Zaterdag 22/02/2020

Dominique D'Onofrio (vanavond laatste keer trainer van Rouches) op een zucht van Europees voetbal

'Zelfs al zou ik net zoals Sollied twee keer kampioen worden in drie jaar, dan nog zou ik die erkenning niet krijgen'

'Gerets is ideale opvolger voor Standard'

Er zelf de brui aan geven als coach van Standard, dat is ongehoord en ongezien bij een club die een patent heeft op het ontslaan van trainers. Maar Dominique D'Onofrio doet het toch, hoewel hij als enige in 32 jaar in staat bleek om de Luikse club voor de tweede keer op rij Europa in te loodsen. 'Ik doe dat in het belang van de club en omdat ik de indruk heb dat mijn werk niet naar waarde wordt geschat.' Een vat vol frustraties, zo kun je de trotse Italiaan het best omschrijven. 'Misschien heeft Standard behoefte aan een trainer met meer macht en geloofwaardigheid.'

Valerie Hardie

Heel wat trainers, en vaak niet van de minste, beten hun tanden stuk op Standard. Kessler, Waseige, Haan, De Mos, Peruzovic, Ivic... niemand van hen hield het langer dan twee jaar vol op Sclessin. Of om het in cijfers uit te drukken: in twintig jaar tijd versleet de Luikse club 25 trainers. Wie bij Standard tekent, weet dat zijn houdbaarheidsdatum rond de tien maanden ligt. Robert Waseige spande de kroon toen hij in september 2002 na vijf speeldagen aan de deur werd gezet. Eric Gerets zou hem opvolgen. Of Troussier. Of Leekens. Niets van, het werd Dominique D'Onofrio, broer van sterke man Luciano, en al drie jaar lang adjunct bij de Rouches. De argwaan en de scepsis waren groot maar na drie jaar zit de kleine Italiaan van 52 nog steeds op zijn troon. Zonder veel tralala loodste hij Standard weer Europa in en bracht hij de club weer in het spoor van Club Brugge en Anderlecht.

Toch houdt D'Onofrio het vanavond om kwart voor tien zelf voor bekeken. Hij wil zijn contract niet verlengen. Gisteren gaf hij in Luik zijn laatste training, vanavond zit hij voor het laatst op de bank. "Of ik me er bewust van ben dat het gedaan is? Ja. Drie jaar wis je niet zomaar uit. Ik kreeg een krop in de keel toen we vorige week op Sclessin speelden maar ik heb geen traan gelaten. Wat me meer raakt, is de miserie die ik zie, de ellende in de wereld, dáár krijg ik tranen van in de ogen. In Oostende zal ik niet emotioneler zijn dan anders. Ik moet me focussen op wat écht telt, en dat is winnen om die derde plek veilig te stellen."

Geen mens die het snapt, dus legt u eens uit waarom u Standard niet meer wilt trainen.

Dominique D'Onofrio: "Ik doe dat in het belang van de club. Me dunkt dat Standard na drie jaar D'Onofrio van richting moet veranderen. En ik had vooral het gevoel dat mijn werk niet naar waarde werd geschat. Ik ben bezig om bij Standard alle records van de tabellen te spelen en toch krijg ik de indruk dat men dat banaal vindt. Omdat ik Dominique d'Onofrio heet. En met 'men' bedoel ik niet specifiek de pers of de fans, maar dan spreek ik in het algemeen. Als andere clubs in dit land succesvol zijn, dan schrijft men dat toe aan de trainer. In Standard schrijft men dat toe aan de spelers. Ik gun hen dat - het is verdiend - maar een deel van de eer komt ook aan de technische staf toe. Ik heb de beslissing genomen, in eer en geweten, die me het beste leek voor de club."

Daar valt over te discussiëren als je de resultaten van Standard bekijkt.

"Bah... Als Charleroi het goed doet, dan is dat te danken aan Jacky Mathijssen. Als Club Brugge kampioen wordt, dan is dat de verdienste van Trond Sollied. De prestaties van La Louvière schrijft men toe aan Cartier, in Westerlo aan Ceulemans. En bij Standard? Niet aan de trainer, dat is zeker. Misschien heeft Standard een coach nodig die meer macht uitstraalt, of toch veel meer geloofwaardigheid."

Stoorde het u al niet langer dat u niet hetzelfde krediet kreeg als andere trainers?

"Precies. Ik moest altijd twee of drie keer zo hard knokken als alle anderen. Dat heb ik ook gedaan en ik ben er trots op. Ik heb steeds het beste van mezelf gegeven, maar een carrièrist of strever ben ik nooit geweest. Ik stelde me altijd in dienst van de club. Het belangrijkste is niet D'Onofrio maar wel Standard. En dat zijn geen loze woorden. Het beste bewijs is dat men alleen over Standard praat en niet over Dominique D'Onofrio. Maar ik weet: als je drie jaar lang dit niveau kunt halen bij een club als Standard, dan heb je kwaliteiten en dan heb je hard gewerkt."

Verklaren uw collega's u niet gek? Sommigen zouden hun ziel verkopen om een club als Standard te mogen coachen.

"Dat is juist, maar velen weten niet wat het is om de trainer van Standard te zijn. Samen met Anderlecht is Standard veruit de moeilijkste club om te coachen. Er is de constante druk, de verplichting om elke keer weer te winnen, de omgang met het dagelijkse bestuur... Niet simpel, maar ik meen toch dat ik samen met mijn staf in mijn opdracht ben geslaagd. En gek verklaard... Neen. Ik heb gewoon aan de club gedacht, niet aan mij. Zo is het beter."

In het verleden zei u wel vaker dat u van werkzekerheid houdt. Is dat dan veranderd?

"Bof. Ik begon bij Standard als zesde trainer en mijn ambitie was: zo veel en zo lang mogelijk bij de club kunnen werken. Ik was bereid om tien of vijftien jaar adjunct-trainer te zijn, dat had me niet in het minst gestoord. Toen ik drie jaar geleden de vraag kreeg om over te nemen van Waseige, zei ik: 'De post van T1 interesseert me niet.' Maar ik gaf de club de tijd om een trainer te zoeken die bij haar past. Voor ik het wist, waren we drie jaar later. Omdat de club me telkens een voorstel deed en ik ervan uitging dat ik de club een gunst deed. Voilà. Maar grenzeloze ambitie heb ik nooit gehad."

Moet je niet ambitieus zijn om die erkenning te krijgen waar u zo naar streeft? Denk maar aan Sollied.

"Zelfs al zou ik net als Sollied twee keer kampioen worden in drie jaar, dan nog zou ik die erkenning niet krijgen. Weet je wat men dan zou zeggen: 'Normaal toch, kijk eens wat voor spelers hij heeft.' Als een andere coach derde mag worden, dan moet ik tweede worden. Als ik tweede word, dan had ik eigenlijk kampioen moeten zijn. Enzovoort. Het is gewoon een kwestie van geloofwaardigheid, van het gevoel dat ik puur als 'de broer van' wordt aanzien. Ik heb nu eenmaal niet de grote naam van een oud-speler. Niet dat ik jaloers op hen ben, ik bewonder hen zelfs, maar ik stel dat gewoon vast. Kijk naar de heropstanding van Anderlecht, dat is de verdienste van Vercauteren. (cynisch) In vijf matchen deed hij dat. Allemaal te danken aan Vercauteren."

Uw broer zei onlangs: met de resultaten die u bij Standard neerzet, zou u bij andere clubs de hemel in zijn geprezen.

"Zeer zeker. Veel meer dan bij Standard. Hier waren er niet veel die in me geloofden. Mijn broer was er niet eens voorstander van dat ik zou overnemen als coach. Omdat hij wist waaraan ik blootgesteld zou worden. Mijn broer zei neen aan de beheerraad maar het bestuur zei ja. Ik werd dus niet door mijn broer gekozen maar door het bestuur. Unaniem."

U sluit nu zelfs uit dat u weer de functie van adjunct opneemt.

"Omdat me dat beter lijkt voor de nieuwe trainer. Als ik in de staf blijf, dan zal men misschien denken: hoe kan de trainer nu rustig werken als Dominique D'Onofrio over zijn schouder zit mee te kijken? Onmogelijk. Bij Standard wil ik dus geen adjunct meer zijn, maar ergens anders wil ik die functie gerust invullen. Of ik de aandacht van de pers niet zal missen? Neen, ik heb die belangstelling nooit zelf gezocht. Ik krijg zelfs vaak te horen dat ik me niet kan verkopen. Tant pis. Ik ben hoe ik ben. En ik zal niet veranderen."

Hebt u het zich al vaak beklaagd dat uw familienaam D'Onofrio is?

"(fel) Neen, in de verste verte niet. Ik ben er trots op. Net als op mijn jongere broer Luciano. Ook hij had geen grote naam als voetballer en kreeg niet direct erkenning. Maar nadien maakte hij een grote carrière als makelaar en nu is zijn naam bekend in alle landen van Europa."

Met permissie, maar het imago van de D'Onofrio's is niet erg flatterend: u wordt gezien als 'de broer van' en Luciano is de man die zich verrijkt met transfers.

"Neen, wat Luciano als job deed, dat was een noodzakelijk kwaad. Hij was de eerste makelaar op de markt. Hij werkte met sterren en oké, dat heeft hem een aardige duit opgeleverd. Maar hij bleef eerlijk, ten opzichte van bestuurders én spelers. Hij is respectabel én gerespecteerd. En wat mij betreft: ik coach nu al twintig jaar, ik heb dat op alle niveaus gedaan - op tweede klasse na -, ik heb alle diploma's en nog volstaat dat niet om wat erkenning te krijgen."

Hebt u er intussen spijt van dat u hoofdcoach werd? Als adjunct kon u bij Standard tot aan uw pensioen blijven.

"Ik betreur niets. Ik ben bijzonder trots op het parcours dat ik met Standard heb afgelegd en dat pakt niemand me af. Die grote avonden in de Uefabeker, die mooie duels in het kampioenschap, en niet te vergeten: we waren het beste team van de terugronde. Eén nederlaag in achttien matchen, het kan niet veel beter. Dat zijn misschien zaken die mensen vergeten, maar ik niet."

U kreeg ook vaak kritiek. Raakte u dat?

"Neen, maar het liet me ook niet onverschillig. Als je geen kritiek kunt verdragen, dan kun je er beter morgen mee stoppen. Het is wel zo dat ik vijf keer meer kritiek te slikken kreeg dan om het even welke coach."

Behalve vorig weekend, toen de supporters u in de armen sloten.

"Ja. (peinst) Al snap ik niet waarom ik zo lang moest wachten op een beetje waardering. Waarom namen ze me zo vaak op de korrel? Ik heb de indruk dat die kritiek vaak gratuit was en dan is het beter dat ik opstap. Er zijn er ook velen die niet kunnen aanvaarden dat ik hoofdtrainer ben. Waarom weet ik niet. Het doet er ook niet toe want ik weet hoeveel werk ik heb geleverd en dat is volgens mij fenomenaal."

Jammer dat u Standard geen beker of titel kon schenken in die drie jaar.

"Standard zit al twintig jaar op een titel te wachten en Rome is ook niet in één dag gebouwd, hé. Het is wel zo dat in de drie jaar dat ik er was, we het elk seizoen beter deden. Dit jaar zetten we een record aan behaalde punten neer en we staan op het punt om twee jaar na elkaar Europees voetbal te halen. Als je dan naar het budget van Anderlecht en Brugge kijkt en naar hun spelerspotentieel en dat vergelijkt met Standard, wel dan is het doel bereikt."

Was de afgang tegen Bilbao in de Uefabeker uw grootste ontgoocheling?

"Zeker. Zes of zeven goals incasseren, dat is de nachtmerrie van elke trainer. Spijtig dat het in de Uefabeker gebeurde. Een ander dieptepunt was de uitschakeling in de beker door Charleroi. We hadden alles onder controle en in de slotseconden geven we het nog uit handen."

Hoe vaak hebt u gevreesd dat u zou worden ontslagen?

"Ik heb toch een paar keer gedacht: als we nu verliezen, is het gedaan en moet ik mijn plaats afstaan. Als ik twee keer na elkaar verloor, wist ik dat een derde keer fataal zou zijn. Voor een andere trainer zou dat misschien zes keer zijn geweest. Of mijn broer me dan niet kon beschermen? Neen. Als de vox populi dat eist, kan hij daar weinig aan doen."

Inmiddels wordt over uw opvolger gepraat. Aan wie denkt u?

"Iedereen droomt hier van Eric Gerets en volgens mij is hij ook de ideale keuze. Ik weet niet of het mogelijk is want hij ligt nog onder contract bij Wolfsburg. Maar zolang Gerets nog geen trainer van Luik is geweest, zal het volk om hem blijven schreeuwen."

Zijn de verwachtingen niet te groot? Gerets moet Standard meteen kampioen maken.

"Natuurlijk. Van mij eisten ze ook dat ik kampioen werd met Standard. Is dat dan wel realistisch? Ach, ik ben er zeker van dat Gerets de geknipte figuur is en wel met de situatie overweg kan. Veel supporters identificeren zich met hem, hé, hij heeft l'esprit du Standard. Wat dat is? Dat is de wil om te winnen. En dat is Gerets, hé. Hij gaf nooit op, hij maakte steeds zijn truitje nat. Dat is het minste wat je van hem kon zeggen. Hij gaf altijd het goede voorbeeld."

Gerets zal ook meer krediet hebben.

"Zeker en vast. En geen klein beetje."

Uw broer leek ook gecharmeerd door Sollied. Past hij bij Standard?

"Ik ken Sollied minder goed. Met Eric heb ik als beginnend trainer twee jaar bij Club Luik gewerkt. Sollied is wel een echte prof, dat bewees hij bij Gent en Brugge. In mijn ogen is hij ook de enige trainer in België die de afgelopen jaren een bijdrage heeft geleverd aan het voetbal, die voor een innovatie zorgde. Daar kan ik hem alleen maar mee feliciteren. Of zijn temperament bij Standard past, dat weet ik niet. Ik heb in elk geval geen inspraak in wie de nieuwe coach wordt. Dat is een zaak van het bestuur. Zij weten ook wat de mogelijkheden zijn. Afwachten dus."

Als Standard deze kern kan houden, dan kan het volgend seizoen een gooi doen naar de titel, klinkt het. Maar als je de geruchten hoort, dan dreigt er alweer een leegloop.

"Dat is elk jaar hetzelfde, hé. Spelers hebben gewoon te veel te zeggen. Wie wil vertrekken zegt tegen zijn manager: 'Zoek me een club.' En als de drie partijen het eens zijn, is hij weg. Elke speler is eropuit om meer te verdienen. Maar als Standard ze toch kan houden, dan ziet het er goed uit voor de trainer die nu komt, want er is al heel wat werk verricht."

Standard lijkt vaak afhankelijk van één speler. Vorig jaar was het Mpenza, nu is het Conceiçao. Het is steeds op korte termijn.

"Omdat Standard zich aan zijn woord houdt. Toen die spelers tekenden, werd hen beloofd dat indien ze hun carrière weer op de rails kregen en ze elders meer konden verdienen, Standard hen zou laten gaan. Emile wilde graag genoeg blijven, hoor, en dat geldt ook voor Conceiçao. Geloof me, elke speler die Standard verlaat, wil vroeg of laat terugkomen (lacht)."

Geldt dat ook voor de coaches?

"(lacht) Ik ben nog niet weg, hé. Ik beslis pas komende week. Ik kreeg al wel telefoontjes van twee à drie managers - uit België en uit het buitenland, voor eerste klasse - maar ik heb hen gevraagd om me nog even met rust te laten. Voorts zette ook Standard de poort nog op een kier. Als ik wil, kan ik hier een of andere functie opnemen maar die is nog niet ingevuld. Als een soort van schakel tussen de spelers en de directie, in het scoutingsapparaat, dat is nog geen uitgemaakte zaak. Men zegt wel vaak dat ik meer een man van het terrein ben maar elke ervaring verdient het om beleefd te worden. En wie zegt dat ik niet trainer blijf? (knipoogt)"

Wat heeft drie jaar Standard nu voor u betekend?

"(mijmert) Drie jaar... het is snel gegaan. Héél snel. Wat betekent dat ik het met véél plezier heb gedaan, met passie. En ik heb bewezen dat ik de capaciteiten heb om deze club te trainen, wat niet zo vanzelfsprekend is. Kijk maar naar de namen die me zijn voorafgegaan. Ik ben dus best trots op de termijn die ik heb volgemaakt. En wie weet, misschien is die nog niet afgelopen."

'Ik ben bezig om alle records van de tabellen te spelen en toch krijg ik de indruk dat men dat banaal vindt. Omdat ik Dominique D'Onofrio heet'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234