Vrijdag 20/05/2022

Dynamiek! Energie! Negers! Clichés!

BRUSSEL

Het is niet stil in Le siècle du jazz, of wat dacht u? Overal klinkt jazzmuziek en dat moet ook. Want platenhoezen, foto’s , schilderijen en (teken)films volstaan uiteraard niet om de dynamiek, energie en eigenheid van de muziek over te brengen. De jazz en zijn geschiedenis mogen dan het uitgangspunt en de ruggengraat zijn, de expoLe siècle du jazz biedt veel plezier voor oog en oor.

Jazz is een al bij al jonge muziekvorm. In 1913 omschrijft een Amerikaanse journalist het verschijnsel ‘jass’ in zijn artikel ‘A Futurist Word Has Just Joined the Language’ jazz als ‘leven’, ‘kracht’, ‘energie’, ‘vitaliteit’ en ‘vreugde’. Vier jaar later, in 1917, wordt voor het eerst jazz op de plaat gezet. The Original Dixieland Jazz Band, overigens een integraal blank orkest, neemt twee liedjes op voor het ‘Jass’-label. 1917 is ook om een tweede reden belangrijk. Dat jaar wordt Storyville gesloten, de hoerenwijk van New Orleans. Doordat de huizen van vertier dichtgaan (er zouden toentertijd zo’n 2.000 geregistreerde prostituees zijn geweest), samen met een groot aantal ‘dance halls’ verliezen veel zwarte jazzmuzikanten hun baan. Ze wijken uit naar noordelijker steden zoals Chicago en New York. De jazzdisapora is een feit.Maar eigenlijk liggen de roots van de jazz vóór 1917. Fenomenen zoals gospel en ragtime, minstrel songs en blues, dixieland en de cakewalk tonen aan dat er al enkele tientallen jaren van alles aan het gisten was in het zuiden van de VS. Maar wat de invloed van die diverse genres op de jazz is? De toeschouwer heeft er het raden naar.Le siècle du jazz opent met een reeks prenten van de cakewalk, een dans die meteen populair werd onder meer in de Parijse Salons, maar ook op misprijzen mocht rekenen. Een illustratie uit 1902 gebruikt de cakewalk om in een soort darwinistische spotprent aan te tonen dat zij die de dans uitvoeren - in de eerste plaats de ‘negers’ en de modieuze blanken die hen imiteren - eigenlijk van de apen afstammen.

Tweede Wereldoorlog

Opvallend is trouwens dat in de beginperiode van de jazz de zwarte muzikanten, zangers, dansers en danseressen karikaturaal worden uitgebeeld met obligaat kroeshaar of glanzend kale knikkers, rollende ogen en dikke rode lippen. Daarbij lachen ze breed, onafgebroken. Het is jammer dat de expo nauwelijks stilstaat bij de verhoudingen tussen blank en zwart, en bij de schrijnende segregatie die tot ver na de Tweede Wereldoorlog standhoudt. Dat blijkt bijvoorbeeld uit een grote affiche voor de film New Orleans (1947), waar alleen blanken op figureren en trompettist Louis Armstrong noch zangeres Billie Holiday te zien is. De expo toont her en der foto’s van gruwelijke lynchpartijen, waarbij zwarten zonder vorm van proces worden opgehangen, maar geeft verder niet de minste duiding.De expositie toont ons wel uitvoerig hoe de jazz al snel allerlei kunstenaars in zijn greep krijgt. In 1905 tekent Pablo Picasso Une très belle danse barbare, in 1919 componeert Eric Satie een Rag-Time Parade en in 1920 speelt schrijver Jean Cocteau in Parijs jazz bij de opening van een tentoonstelling van Picabia. Wat jazz toen echt moet hebben betekend kunnen we opmaken uit een gravure van ene James Blanding Sloan: uit een jazzpiano stijgt een rode droomnevel op waarin een man en een vrouw heftig het liefdesspel bedrijven. Jazz is energie is oerritme is buikgevoel is seks. Dat blijkt ook uit een fragment van de film l’Aurore van regisseur F.W. Murnau, waarin een stadsmeisje een man van het platteland verleidt om naar de stad te komen: na een opwindend visioen vol jazzmuziek gooien ze zich extatisch in elkaars armen. Ook de schilderijen, tekeningen en films gewijd aan de zwarte danssensatie van de jaren twintig, Josephine Baker, geven datzelfde gevoel: ‘de zwarte parel’ of ‘de bronzen godin’ belichaamde opzwepende erotiek en seksuele zwoelheid.De Tweede Wereldoorlog is in meer dan één opzicht een kantelmoment. De kunst die Le siècle du jazz toont, wordt minder registrerend en meer uitbeeldend. Jazz wordt een gevoel dat de kunstenaar bekruipt en in de kunst direct wordt uitgedrukt. De bebop zou een directe invloed hebben gehad op de abstracte dripping-schilderijen van Jackson Pollock. Improvisatie, een van de essentiële onderdelen van de jazz, beïnvloedde dan weer oude meester Henri Matisse in zijn kleurrijkeEen ontdekking is de abstracte animatiefilm Begone Dull Care. In 1949 probeerden Norman McLaren en Evelyn Lambart met plezier en precisie de geest van de jazz vast te leggen door op muziek van het Oscar Peterson Trio kleuren direct op een filmstrook aan te brengen. Ze gebruikten daarvoor diverse soorten kwasten, spuitbussen, papier en textiel. De film is een voorbijschietend, abstract schilderij, een experiment dat muziek probeert te vatten in kleur en vorm.Tegelijk wordt jazz in de jaren vijftig en zestig salonfähiger: Playboy besteedt er aandacht aan, jazzgrootheden als (de blanke) Dave Brubeck en later ook Thelonious Monk en Aretha Franklin halen de cover van het Amerikaanse magazine Time. Hoezen van jazzplaten, vooral van het label Blue Note, worden een kunstvorm op zich (met ontwerpers zoals Andy Warhol, Reid Miles en David Stone Martin), evenals affiches voor jazzfestivals (Keith Haring) en de zwart-witfoto’s van jazzgrootheden door fotografen zoals William Claxton, Lee Friedlander en Carl van Vechten.

Eerste wereldmuziek

De laatste decennia wordt de band tussen jazz en kunst dan weer veel losser. De expositie eindigt nog wel met twee grote werken (een schitterende foto van Jeff Wall en de installatie Chasing the Blue Train van David Hammons), maar toch kun je er niet omheen dat de magie grotendeels uitgewerkt is. Vermoedelijk komt dat deels door het feit dat de jazz zich meer en meer teruggetrokken heeft en een tijdlang cerebraler en experimenteler was. De periode van de immens populaire swing ligt ver achter ons.Jazz was aan het begin van de twintigsteToch is de balans positief. Op zich is het al een opmerkelijke verwezenlijking dat het nog jonge maar prestigieuze musée du quai Branly - een wereldculturenmuseum - zoveel aandacht besteedt aan jazz, zijn invloed op muziek, kunst, leven en denken.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234