Dinsdag 12/11/2019

Dokter Leinders kon elke renner helpen

Jarenlang was hij de Vlaamse arts van het Nederlandse wielerteam Rabobank. Nu is de vraag: was Geert Leinders de spil van een dopingnetwerk of het slachtoffer van de omstandigheden?

Wie de zaak-Leinders wil begrijpen, moet bij gelegenheid eens De negen peperbollen van Marc Sleen lezen. In het album maakt Nero jacht op de peperbollen omdat die hem een onvergelijkelijke kracht bezorgen. Op een bepaald moment slikt hij er eentje op de fiets, en warempel, hij rijdt in de eerste Alpenrit van de Tour de tegenstand op een hoopje. Een karikatuur, maar Sleen wist wat hij tekende. Voor Het Volk had hij al een keer de Tour ter plaatse gevolgd. Hij kende dus het begrip 'drog': verboden stimulerende middelen die beslisten over winst of verlies. De negen peperbollen dateert uit 1956.

Marc Sleen was ook bevriend met Pierre Leinders, de vader van Geert en een van de eerste sportartsen in België. Het is te zeggen: Leinders sr. was een huisarts die zich, met enkele uren bijscholing, het specialisme 'sportgeneeskunde' eigen had gemaakt. In zijn bloeiende praktijk in Merelbeke kwamen veel sportlui en -begeleiders over de vloer.

Een van hen was Jef D'Hont, alias Jef Bidon, de man die in zijn boek Memoires van een wielerverzorger het geheim prijsgaf van zijn beruchte drinkbussen: wonderdrank waar renners snoeihard van gingen rijden zonder betrapt te worden. D'Hont was, als verzorger, een selfmade wielerdokter: hij verdeelde vitamines, amfetamine, cortisone, anabolica, groeihormoon, epo - en hij bepaalde de maat.

Het toeval wilde dat Jef D'Hont op een mooie dag bij Pierre Leinders op bezoek ging. En wie was daar ook net? Marc Sleen! De negen peperbollen kwam ter sprake en Sleen signeerde een album voor D'Hont. De verzorger weet nog altijd wat Sleen schreef: 'Aan Jef D'Hont, de beste verzorger ter wereld'.

Pierre Leinders is nooit een wielerdokter geweest. Ploegen hadden nog geen dokters. Ploegen hadden types als Jef D'Hont. Buiten competitie kwamen renners wel bij 'meneer doktoor' op consult. "Je keek vanzelf naar Pierre Leinders op", zegt oud-profrenner André Dierickx. "Grote man, verzorgde baard: charisma zat. En hij woonde ook nog eens in een uitzonderlijk grote villa, waar hij voortdurend aan het werk was: dagen van twaalf uur." "Altijd bereikbaar", zegt ex-atleet Erik De Beck. Oud-profrenner Eric Van De Wiele: "Ik herinner me de dag dat ik stopte. Dokter Leinders nodigde mij in zijn salon uit, om twee uur lang bij te praten. Daar was ik wel van onder de indruk: de dokter die mij in zijn privévertrekken ontving."

De patiënten uit de sport waren vooral wielrenners. Maar je had dus ook atleten ("Ook Gaston Roelants en Miel Puttemans", zegt De Beck) en bodybuilders. Dopingspecialist Hans Vandeweghe: "In de jaren tachtig heb ik voor het eerst over doping geschreven: ik heb meermaals melding gemaakt van de bodybuilders van dokter Leinders."

Dokter Leinders sr. had de reputatie van een soepel voorschrijfgedrag. "Weet ik", zegt Van De Wiele. "Maar ik was, in vergelijking met andere renners, heel voorzichtig: ik nam niks zonder bijsluiter." Een collega van vader Leinders, dokter Roland Marlier, is duidelijker. "Ik ben nogal snel met Pierre Leinders in conflict gekomen: zijn voorschrijfgedrag, met name voor wielrenners, kon niet door de beugel." Marlier, ex-dokter van de Rode Duivels, noemt zichzelf ook geen heilige. "Ik heb ook fouten begaan, maar ik kon niet om met het gemak waarmee hij stimulerende middelen voorschreef, dingen die al dan niet op de verboden lijst stonden."

Nieuwlichter

Het hoeft niet te verbazen dat Geert Leinders in het wielrennen is terechtgekomen. Als zijn vader een vrij weekend had, nam hij zijn zoon mee naar de koers. Dan zaten ze daar, te picknicken in de berm van de weg wachtend op het suizende geluid van tubes over het asfalt. Het was de logica zelf dat Leinders jr. het pionierswerk van zijn vader zou voortzetten.

En wie heeft Geert Leinders in het peloton geïntroduceerd? Jef D'Hont, jawel. Dat deed hij, naar eigen zeggen, al halfweg de jaren tachtig, toen Leinders jr. nog stage liep. D'Hont: "Ik was bij Safir aan de slag."

De jonge Leinders was geen 'meneer doktoor'. Het was 'Geert' voor de renners. Luc Colyn, ex-profrenner bij Safir: "Geert was een nieuwlichter: hij voerde lactaattests uit, ongezien voor die tijd."

D'Hont trots: "Ik heb twee wielerdokters de stiel geleerd: Geert Leinders en Eric Rijckaert (de dokter van Festina, JA). Twee van de voorzichtigste mensen die ik ken."

Colyn: "Voorzichtig was Geert zeker in het begin: hij liet zich in met homeopathie." Ongeveer alle renners zeggen hetzelfde: Geert Leinders bewonderde wielrenners. Hij was, volgens Eric Van De Wiele, het liefst zelf wielrenner geworden. "Maar hij wist ook dat hij daarvoor tekortkwam: hij was te mager."

In 1987 begint Geert Leinders als huisarts. Zijn vader deelt zijn praktijk met hem. Maar lang zal die samenwerking niet duren. Het peloton trekt hem. Leinders jr. wordt wielerdokter bij Histor-Sigma, de ploeg van Jef D'Hont. En spoedig gaat de praktijk in Merelbeke dicht.

Colyn: "Geert wilde niet de slaaf van zijn praktijk zijn, zoals zijn vader. 'Wat heb je aan je leven', zei hij, 'als je op je zestigste in slaap valt van je geld te tellen?' Hij koos voor het wielrennen." D'Hont: "Zo'n mooie praktijk gaf hij op. Het moet zijn dat met wielrennen geld is te verdienen."

Sterker worden

Of Geert Leinders in zijn eerste jaren als wielerdokter al buiten de lijntjes kleurde, is niet duidelijk. Er is wel een Humo-interview met Benjamin Van Itterbeeck, die als renner van Histor-Sigma in 1991 Belgisch kampioen werd. Na afloop van zijn carrière doet hij bekentenissen over die periode. Hij noemt geen namen, hij geeft wel aan hoezeer het begrip 'doping' verschilt binnen en buiten het peloton. Citaat: "Doping is voor mij: amfetamine. Punt. Van de rest word je gewoon sterker. Epo en groeihormoon zijn lichaamseigen middelen, die geven ze aan zieke mensen. Ze geven zieken echt geen amfetamine, hoor."

De faam van Leinders als wielerdokter groeit snel. Na zijn periode bij Histor-Sigma verhuist hij naar Panasonic en Lotto. In het voorjaar van 1995 maakt journalist Ivan Sonck een bijdrage voor het BRTN-programma Terzake over het dopinggebruik in het peloton. Conclusie van Sonck: 98 procent van de toprenners zit aan het spul. Hij noemt, zonder hard bewijs, de namen van Yvan Van Mol en Geert Leinders als dokters die verboden middelen verstrekken. Sonck: "Ik had een dertigtal insiders gesproken, niemand wilde voor de camera getuigen, de meeste gesprekken verliepen off the record. Maar in die gesprekken keerden telkens dezelfde namen terug. Daarom heb ik ze genoemd, met een formulering die nauwelijks aanleiding voor vervolging kon geven. En drie jaar later, in 1998, had je de Tour van Festina, de Tour du dopage: mijn gelijk was bewezen."

Of Leinders een voortrekker was in het verstrekken van epo, het wondermiddel van de jaren negentig, valt te betwijfelen. In de Tour van 1995 is er een bergrit met aankomst op La Plagne: een collectieve offday voor Lotto, het team van Leinders. Vijf renners eindigen buiten tijd, op één uur van winnaar Alex Zülle. Ze krijgen het verwijt deel uit te maken van een patatgeneratie, maar kenners weten beter: de renners van Lotto rijden niet op dezelfde benzine als de concurrentie.

In 1996 is Geert Leinders actief bij het ambitieuze Rabobank. De Nederlanders zijn van plan het wielrennen opnieuw uit te vinden: de training moet wetenschappelijk, de jeugdopleiding gestructureerd, de medische begeleiding helemaal clean. Tenminste, dat is het officiële discours. In werkelijkheid is Rabobank allesbehalve een schoon team. In Bloedbroeders, het boek van onderzoeksjournalisten Steven Derix en Dolf de Groot, wordt de rol van Leinders als volgt omschreven: "Bij de Rabobank wordt er nauwgezet toegezien op het dopinggebruik. De Belg Geert Leinders geldt als een van de meest deskundige artsen in het peloton. (...) Over het wondermiddel epo wordt geheimzinniger gedaan. Testosteron is een 'herstelproduct', maar epo bepaalt wie er wint en wie er verliest. Renners praten daarom niet of nauwelijks met elkaar over hun epogebruik. Maar iedereen weet dat Leinders op dat gebied kan helpen."

Bij RTL 7 verklaart ex-renner Danny Nelissen in 2013 dat Leinders hem, met medeweten van de ploegleiding van Rabobank, epo heeft ingespoten in de Tour van 1996 én 1997. "Klopt", zegt hij nu, "maar ik wil ook wel eens een andere kwestie aan de orde brengen. In 1993 heb ik een Tour uitgereden zonder iets: ik ben drie maanden lang een dooie geweest. In 1996 heb ik de Tour uitgereden met chemische hulp en ik voelde me na afloop honderd keer beter. Mag de discussie over doping ook daar eens over gaan: wat is het beste voor de gezondheid van de renners? En wat is dan de taak van een ploegdokter: moet hij de renners helpen of moet hij hun hulp ontzeggen?"

Levi Leipheimer heeft het in het Usada-dossier tegen Lance Armstrong ook over dokter Leinders die hem, als renner van Rabobank, tussen 2002 en 2004 epo verkoopt. En Michael Rasmussen is minstens zo expliciet als hij uiteindelijk, in 2013, zijn dopinggebruik opbiecht: hij heeft onder andere bloed en epo van de dokter gekregen. Het bloed kwam van de Weense bloedbank van manager Stefan Matschinger, die ook verklaarde bloedzakken aan Leinders te hebben overgemaakt.

Intussen hebben acht voormalige renners van Rabobank bekend verboden middelen te hebben gebruikt. Maar behalve Nelissen, Leipheimer en Rasmussen wijst niemand Leinders met de vinger. Michael Boogerd, die pas bekende toen hij geen kant meer op kon, beweert alles op eigen initiatief te hebben gedaan. Boogerd: "Geert Leinders is een integer man met een hart voor de wielersport." Ploegleider Theo de Rooij zegt iets soortgelijks: "Leinders heeft bij Rabobank naar eer en geweten gehandeld." Sven Nys, die tien jaar lang bij Rabobank heeft gekoerst, heeft geen tijd voor een woordje uitleg: "Drukke agenda."

Heel wat betrokkenen maken de vergelijking tussen Geert Leinders en wijlen Eric Rijckaert, de dokter van Festina, de andere pupil van Jef D'Hont. Rijckaert stond in het milieu bekend als 'dokter Punto', de arts die renners behoedde voor al te gekke medische experimenten. Ook NOS-commentator Maarten Ducrot zit op die lijn: "Bij Rabobank was het patroon verdorven. Het team eiste topprestaties, maar wilde verder geen gezeik. Er mochten, met andere woorden, geen renners betrapt worden. Dat was de taak van Leinders. Maar of hij de spil van een dopingnetwerk was? Ik slaag er niet in hem als de dokter Mengele van Rabobank te zien."

De dokter Punto van Rabobank dan? Hans Vandeweghe denkt het niet. "Ik geloof steeds minder het dokter Punto-verhaal. Wielerdokters als Leinders en andere zelfverklaarde minimalisten zijn te ver doorgeschoten: hun normen vervaagden, ze verloren het contact met de werkelijkheid. Leinders heeft de alarmsignalen genegeerd. Eerst was er de Tour van 1998, daarna de invoering van de epotest, daarna het bloedpaspoort - de marge om te rommelen werd almaar kleiner, maar Leinders blééf doorgaan. Hij had ook geen alternatief: hij had geen privépraktijk meer en sponsor Rabobank wilde zo graag scoren."

Outcast

In een De Morgen-dubbelinterview met Yvan Vanmol noemt Leinders een wielerdokter in 2006 "een outcast". Maar een drama is dat niet. "Geriaters zitten met euthanasie, gynaecologen met abortus, wij met doping." En dan volgt een onthutsende uitspraak: "Het effect van doping op de prestatie is verwaarloosbaar."

In 2009 vertrekt Leinders na vijftien trouwe dienst bij Rabobank. In 2010 komt hij, op voorspraak van Steven de Jongh (een van de acht ex-Rabobank-renners die hebben bekend, JA), bij Sky. Bradley Wiggins wint de Tour in 2012 voor Sky. Maar als de uitspraken van Leipheimer in het Usada-dossier gaan circuleren, vliegt Leinders aan de deur. "Hij heeft ons voorgelogen over zijn verleden", roept manager Dave Brailsford. Ook Steven de Jongh moet gaan.

Björn Van Melkebeke, voormalig osteopaat bij Rabobank: "Het ontslag bij Sky heeft Geert gebroken. Hij snapte het niet: hij zit vol passie voor wielrennen, hij heeft het beste met de sport voor, maar alleen de slechte dingen worden uitvergroot."

In januari 2013 roept de Belgische Wielrijdersbond Leinders op voor verhoor. Dat levert niks op. Bondsprocureur Jaak Fransen: "Leinders probeerde alles goed te praten." In februari 2013 opent het parket van Dendermonde een strafrechtelijk onderzoek, maar de kans is klein dat in België veel bezwarend materiaal over Leinders te vinden is.

In Nederland is er geen onderzoek naar Leinders. Doping valt er buiten het strafrecht, en in tuchtrechtelijk opzicht gebeurt er niets. Er was de commissie-Sorgdrager, waar mensen uit vrije wil konden getuigen, maar Leinders is daar niet gesignaleerd.

Belgische dopingbestrijders kijken in de richting van het Amerikaanse antidopingagentschap Usada. Usada-topman Travis Tygart, de beul van Lance Armstrong, was erbij toen Michael Rasmussen drie dagen lang is leeggelopen over zijn verleden bij Rabobank. Tygart zou meer bezwarend materiaal over Leinders hebben, maar hij wil nog niks kwijt.

Het is ook onduidelijk of Usada dan wel de internationale wielerunie UCI recht zal spreken in de zaak-Leinders. Dat is afhankelijk van de zaak-Bruyneel, en daarover woedt momenteel een heftige strijd tussen beide instanties. De internationale dopingreglementering is een kluwen.

Leinders zelf ontkent alles. Hij is 55, dokter af, en hij studeert weer. Maar hij is niet bereid tot commentaar, net zomin als zijn vader of zijn advocaat Johnny Maesschalck.

De kans is groot dat met het ontslag bij Sky een einde is gekomen aan vijftig jaar medische begeleiding van wielrenners door de familie Leinders. Met Nero is het in De negen peperbollen ook bruusk geëindigd. De dag na zijn grote succes in de Tour maakte hij zich op voor een nieuwe demarrage op de Izoard. Maar dat ging niet door: hij kreeg een por in de rug en tuimelde in het ravijn. Toen was het over. Zo gaat dat als je diep valt: dan zijn de peperbollen uitgewerkt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234