man Dirk zo’n vijftig windhonden naar België ter adoptie.

“Het is een hype”, zegt Eric Van Tilburgh, hoofd dierenwelzijn bij de FOD Volksgezondheid. “Mede dankzij het marketinginzicht van de galgo-organisaties. Als je met zo’n galgo over straat loopt, krijg je immers meteen het label van een ‘echte dierenvriend’ toebedeeld. Want iedereen herkent die honden en weet dat je die speciaal uit Spanje hebt laten overkomen om je erover te ontfermen. Aan een hond uit een Belgisch asiel zie je niet waar die vandaan komt.”

De Belgische asielen beschouwen de galgoverenigingen dan ook vaak als oneerlijke concurrentie, zegt Van Tilburgh. “In België zijn er liefst negentien verenigingen die zich inzetten voor galgo’s. Elk jaar worden er meer dan duizend windhonden uit Spanje ingevoerd. Terwijl hier veel honden zitten die een spuitje krijgen omdat de asielen er geen plaats voor vinden. Je kunt moeilijk gekant zijn tegen organisaties die zich inspannen om dierenleed te verhelpen, maar aan de andere kant kun je je ook de ethische vraag stellen: hoe zinvol is het om het lijden van honden in andere landen tegen te gaan door ze naar hier te brengen? En waar stopt het? Ik ken ook verenigingen die zich inzetten voor straathonden in Libië. En moet je honden die in Noord-Korea worden opgegeten ook massaal naar België brengen?”

GOED DOEL OF WINSTBEJAG?

Het is goed mogelijk dat Greyhounds in Nood binnenkort een andere afzetmarkt zal moeten zoeken. Op vraag van de minister voor Volksgezondheid, Laurette Onkelinx, stelde de Raad voor Dierenwelzijn in het voorjaar een werkgroep aan die zich over de import van Spaanse windhonden buigt.

“De eerste vraag die aan bod komt, is: moet de invoer verboden worden?”, aldus Van Tilburgh. “En als je het niet verbiedt, moeten er dan strengere criteria komen? Ik heb het vervoer van mevrouw Broeders van GINB zelf gezien en dat zag er prima uit. Helaas is dat niet overal het geval. Anderen transporteren die dieren soms in erbarmelijke omstandigheden. Er zijn al windhonden gestorven tijdens het transport naar België. Voor ons is het soms moeilijk om te achterhalen waar de grens ligt tussen een goed doel en winstbejag. Bij onze Spaanse collega’s horen we trouwens dat de situatie erop vooruit is gegaan voor galgo’s. Het zou nog maar sporadisch voorvallen dat die dieren worden opgehangen. Omdat de mensen sneller de weg vinden naar asielen. Wat grotendeels de merite is van mensen als mevrouw Broeders.”

“Ik krijg dikwijls het verwijt dat ik met oude foto’s zou zwaaien, maar dat is nonsens”, reageert Mireille Broeders. “Dat ze eens de moeite nemen om naar Spanje af te zakken, dan zouden ze de vreselijke realiteit zien waarmee wij dagelijks geconfronteerd worden. Een paar maanden geleden hebben we nog een hondje gezien dat met zuur was overgoten. Onze eigen hond, Kika, was zo uitgehongerd dat ze niet meer verder wilde leven. In het Spaanse dorpje Villa de Don Fadrique troffen we in 2007 nog putten aan vol dode galgo’s. Massagraven.”

“Weet je wat het is?”, vraagt Marie-Carmen. “De galguero’s zijn voorzichtiger geworden. En vindingrijker. Ze beseffen: de honden ophangen is te opvallend. De Spaanse autoriteiten minimaliseren het probleem. Ze probeerden zich er snel van af te maken door perrera’s in het leven te roepen. Letterlijk betekent perrera ‘plaats voor honden’. Hier hebben ze de bijnaam ‘perrera de la muerta’. Dodenstation. Want de honden die daar belanden, raken er niet meer levend uit.”

WELKOM IN HET DODENSTATION

Spanje telt behalve gewone asielen in totaal zo’n 600 ‘dodenstations’. Hier worden honden naartoe gebracht die niemand nog wil. Na lang onderhandelen hebben Mireille en Marie-Carmen een deal kunnen sluiten met de opzichters van een perrera op enkele tientallen kilometers van Madrid. In ruil voor cadeautjes en een financiële toegift op tijd en stond mogen ze er galgo’s komen ophalen die anders ten dode opgeschreven zijn. Ze zijn er zelfs in geslaagd ons binnen te smokkelen. Een unicum, want de dodenstations dulden over het algemeen geen pottenkijkers.

De binnenplaats van de perrera biedt ruimte aan een tachtigtal kleine kooien, met als luchtgaten alleen een opening bovenaan en een rond kijkgat waar de honden nog net hun neus door kunnen steken. De galgo’s zitten binnen, in een donkere, vochtige ruimte. In hun kooien een vuile emmer water en veel urine- en schimmelvlekken. “Nu hebben ze nog schoongemaakt. Wacht tot je hier onaangekondigd binnenvalt.” Van etensbakken geen spoor. “Vaak geven ze de honden al een dag na aankomst een spuitje, zodat ze geen geld aan eten hoeven te spenderen”, zucht Mireille. Hoewel Marie-Carmen enkele dagen geleden nog veertig galgo’s heeft opgehaald en naar haar zoölogisch centrum gebracht, tellen we al weer zes windhonden. De een met een gebroken poot, de ander met een gat in het hoofd.

Met hun centimeters lange nagels krassen ze als bezeten op de ijzeren poorten. Hun gehuil gaat door merg en been. “Ze voelen dat dit het laatste station is”, zegt Mireille. Na lang palaveren beslissen de opzichters dat we de zes galgo’s mee mogen nemen. Gebroken poten of niet, de dieren snellen in zeven haasten naar de bestelwagen die hen zal wegbrengen.

“De andere honden die hier zitten, durf ik niet in de ogen te kijken”, vertelt Mireille bij het buitengaan. “Omdat ik weet dat hun lot bezegeld is. Ik kan ze moeilijk allemaal redden, ik heb mijn handen al vol met de galgo’s. Mijn hart kan niet meer aan. Mijn portemonnee evenmin. Elke maand moeten we al 5.000 euro opzij leggen voor het opvangcentrum en de kliniek. Daarbovenop komen de sterilisaties en de operaties, die gemiddeld 1.500 euro kosten. De optelsom is snel gemaakt, als je weet dat we nog geen 200 euro vragen voor een adoptie. We hebben honderdduizenden euro’s in de galgo’s geïnvesteerd, mijn echtgenoot heeft zelfs zijn huis verkocht. Ons hele leven staat in het teken van die honden. Dat is zwaar, zeker nu ik een dagje ouder word.” Maar als ze denkt aan de mogelijkheid dat de import van Spaanse galgo’s binnenkort verboden wordt, klinkt ze weer strijdvaardig. “Er is geen alternatief. Als ik stop, weet ik welk lot die honden staat te wachten. Dat besef houdt me gaande.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234