Zaterdag 28/11/2020

Drie generaties beleven eeuw scouts

Dit weekend stromen scouts- en gidsenleid(st)ers van over heel België naar de Hoge Rielen in Kasterlee. Scouting viert immers wereldwijd zijn honderdste verjaardag.

Door Sofie Vanden Bossche

Brussel l Al generaties lang spenderen jongeren hun zondagmiddagen met de jeugdbeweging, ook bij de familie Vangenechten. Karel (67), Anne (40) en Robbe (14) en Ianthe (12) vertellen over wat scouts betekent voor hen en hun generatie.

"Op een dag in het jaar 1946 stonden er mensen van de scouts voor onze deur. Of we niet bij de scouts wilden komen, vroegen ze. Het was meteen beklonken. We schreven ons alle vijf in", zegt Karel. Er ligt een verkleurde foto op tafel van hem met zijn broer en drie zussen, allemaal in scoutsuniform. Daar begint de scoutsgeschiedenis van de familie Vangenechten.

Zijn drie dochters en zoon zouden allemaal naar die jeugdbeweging gaan, en zo ook Robbe en Ianthe, de kinderen van zijn dochter Anne.

Geen wonder dat deze familie de scouts in zich draagt. "Of ik een andere mens geweest zou zijn zonder de scouts kan ik natuurlijk niet weten", zegt Karel. "Maar het zal me toch voor een stuk gemaakt hebben tot wie ik nu ben. We maakten plezier, maar het was meer dan dat. We moesten de handen uit de mouwen steken en leerden vaardigheden als sjorren en EHBO. Ik heb er de drive opgedaan om me nuttig te maken. Verantwoordelijkheid voor nieuwe en jonge groepsleden was heel belangrijk in de patrouilles. Ik heb er geleerd over sociale contacten en over leiderschap, over het mooie van de natuur. Kortom: om alles mooier en beter te maken, een idee dat toen sterk leefde bij de scouts."

Door hem kwamen zijn vier kinderen in de scouts terecht. "Ik heb me er heel goed geamuseerd met vriendinnen, echt lol gehad", zegt Anne. "Maar ik heb er ook veel sociale vaardigheden onder de knie gekregen, praten bijvoorbeeld. Niet gewoon kletsen, maar diepgaande gesprekken voeren. Ik heb er leren mijn mening te formuleren. En - maar dat moet je misschien niet opschrijven - leren drinken", lacht ze.

En door haar gaan nu ook Robbe en Ianthe naar de scouts. "Ik heb er wel achter gezeten dat ze naar de scouts gingen" zegt ze. "Ik vind het belangrijk dat ze met veel mensen leren omgaan en veel buiten zijn. Soms moet ik hen verplichten om te gaan, maar ze komen stilaan op de leeftijd dat ze het zelf graag willen."

Karel ziet de generaties na hem dus even graag naar de jeugdbeweging gaan als hijzelf. "Ik ben zeker blij dat mijn kleinkinderen naar de scouts gaan, maar vooral dat ze zich actief inzetten in de maatschappij. Of dat nu gebeurt in een sportclub of een jeugdbeweging maakt me eigenlijk niet zoveel uit."

Inzet is een woord dat steeds terugkomt als hij praat. Zijn familie is dan ook een geëngageerde familie. "We kunnen het gewoon niet laten", lacht Anne. "We zijn allemaal wel met iets bezig. Ik engageer me bijvoorbeeld in de handbalploeg, op school en in de wijk en mijn broer Johan zet zich in voor vluchtelingen. Maar als je vraagt of dat komt door de scouts kan ik daar niet gewoon ja op antwoorden. Waarschijnlijk werden we ook tot die jeugdbeweging aangetrokken omdat al die dingen al in ons zaten", vindt Anne.

Ondanks de drie generaties scouts in deze familie gaan de kinderen van Annes broer Johan naar de Chiro. "De overlopers", lacht Anne. Ligt dat gevoelig? "Maar neen, er is geen scouts bij hen in de buurt, daarom gaan ze naar de Chiro. Ik zou het raar vinden als mijn kinderen naar de Chiro zouden gaan, maar niet meer dan dat. Als ik kan kiezen, kies ik voor de scouts."

Ianthe neemt het zelfs op voor de Chiro. "Op een dag gingen we wandelen in een bos, maar ik had net op de radio gehoord dat dat gevaarlijk was door het slechte weer. 'Als je binnen wilt zitten, moet je naar de Chiro gaan', antwoordde de leiding toen ik er iets van zei. Dat vond ik er toch wel echt over."

Karel haalt zijn scoutshoed boven voor de foto. Zelfs de manier waarop die gedeukt wordt, wordt bepaald door je positie binnen de scouts. Hij heeft ook nog zijn oude riem gevonden. "Opa, dat is echt wel oud", zegt Ianthe met een verbaasde lach. 'Boy Scouts, be prepared', staat er op de verweerde gesp. "Dat wil zeggen, wees paraat, maar ook: wees bereid", legt Karel uit. Het uniform dat hij moest dragen en gekeurd werd tijdens een schouwing is niet te vergelijken met dat van zijn kleinkinderen. Robbe heeft zelfs principieel iets tegen de knopen van zijn hemd. Hoe losser, hoe liever.

Maar dat is niet het enige vlak waarop de scouts in de loop van de jaren is veranderd. "Wij moesten een gelofte afleggen", herinnert Karel zich. "Ten eerste: trouw aan God, de koning en het vaderland. Ten tweede: helpen waar we kunnen. En ten derde: gehoorzaamheid aan de scoutswet. Wij moesten marcheren en in het gelid lopen. Samen zingen." Hij heft een strofe aan. "Prachtig was dat. Maar dat was de tijdgeest van toen. Vlaggen, trompetten en liederen. We moesten strijdliederen zingen, maar tegen wat moesten wij in godsnaam strijden?", zegt hij.

Karel zat net geen twintig jaar in de scouts. Van zijn zevende tot zijn zesentwintigste, tussen 1946 en 1965. Een jaar later werd zijn oudste dochter geboren. Zij beleefde de scouts in de jaren zeventig, een periode van verandering. "Ik heb de laatste restjes van de scouts zoals mijn vader die kende nog meegemaakt", vertelt Anne. "Ik herinner me nog het liedboek De schalmei. De vlag heisen en groeten werd afgeschaft terwijl ik in de scouts zat. Het jaar nadat ik ermee stopte, werd de scouts gemengd."

"Ik zag wel dat er een aantal dingen op losse schroeven kwam te staan toen onze kinderen naar de scouts gingen", bevestigt Karel. "Soms vroeg ik me af wat er gebeurde. Op kamp gingen ze niet meer naar de mis - 'Dat vond ik niet zo erg', lacht Anne stilletjes -, de overgang naar de gemengde scouts gebeurde niet zo goed, enzovoort."

Ook Anne ziet dat het er voor haar kroost anders toegaat. "Dat is toch niet meer dan normaal", zegt ze, "alles gaat mee met zijn tijd. Het enige wat me een beetje stoort, is dat scouts niet alleen plezant moet zijn, maar dat dat wel steeds meer het geval is. Ze leren minder, zoals sjorren en morse." "Wat, morse?", vraagt Ianthe. "Zie je wel", zegt haar mama.

"Maar ze zijn deze zomer stralend van geluk teruggekomen van het kamp", zegt Anne over haar kinderen. Moesten ze dan niet vroeg opstaan en zo? "Nee hoor. Tijdens mijn eerste kampen wel, maar tegenwoordig mogen we uitslapen", zegt Ianthe, die aan haar zesde jaar scouts zal beginnen. "We slapen tot ongeveer halftien, tien uur, en iedereen moet niet tegelijk gaan ontbijten." Kampen vinden Robbe en Ianthe zalig. "En volgend jaar wordt het nog leuker, want dan mogen we iemand totemen!", zeggen ze enthousiast.

Hun verhalen verschillen, maar toch: als je hen naar de essentie van de scouts vraagt, ligt die in dezelfde lijn. "Sociale dienstbaarheid", zegt Karel. "Sociale vaardigheden", vindt Anne. Al trekken Robbe en Ianthe voorlopig hun wenkbrauwen op bij zoveel dure woorden. "Gewoon, lol en plezier...?"

Karel:

De scouts, dat is sociale dienstbaarheid

Robbe en Ianthe:

Of gewoon lol en plezier

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234