Vrijdag 03/12/2021

Een bittere pil met een suikerlaagje

De verleidelijke afstandelijkheid van Black Box Recorder

Black Box Recorder

The Facts of Life, Nude Records import

JJ72

JJ72, Lakota Recordings/Sony.

Willard Grant Conspiracy

Everything's Fine, Slow River/Munich.

Oasis

Familiar to Millions, Big Brother/Sony.

Monster Magnet

God Says No, A&M Records.

De wegen van de muziekindustrie zijn ondoorgrondelijk. Dagelijks wordt de platenmarkt verzadigd met de verwerpelijkste pulp, terwijl heel wat uitstekende langspelers niet eens meer de rekken van de lokale platenboer halen. Wie die parels toch op wil vissen, moet dus voorzien zijn van een prima speurneus en een goedgevulde geldbeugel, want de import is dezer dagen behoorlijk prijzig.

Toch loont de investering af en toe de moeite. Neem nu de schitterende tweede cd van Black Box Recorder die, sinds hij in mei in Groot-Brittannië verscheen, vrijwel uitsluitend vijfsterrenrecensies kreeg. Een half jaar later blijft de rest van Europa er nog steeds van verstoken en dat is intreurig. Vooral omdat de vorige plaat van het trio, het donkere England Made Me uit 1998, net zo briljant was. Black Box Recorder is een van de projecten van Luke Haines, een man die zich eerder al met The Auteurs en Baader-Meinhof opwierp als een van de interessantste figuren uit de popmuziek van het fin de siècle. In de songs die hij schrijft met John Moore en verleidelijk/afstandelijk laat zingen door Sarah Nixey, schetst hij een accuraat maar niet altijd even geflatteerd portret van de Britse samenleving, met haar tienermoeders, gebroken gezinnen, werklozen en zelfmoordenaars. De liedjes op The Facts of Life klinken nog steeds ambigu, maar zijn al een stuk optimistischer. Behalve over afwijzing en emotionele verwarring gaat het dit keer ook over verleiding en seksueel ontwaken. Bovendien worden die verhaaltjes nu verpakt in toegankelijke, radiovriendelijke popsongs, die met een beetje geluk zelfs bij het publiek van All Saints en Britney Spears in de smaak zullen vallen.

Beter dan voorheen verstaat Black Box Recorder de kunst haar bittere pillen te camoufleren met een laagje suikerglazuur. De muziek zelf vertoont verwantschappen met de Franse sixtiespop van Françoise Hardy of Birkin & Gainsbourg; het luchtigste van The Velvet Underground; de meest poppy momenten van Air en het ijlste uit de soundtrack van Twin Peaks. De instrumentaties, met gitaren, synths, Glockenspiel, xylofoon, strijkers en een drummachine, zijn rijk en subtiel; de melodieën delicaat en transparant. De stem van Nixey klinkt fragiel en onschuldig, maar net daardoor ook behoorlijk sensueel. Een van de thema's op The Facts of Life is beweging. Soms letterlijk, zoals in 'The Art of Driving' of het sublieme 'The English Motorway System'; soms ook figuurlijk, zoals in 'May Queen' of 'French Rock'n'Roll'. De tweede cd van Black Box Recorder is een van de betere popplaten van het jaar. Je moet er alleen even naar zoeken.

Een ander bandje dat momenteel aan de overzijde van het Kanaal als een sensatie wordt ingehaald, is JJ72, een piepjong trio uit Dublin dat, naar zijn titelloze debuut te oordelen, aan zelfvertrouwen alvast geen gebrek heeft. De grote troeven van de groep zijn songs en de hoge falsetstem van voorman Mark Greaney, een jongen die de ambitie heeft gitaarpop weer een glorieuze en euforische dimensie te geven. Singles als 'October Swimmer' en 'Snow' hadden al een zekere scherpte en ook elders op de cd serveert JJ72 emotionele turborock met romantische trekjes, waarin de grote thema's - eenzaamheid, verraad, passie en pijn - centraal staan. Greaney, drummer Fergal Matthews en bassiste Hilary Woods maken een intens geluid dat wordt gekenmerkt door een hoge dosis melancholie, een elegische grandeur, jeugdige onrust en wisselende stemmingen. 'Oxigen', het melodieuze 'Undercover Angel' en het met majestueuze strijkers toegedekte 'Willow' zijn al hard op weg naar een klassieke status, maar in het dramatische 'Long Way South' en het walsje 'Not Like You' schemeren de invloeden van respectievelijk Joy Division en Placebo nog iets te nadrukkelijk door. Toch krijgt het Ierse driespan voorlopig het voordeel van de twijfel, zeker als je merkt dat ook haast geheel uitgeklede songs als 'Broken Down' en 'Improv' moeiteloos overeind blijven.

De een noemt het swamp noir, de ander alternative country, maar eigenlijk overstijgt de uit Boston afkomstige Willard Grant Conspiracy al deze hokjes met gemak. Op zijn vierde langspeler, Everything's Fine, trekt het collectief op een fraaie manier de lijn door die het met Flying Low en Mojave had uitgezet. Zanger Robert Fisher is een doemdenker en een nihilist, die gelukkig de gave bezit zijn aangeboren tristesse en zijn mijmeringen over de eindigheid der dingen in eenvoudige maar pakkende melodieën te gieten. Het is dus moeilijk niet overweldigd te raken door epische folkrocknummers zoals 'Christmas in Nevada', 'The Beautiful Song', het weemoedige 'Closing Time' en de pianoballad 'Massachusetts'. Everything's Fine heeft iets van een biecht in elf afleveringen, maar ondanks de traag voortstrompelende ritmen komt het rijke, organische karakter van de muziek nooit in het gedrang. Hopelijk doet deze plaat voor de Willard Grant Conspiracy wat Nixon enkele maanden geleden deed voor Lambchop. Want Fisher en zijn maats verdienen echt wel een ruimer publiek.

Het stond in de sterren geschreven dat Sony de tegenvallende verkoopcijfers van Standing on the Shoulder of the Giants nog voor het jaareinde zou trachten te compenseren door van Oasis een dubbele live-cd uit te brengen. En nu is het zover. De bescheidenheid van de Gallagher-broers indachtig werd de collectie, die werd ingeblikt in het Wembleystadion, Familiar to Millions genoemd. En misschien is net die vertrouwdheid het probleem: de tracks voegen immers weinig of niets toe aan de bekende studioversies en het gedrein van Liam is bij momenten een beproeving voor de zenuwen. Oasis-diehards zullen niettemin blij zijn met het nieuwe 'Step On' en de covers van Neil Young ('Hey Hey, My My') en dat onbekende groepje uit Liverpool ('Helter Skelter'). Komt er nog meer of is dit echt de zwanenzang? Wait and see.

Wie zijn muziek graag hard, heavy en psychedelisch heeft, is bij Monster Magnet nog altijd aan het goede adres. Na het met goud bekroonde Powertrip speelt het Amerikaanse vijftal op God Says No hechter dan ooit. De ingrediënten zijn bekend: withete Stooges-riffs, fuzz- en surfgitaren, een vinnig orgeltje, een psychotische ritmesectie en een schuimbekkende Dave Wyndorf, die zich, nadat inbrekers zijn demotapes en notitieboekjes hadden ontvreemd, kort voor de opnamen verplicht zag dertien nieuwe songs uit zijn mouw te schudden. De man heeft het nog altijd over God en duivel, zonde en deugd, maar schrijft dit keer toch persoonlijker, bespiegelender en strakker dan vroeger. 'Heads Explode' en 'All Shook Out' zijn geknipt voor het Afrekening-publiek, terwijl niet-headbangers via het slepende 'Queen of You' en de ingetogen titeltrack eindelijk de subtielere kant van het monster kunnen leren kennen.Oasis: oude wijn in (niet eens zo) nieuwe zakken. (Foto Alex Vanhee)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234