Zaterdag 13/08/2022

InterviewDanny Timmermans

‘Door het drama met mijn vader heb ik mijn puberteit gewoon overgeslagen. En ben ik dus ook met een harnas van gewapend beton het volwassen leven ingegaan’

null Beeld Diego Franssens
Beeld Diego Franssens

Danny Timmermans (53) nipt van zijn koffie, kijkt in het rond, en stelt vast dat de Grote Markt van Lier voorzichtig ligt te dutten. Hier heerst vrede, zolang de Zimmertoren het niet op een burlesk klingelen zet, en alleen de obers op de terrassen hebben haast. De acteur maakte twee generaties jongeren blij in respectievelijk Buiten de zone en W817, en draagt als Chris bij tot hogere criminaliteitscijfers in dit seizoen van Thuis.

Jeroen Maris

“Zo’n donkere, fundamenteel ongevoelige slechterik als Chris mogen spelen is een cadeau dat élke acteur met veel genoegen openmaakt. Het is ontzettend fijn om iets wat ik eigenlijk niet ken toch een beetje vorm te geven. Want in het werkelijke leven ben ik geen nietsontziende crimineel die het leven als een bordspel ziet, en zijn medemensen als pionnetjes. Meestal toch niet. (lacht)

Het cliché wil dat niet alle kijkers het onderscheid tussen de acteur en het personage maken.

“Onlangs was ik op de luchthaven. Een jongetje van een jaar of twaalf stapte op me toe, terwijl zijn familie vanaf een afstandje stond te kijken: ‘Zijt gij Chris van Thuis?’ En toen ik bevestigend antwoordde: ‘Gij zijt den duvel!’ (lacht)

Je personage is de ultieme manipulator.

“Ja. Eigenlijk is hij een inbreker: een vlotte, uiterst charmante man die infiltreert in al de levens die zijn pad kruisen en ervoor zorgt dat iedereen afhankelijk van hem wordt. Natuurlijk is Thuis fictie, en Chris dus een uitvergroting, maar toch: dat soort mensen bestáát. Het is een angstaanjagende vorm van narcisme. Voor mensen als Chris draait de wereld rond hén.”

Het verschil met Tom, de gezapige aspirant-schrijver die je vijf seizoenen speelde in W817, is groot.

(enthousiast) Wist je dat de serie nog elke dag herhaald wordt op Ketnet? En aan de details – de computerschermen, de afwezigheid van gsm’s, de overgang van frank naar euro – merk je natuurlijk wel dat het allemaal van rond de eeuwwisseling dateert, maar de thema’s en verhaallijnen zijn absoluut niet gedateerd.”

Vorig jaar kwam 8eraf uit, de film waarin we konden zien hoe het de personages twintig jaar later vergaat.

“Die film was eigenlijk het gevolg van de ‘Throwback Thursday’-concerten in het Sportpaleis om de twintigste verjaardag van Ketnet te vieren. Die evenementen waren zó’n overrompelend succes: we stonden zelf te kijken van de verrukking waarmee we, bijna twee decennia later, onthaald werden. Daar stonden telkens 18.000 mensen de kleurige herinneringen aan hun jeugd te vieren. Dat kun je niet filmen, dat kun je niet vastleggen. Je moest er zijn om het te voelen.”

De W817-kijkers zijn nu jonge dertigers. Is het niet merkwaardig dat de nostalgie dan al zo nadrukkelijk gevierd wordt?

“Je zegt het juist: gevierd. Het ging niet om de zeurderige variant, er kleefde niets van treurnis aan dat sentiment. Nee, het was een opgewekte golf, een feest.

“Toen we met de ploeg weer samenkwamen om 8eraf op te nemen, was het meteen ook weer zoals vroeger. Dat is mooi, vind ik: we hebben intussen allemaal al zoveel levens geleefd, we zijn zoveel verschillende richtingen uitgegaan, en toch bleek die groep meteen weer volgens dezelfde wetten te functioneren. Het was een puzzel die zichzelf legde.”

Wisten jullie twintig jaar geleden dat jullie iets aan het maken waren dat een iconische status zou krijgen bij een generatie?

“Nee, zo werkt dat niet. Wij speelden in W817 en amuseerden ons daar geweldig mee – en verder stonden we er niet bij stil. Maar nu, twee decennia later, vind ik het een heel fijne gedachte dat we een klein stukje bijgedragen hebben aan… Ja, aan een bepaald levensgevoel. Ik denk weleens vol dankbaarheid terug aan de series uit mijn jeugd, en hoe die me vormden. Dat W817 dat voor een andere generatie gedaan heeft, vind ik prachtig.”

TAXI DANNY

Je was pas 18 toen je voor het eerst op televisie kwam, in Meester, hij begint weer van Frank Dingenen.

“Ik had de eerste reeks gezien, en ik vond die geweldig. En op één of andere manier was ik aan het telefoonnummer van Frank Dingenen geraakt. Ik heb hem gebeld, en hij vertelde me dat hij nog jonge mensen zocht voor de tweede reeks. ‘Je mag het gerust eens proberen’, zei hij. En plots zat ik dus in een televisieserie, terwijl ik helemaal geen artistieke achtergrond had. Zo is het altijd gegaan in mijn leven: ik laat me de dingen aanwaaien, ik spring graag argeloos van het ene avontuur in het andere.

“Als twintiger belandde ik in het Mechelse amateurtheater, en behoorde ik tot een groepje vrienden waarvan Bart De Pauw de natuurlijke aanvoerder was.”

Dat leidde tot Buiten de zone, nog zo’n cultklassieker.

“Heerlijke jaren waren dat, omdat alles zo oceanisch leek: onze tijd, onze toekomst, onze fantasie. En ons drankverbruik. (lacht) We vonden elkaar elke dag en verzamelden kaften vol ideeën. Bart – want hij deed het échte werk – goot al die chaos dan in een scenario.

“Voor en tijdens Buiten de zone ben ik ook nog zeven jaar taxichauffeur geweest in Mechelen. Ik herinner me het enigszins gênante sollicitatiegesprek nog: ik kwam mezelf aanprijzen als chauffeur, maar iets te veel snelheidsovertredingen hadden gemaakt dat ik op dat moment mijn rijbewijs kwijt was. ‘Ik ben echt geknipt voor deze baan, meneer, maar u zult me wel eerst twee maanden aan de telefoon moeten zetten.’ (lacht)

“Zo’n taxi takelt je de wereld in. Ik reed vooral ’s nachts en kreeg de hele samenleving in m’n wagen. Dat was zo’n bron van mensenkennis! En je maakt al eens wat mee, natuurlijk. Mijn langste rit ging naar Parijs, en mijn passagier was… een brief. Het was de tijd vóór het internet, hè, en die brief moest blijkbaar héél dringend bezorgd worden. Dat heb ik samen met een vriend gedaan: we leverden die brief af, gingen iets eten, en keerden terug. In die tijd was ik ook nog heel naïef. Meer dan eens ging een klant lopen zonder te betalen. En één keertje werd mijn recette gestolen.

“Na die periode ging ik professioneel het theater in, en tegelijk kreeg ik de kans om in W817 te spelen. Dat waren volle, gelukkige jaren. Enfin, dat dácht ik toch.”

Hoezo?

“Het kleurenfiltertje dat over W817 ligt – dat vrolijke, levenslustige timbre – paste goed bij hoe ik me toen voelde. Ik zat vol energie, ik lachte me door de dagen, ik zag het leven als één zorgeloos hinkelspel. Niets aan de hand! Maar rond m’n 40ste begon ik in te zien dat ik nogal… (denkt na) Dat aan het oppervlak alles glansde, maar er daaronder eigenlijk alleen maar leegte was. Ik was simpelweg niet in staat om me echt te verbinden met anderen. Eigenlijk was ik bang: bang om kwetsbaar te zijn, bang om empathisch te zijn, bang om mezelf vol in het leven te gooien en dus ook schrammen op te lopen.

“Op het moment zelf had ik dat niet door. Ik zei het al: het leven was een hinkelspel. Maar een jaar of vijftien geleden is de grote confrontatie met mezelf gevolgd. Pas toen begon ik volwassen te worden.”

Omdat het gewoon zo liep? Of was er een concrete oorzaak?

“Alles leidt terug tot een dramatische dag uit mijn jeugd. Ik was 14. Het is wel een heel verhaal. Heb je even?”

null Beeld Diego Franssens
Beeld Diego Franssens

HET ONGEVAL

“In mijn kindertijd hadden mijn ouders een autogarage. Maar voor mijn vader voelde dat leven in België – met de regeltjes, de verwachtingen, de trechter waar je al vanaf je jonge jaren in geduwd wordt – als rondjes zwemmen in een veel te krap aquarium. Hij wilde weg, de wereld in.

“Hij had een zeilboot, en die werd het centrum van een mooi plan. We zouden gaan varen! Bij het begin van de grote vakantie – ik was 13 – vertrok mijn vader met mijn zus en mij. Mijn moeder zou nog even in België blijven om de verkoop van de garage af te handelen. Het werd een heerlijke reis. Eerst ging het naar Engeland, daarna naar Spanje, daarna naar Portugal. Toen was de grote vakantie voorbij, en werden mijn zus en ik voor de keuze gesteld: wilden we nog verder mee, of keerden we terug naar België om er netjes naar school te gaan? Mijn zus koos voor het tweede, ik voor het eerste.

“Mijn vader en ik maakten de oversteek naar de Canarische eilanden. Vaak meerden we voor een tijdje aan, en dan gebruikte hij de tijd om wat zakgeld te verdienen. Met zijn ervaring als garagist herstelde hij scheepsmotoren, en ik ging als hulpje mee met de vissers, of ik schuurde en verfde hun kleine bootjes. Ik was intussen 14, had wat Spaans opgepikt, en maakte vlot vrienden: nooit hingen er wolken boven mijn hoofd.

“Net toen we na een langer verblijf op Tenerife weer wilden vertrekken, kwam een neef van mijn vader aanhollen. Die had ook zin in avontuur, en was ons op goed geluk komen zoeken – het was de tijd voor de gsm. Met z’n drieën vaarden we uit. Het was een rustige, heldere, windstille nacht. Maar op een kilometer van de kust van Fuerteventura werden we uit het niets door een massieve golf overvallen. Ik zat buiten, achteraan op de boot, samen met mijn vader, en we hoorden dat geluid: een indrukwekkende, alles verpletterende gorgel. Water kan zó luid zijn.

“Mijn vader zei nog: ‘Hou je vast, want we zullen nat worden.’ Waarop die golf op onze boot inbeukte: de mast brak, ik werd het water in geslingerd en verloor het bewustzijn, en werd vervolgens weer op de boot getild. Daar kwam ik bij. Mijn vader lag nog in zee, en ik hoorde hem roepen: ‘Maak de reddingsbootjes los!’ Maar die waren allemaal weggeveegd door het water. Ik heb de touwen van de reddingsboeien losgesneden, maar toen ik ze in zee gooide, wist ik al dat het te laat was. De laatste kreet van mijn vader had me alles verteld: ik zag hem op dat moment al niet meer, maar ik hóórde dat het zijn laatste puf was. Dat het voorbij was.”

Wacht… Je vader is toen…

(knikt) Verdronken, ja. Het is heel intrigerend hoe je op zo’n moment, zelfs al ben je nog maar 14, automatisch in een rationele, pragmatische modus schiet. Binnen in de boot ging ik meteen naar het plekje waar we het geld bewaarden en propte ik dat pakketje in m’n zak, ik stak een vuurpijl af, en ik begon het water uit het ruim te pompen. De neef van mijn vader had het ook overleefd, en ’s ochtends werden we opgepikt door een klein vissersbootje.

“Aan land heeft die neef naar mijn moeder gebeld, maar ik herinner me dat ik erop stond om het haar te vertellen: ik vond dat ze die verwoestende woorden van mij moest horen. Zij en mijn zus zijn meteen naar Fuerteventura gereisd, en een paar dagen later spoelde het lichaam van mijn vader aan.”

3 MEETLINTEN

Hoe begin je dan in hemelsnaam aan de rest van je leven?

“Mijn moeder heeft in anderhalf jaar tijd haar vader, haar broer en haar man verloren: voor haar was het een drama waarvan de randen nooit helemaal zichtbaar zijn geworden. Weer in België bood een pastoor uit Olen – hij was een klant geweest in de garage van mijn ouders – ons onderdak aan. Vijf jaar hebben we in de pastorie gewoond, een prachtig herenhuis met een poort en een grachtje en erachter een park. Er werd goed voor ons gezorgd, maar over het drama werd nauwelijks gepraat. Het was nog de tijd van de grote zwijgzaamheid: traumaverwerking en rouwbegeleiding bestonden nog niet. Je incasseerde en ging in stilte verder.

“Zelf bleef ik hangen in die pragmatische modus van net na het ongeluk. Ik zou naar het derde jaar van de middelbare school gaan, maar ik had absoluut geen zin om mijn dagen weer tussen leeftijdgenoten door te brengen. En dus besloot ik om aan de slag te gaan als leerjongen in een restaurant. Dat was pittig werk, en anderhalf jaar voor mijn leercontract afliep, wist ik al: hier ga ik nooit iets mee doen. Maar ik was allergisch voor gedoe, ik wilde vooral met rust gelaten worden, en dus besloot ik om m’n tijd daar gewoon geduldig uit te zitten.

“Ik had drie meetlinten van elk anderhalve meter in m’n kamer hangen. In mijn laatste 450 dagen knipte ik daar elke dag een centimeter af – zoals een gevangene die streepjes zet op zijn celwand, ja. Want daarna zou ik vrij zijn. Ik heb nooit overwogen om te rebelleren. Door het drama heb ik mijn puberteit gewoon overgeslagen. En ben ik dus ook met een harnas van gewapend beton het volwassen leven ingegaan.

“Het verdriet zat veilig ingekapseld, maar daardoor herkende ik ook niet wat ánderen voelden. Het lukte me niet om volwaardige relaties aan te gaan. Om een echt, vol mens te zijn.”

Als Chris in ‘Thuis’. Beeld © VRT
Als Chris in ‘Thuis’.Beeld © VRT

RIJK DER VRIJHEID

Maar dat veranderde dus rond je veertigste?

“Mijn frank begon te vallen. Ik dacht: is dit nu het leven? Moet ik zo verder? En ik begon te zoeken en te graven.

“Het is allemaal heel geleidelijk gegaan. Een kleine tien jaar geleden zag ik bijvoorbeeld The Impossible, gebaseerd op de tsunami van 2004 in de Indische Oceaan. In die film wordt een jongetje meegesleurd door de golven. De woeste brul van dat water, de onthutsende kracht van de zee: ik zag en hoorde wat ik zélf had meegemaakt. Ik zat er als versteend naar te kijken, en de volgende ochtend ging ik heel vroeg in m’n eentje buiten zitten. Denk aan een potje onder een gigantische druk, waardoor het deksel eraf dreigt te vliegen: ik opende dat deksel, eventjes en maar een heel klein beetje, om wat van de druk weg te nemen, maar klapte het ook meteen weer dicht. Het was te immens en te intens om het meteen helemaal te openen. Ik besefte dat het in stapjes zou moeten. Maar ook: dat het werkelijke barsten van mijn harnas begonnen was.”

Je was op dat moment al samen met je vrouw, actrice Machteld Timmermans.

“Machteld en ik speelden samen in W817. Bij mij was er in die tijd al een vonkje, maar het is pas iets geworden toen we later met een theatervoorstelling op tournee gingen. We reisden door Frankrijk, kwamen op magische plekken, en leefden in een roes van grote gesprekken. Dat is echt een cesuur geweest in mijn leven. Machteld dwong me om bij alles stil te staan, om mezelf grondig uit te spellen. Ze wilde door het pantser heen: alleen dan zouden we een échte relatie hebben. Het was een ongelooflijk moeilijke, turbulente periode, want ik liet dat natuurlijk niet zomaar gebeuren. Maar zachtjesaan begonnen de dingen te kantelen.

“We hadden allebei gigantisch veel werk aan onszelf, en we waren grote, luide spiegels voor elkaar. We confronteerden elkaar met wie we waren. Het was vaak moeilijk, zelfs ronduit conflictueus. Er is weleens met borden gegooid. Maar we voelden dat het de moeite waard was.

“Ik wist ook dat ik niet verder wilde leven zoals ik daarvoor had geleefd. Ik was niet verdronken, ik was door het water weer op het dek van de boot gegooid: daar moest ik iets aan vastknopen. Ik moest mijn leven naar waarde schatten, besefte ik, en dat betekende dat ik niet langer mocht wegrennen.”

Ben je ooit boos geweest op je vader?

(stellig) Boos? No way. Ik ben mijn vader alleen maar dankbaar. Hij heeft me het grootste en mooiste cadeau gegeven dat ik kon krijgen: hij heeft me laten zien wat werkelijk leven is, hij heeft me doen proeven van werkelijke vrijheid. Waarom zou ik boos zijn op de man die me getoond heeft hoe mooi de wereld kan zijn als je maar niet bang bent om rond te kijken?

“Ik bewonder mijn vader ook nog altijd om die keuze. Want er zijn véél mensen die zuchten onder het gewicht van een onvrij leven, maar slechts weinigen die het aandurven om helemaal uit te breken. Er sprak lef uit wat hij gedaan heeft. (denkt na) Ik vraag me soms af hoe hij naar de wereld zou kijken als hij nog zou leven. Hij had zich waarschijnlijk net als ik afgekeerd van het voortdurende gezoem van de actualiteit. Nieuws, reclame, dat eeuwige malen van de molen: ik verdraag het niet meer.”

Je hebt de vrijheidsdrang van je vader geërfd?

“Zeker. Kijk naar hoe het al gelopen is in mijn leven: ik heb het curriculum van een speelvogel. Vroeger heb ik ook behoorlijk wat jobkes gedaan – dingen buiten m’n acteerwerk, bedoel ik. Maar dat duurde een paar weken, en dan was ik weer weg. Met mijn vader deel ik het gevoel dat ik niet helemaal pas in de wereld zoals we ’m ontworpen hebben, en het verlangen om mezelf nooit een korset te laten aannaaien.

“Dat klinkt misschien allemaal behoorlijk zwaar, maar het zorgt net voor een zekere lichtheid. Ik hoef niet te cijferen en te dubben voor ik een beslissing neem: ik vaar gewoon op instinct. Net zoals ik op m’n gevoel vertrouwde toen m’n moeder indertijd belde, en vroeg of ik weer naar België zou komen om naar school te gaan, dan wel verder zou varen met m’n vader. Zo ben ik het altijd blijven doen: het gevoel was de baas.”

null Beeld Diego Franssens
Beeld Diego Franssens

VADER EN KIND

Je hebt twee volwassen dochters uit een vorige relatie, en met Machteld heb je een zoon die nu een tiener is. Ben je een goeie vader?

“Er is wel wat spijt als ik denk aan mijn dochters. Toen ze klein waren, speelde ik in Buiten de zone, gooide ik me helemaal op het theater, en was ik een huis aan het verbouwen. Dat is véél, hè, als je eigenlijk vooral voor twee kleine meisjes zou moeten zorgen. Ik was er onvoldoende, vrees ik. Bovendien had ik nog niet de alertheid die ik nu heb. Nu ben ik gevoelig voor de behoeften van anderen, kan ik inschatten wanneer ik te voortvarend of te grof ben geweest, en zie ik de alarmlichtjes van mensen die me nodig hebben. Toen leefde ik gewoon, zonder op- of omkijken.

“Ik heb het er over gehad met mijn dochters, hoor, ik heb al gezegd dat het me spijt. Maar je kunt dat niet uitwissen met een eenvoudig excuus. We zien elkaar wekelijks, en dat is altijd heel gezellig. En ik barst van trots. Maar het is een illusie om te denken dat we plots een relatie kunnen hebben waarin de dingen worden uitgesproken en we voortdurend onze ziel binnenstebuiten keren voor elkaar. Zoiets verander je niet in een vingerknip. Het is wat het is: ik was er simpelweg niet klaar voor om al een betrouwbare emotionele aanwezigheid te zijn in het leven van iemand anders. Ik was zelf nog een kind!

“Je zou kunnen zeggen dat ik met Sid, onze zoon, een herkansing krijg. En inderdaad, ik probeer nu om te luisteren, om attent en aanwezig te zijn. Maar dat betekent niet dat het allemaal zoveel makkelijker gaat. Sid is iemand die zich door niets of niemand laat intimideren en altijd zelf kiest welk pad hij inslaat. Daarmee maakt hij het zichzelf vaak moeilijk, maar ik heb geleerd dat het zinloos is om op elk kruispunt als een politieagent het verkeer voor hem te willen regelen.”

Ondanks dat grote trauma geef je me een opgewekte, speelse indruk.

“Dat klopt ook. Ik zie mezelf ook helemaal niet als iemand die een zware beproeving heeft doorstaan. Het is een bijzonder verhaal, zeker, en het heeft me jaren gekost om onder ogen te zien. Maar pijn is niet meetbaar, en al helemaal niet in een tabel onder te brengen: wat voor jou klein is, kan voor mij groot zijn – en omgekeerd. Mijn leed is niet massiever geweest dan het jouwe, bedoel ik.

“Ik ben nu 53, en mijn lichaam bevestigt dat. (lacht) Maar ik heb wel nog altijd de blik van het jongetje: ik ben nieuwsgierig, argeloos en speels gebleven. Mijn leven heeft zich fundamenteel verdiept, met het klimmen van de jaren is de ervaring gekomen, maar de 14-jarige die vanaf het dek van de zeilboot naar de oceaan tuurde en innig gelukkig was om zoveel schoonheid, die is nooit gestorven.”

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234