Zaterdag 05/12/2020

True Detective

Dit is het bizarre decor van True Detective, seizoen 2

Beeld charlie de keersmaecker

In Los Angeles is alles anders dan waar ook op deze planeet. Kijk je verder dan de glamour en glitter van Hollywood, dan zie je gebroken zielen, wandelaars in een doodlopende straat, kleine criminelen en nog grotere losers: welkom in het bizarre decor van Vinci, de fictieve industriële week van het tweede seizoen van de bejubelde HBO-serie True Detective.

L.A. bezoeken is volop genieten van een eeuw popcultuur, en mooi weer het hele jaar door. Wanneer ik na 25 uur reizen in mijn huurwagen stap en naar een motel in West Hollywood rijd, zoeven metershoge reclamepanelen voorbij, roestige jaknikkers, prachtige uithangborden van diners en gitaarwinkels, pas geschilderde gevels en bedrijfjes die tussen bankroet en leegstand schipperen.

Het is niet toevallig een filmisch decor voor een reis: hier is de cinema uitgegroeid tot wat ze vandaag is, hier werd de rockmuziek uit de grond gestampt, hier dromen de mensen grotere dromen dan eender waar ter wereld. Het is een plek die tot de verbeelding spreekt: weet je waar je moet zijn, dan zie je op elke straathoek de geest van een of andere Jim Morrison wandelen. Hier gebéúrt het, dat voel je al na een uurtje cruisen met het raam open.

Beeld Charlie De Keersmaecker

In West Hollywood woon je op wandelafstand van de studio's waar Michael Jackson ooit zijn platen opnam. Iets verder kun je een pint van 8 dollar gaan drinken, of een fles champagne van 8.000, in Chateau Marmont, het beroemde hotel waar artiesten in alle anonimiteit tv's door de vensters kunnen smijten. Niet ver dáárnaast staan de Whisky a Go Go en The Viper Room te blinken in al hun onopvallendheid: dat zijn de plekken waar Led Zeppelin hun eerste noten speelde en waar River Phoenix zijn laatste adem uitblies. Sterren gaan om de hoek naar de kerk, of ontbijten in hippe buurten als Los Feliz. Bioscopen zijn overal: nieuwe complexen op Sunset Boulevard, verlaten theaters uit het tijdperk van de stille film in Downtown.

Het leven loopt in L.A. volgens een andere klok, een metronoom kiest er zijn eigen tempo. Roem, geld en succes worden op een hoger niveau afgetoetst en iedereen is vriendelijk. In Hollywood Cemetery is een wake gaande voor een topmodel dat stierf aan een overdosis: iedereen loopt rond in lange gewaden, vrouwen torsen duizelingwekkende decolletés, er wordt gebeden en gefeest, terwijl het Hollywood-teken het laatste restje zon vangt. Op elke straathoek is er een dierenwinkel, hier en daar een dierenhotel: honden kunnen er voor een paar honderd dollar de nacht doorbrengen in een luxesuite, maar ze moeten eerst op gesprek komen om te zien of het brave beestjes zijn. In de stad mag je - bye, logica - rechts afslaan bij rode lichten.

Om maar te zeggen: Los Angeles is een bevreemdende, wilde plek die niet volgens de werkelijkheid functioneert, maar ze hypnotiseert je wel waar je bij staat.

Beeld Charlie De Keersmaecker
Beeld Charlie De Keersmaecker

"Ik hou van Los Angeles. Ik hou van Hollywood. De mensen zijn prachtig. Iedereen is van plastic, maar ik hou van plastic. Ik wil zelf van plastic zijn." Andy Warhol

In de bejubelde tv-serie True Detective is er van dierenhotels of trendy clubs geen spoor. De types die er de straten bevolken zijn grijze, afgeleefde schimmen van mensen die hun glorieperiode - als ze er al één hadden - jaren geleden beleefden. Zelfs Rachel McAdams, de sweetheart in een halve buslading romantische komedies, ziet er afgepeigerd uit met amper make-up en nog minder slaap. De hoofdpersonages, stuk voor stuk flikken die het niet zo nauw nemen met de wet dan wel hun eigen gezondheid, kunnen geen huis doorzoeken of ze vinden er een geheime pornostudio, een drugslab of een prostitutiering. Maar True Detective speelt zich af in Vinci, een fictieve setting: mijlenver van het échte L.A., ongetwijfeld, een vuile côté van een verre buitenwijk waar nette mensen hun schoenen niet moeten vuilmaken. Toch?

Terug naar het motel in West Hollywood, in zo'n nette wijk: daar lummelt een jonge kerel met bebloede lip naast het voetpad. Hij heeft een T-shirt van L.A. aan, roept iets over Jezus en legt zich dan op een bankje. Schoenen draagt hij niet. Overal lopen dealers rond: één kerel - met vijf truien bij dik 30°C - staat te ijsberen op de parking van het motel, terwijl aan de ingang een maat van 'm handsignalen geeft. Binnen een straal van honderd meter staan vijf bushokjes en daar liggen allemaal mensen te slapen, soms uren aan een stuk. Mannen met baarden duwen winkelkarretjes voort met hun hele hebben en houwen, het zijn verzamelaars van alles en niks. Ze praten afwisselend met de lucht en tegen zichzelf. Sommige daklozen zijn oud, vuil en afgeleefd, anderen zien er zo verfomfaaid niet uit. Op een avond zitten twee jonge gasten onderuitgezakt op het trottoir: de één bindt de arm van de ander af met een rubberen tube, geen idee wat ze in hun gedeelde spuit hebben gepropt.

"Come to Los Angeles! The sun shines bright, the beaches are wide and inviting, and the orange groves stretch as far as the eye can see. There are jobs aplenty, and land is cheap. Every working man can have his own house, and inside every house, a happy, all-American family. You can have all this, and who knows... you could even be discovered, become a movie star... or at least see one. Life is good in Los Angeles... it's paradise on Earth. Ha ha ha ha. That's what they tell you, anyway." L.A. Confidential

Zo is het overal in L.A. De openingsscène van David Lynch' Blue Velvet is een mooi, veelzeggend beeld, ook al speelt het zich niet af in de stad: de camera gaat van de blauwe lucht naar beneden, richting wit hekje met een bosje rode rozen ervoor. Kinderen gaan naar school, een brandweerman wuift naar de camera en een grijsaard watert zijn gazon. Plots valt die laatste dood neer en gaat de camera nog wat dieper, dóór het groene gras heen en tot aan de wormen en maden die eronder wroeten. De boodschap: hoe mooi het uitzicht ook, in de donkere hoekjes zit altijd vuiligheid.

Maar zo ver hoef je hier niet te kijken: in L.A. is de smurrie allang tot aan de oppervlakte gekomen, in West Hollywood en ver daarbuiten. Niet alleen in de kwade buurten, maar ook gewoon, op de straathoek. Je ziet het nergens beter dan in Downtown.

Beeld Charlie De Keersmaecker

Downtown is een verlept stadsdeel, het enige stuk L.A. waar een poging tot wolkenkrabbers werd ondernomen en dat na jaren verloederen nu stilletjes weer opkomt. Je vindt er de mooiste bioscopen uit de jaren 20 (dichtgetimmerd) en nieuwe filialen van Urban Outfitters (net open). Je koopt er kostuums voor 50 dollar en Hello Kitty-rugzakken met kleingeld. Alle slag mensen gaat er naar het werk en als je iets wilt huren of kopen, is dit de buurt waar je het meeste succes zal hebben: wie weet vind je zelfs iets dat je kunt betalen. Het is een wijk in de overgang, die binnen een paar jaar terminaal hip zal zijn. Tenminste: als je aan de juiste kant van Main Street blijft. Aan de andere kant begint Skid Row.

De zwervers in de binnenstad zijn er slecht aan toe; met de zwervers in Skid Row is het áfgelopen, ook al wandelen ze nog rond. Met tientallen tegelijk staan ze op straat, in vuilniszaktenten en afvalbunkers. In een deuropening staat een gast met een baseballpet; af en toe vliegt hij zomaar de straat op, zingend of roepend.

In een zijstraat wandelt een meisje dat ergens tussen de 20 en de 50 schommelt; ze draagt een kort, doorschijnend shortje en een al even kort T-shirt. Ze wiegt graag en goed met haar heupen, maar haar huid is pokdalig en haar gezicht een verwoest landschap van te veel klappen en nog meer wegvretende rommel in haar bloed. Drie mannen fluiten haar na en ze laat zich die aandacht welgevallen: wat ze heeft moeten doen voor die gelukzalige staar in haar ogen, hoef ik niet zonodig te weten.

Verder zijn er amper vrouwen, maar de mannen zijn er ook alleen fysiek: iedereen is weg van de wereld en moe van de warmte. Dit is de rock bottom waar je aankomt als je nergens anders meer kunt zijn, waar het alleen nog uitkijken is naar de laatste halte op je reis.

Het is een van de ongemakkelijkste plekken die je in een wereldstad kunt bezoeken. Je bent er op dertig minuten van Beverly Hills, waar elke straat zijn eigen securityguard heeft, en waar de vuiligheid wél nog netjes onder de groene gazonnetjes samengetroept blijft.

Beeld Charlie De Keersmaecker

"Schud de wereld door elkaar en al wat niet vastzit, belandt in Los Angeles." Frank Lloyd Wright

Net zoals er ver weg in de wereld altijd armoede zal zijn ter ondersteuning van ongebreideld kapitalisme, zo eist het succes van Los Angeles zijn tol. De geschiedenis leert ons dat de lucht er net explosiever is dan elders in Californië: in de jaren na de oorlog was het híér dat de misdaadcijfers de hoogte in vlogen, waar ontslagen soldaten na jaren over de plas aan het vechten en moorden sloegen, waar grimmige misdrijven als de Black Dahlia-moord de krantenkoppen domineerden.

Het is ook híér dat de rassenspanningen van de late jaren 80 eindelijk tot uitbarsting kwamen na de mishandeling van Rodney King in '92. Het is híér dat drive-by shootings voor het eerst sinds de jaren 30 weer hun intrede maakten. Misschien omdat híér dromen horen te worden waargemaakt, en omdat mensen zot worden wanneer die van hen aan diggelen worden geslagen.

Rond die tweespalt dromen/desillusie heeft zich in de loop der jaren een hele industrie opgetrokken. De aanwezigheid van armtierig én glamoureus in hetzelfde straatbeeld is een voortdurende herinnering aan de richting die je leven kan nemen: vanuit het niks kun je de wereld veroveren, en vanaf je troon kun je laag vallen. Er is geen vangnet: het zwerversbestaan is er niet alleen voor drugsverslaafden, maar ook voor slechte investeerders, domme beslissers en koppige gokkers.

Amerika is het rijk van de selfmade man. Het lijkt niet zo'n gek idee dat er voor elke fortuinzoeker een individuele schatkaart bestaat, een route naar de roem. En er zijn meer dan genoeg mensen die je willen helpen zoeken, voor een prijsje: helderzienden (op elke straathoek hetzelfde bordje: 'Psychic') kunnen voor 500 dollar de negatieve invloed uit je leven bannen. Scientology - eigenaar van alle mooiste gebouwen van de stad, en een blauwe kerk ter grootte van een klein dorp - is de leer van de self-improvement: zij bieden je cursussen aan die je IQ op één weekend met zes punten doen stijgen. Zij zeggen je waar het fout zit, om er samen met jou aan te werken. Hun winkel stopt nooit met draaien, want niemand, zeker niet in L.A., is perfect, maar iedereen wil het wel wórden.

Meer nog: hier móét je wel.

"L.A. is een microkosmos van heel Amerika:

valt L.A., dan valt het land." Ice T

In tegenstelling tot reeksen als Entourage en Californication kun je in True Detective de seedy side van de stad próéven, kun je voelen dat elk personage aan de rand van zijn of haar persoonlijke afgrond balanceert en begrijp je daardoor beter de wanhopige beslissingen die zij soms moeten nemen.

De glamour van L.A. was al vaak genoeg gevat; het is goed om te zien hoe L.A. evengoed een gevangenis kan zijn. De mythe wil dat daklozen vroeger vanuit heel Amerika een ticket betaald kregen richting City of Angels: daar zou het probleem niet opgelost worden, maar wel uit het zicht blijven. In True Detective voel je dát L.A.: the end of the line.

Op de luchthaven werkt een oude man voor het huurwagenbedrijf. Zijn glimlach mist twee tanden, maar verder ziet hij er gezond uit. Hij blijkt in Downtown opgegroeid ("Skid Row? Bad vibes, man!") en ik vraag hem even langs de neus weg hoe hij de ellende in de stad ervaart. Die donkerte die in de lucht hangt en die je met voldoende verbeelding kunt rúíken, zoals het monster IT uit het gelijknamige boek van Stephen King: de put die onder de laatste strohalm opdoemt, de wanhoop die in de schaduw van de palmbomen hurkt. De man gebaart lachend naar de hemel: "Darkness? I dunno man! I guess it is what it is."

Het uitzicht, de dromen, de belofte van méér: wie kan er nu weerstaan aan de verleiding om mee te surfen op de trip die deze stad aanbiedt? Want je kunt het ook van de andere kant bekijken: boven op al die wrangheid, die lelijke waarheid van het leven, ligt ook zó veel moois. Ik ben van Los Angeles gaan houden.

De reeks 'True Detective' is nu te bekijken via Play More van Telenet

Beeld Charlie De Keersmaecker
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234