Woensdag 29/01/2020

‘Door bonussen bij KBC te verbieden, zullen boeren niet meer verdienen’

Sonja De Becker treedt deze maand toe tot de regentenraad van de Nationale Bank, wellicht de meest prestigieuze raad van bestuur van het land. Ze heeft ook een veertigtal mandaten, en toch kent bijna niemand haar. Nochtans heeft Sonja De Becker, algemeen secretaris van de Boerenbond, de nodige macht op economisch, sociaal en politiek vlak.

Lange blonde haren in twee vlechtjes, met strikjes. Een pony onder haar kont zodra ze kon stappen. Mee witloof telen. Sonja De Becker (44) was een echt boerenmeisje. Ís een echt boerenmeisje. Ze woont nog altijd waar de boerderij van haar ouders vroeger stond. Tijdens de oogstperiode vind je haar gegarandeerd mee op het veld, om het hooi binnen te halen. “Dat fysieke werk ontspant me echt. Het opsteken kan ik niet, maar het coördineren wel”, lacht de algemeen secretaris - CEO, zeg maar - van de Boerenbond.

Alleen haar vlechtjes zijn ondertussen verdwenen. Die zouden misschien wat vreemd staan in de regentenraad van de Nationale Bank, waar De Becker binnenkort deel van uitmaakt. Waar ze zich al die jaren voorheen schuilhield voor het grote publiek? In andere raden van bestuur. De Becker zegt niet te kicken op titulatuur of mandaten, maar heeft momenteel wel bijna veertig (40!) bestuursmandaten. Toegegeven, veel van die zitjes behoren tot de groep Boerenbond, zoals dat in de raad van bestuur van Acerta. Dan nog is ze ook onder andere extern bestuurder bij de Sociaal Economische Raad voor Vlaanderen (SERV) en de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven.

Dat ze toch de machtigste vrouw binnen de werkgeversorganisaties moet zijn. “Tja, in die organisaties zitten niet te veel vrouwen he”, antwoordt De Becker bescheiden, maar ze is wel trots op haar parcours. De voorbije tien jaar maakte ze van de Boerenbond opnieuw een gezonde organisatie, want voor haar aanstelling ging er meer geld buiten dan er binnenkwam. Bij veel landbouwers zelf loopt het ondertussen niet zo best. “Boeren die niet meer weten hoe ze hun rekeningen moeten betalen. Die zelfs moeten besparen op de schoolkosten van hun kinderen, dat zien we tegenwoordig”, vertelt De Becker.

Hoe verantwoordt u tegenover hen dat KBC, waar de Boerenbond aandeelhouder van is, hun toplui bonussen uitkeert?

Sonja De Becker: “Dat is nu eenmaal de economische realiteit, daar gaan wij niets aan veranderen. Er was altijd al een heel grote loonkloof. In sommige sectoren gaat het om heel grote bedragen waar wij ons ook vragen bij stellen, maar die bonussen zijn nu eenmaal marktconform. Dat probleem moet je op een hoger niveau aanpakken, je kunt de bedrijven nu niet zomaar zeggen dat ze die lonen niet mogen uitkeren. Bovendien doen de mensen van KBC hun uiterste best om alles opnieuw op de rails te krijgen. Terwijl ze al enkele jaren geen bonussen kregen en een deel van hun variabel loon moesten missen. Het is trouwens niet omdat wij in de raad van bestuur zouden zeggen dat ze geen bonussen mogen uitkeren dat onze achterban meer centen krijgt voor zijn producten.”

Emotionele boeren reageren meestal niet zo rustig. Scholden ze u al uit?

“Ah, zeker. Daar moet je tegen kunnen. Ik begrijp perfect dat de landbouwers af en toe een uitlaatklep nodig hebben. Dan richten ze hun pijlen dikwijls op de Boerenbond omdat ze vinden dat die niets voor hen doet. Als ze dat bij ons al niet meer kwijt kunnen, waar dan nog wel? De boeren moeten wel aanvaarden dat ik ook mijn gedacht zeg.”

Kennissen noemen u dan ook machtiger dan u eruitziet.

“Is dat zo? Mensen noemen me soms wel een harde tante. (lacht) Ik weet niet of dat klopt, maar ik ben inderdaad nogal consequent. Ik zeg waar het op staat en dat kan soms hard aankomen. In het begin van mijn carrière was ik ook veel te voortvarend. Ik kwam op een nieuwe functie, zag een aantal dingen die fout liepen en dacht ze wel even te veranderen. En dacht dat omdat ik zei dat ze moesten veranderen, ze ook effectief veranderden. Typische beginnersfout. Ik ben ook rechtlijnig. De grens tussen die rechtlijnigheid en rigide worden, bewaakte ik in de beginjaren niet voldoende.”

Daar maakte u vast geen vrienden mee.

“Hoe hoger je op de ladder klimt, hoe meer mensen er zien dat een aantal deuren voor hen worden gesloten. Daar kan ik niets aan doen. Je moet wel gek zijn om een kans te laten liggen als ze je vragen voor een functie. Al begrijp ik vrouwen die zeggen dat het voor hen niet hoeft, perfect. Het is een zware baan hoor. En het is eenzaam. Je moet ruimte krijgen om dat vol te houden. Het helpt dat mijn echtgenoot een drukke baan heeft in de telecomsector. Ook dat we geen kinderen hebben, helpt daarbij.”

Hebt u nooit spijt dat u geen kinderen hebt?

“Nee, want ik vind dat je niet achteruit moet kijken. Het is een beetje onbewust zo gelopen. Omdat het nooit het goede moment leek. Op een bepaald moment kom je dan ook op een leeftijd waarop je zegt dat het ook niet meer hoeft. Mijn familie en schoonfamilie hebben daar nooit opmerkingen over gemaakt. Ons Sonja, die is altijd bezig met de Boerenbond, zeggen ze dan.”

En het lobbywerk dat daarbij hoort. Van VOKA wordt soms spottend gezegd dat ze de baas zijn van N-VA. Bent u mee de baas van CD&V?

“Absoluut niet. (lacht) We hebben wel een bevoorrechte relatie met de partij, dat is altijd zo geweest. Bij de lijstvoering worden ook een aantal kandidaten van onze Landelijke Beweging gepositioneerd om met hun politiek mandaat hun best te doen voor het platteland en de landbouw. We praten ook op een heel open manier met CD&V, leggen onze bezorgdheden en eisenbundels bij hen neer, maar dat doen we ook bij andere partijen. Wij dicteren dus al lang niet meer wat CD&V zegt en doet.”

U belt toch naar Beke en zegt: ‘Wouter, zet er eens wat vaart achter’?

“Die telefoon bestaat niet meer, die rechtstreekse lijn heb ik nooit gekend. (lacht) De politici kennen wel ons standpunt dat ze eindelijk een regering moeten vormen, want met nieuwe verkiezingen is niemand gebaat. Het komt erop aan een beleid te voeren. Nu is het een drama, maar het is niet aan ons om de regering te vormen. Het zijn anderen die moeten doen waarvoor ze zijn gekozen.”

U bent nu voorgedragen om te zetelen in de regentenraad van de Nationale Bank, waarvoor u uw stoel in de bestuursraad van KBC Bank opgaf.

“De Boerenbond bekleedt sinds jaar en dag voor het hele Agrofront een mandaat in de Nationale Bank. Omdat het een heel belangrijk mandaat is, nam de voorzitter dat altijd op. Nu hij dat niet langer mag combineren met een mandaat bij KBC Groep word ik als nummer twee van de Boerenbond voorgedragen bij de Nationale Bank.”

Waarom zetelt u niet in de bestuursraad van KBC Groep, zoals mensen verwachten? Bent u dan een excuustruus bij de Nationale Bank?

“KBC Groep heeft nog een hele weg te gaan in de uitvoering van het Europees plan om haar huishouden verder op orde te stellen. Omdat KBC een heel belangrijke participatie is voor de Boerenbond vonden we het beter dat de voorzitter het mandaat zelf opvolgt. Het is zeker niet zo dat de Nationale Bank nog vrouwen nodig had. Bij KBC Bank hebben ze nu wel een probleem, want ik was de enige vrouw in hun raad van bestuur. Ze zeiden: ‘Sonja, op het moment dat de hele heisa rond quota speelt, steek jij ons nog een beetje dieper in de shit.’” (lacht)

Wat vindt u van de verplichte quota?

“Ik ben principieel tegen.”

Bent u zeker dat de vorige Boerenbondvoorzitter, Noël Devisch, u niet vroeg omdat u een vrouw bent?

“Daar ben ik nogal zeker van. Als je het aantal vrouwen in topfuncties echt wilt veranderen in bedrijven, is het toch ook niet de beste oplossing om de quotadiscussie te voeren op het niveau van raden van bestuur. Laat ons eerlijk zijn: de raad van bestuur heeft zijn bevoegdheden en opdrachten, maar maakt het bedrijf niet. Een onderneming wordt gemaakt op de werkvloer en op managementniveau. In directiecomités kun je niet met verplichte quota werken, dat zou helemaal dom zijn. Bedrijven stimuleren om vrouwen te laten doorstromen, zou een veel grotere impact hebben.”

Stroomt u nog verder door? Bent u de volgende voorzitter van de Boerenbond?

“Dat zou ik zo niet durven zeggen. (lacht) Ik heb nooit een carrièreplan uitgedokterd. Wanneer ik adjunct-algemeen secretaris was, dacht ik niet dat ik nog verder kon groeien. Ik wist dat heel wat mensen op de functie van algemeen secretaris aasden. Het was niet bij mij opgekomen dat ik een van de mogelijke kandidaten was. Sinds mijn vader vorig jaar overleed, hoop ik vooral dat de mensen van wie ik houd nog lang bij mij mogen blijven. Als je wordt geconfronteerd met zo’n verlies staat je wereld toch meer dan even stil. Dan kom je hard terug op de grond terecht.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234