Woensdag 27/01/2021

'Eddy bracht ons allemaal bijeen'

Met Sporza Merckx brengen Radio 1 en Sporza hulde aan Eddy Merckx, jeugddroom op twee wielen. 'Eddy is de enige mens die ik ooit een handtekening heb gevraagd', zegt Guido Belcanto, straks samen met Dimitri Verhulst, Pieter-Jan De Smet en Helmut Lotti op het podium van De Roma.

Loom leunend op een pupiter, als een grenspaal in de zoom van de VRT-Marconistudio geprikt, zegt Dimitri Verhulst: "'t Zal Claudine zijn." Het is de telefoon van dEUS-bassist Alan Gevaert die net heeft gerinkeld, en het zijn Helmut Lotti en Pieter-Jan De Smet die lachen. De muzikanten zijn in volle voorbereiding van Sporza Merckx, maandag in de Antwerpse Roma, en verdwalen als jongetjes in de wondere wereld van Eddy Merckx.

Sporza Merckx graaft in het leven van De Kannibaal, in de geschiedenis van de Tour, in herinneringen van rivalen en kompanen. Naast Merckx zijn ook Lucien Van Impe, Roger De Vlaeminck, Freddy Maertens, Jan Janssen, Patrick Lefevere en Walter Godefroot aangekondigd. Muziek komt er van Guido Belcanto, Helmut Lotti en Pieter-Jan De Smet. Ook schrijver Dimitri Verhulst, die met zijn collectie wielerplaatjes de kiem voor Sporza Merckx legde, schraapt straks de stembanden.

Eerst spreekt hij, omringd door drie zangers, over truitjes als schimmelkaas, de openbaarheid van de strijdperken en een caravan in Nieuwpoort.

"Als kind was ik een supporter van Eddy Merckx. Onmiddellijk na de tv-uitzending trok ik mijn Molteni-truitje aan en speelde zelf Ronde van Frankrijk."

(Serge Baguet, in 'Gazet van Antwerpen', 9 juli 2003)

De Smet: "Wie niet?! Na elke koers sprong ik op mijn fiets, reed rond de blok, en sprintte tot aan de aankomst, een lantaarnpaal op de hoek. Altijd tegen mezelf, altijd winnen."

Verhulst: "En altijd omkijken of er een auto op komst is en voor die auto aan de lantaarnpaal proberen te zijn."

De Smet: "En zeker niet de handen in de lucht gooien voor ik aan de lantaarnpaal was, want erna was er een korte bocht en moest ik heel erg opletten."

Belcanto: "Ik heb dat nog, dat jongensgevoel. Als ik op een col fiets, wil ik Pantani zijn."

Verhulst: "Ik heb lange tijd in Koewacht gewoond en als ik ging fietsen passeerde ik vaak in Kemzeke, waar Eddy Merckx in een kermiskoers van kust-mijn-kloten zijn carrière heeft beëindigd. Toen dacht ik altijd: 'Voilà, hier is Eddy Merckx gestopt, maar ik rij door.' (lacht) Maar mijn verste koersherinnering is Lucien Van Impe in '76. Het na-Tourcriterium van Aalst."

De Smet: "Ik was keiharde fan van Freddy Maertens, maar Van Impe won de Tour en ik kreeg van mijn grootouders die in Erpe-Mere woonden een van zijn T-shirts. Een huizenhoog probleem. Uiteindelijk ben ik in het T-shirt naar school geweest, maar later heb ik me bij Maertens verontschuldigd. 'Het spijt me, Freddy, maar ik ben je ontrouw geweest.'"

Lotti: "Ik heb helaas geen bewegende herinneringen aan Merckx, heel spijtig. De eerste koers die ik bewust gezien heb, was de Ronde van Vlaanderen van 1980. Michel Pollentier wint in de sprint van Moser en Raes."

Belcanto: "Merckx is de enige mens die ik ooit een handtekening heb gevraagd. Tijdens de zesdaagse in het Sportpaleis van Antwerpen, waar hij samen met Patrick Sercu een onklopbaar duo vormde. Ik weet ook nog heel goed waar ik was toen Merckx zijn eerste Tour won: in een caravan op een camping in Nieuwpoort. Ik zat op de schouders van mijn vader, en ik voelde me plots heel fier om Belg te zijn. Om een landgenoot van Eddy Merckx te zijn. Fantastisch. Hij bracht ons allemaal bijeen, net zoals koning Boudewijn. Zo iemand zouden we nog eens moeten hebben, eigenlijk."

"Als de koers op haar best is, is ze stil. Als je fiets optimaal functioneert, hoor je hem niet. En als je zelf in goede conditie bent, ben je ook stil. Je glijdt gewoon. Misschien hier en daar een klein pufje."

(Kraftwerk -bezieler Ralf Hutter, in een zeldzaam interview)

De Smet: "Ralf Hutter heeft gelijk. Het geluid van een ratelende ketting als je lang op het jaagpad hebt gereden en dan een bocht onder een brug neemt: heerlijk. Of het geritsel van een passerend peloton: zo mooi."

Verhulst: "Ik heb er eens ingezeten, in zo'n peloton. In een wedstrijd ter ere van Philippe Gilbert. Normaal rij ik niet graag in groep, maar ik wou het fameuze gevoel van in een peloton te rijden eens aan den lijve ondervinden. Man, ik heb in mijn broek gedaan van schrik. Twee nachten heb ik ervan gedroomd. Maar ja, koers is de Bijbel voor ongelovigen."

Belcanto: "De koers is toch heel katholiek, vind ik. Het heeft een romantiek die veel muzikanten ook aanspreekt. Meer dan voetbal, want in de koers heb je veel meer het lijden van het individu. Een echte renner is bereid om te sterven op de fiets. Geen enkele sport heeft ook zo veel tragische figuren voortgebracht als de koers."

Lotti: "Een wielrenner moet onbevreesd zijn. Rücksichtslos."

Belcanto: "Wanneer ik zelf fiets, op een col vooral, krijg ik ook heel veel inspiratie. Als ik strop zit met een song, ga ik fietsen. Dan komen de woorden plots vanzelf. Fietsen is al jarenlang mijn manier om tot schrijven te komen."

De Smet: "Met een fiets rij je op een heel natuurlijke snelheid, trager dan een auto maar sneller dan te voet. Plus de wind die rond je kop waait, en het landschap dat op een organische manier voortdurend verandert. Dat werkt heel goed op de kop. En dan rij je inderdaad best alleen."

"Esthetiek is een zwaar onderschatte verklaring voor de blijvende aantrekkingskracht van wielrennen. (...) Weinig design kan tippen aan het startvlagmotief van een Peugeot-trui of aan het blauw-witte zebraontwerp van Atala (Urs Freuler! Met snor!). Het is onbegrijpelijk dat de meeste ploegen vandaag hun renners in fletse, inwisselbare tenues stoppen."

(Bart Eeckhout in 'De Morgen', 28 maart 2013)

Verhulst: "Het gaat juist weer de goede kant op met de truitjes, vind ik. Het is niet meer zoals in de jaren negentig waar de renners van Mapei in een schimmelkaas zaten."

De Smet: "De helmen van tegenwoordig zijn wel maar bloempotten."

Belcanto: "Ik ben heel blij dat ik Pantani nog zonder helm heb zien rijden. Zo kon je zijn prachtige kop tenminste zien. Maar vroeger waren de truitjes natuurlijk mooier, omdat renners maar voor één merk reden. Zelfs op hun gat hebben ze nu reclame."

Lotti: "De fietsen zien er tegenwoordig allemaal als Japans speelgoed uit. Maar ik vind wel dat wielrenners nu veel mooier op hun fiets zitten dan vroeger. Cancellara, dat is kunst. Al blijft Miguel Indurain voor mij de mooiste coureur aller tijden."

De Smet: "Het truitje van Fausto Coppi vind ik het allermooiste ooit. Dat hemelsblauw, zo ontzettend schoon."

Belcanto: "Ik heb het geluk thuis zo'n Bianchi-fiets te hebben, gekregen van Marco Pantani. Daar rijd ik graag mee rond. Ik wil de wereld verfraaien, en dan is zo'n oude fiets nog steeds veel schoner."

Verhulst: "Ik vind die nieuwe fietsen nochtans niet lelijk, Guido. Naar de truien ben ik nostalgisch, maar bij de moderne fietsen zitten veel 'schoontjes'. Die ovalen tandwielen bijvoorbeeld: echt schoon."

Belcanto: "De fiets is de schoonste uitvinding aller tijden."

Verhulst: "En de pil, natuurlijk (lacht)."

De Smet: "Bij de start van een koers staan er ook altijd evenveel mensen naar de fietsen te kijken als naar de renners. Dat is zo geweldig aan het wielrennen: dat het nog steeds zo toegankelijk is voor het publiek. Ga naar de start van de Omloop in Gent en je kunt de fiets van Tom Boonen zo aanraken. Dat blinkende materiaal, daar gaat zo'n magie van uit."

Belcanto: "De ultieme charme van koers is volgens mij dat het zich op de openbare weg afspeelt. Ze komen voorbij je deur, de helden. Dichter kan een sport niet bij het volk staan. Het ligt ook in het bereik van de mensen. Niet iedereen kan polsstokspringen maar iedereen kan wel fietsen. We kunnen ook allemaal op de Galibier gaan rijden, of op de Muur. Het mag."

De Smet: "De strijdperken zijn nog altijd openbaar terrein."

Sporza Merckx, maandagavond in De Roma in Antwerpen. Alle tickets zijn de deur uit, maar Radio 1 zendt het evenement vanaf 20u live uit. Ruth Joos, Christophe Vandegoor en Carl Berteele presenteren, Ward Bogaert zorgt voor impressies achteraf.

De mooiste wielerplek van...

Pieter-Jan De Smet

"De Tourmalet. De enige col die ik ooit heb beklommen. Ik ben huilend boven gekomen, ontroerd dat het mij gelukt was. En de Vlaamse Ardennen natuurlijk, waar ik ongeveer elke kassei ken omdat ik er opgegroeid ben."

Dimitri Verhulst

"De Muur van Hoei. Bij de Waalse Pijl rijden de vrouwen net voor de mannen over de Muur: dat is een rijdende pornofilm aan gekreun om boven te geraken. En daarna komen de mannen, die met het grootste gemak naar boven rijden."

Guido Belcanto

"De Stelvio. Mijn meest indrukwekkende klim-ervaring ooit. 2.700 meter hoog, er ligt dus altijd sneeuw. Als je bovenkomt, heb je bijna drie uur geklommen. De Mortirolo is ook ongelooflijk mooi, maar dat is nog meer afzien."

Helmut Lotti

"De Muur van Geraardsbergen. Als kind ben ik er nog met de landkaart naar op zoek gegaan, en sindsdien ben ik er honderden keren overgereden. Een heel speciale plek."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234