Maandag 14/10/2019

'Edwig heeft gewoon gelijk' en andere reacties

Waarheidscommissie

In het koor van verbijsterde en verontwaardigde stemmen dat opklinkt na publicatie van de duizend pagina's tellende schelmenroman van Usada, klonk ook de welluidende tenor van Edwig van Hooydonck.

Edwig heeft zijn verleden mee: twee keer de Ronde van Vlaanderen gewonnen toen epo het karakter van de koers nog niet had aangetast. Met wielrennen gestopt toen dat wel het geval was en hij weigerde mee te gaan in de hematocrietdans. Dan heb je recht van spreken, op het moment dat de valse keizer van het cyclisme wordt onthoofd.

Het is tijd voor een 'grote kuis', schreef Van Hooydonck in De Morgen. De geloofwaardigheid van de sport moet worden hersteld. Daartoe verzocht hij personen met vuile handen het wielrennen te verlaten.

Ik vermoed dat zulks onvoldoende is. De verwijdering van een aantal individuen zal aan het systeem niets veranderen. Natuurlijk speelde Armstrong het spel niet volgens de regels; maar hij deed dat binnen een systeem waarin dat werd getolereerd en waar de meesten maar één credo kenden: niet betrapt is schoon.

Ik stel voor dat we een internationale waarheidscommissie instellen die de wielersport ondersteboven keert en de beerput leegschept. Dat zal stinken, maar ook reinigen.

Daarna kunnen we verder en een nieuw wielrennen ontwerpen.

Bert Wagendorp is columnist bij de Volkskrant

Ontkenners van de werkelijkheid

Wat anders kan ik zeggen dan dat Edwig Van Hooydonck gelijk heeft. Ga naar de village départ en zie hoe het grootste deel van de aanwezigen ex-renners zijn die op de een of andere manier met doping te maken hebben gehad. Hallucinant. En hier en daar is er een tv-zender die een ex-renner laat opdraven om commentaar te geven bij de beelden of opvoert in een show achteraf. Probleem is echter: stuur al die mannen naar huis en er blijft niets meer over. Dan moet zelfs Jonathan Vaughters opkrassen, en die is op dit moment toch de meest heilige onder de zuiveren.

Dat schiet niet echt op.

Verontrustender is dat er nog altijd wielerjournalisten zijn die van niets weten. Of het wel weten en niets zeggen en schrijven. Ik weet niet goed welke van de twee erger is - de eerste categorie lijkt me onbekwaam, de andere... Ik schreef het al eerder: geen grotere ontkenners van de werkelijkheid dan wielerjournalisten. Zo kon de grote Mart Smeets gisteren nog zeggen dat hij zich bedrogen voelde, had hij immers niet aan Lance Armstrong gevraagd of hij doping gebruikte? En Lance, ja, die ontkende. Dus: wat kon hij anders dan hem geloven?

Zo'n houding helpt niet echt in de strijd tegen de dopingcultuur.

Herman Chevrolet is als wielerschrijver vaste medewerker van De Muur

Behoefte aan de schone leugen

Verbaasd over de verbazing: dat was ik de afgelopen dagen toen ik merkte hoe sommigen het Usada-rapport onthaalden over de dopingpraktijken van Lance Armstrong en Johan Bruyneel, professionele gangsters die zich vakkundig vermomden als heren met een hart voor de wielrennerij. Alvorens het Amerikaanse antidopingagentschap het rapport online gooide, waren er voorwaar nog believers - Eddy Merckx inclusief - die meenden dat arme Lance het slachtoffer was van een complot.

Alweer schrikken wielerfans op nu een van de grootste sporthelden aller tijden van zijn sokkel is gevallen, en alweer wordt georakeld over een schone lei voor de wielrennerij. Zo roept Edwig Van Hooydonck in De Morgen op tot een grote kuis, veertien jaar nadat de zaak-Festina een bom onder de wielersport legde. Ik hoop samen met hem hetzelfde, maar voeg er meteen aan toe dat ik er, helaas, niet in geloof. De wielrennerij zal nooit helemaal clean zijn, en is dat ook nooit geweest.

Een schone wielrennerij is een mythe, simpelweg omdat de mens menselijk is en er altijd naar zal streven zijn prestaties te verbeteren om groter te zijn dan anderen en vooral meer geld en roem te vergaren dan anderen. Een dopingvrije wielrennerij is een illusie, omdat er altijd gewetenloze sportdokters en medische experts in het peloton zullen rondwaren die de controles net een stapje voor zijn, en omdat er altijd UCI-controleurs zullen zijn die zich laten omkopen.

Je zou verwachten dat de wielerfans zich, geconfronteerd met zo veel bedrog, afkeren van de wielrennerij, maar ook dat zal niet gebeuren. Mensen hebben nu eenmaal behoefte aan verhalen, zelfs aan leugens, en dat is hoe ik de wielrennerij ben gaan zien toen ik research deed voor mijn laatste roman De seingever, een verhaal waarbij je realiteit en fictie nooit helemaal uit elkaar kunt halen. Maar maakt ook dat de wielrennerij misschien net niet aantrekkelijker? Ik meen zelfs te mogen beweren dat de dopingverhalen voor de gemiddelde wielerliefhebber van koers een nog spannender avonturenroman maken.

Over romans gesproken: ook ik blijf ondanks alles kijken. En misschien om te vermijden dat ik me een goedgelovige en naïeve wielerfan zou voelen, zette ik mijn eigen theorie op poten over wat wielrennen eigenlijk is: geen zuivere realiteit, maar een verhaal dat soms zo veel onwaarheden bevat dat het mythische proporties krijgt. Vandaag kijk ik naar het wielrennen zoals ik een roman zou lezen of naar een film zou kijken, waarbij je op voorhand het geloof opzijlegt dat alles wat gebeurt of wordt verteld waar is, wat men in Engelse literaire termen the suspension of disbelief noemt. Dat is de enige manier waarop ik op dit moment nog van een wielerwedstrijd kan genieten. Omdat de mens mens is, zal wielrennen nooit clean zijn. Maar ook omdat de mens mens is, zal de wielerliefhebber altijd blijven kijken, en zich laten meeslepen door de schone leugen die koers ons te bieden heeft.

Ann De Craemer is schrijver, auteur van Vurige tong en De seingever

Dopingbiecht

Stilletjesaan wordt de wielerfan in mij elke illusie ontnomen. Lange tijd liet men ons geloven dat doping een kwestie was van enkelingen die het spel niet eerlijk speelden. Bedriegers à la Virenque en Vinokoerov werden daarbij met pek en veren beladen en wij konden opnieuw geloven dat de wielersport eerlijker was dan het leven. Mooi.

Toen evenwel steeds duidelijker werd dat het niet zozeer een kwestie was van enkelingen maar veeleer van het hele peloton, werd ons het verhaaltje opgespeld over de gelijke wapens. Nét omdat iedereen pakte, was degene die eerst over de meet reed ook de terechte winnaar. Nog mooier was dat: we waren onze maagdelijke naïviteit kwijt én we hadden weer iets wat op een eerlijke koers leek.

Helaas wordt ook die grond ons nu onder de voeten weggenomen. De zaak-Armstrong toont namelijk aan dat er van die gelijke wapens geen sprake was. De vraag stelt zich immers waarom de grote teams toch altijd weer de beste renners huisvesten: is het omdat ze die renners kunnen betalen of hun doping?

En dan wordt me nu gezegd dat ik moet geloven dat de wielersport écht cleaner is geworden. En dat ik dus weer naar een eerlijke wedstrijd zit te kijken.

Ach, ze zeggen maar. Feit is dat ik zondag gewoon ga kijken naar De Grote Prijs Mario De Clercq. Een Grote Prijs voor een van de grootste dopingzondaars die de veldrijderij heeft gekend, zoiets kan alleen in de wielersport. De eerlijkheid gebiedt me evenwel te zeggen dat ik fan was van Supermario. Zijn verbetenheid en sluwe manier van koersen hielden me week na week aan de buis gekluisterd. Voelde ik me belazerd door De Clercq toen bleek dat hij zijn spul bij dezelfde paardendokter ging halen als Johan Museeuw?

Het spijt me oprecht voor Edwig Van Hooydonck, maar ik moet ontkennend antwoorden.

Gert Goeminne is filosoof aan de universiteiten van Brussel en Gent. En wielerfan

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234