Woensdag 20/11/2019

Een doodgewoon jochie

'Kip heeft een verkeerde beslissing genomen. Gewoon een verkeerde beslissing''Het ligt niet aan de hoeveelheid wapens, maar aan de manier waarop kinderen ermee omgaan'

Randall SullivanDe moordenaars op de amerikaanse schoolbanken

Op 20 mei van dit jaar schoot de vijftienjarige Kip Kinkel zijn vader en moeder dood. De volgende morgen pakte hij een .22-geweer en twee pistolen en reed in de Ford Explorer van zijn ouders naar de Thurston High School in Springfield, Oregon. Daar opende hij het vuur op de vierhonderd leerlingen. Voordat hij werd overmeesterd, vermoordde hij er twee en verwondde er tweeëntwintig. De slachtpartij van Kip Kinkel is geen uitzondering. Een nieuwe moordgolf overspoelt de Verenigde Staten. Dit keer niet in enge achterbuurten, maar op doodgewone middelbare scholen. En de moordenaars zijn doodgewone jochies.

Springfield, Oregon, 21 mei 1998. De twee beste vriendjes van Kip Kinkel, Tony McCown en Nick Hiaasen, lopen om vijf voor acht 's ochtends over het terrein van de Thurston High School. Een groepje jongens komt op hen afgerend vanuit de hoofdingang van de school. Ze gillen tegen Tony en Nick dat ze moeten maken dat ze wegkomen.

"Het waren de rauwdouwers van onze school", vertelt Tony. "Gasten die altijd keet schopten. Nou ja, die ochtend kwamen ze op ons afgestormd en schreeuwden: 'Rennen! Kip heeft een geweer!' We lachten ze een beetje uit: 'Tuurlijk. Kip wel.' Toen zagen we dat ze echt bang waren. Maar we geloofden ze nog steeds niet. We dachten dat ze het verzonnen."

Even later beginnen Tony en Nick te twijfelen. Ze zien een aantal auto's met gierende banden van de parkeerplaats rijden. Tony: "Die waren van ouders die hun kinderen net naar school hadden gebracht. We hoorden de banden piepen en mensen schreeuwen. Toen zagen wie die ouwelui, dikke mensen, naar hun auto's rennen en begrepen dat er iets aan de hand moest zijn."

De twee jongens besluiten terug te wandelen naar het huis van Nick, dat een paar straten verderop ligt. "Maar we dachten nog steeds niet dat het serieus was", zegt Tony. "We dachten gewoon: een goeie reden om te spijbelen. Maar toen we bijna bij Nicks huis waren, hoorden we ineens sirenes. Toen dachten we wel: shit, het is tóch echt. Er gebeurt écht wat. We keken elkaar aan en zeiden: 'Zeiden ze nou dat het Kip was?'"

Een paar minuten eerder registreerde een beveiligingscamera op Thurston High School dat Kip via de noordzijde binnenkwam, nadat hij de Ford Explorer van zijn ouders had geparkeerd. De videobeelden toonden niet dat Kip onder zijn lange jas een .22-geweer verborg, en dat er onder de riem van zijn zwarte bouwvakkersbroek twee pistolen staken.

Onopgemerkt vervolgde Kip zijn weg naar Thurstons kantine, waar vierhonderd scholieren zaten te wachten tot de bel voor het eerste uur zou klinken. Vlak voor de kantine liep Kip de zestienjarige Ben Walker tegen het lijf. Tony: "We pestten Ben en zijn vriendinnetje vaak, omdat ze zoenden in de hal. Dan zeiden we dingen als: 'Ga toch naar een hotel.'"

Op een meter afstand van Ben trok Kip zijn geweer en schoot hem door zijn hoofd. Kip liep door en zag Ryan Atteberry, een jongen die hij totaal niet kende. Op hem schoot hij ook. Hij raakt hem in zijn rechterwang.

Een paar seconden later verborg Kip het geweer weer onder zijn jas en stapte de kantine binnen. Enkele kinderen waren verbaasd hem te zien: een dag eerder was Kip geschorst, omdat er in zijn schoolkluisje een geladen pistool was gevonden. En Kip zag er ook raar uit, vonden ze. Hij was een klein jochie. Een meter vijfenzestig, woog vijftig kilo, had rood haar, sproeten en een babyface, waardoor hij een stuk jonger leek dan de vijftienjarige die hij was. Die dag, zo zegt een meisje, "zag hij er groter uit, ik dacht eerst dat hij een volwassene was".

Kip was nauwelijks de deuropening gepasseerd toen hij zijn geweer opnieuw tevoorschijn trok en 'begon te blazen' zoals een van de kinderen die het dichtst bij hem stond, zich herinnert. Kip schoot de resterende achtenveertig kogels uit zijn magazijn van vijftig op. "Hij liep op ons af, helemaal uitdrukkingsloos", zegt een meisje, "en hij schoot maar en schoot en schoot."

Enkele scholieren die Kip vanuit de heup in de rondte zagen schieten, dachten dat het om een stunt van de schoolverkiezingen ging. Maar de meeste kinderen hebben Kip niet gezien, ook niet de kinderen die werden neergeschoten. Veel kinderen dachten dat het vuurwerkknallen waren die ze hoorden. Melissa Taylor, een scholiere, vertelde later dat ze dacht dat iemand met een paintball-geweertje bezig was. Vervolgens voelde ze een prik in haar schouder, keek en zag een rode vlek: "Ik dacht: shit, die gast heeft mijn shirt mooi verkloot."

Kyle Howes en zijn vriendinnetje Melissa Femrite, allebei zestien jaar, stonden bij de kantinebalie. Melissa probeerde haar vriend net te overtuigen een broodje als ontbijt te nemen, in plaats van zijn gebruikelijke reep chocolade. Melissa hoorde de knallen en keek om, in de verwachting de rook van een duizendknaller te zien. Ze zag een jongen met een geweer. Toen Kip aanstalten maakte op de balie af te lopen, dook Melissa naar de vloer. Terwijl ze dat deed, voelde ze een steek in haar rechterelleboog. Ze zag haar eigen bloed op de grond, en realiseerde zich: "Dit is echt."

Kyle stond nog toen de eerste kogel in zijn linkerbeen binnendrong. Een tweede kogel raakte zijn rechterscheenbeen. Daarop rende hij kreupel naar de dichtstbijzijnde uitgang. Achter de klapdeuren viel hij neer en wachtte op hulp.

Tegen die tijd was de kantine veranderd in een hel. Ruiten sneuvelden, scholieren zochten hun toevlucht achter de gevallen lichamen van hun klasgenoten, ze kropen onder tafels of ze trachtten de uitgangen te bereiken. Kip schoot ondertussen gewoon door. "Hij zette zijn voet op de rug van een kind en beschoot hem vier keer", zegt David Willis, een klasgenoot van Kip. "Zijn gezicht verraadde niets, het zag eruit alsof hij elke dag zoiets deed."

Kip had al twintig kinderen geraakt toen hij de plaats naderde waar de zeventienjarige Mikael Nicklauson op de vloer lag, geraakt in zijn kuit. Mikael hield zijn kuit vast. Kip stapte op hem af, plaatste de loop van het geweer tegen Mikaels hoofd en haalde de trekker over.

Mikaels vriendje Ryan Crowley lag ernaast en zag zijn vriendje lijden. Kip zette de loop tegen zijn gezicht en haalde de trekker opnieuw over. Er gebeurde niets. Ryan vloog op Kip af, terwijl Kip naar het 9 millimeter Glock-pistool onder zijn riem greep.

Jake Ryker was getroffen in zijn borst en lag vlakbij. Hij was dertig centimeter langer en veertig kilo zwaarder dan Kip en dook boven op hem. Kip was sneller en schoot een van Jakes vingers aan flarden. Terwijl Kip overeind probeerde te komen, werd hij besprongen door zes andere jongens. Adam Walburger pakte de hand waarin Kip het pistool hield, en draaide die op zijn rug. Terwijl hij opnieuw op de grond lag, greep Kip naar het .22-pistool dat nog onder zijn riem stak. De andere jongens probeerden dat ook te pakken. Een van hen schopte het uit Kips handen. Het schoof over het linoleum in de kantine, tot een docent zijn voet erop zette. Kip was inmiddels bedolven onder de lichamen van de vier of vijf jongens. "Schiet me dood", zei hij. "Schiet me gewoon dood."

Thurston High School was veranderd in een chaos. Van de negenhonderd leerlingen was een aanzienlijk deel niet in de kantine toen Kip de school in een hel begon te veranderen. Ze hoorden door de luidsprekers: "Er wordt geschoten! Zoek dekking!" De veertienjarige Krystina Sacrison bevond zich aan de andere kant van de school. "Eerst dacht ik dat het een soort oefening was, maar ze bleven het herhalen: 'Er wordt geschoten!' Er wordt geschoten!' Ik keek in de hal en daar schreeuwde en rende iedereen."

Krystina liep naar haar klaslokaal en vroeg haar vriendin Summer wat er gaande was. "Summer zei dat Kip een heleboel mensen had neergeschoten, maar ik geloofde haar eerst niet, omdat ik dacht dat Kip dat nooit zou doen." Die ochtend praatten Krystina en een vriendinnetje nog over het pistool dat de vorige dag in Kips kluisje was gevonden. "Ik zei toen nog: 'Waarom zou Kip een pistool mee naar school nemen? Hij zou nooit iemand neerschieten.' Toen zei een andere vriendin, Ginger, nog dat ze het ook maar een rare toestand vond." Ook eerstejaars Megan Wymore kon het nieuws niet geloven: "Het was meer iets voor een kind met moeilijkheden, of voor een slecht kind."

Maar geen enkele Thurston-leerling kon het moeilijker geloven dan Kips vriendje Tony McCown: "Toen Nick en ik onze ouders hadden gebeld om te vertellen dat alles goed met ons was, probeerden we Kip te bellen, want het leek ons onmogelijk dat hij het had gedaan."

In Kips huis werd niet opgenomen. "Toen werden we wel een beetje ongerust." Op het radionieuws hoorden ze vervolgens dat de schutter de vorige dag van school was geschorst. "Toen wist ik dat het Kip was", zegt Tony. "Ik stond perplex."

In de klaslokalen op Thurston "zeiden de leraren dat we de lichten uit en de gordijnen dicht moesten houden, en achter in het lokaal moesten gaan staan", vertelt Krystina Sacrison. "Ze waren bang dat de schutter nog vrij rondliep."

"De paniek was ongelooflijk", zegt Debbie Wymore, moeder van Megan. Om kwart voor negen stond op het parkeerterrein een groep ouders toen de rector, Larry Bentz, op hen afkwam. Hij las de namen voor. Bij iedere naam werd er gegild, gehuild en geschreeuwd. "Het was een hartverscheurend tafereel", vertelt Wymore. "Een vader en een zoon vlogen elkaar in de armen en zoenden elkaar. Dat hadden ze vast al jaren niet gedaan. Zo ging het met veel mensen."

Veel mensen verging het heel anders. De kinderen die hadden gezien hoe Kip Mikael Nicholauson doodschoot, huilden en braakten. Een moeder was radeloos op zoek naar haar dochter, die ze pas bijna een uur later terugvond, ergens achteraan in de kantine. "Ze trok haar haren uit haar hoofd", vertelt een getuige.

Kips vriend Tony McCown liep rond een uur of tien terug naar school om de slachtofferlijst te zien. "Ik wilde zien wie Kip allemaal had neergeschoten. Ik was geschokt door de hoeveelheid namen. Iemand zei dat er ook kinderen op de lijst stonden die vertrapt waren op weg naar de uitgang, dus toen dacht ik nog: misschien heeft hij er maar een paar neergeschoten en is de rest platgetrapt." In werkelijkheid waren alle kinderen op de lijst getroffen door Kips kogels. Mikael Nicholausons dood werd ter plekke vastgesteld. Ben Walker stierf die avond. Tony Case en Teresa Miltonberger verkeerden in kritieke toestand: artsen verwachtten dat Teresa zou overlijden.

Kip Kinkel was ongedeerd in bewaring gesteld op het politiebureau van Springfield. Hoewel hij volgens hoofdcommissaris Jerry Smith erg rustig was tijdens zijn arrestatie, was hij niet zo meegaand als hij op het eerste gezicht leek. De agent die hem moest verhoren, ondervond dat toen hij terugkeerde in de verhoorkamer: de geboeide Kip had een mes dat hij op zijn kuit had geplakt, losgewrikt en viel de agent ermee aan. Kip werd overmeesterd toen de agent peperspray in zijn gezicht spoot. De agenten fouilleerden Kip nogmaals, en sloten hem op in een cel. Kip werd ziedend. Hij begon als een gek te schreeuwen en trapte wild in het rond. Na tien minuten werd hij rustiger, en toen Smith hem ging ondervragen, was hij volledig gekalmeerd. Dezelfde middag stemde Kip ermee in naar Thurston te gaan om een reconstructie te maken, die op video werd vastgelegd. Tot op de stap deed hij na wat hij die ochtend had gedaan.

De ontzielde lichamen van Bill en Faith Kinkel, Kips ouders, werden die ochtend om halftien gevonden in hun huis. Dat was verschrikkelijk. Maar de politie ontdekte nog meer vreselijke dingen. Agenten doorzochten Kips kamer, omdat ze attent waren gemaakt op Kips interesse voor explosieven. Ze vonden twee zelfgemaakte bommen: een was gemaakt van drie lege blikjes frisdrank, een ander was "krachtig genoeg om de halve buurt op te blazen", aldus sheriff Jan Clements. Hij liet vijftien nabijgelegen huizen evacueren. De politiemannen werden bang dat Kip het huis had voorzien van boobytraps, en lieten de lijken van Kips ouders liggen tot de explosieven-opruimingsdienst het had doorzocht.

In de daaropvolgende vierentwintig uur deden agenten de ene na de andere schokkende ontdekking. Kip bleek op zolder een enorme hoeveelheid vuurwerk te hebben opengesneden om het kruit eruit te halen. Ernaast lagen pvc-pijpen, elektronica en ontstekingsmechanismen. Onder de vloer vonden ze andere ingewikkelde en gevaarlijke constructies, die met gemak het huis van de aardbodem hadden kunnen wegvagen. Het lichaam van Faith Kinkel werd door dat gedoe pas vierentwintig uur na de vondst uit het huis verwijderd. Meteen daarna vond de politie weer een bom. Het verwijderen van Bill Kinkels lichaam, dat inmiddels in staat van ontbinding was, werd opnieuw uitgesteld. Pas achtenveertig uur na de vondst kon het lichaam van Kip Kinkels vader worden geborgen. Toen waren er twintig bommen onschadelijk gemaakt.

Kip werd op vrijdagochtend voorgeleid aan een rechter die zijn voorlopige hechtenis moest verlengen. De aanklacht: viermaal moord met voorbedachten rade. Kip leek eerder twaalf dan vijftien jaar oud. Hij droeg een zwarte trui met daaronder een kogelvrij vest, zijn handen en voeten waren geketend. Stuurs maar gedwee, puberaal dus, staarde hij naar de grond. Hij sprak maar twee woorden. Toen de rechter vroeg of Kips geboortedatum - 30 augustus 1982 - klopte: "Ja."

In het publiek zat John Walley, wiens zoon Jesse een dag eerder in zijn maag was geschoten door Kip. Na afloop van de zitting zei hij: "Een doodgewoon jochie. Dat is het beangstigende: het is gewoon een jochie. Dit gaat nergens over, en dat zal later ook wel blijken."

De bevolking begon inmiddels moord en brand te schreeuwen. Waarom was Kip niet meteen ingerekend na de vondst van het pistool in zijn kluisje? De politie ontkende dat Bill Kinkel had gevraagd of zijn zoon in een jeugdinrichting kon worden opgesloten, en ook dat ze laks zou hebben gehandeld. Een commissaris verwoordde het aldus: "Er was geen gerede aanleiding om te verwachten dat Kip een gevaar zou vormen, wij hadden het pistool en dat zou hij niet hebben teruggekregen." Maar de ene na de andere scholier verklaarde tegen journalisten wat voor verhalen Kip hun had verteld. Hij had het over het mishandelen van dieren tot het plaatsen van een bom op school. Hij wilde de docenten eens een lesje leren.

Rector Barry Lentz nam het op voor zowel de school als voor de bevolking. "Springfield is een goede plaats om te wonen. Ik denk niet dat dit een schaduw over onze gemeenschap zal werpen. Het is de boodschap van een kind met een gemankeerde ziel."

De schoolinspecteur van Springfield, Jamon Kent, wierp Kips medeleerlingen voor de voeten dat ze de leraren nooit iets hadden gemeld over Kips angstaanjagende uitspraken. Maar het bleek al snel dat Kip zulke dingen ook had gezegd in het bijzijn van leraren, nota bene tijdens spreekbeurten. De leraren zelf zwegen: ze konden slechts ter verdediging aanvoeren dat er zoveel kinderen rondliepen die praten zoals Kip praatte.

Gedurende de laatste weken van het schooljaar verspreidde zich een arrestatiegolf als een soort epidemie over de staat Oregon. Kinderen van zes tot vijftien jaar werden gearresteerd, omdat ze in het wilde weg wat riepen. Maar elke arrestatie haalde de kranten en elk krantenbericht bracht een nieuwe paniekgolf teweeg. De zomervakantie van 1998 was de meest welkome van alle schoolvakanties uit de geschiedenis van de staat. Het volk slaakte een zucht van verlichting: tot september zouden er geen schietpartijen meer op scholen plaatsvinden. En van opluchting werd er gelachen: om de arrestaties van twee kinderen - in Oregon - die hun speelgoedpistooltjes op een bus richtten. En om de berisping van tweeënvijftig jochies die kinderen hadden natgespoten met waterpistooltjes.

Dat soort arrestaties en de daaropvolgende discussies wierpen een schaduw over de werkelijke problematiek. Niemand begreep waarom de middelbare scholen ineens werden overspoeld door een golf van geweld: het enige wat iedereen begreep, is dat in de Verenigde Staten alles wat het ene moment nog ondenkbaar is, het volgende moment al doodgewoon kan zijn.

Een van de eerste meervoudige moorden die het land opschrokken, vond plaats in februari 1996 in het gehucht Moses Lake, in de staat Washington. De moordenaar was de veertienjarige Barry Loukaitis. Hij liep het wiskundelokaal binnen, schoot twee medescholieren neer en schoot daarna een docent in de rug. Daarna boog hij zich over een van zijn slachtoffertjes, die stikte in zijn eigen bloed, en zei: "Leuker dan wiskunde, hè?" Net als alle volgende jonge moordenaars was ook Loukaitis een depressieve jongen van meer dan gemiddelde intelligentie, die een minderwaardigheidscomplex had en gefascineerd was door gewelddadige films.

Vrijwel exact een jaar later sloeg de zestienjarige Evan Ramsey toe in Bethel, Alaska. Eerst schoot hij een populaire sporter dood, daarna verwondde hij twee leerlingen, en ten slotte vermoordde hij het schoolhoofd.

En er waren de moorden die in oktober 1997 de leerlingen en leraren van Pearl High School in Mississippi verbijsterden. Luke Woodham (16) stak zijn moeder dood, reed naar school, vond en zocht het meisje met wie hij verkering had gehad, schoot haar door haar hart en schoot toen nog acht leerlingen neer, van wie er een overleed. "Ik weet prima wat ik deed", verklaarde hij later aan de politie. "Ik was toen alleen nogal kwaad."

Twee maanden later schoot Michael Carneal (14) op zijn school in Paducah, Kentucky, drie leerlingen dood en verwondde er vijf. Twee weken daarna was het raak in het dorpje Stamps in Arkansas, waar een jochie van veertien als sluipschutter twee klasgenootjes verwondde.

Even daarna vond het drama van Jonesboro plaats, dat het hele land in rep en roer bracht. Mitchell Johnson (13) en Andrew Golden (11) bedachten het scenario voor hun moordpartij erg zorgvuldig, wat hun daden angstaanjagender maakte dan de voorgaande slachtpartijen. Ze namen het bestelbusje van Mitchells ouders mee, met daarin drie jachtgeweren van een zwaar kaliber, zeven pistolen, twee kruisbogen, een machete, acht messen en een kist vol munitie. Tevens hadden ze een roze pluche konijn bij zich. De meeste vuurwapens hadden ze even tevoren gestolen uit een huis van Andrews opa.

De magere Andrew liep de school binnen en trok aan de hendel van het brandalarm, terwijl de dikkige Mitchell buiten als een volleerd sluipschutter zijn positie innam. Toen de kinderen naar buiten kwamen gerend, begon hij te schieten. Nog geen minuut later waren er vier meisjes en een leraar dood, en waren tien scholieren gewond.

Het zorgwekkendst aan alle massamoorden was dat niemand nog aandacht schonk aan enkelvoudige moordpartijen. Scholieren die in de maanden erna maar één slachtoffer maakten, haalden de nationale pers nauwelijks. Wel werd er druk gediscussieerd - zo druk zelfs dat men door de bomen het bos niet meer zag. Republikeinen pleitten voor strengere straffen voor jeugdige wetsovertreders en wilden dat ze zouden worden opgesloten in reguliere gevangenissen.

Of zulks enige zin heeft, is nog maar de vraag. Kip Kinkel krijgt waarschijnlijk levenslang, zonder de kans ooit vervroegd vrij te komen. Andrew Golden en Mitchell Johnson worden waarschijnlijk op hun eenentwintigste vrijgelaten. Sterker nog: er is geen spoortje bewijs dat deze jongetjes wisten wat de strafmaat voor hun daden was toen ze de trekker overhaalden.

Democraten en liberalen verklaarden dat het allemaal een hype van de media was en dat de misdaadcijfers nog steeds achteruitlopen. Bill Clinton was het, zoals gebruikelijk, met alle partijen eens.

Discussies vlogen van links naar rechts: van strafmaat tot wapenbezit. Over dat laatste had de NRA, de Amerikaanse vereniging van wapenbezitters, een cryptische duit in het zakje te doen: "Het ligt niet aan de hoeveelheid wapens, maar aan de manier waarop kinderen ermee omgaan."

Maar inmiddels hebben kinderen weinig anders te doen: geld voor sportclubs, muzieklessen, toneelspelen of danslessen is er simpelweg niet. Dat geld wordt namelijk gebruikt om gevangenissen te bouwen. Misschien is het engste aan de gebeurtenissen dat ze overal plaatsvinden, en zonder duidelijke motieven. Amerikanen die nu leven, zijn het meest welvarend van alle volkeren die ooit leefden: de economie groeit nog steeds, ze bezitten meer dan ooit, en toch is de huidige jeugd de meest beschadigde en ontwrichte uit de geschiedenis. Wat is er aan de hand?

De psycholoog die Barry Loukaitis onderzocht, vertelde aan de New York Times: "Mensen krijgen veel vroeger in hun leven last van geestelijke ziekten, zoals depressies en de neiging tot zelfmoord." En dat is waar. Zelfmoord onder jongeren neemt al veertig jaar toe, en momenteel zijn anderhalf miljoen Amerikanen onder de vijftien depressief. Dat zijn cijfers van experts, maar die cijfers uitleggen, kunnen diezelfde experts niet. Men rept over een toename van afwijkende hersenstructuren, maar dat is een onderzoeksveld dat nog volledig onontgonnen is. Het is natuurlijk wel veilig om de hersenschors de schuld te geven. Zo blijven ouders, leraren en de maatschappij als geheel buiten schot.

Hetzelfde geldt voor de medische wetenschap en farmaceutische industrie die niet konden worden beschuldigd. Hoewel, bijna een miljoen Amerikaanse kinderen gebruiken Ritalin, een medicijn dat neerslachtigheid moet verdrijven. Kip Kinkel nam Prozac en dat was ook weer een aanleiding om schuld af te schuiven, want Prozac-gebruikers worden soms agressief en geïrriteerd wanneer ze hun medicijn niet slikken.

En dan zijn er nog de psychologen. De Amerikaanse Vereniging voor Psychologen schreef een rapport over de toename van geweld onder jongeren. Daarin schuift ze vier hoofdredenen naar voren: jongeren beginnen vroeg met drank en drugs, jongeren kunnen makkelijk wapens kopen, jongeren zijn overmatig geïnteresseerd in afwijkend gedrag en jongeren staan bloot aan enorme hoeveelheden geweld via de media. Vooral over dat laatste punt wordt veel gediscussieerd, maar het is nooit bewezen dat de achtduizend moorden die een Amerikaans kind ziet voor het van de basisschool komt, iets met het huidige wangedrag te maken heeft.

Luitenant-kolonel en hoogleraar Dave Grossman schreef een boek over de psychologie van het moorden. Als voormalig militair weet hij dat mensen niet graag hun eigen soort om zeep helpen. "In oorlogen richtte maar vijftien tot twintig procent van de soldaten hun geweer op de vijand, de rest schoot opzettelijk mis. Pas toen de Tweede Wereldoorlog op uitbreken stond, besloot het Amerikaanse leger dat dat moest veranderen." Een vierstappenplan werd ingevoerd. Eerst werden de aspiranten "getraumatiseerd en ontmenselijkt". Ten tweede werden ze verplicht te lachen en te juichen om moorden die ze te zien kregen. Daarna, volgens Grossman het belangrijkst, leerden ze schieten op menselijke contouren in plaats van op willekeurige doelen. "Ze mochten er niet meer bij nadenken, het moest een reflex worden." Ten slotte kregen ze oorlogshelden voorgeschoteld, die hun vertelden dat het ombrengen van een vijand een goede zaak was.

De cursus werkte ontstellend effectief: tegen de tijd dat de Vietnam-oorlog aanbrak, schoot vijfennegentig procent van de soldaten gericht op de tegenstander. Grossman: "Maar pas nadat mijn boek was verschenen, bedacht ik dat die cursus precies hetzelfde werkte als de manier waarop wij tegenwoordig onze jeugd opvoeden." Televisie zou daarin volgens Grossman de hoofdschuldige zijn. Daar komt nog iets anders bij, aldus Grossman. "Men zegt dat het met de stijging van de misdaadcijfers wel losloopt, dat ze zelfs iets teruglopen. Daarbij moet ik twee dingen aantekenen. Onze bevolking vergrijst, terwijl het geweld onder jongeren enorm toeneemt. Oude mensen plegen minder misdaden, dus dat betekent dat het helemaal niet meevalt.

"Ten tweede: als de medische wetenschap zou zijn blijven steken op het niveau van de jaren veertig, zouden de moordcijfers van bijvoorbeeld New York City tien keer zo hoog zijn. Er sterven nu gewoon minder mensen, omdat de artsen veel meer levens kunnen redden van mensen die door vuurwapens gewond raken."

Volgens de hoogleraar moeten we kijken naar het aantal gevallen van zware mishandeling, en dat relateren aan geweld op tv. "Dan zie je dat sinds 1957 het aantal gevallen van zware mishandeling is verzevenvoudigd. In Canada heeft men pas sinds vijfentwintig jaar geweld op tv, en in die tijd zijn de cijfers voor zware mishandeling daar vervijfvoudigd. In Australië en Nieuw-Zeeland hebben ze sinds vijftien jaar geweld op tv, en ook daar is het nu vijf keer meer dan voordien." Hij concludeert: "Televisie heeft meer invloed op de toename van geweld dan alle andere factoren samen, en daar reken ik ook scheidingen, mishandelingen en verwaarlozing toe. De onderzoeken daarnaar zijn grondiger en betrouwbaarder dan onderzoeken die het verband willen aantonen tussen roken en longkanker."

Grossman bepleit overigens geen censuur. "Ik zou alleen de tv-zenders dringend willen vragen op ouders gerichte waarschuwingen uit te zenden om kinderen die nog niet kunnen lezen, dus tot een jaar of zes, geen tv te laten kijken. Het maakt te veel indruk."

Tot nog toe heeft de maatschappij weinig geleerd van de Kip Kinkels op deze wereld. Zoals een inwoner van Springfield, Berry Kessinger, het formuleert: "We accepteren nu dat het bestaat, je ouders vermoorden, naar school gaan en er daar op los gaan schieten. En het zal nog wel erger worden, want dít idee hoeft niemand meer te verzinnen. Je kunt er wel nog iets bij bedenken."

Kessinger werkte bijna dertig jaar als leraar, is een vader van drie kinderen, en was bevriend met de vader van Kip Kinkel. Hij zegt: "Vroeger was negentig tot vijfennegentig procent van de kinderen in principe 'goedaardig'. Nu is dat misschien nog veertig procent. En als je dan ziet hoe verschrikkelijk die hun best moeten doen niet betrokken te worden bij de ellende en narigheid die de rest veroorzaakt, krijg je heel veel respect voor ze. Vroeger was het moeilijk slechte vrienden te vinden, tegenwoordig is het veel moeilijker goede vrienden te vinden."

Het onverwachtste, maar wel het positiefste aan de zaak-Kip Kinkel was de eenheid die de Verenigde Staten erdoor bleek te vormen. In de gang van het rouwcentrum waar Ben Walker lag opgebaard, heerste saamhorigheid, maar de uitzending van zijn begrafenis op CNN maakte van het hele land een eenheid. Een klasgenootje van Kip zegt: "Vroeger waren het de ruige, vervelende kinderen die de dienst uitmaakten. Nu zijn het de eikeltjes, de sufferds die heel populair zijn." Het hek rondom Thurston High School werd een soort bedevaartsoord. Er hangen gedichten, gebeden, tekeningen en duizenden bossen bloemen.

Tony McCown, een van Kips beste vriendjes, zegt: "Het is ongelooflijk dat een vriend van mij dit heeft kunnen veroorzaken. Het is tegelijkertijd het allerbeste en het allerslechtste dat hier ooit is gebeurd."

De dag na de slachtpartij hesen alle overheidsgebouwen in Oregon de vlag halfstok. Bloedbanken konden het aantal vrijwillige donoren nauwelijks aan. In Springfield hingen aan vrijwel alle gebouwen spandoeken waarop stond: 'Het moet stoppen'. Een actie van de plaatselijke brandweer. Banken en kredietverstrekkers richtten een fonds op voor de slachtoffers, waaraan supermarkten en pizzeria's een deel van hun omzet doneerden.

In het gebouw van Thurston High School werd gedurende de tiendaagse rouwperiode een 'Bijeenkomst voor hoop en herstel' georganiseerd. Een lokale tv-journalist vroeg er om vergeving van Kip Kinkel. Debbie Waymore, moeder van een van Kips schoolgenootjes, herinnert zich: "Mensen huilden, snikten en omhelsden elkaar." Haar dochter Megan vertelt dat ze Kip niet haat: "We hopen dat hij de hulp krijgt die hij nodig heeft." Begrepen zij en haar vrienden dan waarom Kip deed wat hij deed? Megan: "Hij heeft een verkeerde beslissing genomen." Twee van haar vrienden zijn het roerend met haar eens: "Gewoon een verkeerde beslissing."

Dat lijkt nogal een vreemde redenering. Kip schiet zijn vader door het achterhoofd, wacht tot zijn moeder thuiskomt, vermoordt haar ook, gaat naar bed terwijl zijn ouders dood beneden liggen, rijdt de volgende dag naar school met drie vuurwapens en schiet daar vierentwintig kinderen neer. En dat noemen jullie een verkeerde beslissing? Een van Megans vrienden: "Zo had ik er nog niet over nagedacht."

Tony McCown had er wel op die manier over nagedacht en had zich proberen voor te stellen wat er was gebeurd: "Ik kan niet snappen hoe Kip dit heeft kunnen doen. Het kan bijna niet waar zijn." Tony zal tijdens Kips proces waarschijnlijk een belangrijke getuige zijn. Voor hem is het geruststellend dat zelfs de rechercheurs eerder verbijsterd dan woedend op Kip lijken te zijn. Bij Kips voorgeleiding was Tony ook in de rechtszaal aanwezig. "Ik ging op mijn tenen staan, ik hoopte dat hij me zou zien." Kips voeten waren geketend en onder zijn kleding droeg hij een kogelvrij vest. In de rechtszaal wendde hij voor niemand te herkennen. Volgens Tony zag hij eruit alsof hij spijt had. "Hij zag er normaal uit, maar wel alsof hij het erg vond dat hij het gedaan had."

Een week eerder had Tony Kip een brief geschreven. "Ik heb hem geschreven dat ik voor hem heb gebeden en dat ik nog steeds om hem geef en dat hij nog steeds mijn vriend is. En dat ik zo snel mogelijk bij hem op bezoek wil komen." Maar dat kan nog wel even duren, en dat weet Tony. Want Kip werd na zijn zestiende verjaardag, op 30 augustus van dit jaar, overgeplaatst van een jeugdgevangenis naar een reguliere gevangenis. En het lijkt onwaarschijnlijk dat hij daar wel bezoek zal mogen ontvangen van andere mensen dan zijn advocaten en zijn zusje Kristin.

De politie heeft Tony verteld dat Kip en Kristin tijdens haar eerste bezoek aan hem eigenlijk alleen maar zaten te huilen. Kristin leek zich te hebben vastgebeten in het voornemen Kip niet in de steek te laten. Tony heeft precies hetzelfde plan. Maar na de eerste rechtszitting sloeg de twijfel toe. Tony: "Tot ik met hem spreek, kan ik nog niet zeggen of ik hem over veertig jaar nog als vriend beschouw. Want als hij alleen nog maar daaraan kan denken en niet meer de ouwe is, tja..."

Maar Tony kan ook niet verzekeren dat hijzelf nog de ouwe zal zijn. "Ik bedoel: iedereen hier is veranderd. Niemand kan ooit doen alsof dit allemaal nooit is gebeurd. Sommige mensen zullen best zeggen dat ze niet zijn veranderd, maar die komen er nog wel achter. Ik weet niet hoe ik zal veranderen. Ik weet alleen dat het leven voor ons allemaal anders zal zijn."

© Rolling Stone 1998 / Los Angeles Times Syndicate

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234