Woensdag 16/06/2021

Een bordeel genaamd Brussel

Nog een geluk dat het mooie winnaars zijn, Fabian Cancellara in de proloog en de oude Alessandro Petacchi in de eerste rit. Zij zijn een pleister op een openingsweekend vol bloed en builen, een tweedaagse ook met een klassiek contrast tussen Nederland en België. In Rotterdam was alles extra keurig en proper georganiseerd, in Brussel leek het peloton ineens bevangen door dezelfde koorts die ook de politieke onderhandelaars van dit land treft: in hun profileringsdrang lieten ze elkaar en dus ook zichzelf vallen.

Oude krijger Alessandro Petacchi wint door valpartijen ontsierde sprint in bijzonder chaotische finale

“Ik weet niet wie won. Ik weet niet wie viel. Ik weet helemaal niets van de uitslag.” In zijn beknoptheid drukt Lance Armstrong perfect uit wat zondag het gevoel was in het peloton. ‘Le bordel’, zegt men in het Frans, en voor één keer mag dat gerust zeer letterlijk in het Nederlands vertaald worden: een bordeel. Wat in en op weg naar Brussel getoond werd, was wielrennen van zijn meest hijgerige, zijn meest gulzige, zijn minst propere kant. Dat mag de renners aangewreven worden, maar ook de organisatie (de slotkilometers bevatten tal van risicovolle punten, in een eerste rit is dat om ongelukken vragen) en, jawel, de supporters. Veel supporters willen de renners niet zomaar zién. Ze willen hen ook fotografen, en liefst in close-up. Zelfs terwijl ze rijden. Vandaar dat er al op Belgische wegen valpartijen waren voor Brussel. Dat gebeurde bij ‘spontane wegversmallingen’: daar waar die joviale, applaudisserende, aanmoedigende maar vooral egoïstische Vlaming aan twee kanten van de weg naar voren kwam. ‘Als die familie naast mij één stap naar voren zet, dan ben ik wel verplicht nog 10 centimeter méér vooruit te gaan of ik zie zelf toch niks’, die redenering. Lance Armstrong vond het ronduit gevaarlijk: “Het is fijn dat de wielersport zoveel fans heeft, maar het maakt wel dat je zeer geconcentreerd moet koersen. Veel jongens raken er extreem zenuwachtig door.”

Petacchi: “De valpartijen zijn het gevolg van een lange rit die de hele dag opperste concentratie vereist. Eerst voelde je dat bij alle ploegen de schrik voor de wind er goed in zat, en nadien maakten de vele toeschouwers aan de kant van de weg het koersen extra zwaar. Het is niet onlogisch dat er aan het einde van de dag een paar renners even hun concentratie kwijt zijn.”

Dat ‘gevaarlijk rijden’ begon op de Zeeuwse dijken. Ineens zat een hond wild blaffend midden in het peloton. Het kan niet genoeg herhaald worden: de wegen van de Tour de France zijn géén plaats voor (ongeleide) honden, (ongeleide) kinderen of (ongeleide) mannen met fototoestel. Ze veroorzaken namelijk ongelukken, omdat ze zich niet bewust kunnen zijn van de snelheid van een rijdend peloton. In dit geval waren de bekendste slachtoffers niemand minder dan Girowinnaar Ivan Basso en de man in de groene trui, David Millar (de tweede van de proloog). Er waren ook twee bekende Radioshacks bij, Levi Leipheimer en Andreas Klöden. Radioshack-woordvoerder Philippe Maertens: “Ze zagen er niet goed uit.” Omwille van een hond, en vooral zijn onachtzame baas. In het asiel ermee, met die baas.

Het was het eerste grote incident in een lange, warme rit, die van start tot aankomst in de grootste nervositeit verliep. Maarten Wynants (QuickStep) en Lars Boom (Rabobank) hadden vooraf samen afgesproken dat ze van bij de start zouden ontsnappen, en alleen al voor hun eigenlijk veiligheid was dat een goed idee. Ze kregen de Spanjaard Alan Perez Lezaun (Euskaltel) mee, maar een maximale voorsprong van zo’n 7 minuten was natuurlijk te weinig om te slagen. Al deed Wynants, samen met de Moldaviër Alexander Pliuschin, nog een ultieme poging. Het leverde hem de eerste ‘Prix de la Combativité’ van deze Tour op.

En toch kon je de sprint bezwaarlijk een ‘massa’-sprint noemen. Massaal waren vooral drie bangelijke valpartijen in volle finale. De eerste werd veroorzaakt door favoriet Mark Cavendish zelf. In een grote bocht reed die rechtdoor, smeet Oscar Freire en nog wat renners mee tegen de grond. Robbie McEwen, die wel overeind bleef, kon er niet mee lachen: “Dat die jongens eens hun roadbook bestuderen. Er waren moeilijke bochten, maar in dit vak moet je die weten te liggen.” En natuurlijk foeterden de sprinters ook op de klassementsrijders die zeker in de eerste etappe zo ver mogelijk naar voren wilden rijden. Sprinters zouden outsiders, aanvallers en zelfs vedetten voor het algemeen klassement liefst een verbod opgelegd zien krijgen om zich in de laatste kilometers in het voorste kwart van het peloton op te houden. Maar dat is er dus niet. En ineens lag ook gele trui Fabian Cancellara in een tweede grote valpartij tegen de grond. Na een halve salto, dan wat stuiteren over andere renners en vervolgens plat op het asfalt. “Ik dacht dat ik er niets aan had overgehouden. Maar nu doet mijn hele linkerzij al pijn.” Bij die val zette ook Lance Armstrong voet aan de grond, zonder veel erg. Een erg uitgedunde groep renners ging dus naar de finish voor winst, maar zelfs van dat handjevol slaagde er nog een aantal in in elkaar te haken en tegen de grond te gaan. Tyler Farrar lag erbij.

En dus won een man die men halvelings vergeten was, de 36-jarige Italiaan Alessandro Petacchi. Ooit was hij goed voor een verbluffend aantal sprintzeges in Giro, Tour en Vuelta. Maar in 2007 werd Petacchi “niet-negatief” verklaard op gebruik van het product Salbutamol. De toegestane hoeveelheid van dat product was overschreden, maar het internationale sporttribunaal TAS zei dat het niet Petacchi’s bedoeling was geweest om het middel als doping te gebruiken, omdat de aangetroffen hoeveelheid niet als prestatiebevorderend kan beschouwd worden. Uiteindelijk kreeg Petacchi een schorsing van een jaar. Daardoor was hij nadien enige tijd persona non grata in de Tour, en boette zo aan reputatie in. Maar het Italiaanse Lampre viste hem op.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234