Maandag 21/10/2019

Wielrennen

Drie ex-toprenners over Lotto-Soudal: “Wellens is een echte winnaar, Benoot niet”

Sonny (L), Tim Wellens (C) en Tiesj Benoot (R). Beeld BELGA

Lotto-Soudal kon in 2018 eindelijk nog eens scoren in het klassieke voorjaar. Wat mogen we dit seizoen verwachten van Tiesj Benoot, Tim Wellens en nieuwkomer Caleb Ewan? En is de ploeg in de breedte wel sterk genoeg? Drie ex-toprenners evalueren het Belgische WorldTour-team.

1. Johan Museeuw

"Ik ben vooral benieuwd naar Tim Wellens. In principe is hij een man voor de Ardennen-klassiekers, maar ik kijk uit naar wat hij zaterdag al kan in de Omloop, zeker met de conditie die hij nu heeft. Ik vind Wellens een onderschatte coureur. In het bergop wegrijden is hij top vijf van de wereld, bijna van het niveau-Valverde. De logische volgende stap in zijn carrière is dat hij nu ook meedoet voor winst in de grote klassiekers. Het speciale aan Wellens is dat hij een echte winnaar is, daarvan heeft België er niet veel. Vreemd dat zijn status hier nog niet groter is.

"Tiesj Benoot zal nooit een grote winnaar worden, al won hij vorig jaar de Strade Bianche op een grote manier. Ik had de indruk dat Benoot daar al zijn piek had en nadien conditioneel wat wegzakte. Hopelijk heeft hij daar iets uit geleerd. Benoot is geen renner die zelf de koers in een plooi legt, maar als de wedstrijd goed verloopt, maakt hij kans, ook in de grootste koersen. Hij moet wel alleen aankomen of in een klein groepje zonder snelle mannen, maar hoe vaak gebeurt dat? Nu klink ik misschien negatief, dat is niet de bedoeling. Benoot verdient krediet.

Bij Lotto-Soudal zijn alle ogen gericht op Tiesj Benoot, Tim Wellens en sprinter Caleb Ewan. Beeld Photo News

"Milaan-Sanremo blijft een loterij, maar Caleb Ewan gaat meedoen voor winst. Hij was vorig jaar al tweede, in principe moet je dan elke keer over de Poggio geraken. Lotto maakt meer kans met hem dan vroeger met Greipel, die minder vlot omhoog ging. Wat kan Ewan nog? De Scheldeprijs en Gent-Wevelgem winnen. De Cipressa en Poggio zijn lastiger dan de Kemmelberg.

"Lotto-Soudal heeft een goed middenveld. De vraag is wie de stap kan zetten naar het kopmanschap, zoals Lampaert bij Deceuninck-QuickStep. Eigenlijk zie ik maar één iemand: Keukeleire. Hij heeft de kwaliteiten om vijf koersen per jaar te winnen, minstens. Helaas is hij te braaf.

"Voor de rest heeft Lotto geen renners uit de tweede lijn die je week na week in de finale van de grote klassiekers verwacht. Wallays heeft als vrijbuiter in het verleden getoond dat hij koersen kan winnen, maar hij zal altijd geluk nodig hebben. Van der Sande is polyvalent, maar zijn motor is niet groot genoeg. De Buyst hoort in de categorie van Dwars door Vlaanderen.

"Toen Maes nog bij Lefevere reed, zag ik hem dingen doen die ik nu niet meer zie. Werd hij omhooggetrokken door het succes van de kopmannen? Sowieso zou ik wat meer spirit bij Lotto willen zien, wat meer winnaarsmentaliteit. Lefevere verstaat de kunst om zijn renners te prikkelen. Bij Lotto is het allemaal wat gemoedelijker."

2. Peter Van Petegem

"In Gent-Wevelgem hangt het af van de weersomstandigheden en het koersverloop. Dus zie ik, los van de Scheldeprijs, maar één haalbare kaart voor Ewan in het voorjaar: Milaan-Sanremo. Elke pure sprinter met een beetje conditie en positioneringsvermogen moet Cipressa en Poggio kunnen overleven en op de Via Roma kunnen meespelen voor de zege. Probleem is dat er de laatste jaren wel af en toe eens een paar door de mazen van het net glippen: Kwiatkowski, Sagan en Alaphilippe in 2017, Nibali vorig jaar nog. Toch maakt Lotto met Ewan misschien wel de grootste kans in twintig jaar om de Primavera nog eens te winnen. Groter dan ze ooit is geweest met Greipel.

"Wellens is een renner die makkelijk zijn koersen wint. Makkelijker dan Benoot. Als hij zich ergens 100 procent op toelegt, is het meestal raak. Een grote klassieker binnenrijven moet op zijn 27ste de volgende stap zijn. Zijn oogstjaren komen eraan. Wellens is superexplosief, wat me doet vermoeden dat hij ook in de Vlaamse koersen het verschil moet kunnen maken. Op voorwaarde dat hij een sterke ploeg in dienst krijgt.

"Winst in de Strade Bianche was voor Benoot een mooie aanzet, maar hij droomt van meer. Benoot heeft het voordeel dat hij niet veel wedstrijdritme nodig heeft om goed te zijn, maar dan weer het nadeel dat hij geknipt is voor zowel het Vlaamse als het Waalse werk en dus moet kiezen. Toch kan de trein nu vertrokken zijn. Kijk naar Van Avermaet. Hij heeft er lang over gedaan, maar is uiteindelijk toch een winnaar geworden.

"Tuurlijk kunnen jongens als Keukeleire, Wallays en De Buyst een semiklassieker winnen. Maar liever zie ik ze vol achter hun kopmannen staan. Opstaan, de koers zélf in handen nemen en hard maken, het spel op de kant trekken, eens iets dúrven doen kortom. Alleen zo kun je dat blok van Deceuninck-QuickStep ontwrichten. Ik maakte het destijds zelf mee bij TVM, met Mapei. 'Je moet er niet achter koersen maar naast', zei ik tegen mijn ploegmaats. Wat ik bedoel: maak eens een vuist, mannen.

"Persoonlijk ben ik er geen voorstander van om pionnen vooruit te sturen. Tenzij er een groep van twintig vertrekt, of in de vroege vlucht van Parijs-Roubaix omdat die altijd wel kans op slagen heeft. Keukeleire, bijvoorbeeld, moet Benoot en Wellens op het geschikte moment mee naar voren loodsen en afzetten. Dat is zijn taak.

Jens Keukeleire (L), Jelle Vanendert (C) en Tiesj Benoot (R). Beeld Photo News

"Bij het collectief wringt het de laatste jaren. Je kunt je terecht afvragen of de ploeg in zijn geheel wel sterk genoeg is en er de juiste ingesteldheid op nahoudt. De ketting moet strak en gestroomlijnd lopen, er mag geen schakel ontbreken of haperen. Ik stel vast dat Benoot en Wellens er in de finales te vaak alleen voor staan. Dan krijg je situaties zoals twee jaar geleden in de Ronde van Vlaanderen, dat Benoot plots lekrijdt en er geen kat in de buurt is om de zaak recht te trekken.

"Het wapen van Lefeveres troepen is een duidelijke lijn en hiërarchie. Die moet er ook bij Lotto zijn. Wat toch deels de verantwoordelijkheid is van de kopmannen. Benoot en Wellens zijn lieve jongens, maar ze mogen gerust eens vaker op tafel slaan. 'Wij rijden om te winnen en zien het zo en niet anders.'"

3. Nico Mattan

"In Milaan-Sanremo is Ewan altijd kanshebber. Ik acht hem zelfs in staat om de capi bij de eerste dertig te ronden. Voorts zie ik niet zoveel mogelijkheden. Kuurne-Brussel-Kuurne in prima weersomstandigheden, dat wel. Maar hij is er niet bij in het Vlaams openingsweekend. Voor Gent-Wevelgem en andere Vlaamse klassiekers mist hij parcourservaring. Die jongen is het nog niet gewend om over nijdige hellingen en bonkige kasseien te koersen. Waar ligt de Taaienberg? De Berendries? De Kwaremont? Dat weet hij allemaal niet. In Vlaanderen moet je blind je weg kunnen vinden en weten waar en wanneer je precies vooraan moet zitten.

"Benoot heeft die knowhow natuurlijk wel. Hij is de enige die kan schitteren in het Vlaamse werk. Dan heb ik het over top vijf, het podium in het beste geval. Winnen? Daar heb ik mijn twijfels bij. Alles zal dan echt moeten meezitten. Ik vind Benoot niet altijd even verstandig koersen. De dominantie van een authentiek flandrien-team als Deceuninck-QuickStep maakt het hem uiteraard ook niet makkelijk. Probeer maar eens uit die omknelling te geraken. Altijd zullen er twee, drie handlangers van Gilbert, Lampaert en Stybar aan zijn veren plakken.

Beeld Photo News

"Benoot heeft niet het profiel van de typische klassieke kasseicoureur à la Boonen of Museeuw. Hij is tevens een goede klimmer. Of hij met die skills de Waalse Pijl of Luik-Bastenaken-Luik naar zijn hand kan zetten, tegen Valverde en Alaphilippe? Ook dat wordt lastig.

"In de Ardennen zou ik eerder mijn geld zetten op Wellens. Op zijn favoriete terrein behoort hij tot de wereldtop. Wellens zal op zijn beurt nooit scoren in Vlaanderen, denk ik.

"Tot vorig jaar had je nog een Debusschere, die races van het slag Dwars door Vlaanderen kon winnen. Ook Keukeleire is een hele goede coureur met een mooi klassiek postuur en een sprint als belangrijk wapen. Maar hij moet stilaan eens voor zichzelf beginnen uitmaken wat hij nu precies wil: zich voluit toeleggen op de klassiekers of toch af en toe een rittenkoers van het kortere type meepikken? Keukeleire rijdt graag bergop, daarvoor breng ik begrip op, maar het komt zijn ontbolstering in de Vlaamse wedstrijden niet ten goede. Terwijl ik hem toch als een geschikte winstkandidaat in Parijs-Roubaix beschouw.

"Wallays van zijn kant moet eens kunnen toeslaan vanuit de tweede lijn door te anticiperen, weg te rijden met een groepje op 70 à 80 kilometer van de finish. Als hij met alle toppers de finale aansnijdt, gaan zijn winstkansen in rook op.

"Je moet ook elementen hebben die de kopmannen kunnen omringen. En daar knelt het schoentje bij Lotto. Potentieel genoeg voor alle werk, maar wat ontbreekt is een stevige basis van ervaren renners die de Vlaamse klassiekers als corebusiness hebben. Stormrammen als Keisse en Declercq, bijvoorbeeld, die drie uur lang met 46 kilometer per uur op kop van het peloton kunnen rijden, elk wegeltje, helling en kasseisteen weten liggen en de rest van de ploeg dus blind door het Vlaamse landschap gidsen. Lawrence Naesen moet daar op termijn wel toe in staat zijn.

"Voorlopig is het roeien met de riemen die ze hebben en dat wakkert mijn geloof dat Lotto voor het eerst sinds 2000 (Kuurne) en 2002 (Omloop) nog eens kan winnen in het Vlaamse openingsweekend niet bepaald aan."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234