Donderdag 08/12/2022

Een doodgewoon napalmmeisje

Geen beeld vat zo goed de zinloosheid van de Vietnamoorlog samen als het plaatje dat fotograaf Nick Ut op 8 juni 1972 schoot van het negenjarige, brandende meisje Kim Phuc. Hoe verging het haar sindsdien? De Canadees-Chinese Denise Chong schreef haar biografie en hield er ambivalente gevoelens aan over. 'In Vietnam vind je mensen die nog meer veel hebben geleden dan zij en die niet beroemd werden. Je vraagt je af: waarom haar verhaal dan vertellen?'

door Catherine Vuylsteke

Denise Chong

Prometheus, Amsterdam, 287 p., 695 frank.

Friendly fire, onder vuur genomen worden door je eigen leger, dat is wat de Zuid-Vietnamese Kim Phuc en haar familie overkwam in Trang Bang. Ze had door het napalmbombardement derdegraads of ergere brandwonden op 35 procent van haar lichaam: op bijna haar hele rug, links op haar zij naar haar borst, op haar nek tot in de haargrens en op haar linkerarm. Het meisje had nog geluk: niet alleen werd haar leed door de Vietnamese AP-fotograaf Nick Ut vereeuwigd en gepubliceerd in bladen over de hele wereld, bovendien bracht Ut haar naar een ziekenhuis. En vervolgens - precies omdat ze het meisje van de foto was - werd ze van de kamer waar ze was achtergelaten om te sterven overgebracht naar het beste brandwondencentrum van het land, de slechts 54 bedden tellende Barsky-afdeling in Saigon.

Kim Phuc verbleef er dertien maanden, maar ook na haar thuiskomst bleef het opgewekte kind regelmatig last hebben van hoofdpijn en een algemeen zwakke gezondheid. Bovendien kreeg de familie het zowel aan het einde van als na de oorlog zwaar te verduren. Tijdens het slotoffensief in april 1975 werd het statige familiehuis in puin gelegd, waardoor het gezin nooit meer onder één dak zou wonen. Net na de 'bevrijding' pikten Noord-Vietnamese functionarissen ook nog alle akkerland in, terwijl het de bloeiende noedelwinkel die Kim Phucs moeder runde ook al slecht verging. De zaak, die als enige inkomstenbron voor de hele familie gold, werd gecollectiviseerd. Later, toen de klanten wegbleven, kreeg de moeder haar winkel terug maar in de daaropvolgende jaren werd ze door belastingbeambten economisch gewurgd.

Tijdens haar tienerjaren woonde Phuc met haar vader, broertjes en zusjes bij haar oudere broer Nguoc in Tay Ninh. Ze hoopte na de middelbare school naar de universiteit te kunnen gaan om er voor arts te studeren. Ze slaagde voor het toelatingsexamen, maar toen achterhaalde de beroemde foto haar.

Perry Kretz, een journalist van het Duitse weekblad Der Spiegel, had Kim Phuc in 1973 ontmoet en vroeg zich af hoe het haar sindsdien was vergaan. De Vietnamese overheid spoorde haar op en regelde in 1982 een ontmoeting. Het zou de eerste van vele ontmoetingen met de media worden. Het meisje van de foto was immers een geweldig propaganda-instrument voor de Vietnamese communisten.

Voor Kim Phuc zelf zou haar beroemdheid een gesel en een zegen blijken. De talloze interviews maakten het haar onmogelijk om ernstig te studeren, door al te veelvuldige afwezigheden werd ze zelfs van school gestuurd. Maar precies omdat ze wereldberoemd was, werd Kim Phuc een behandeling in een Duits brandwondencentrum voorgesteld, kreeg ze de kans om tal van buitenlandse reizen te maken en verdiende ze al eens honderden dollars bij het maken van een documentaire over haar leven.

Tevens ontwikkelde Kim Phuc een nauwe relatie met de Vietnamese premier Pham Van Dong, die regelde dat ze in Cuba kon gaan studeren. Toen de levensomstandigheden daar na de ineenstorting van het sovjetcommunisme onwaarschijnlijk veel moeilijker werden, mocht Kim Phuc haar inkopen doen in de diplomatenwinkel en werd de rekening door de Vietnamese ambassade betaald. Maar het moet tevens gezegd worden dat het napalmmeisje door de autoriteiten in Hanoi in de gaten werd gehouden, terwijl de economische situatie in Cuba er ook niet op verbeterde, integendeel.

Bijgevolg besloot Kim Phuc in 1992 te vluchten naar het Westen. Officieel trokken zij en haar man Toan op huwelijksreis naar Moskou, maar toen het vliegtuig in Canada bijtankte, vroegen ze er asiel aan. Sindsdien woont het gezin in Toronto en in 1998 voegden haar ouders zich bij hen. Kim Phuc zelf is onderhand goodwill-ambassadeur van de Unesco en richtte ook de Kim Foundation op, een stichting voor hulp aan kinderen die het slachtoffer werden van een oorlog.

De beginperiode in Canada was erg moeilijk: Kim Phuc, Toan en hun eerste kind moesten rondkomen van de bijstand. Om hun karige inkomen bij te spijkeren verkocht Kim Phuc in 1995 de rechten voor haar biografie aan een Canadese uitgeverij. Die vroeg of Denise Chong, auteur van De dochters van de concubine, iets voor het verhaal voelde. Viereneenhalf jaar lang werkte de Canadese Chinese aan het boek. Duizenden uren lang sprak ze met Kim Phuc, en ze trok naar Vietnam en Cuba voor verdere research. Dat alles resulteerde in het erg lezenswaardige Het meisje van de foto. Ter gelegenheid van de publicatie van de Nederlandse vertaling van het boek kwam Chong naar Amsterdam.

"Toen ik met dit werk begon," aldus Denise Chong, "wist ik niet eens dat de Vietnamezen zulke negatieve gevoelens voor Chinezen koesteren. Je kunt je dus best afvragen waarom ze mij hiervoor aanspraken. Dat ik er Aziatisch uitzie was uiteraard een voordeel voor het clandestiene onderzoek dat ik in Vietnam moest verrichten, maar het blijft een feit dat dit onderwerp me gewoon in de schoot is geworpen.

"Het was een voordeel dat ik al een andere biografie had geschreven, De dochters van de concubine. Daarbij had ik veel geleerd over het instrument dat geheugen heet: dat het gefragmenteerd is en niet altijd betrouwbaar. Schrijven over een oorlog is in dat opzicht nog moeilijker: geweld is een aanslag op het geheugen en voor de Zuid-Vietnamese verliezers kwam er na de 'bevrijding' nog de zelfopgelegde stilte. Mensen aan het spreken krijgen is nooit makkelijk, maar losweken wat een kwarteeuw lang verzwegen bleef, is extra lastig. Zonder de ervaring van het eerste boek had ik dat nooit kunnen klaren.

"Het heeft lang geduurd voor ik de opdracht heb aanvaard. Kim Phuc was pas negen toen het gebeurde, ze beschikte maar over een deel van het verhaal en zou dat niet makkelijk prijsgeven. Het was erg moeilijk om haar vrijelijk te doen spreken, om de muren van het communisme in haar af te breken. Ik wist dat ik zelf naar Vietnam zou moeten om dit boek echt te kunnen schrijven en dat maakte me wel bang. Ik vroeg me af of ik me erdoorheen zou kunnen navigeren. De Amerikanen hebben het hoofdstuk Vietnam nog steeds niet afgesloten. Het herschrijven van de geschiedenis is nog bezig. Vietnam was geen land maar een oorlog die van de radar verdween.

"Bovendien: de oorlog is weg maar de kwelling blijft. Niet alleen voor Kim Phuc maar evengoed voor John Plummer, de piloot die denkt dat hij de napalm dropte, en voor fotograaf Nick Ut, die begon te wenen telkens als ik hem interviewde. Toen wist ik dat schrijven over dit onderwerp een verlichting kan zijn van die kwelling. Dat ik zelf naar Vietnam ben gegaan heeft me heel erg geholpen, ik heb er begrepen hoe moeilijk het praten is. Mensen trilden als ze over de oorlog spraken, ze gingen fluisteren als ze het over de Vietcong hadden."

Het mag vreemd lijken, maar de Kim Phuc die Denise Chong in Het meisje van de foto neerzet, is niet zo'n sympathiek personage. Ze vindt het bijvoorbeeld heel normaal dat anderen altijd alles voor haar doen. Haar moeder Nu werkt zich krom, Kim Phuc vraagt zich af of Perry Kretz haar komt redden of waarom Nick Ut niets onderneemt. In Cuba heeft ze er evenmin moeite mee om te gaan winkelen en de Vietnamese ambassade te laten betalen. Denise Chong knikt en lacht. "Precies," zegt ze. "Ik vroeg het me zo vaak af: waarom is ze zo? Eens een slachtoffer, altijd een slachtoffer. Maar beseft ze dat wel? Ik kom uit het Westen, ik heb heel andere keuzen kunnen maken dan zij, ik zie de dingen anders. De verklaring voor haar gedrag, denk ik, ligt voor een deel in de aard van het Vietnamese regime, het feit dat iedereen voortdurend zoveel mogelijk profiteert, de inhaligheid als uitdrukking van intelligentie. Kim Phuc heeft door haar traumatische ervaringen diezelfde sluwheid ontwikkeld.

"Tegelijk heeft het met de psychologie van brandwondenslachtoffers te maken, dat op zichzelf geconcentreerd en naar binnen gekeerd zijn. Ik heb haar pas laat het manuscript getoond, om mijn eigen vrijheid te beschermen. Toen ze het las, bleek dat ze een heel deel van het verhaal niet kende. Kim Phuc wist bijvoorbeeld niet dat zich in tunnels onder het familiehuis Vietcong-strijders bevonden, dat haar moeder gearresteerd en gemarteld was, en dat haar zus Loan voor de communisten doodvonnissen moest voorlezen. Haar eigen ervaringen hadden haar zo getekend dat ze met ongeloof reageerde. Ze hebben het verkeerd voor, zei ze over haar familie. Dat geldt overigens voor veel Zuid-Vietnamezen: ze hebben de oorlog wel meegemaakt maar ze weten er erg weinig over, velen kennen niet eens hun eigen verhaal echt."

Al jaren reist Kim Phuc de wereld af met de boodschap dat ze haar vijanden heeft vergeven en dat de mensheid aan een duurzame vrede hoort te werken. Niet meteen intellectueel bevlogen gedachten. "Nee, eigenlijk is Kim Phuc een heel ordinair iemand. Een vrouw ook die zoveel geluk heeft gehad. Overleven, medische zorg krijgen, betaald worden om over je leven te spreken of aan een documentaire mee te werken. Ik heb vele nachten gepiekerd over de vraag of ik dat verhaal dan wel moest brengen. Vooral, ik heb in Vietnam zoveel mensen ontmoet met vreselijke verhalen, drama's waar ik veel meer om heb gehuild dan ooit om Kim Phuc. Neem bijvoorbeeld mijn tolk, die op die fameuze dertigste april 1975 in aanmerking kwam voor evacuatie op het terrein van de Amerikaanse ambassade in Saigon. Op het allerlaatste moment ziet ze aan de andere kant van de tralies haar ex-man met hun tweejarig kind staan, die niet weg kunnen. Daarom is ze zelf gebleven, een beslissing waar ze haar hele leven spijt van heeft gehad. Die man was ze algauw weer kwijt. Een nieuw leven, of zelfs een baan, zit er voor haar niet meer in, en niemand die dat verhaal schrijft. Moest ik me dan op het meisje van de foto toespitsen? Ja, denk ik uiteindelijk, want via haar verhaal vertel ik dat van zoveel Zuid-Vietnamese verliezers. Je moet wel besluiten: Kim Phuc is helemaal geen bijzonder iemand maar tegelijk is ze een icoon. Daarom."

Het meisje van de foto was een geweldig propaganda-instrument voor de communisten. Voor haarzelf was haar beroemdheid een gesel en een zegen'Kim Phuc wist niet dat Vietcong-strijders zich verscholen in tunnels onder haar huis, dat haar moeder gemarteld was en dat haar zus doodvonnissen moest voorlezen'

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234