Donderdag 20/02/2020

Duurzaam, duurzamer, duurzaamst

Duurzaamheid is een brandende kwestie, ook - en vooral - in de bouwwereld. Maar wat houdt het woord nog in? Het Brusselse onderzoekscollectief Rotor houdt de kwestie tegen het licht op de architectuurtriënnale van Oslo.

Het VN-rapport 'Our Common Future' ontstak in 1987 al het heilige vuur van de duurzame ontwikkeling, versta: "ontwikkeling die beantwoordt aan de noden van het heden zonder de kansen van toekomstige generaties om hun eigen noden te vervullen te hypothekeren". Onder architecten is het thema zo 'hot' dat de architectuurtriënnale van Oslo er haar vijfde editie aan wou wijden. Ze lanceerde een internationale call for projects. Het Brusselse bureau Rotor haalde die binnen. Het resultaat is vanaf dit weekend te zien.

Dit internationaal onderzoekscollectief, opgericht in 2005, is niet aan zijn proefstuk toe. Naast studies naar bouwafvalstromen in het Brussels Gewest waren zij ook curator van de Belgische inzending voor de architectuurbiënnale van Venetië in 2010.

Toch is het opmerkelijk dat Rotor gekozen werd voor de architectuurtriënnale. Rotor neemt in de soms verhitte debatten immers geen positie in. Toch niet rechtstreeks. Het VN-rapport uit 1987 wilde doelbewust een gedeeld streven voor de hele planeet definiëren. Met succes. Iedereen onderschrijft het. In de praktijk blijkt iedereen het woord echter anders in te vullen. De ene architect oordeelt dat we niets meer mogen bouwen, de andere dat we net heel veel moeten bouwen, maar dan 'anders'.

Geen wonder. Wat zijn 'noden' immers? Hoe moeten we de toekomst ervan denken? Wat is daartoe vereist? Bij gebrek aan een antwoord kozen curatoren Lionel Devlieger en Maarten Gielen voor een quasi antropologische aanpak. Een time-out noemen ze dat zelf. Rondkijken wat allemaal voor duurzaam doorgaat en wat dat betekent.

Uit duizenden objecten met het label 'duurzaam' selecteerden ze er zo'n 600 tijdens castingsessies. Ze discussieerden er met cocuratoren Livia Cahn en Giulia Caterina Verga over hoe representatief een object, maquette of advertentie was voor een of andere opvatting over duurzaamheid. Resultaat: een wonderlijke collectie maquettes, meubels, materialen, tekeningen en folders.

Die clusterden ze rond een aantal thema's. Ze staan te kijk op lage tafels, die in groepjes opgesteld staan. De thema's snijden de vraag wat 'echt duurzaam' is enigszins zijdelings aan. 'Co-housing', een vast nummer onder architecten, wordt zo niet uitgespit omdat dat alleen een extra tentoonstelling zou vergen. Maar 'het gazon' blijkt wel weer een thema waar zowel beroemde verdichtingsprojecten als een voorstel voor 'zuinige grassoorten' in passen.

Ook schoonheid, een begrip zo ouderwets dat het weer duurzaam kon zijn, heeft zijn plek. Architecten als Baumschlager & Eberle uit Zwitserland, tonen er de maquette van het nieuwe hospitaal in Kortrijk. Dat noemen zij duurzaam omdat de constructie zo mooi maar ook zo flexibel is dat men ze altijd kan hergebruiken.

Tussen al die prestigieuze architectuur dropte Rotor kwansuis ook andere dingen. Een set Playmobil-figuurtjes die een huisvuilophaling voorstellen. Een autonummerplaat uit Montana die fier de sustainable communities in die staat aanprijst. Zo besef je dat het 'duurzaamheids-ideaal' onderhand overal, en van jongs af aan ingeprent wordt.

Een advertentie uit de jaren 1980 voor isolatieplaten bewijst hoe recent dat is. Die heeft het immers over meer comfort, in plaats van meer duurzaamheid. Een patentaanvraag voor een duurzaam bouwsysteem suggereert dan weer dat duurzaamheid ook big business werd. Zo'n presentatie is minder argeloos of neutraal dan het lijkt. Druppelsgewijs voert Rotor bewijsstukken aan voor de conclusie dat duurzaamheid, ondanks de vaagheid van het begrip (of net daarom) ongemerkt (en onbedoeld) de titel 'ideologie van de 21ste eeuw' kan opeisen. Maar klopt dat wel?

Hercule Poirot

Duurzaamheid, zo ontdekten ze bij Rotor, is een 'tweede moderniteit'. Die deelt met de eerste, de wereld tot ca. 1980, een ongebreideld geloof in vooruitgang. Technologie en wetenschap zullen de problemen onderweg tackelen. Maar vanaf nu wel zonder stinkende fabrieken.

Het grote verschil is dat die tweede moderniteit lak heeft aan ideologie. Duurzaamheid wordt niet als een ideologie, maar als een morele noodzaak begrepen. De noodzaak zit in de vrees voor het overleven van de planeet. De moraal krijg je mee als het over 'toekomstige generaties' gaat. Daar valt niet over te bikkelen. Tot je de tentoonstelling ziet.

Toch doet Rotor niet aan doemdenken. Het zijn speurders, maar dan genre Poirot : de harde waarheid wordt langs de neus weg geserveerd, tijdens een waar architectuurfeest, met maquettes van de 'fine fleur' van de hedendaagse architecten, van Snøhetta over Frank Gehry tot OMA of Norman Foster. Zo blijkt alvast dat het schip aarde, mocht het toch ten onder gaan, dat in stijl zal doen.

Architectuurtriënnale Oslo, tot 1/12.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234