Dinsdag 01/12/2020
Beeld Geert Joostens

Column

Discrete Europeanen kunnen niet begrijpen dat stilte voor Amerikanen onbelangrijk is

Annelies De Rouck (37) woonde 15 jaar in Londen, Amsterdam en New York. Onlangs verhuisde ze terug naar Brussel. 

Een Belg (ikzelf), een Fransman en een Paraguayaan gaan samen op restaurant in een klein dorp in Amerika. Wanneer een naburige tafel uit volle borst ‘Happy Birthday’ begint te zingen en het personeel gezellig ­meedoet, reageren de drie buitenlanders tegelijkertijd met “this is só American!” Gevolgd door een samenzweerderig lachje en enkele momenten van stilte, want door het gezang heen proberen praten, dát zou pas Amerikaans zijn.

Hoe leuk het enthousiasme van Amerikanen ook is, het volume waarmee dit geuit wordt, is soms moeilijk te begrijpen voor de meer discrete Europeaan. Ook Zuid-Amerikanen staan niet meteen bekend om hun ingetogenheid, maar dat laat ik even terzijde.

Op bezoek in België viel het me altijd op hoe stil het was op ­restaurant. Gasten houden hun conversatie ingetogen en willen vooral niemand storen, lijkt het. In Amerika wordt er luid gediscussieerd en gelachen, geen kat die zich afvraagt wat de tafel ernaast daarvan vindt.

Het verschil in geproduceerde decibels beperkt zich niet tot het spreekvolume van de bevolking. Amerikaanse auto’s bijvoorbeeld zijn merkbaar ­luider dan Europese auto's. Een zacht dichtvallende deur à la Audi of BMW, dat snappen ze hier niet zo goed. Dat is voor softies. Laat die truck maar lekker knallen, zodat ze weten dat ik hier ben.

In reclames voor huishoudelektronica wordt in België vaak de stilte van het toestel geprezen. Geruisloze vaatwassers, wasmachines die niet te veel trillen... hoe serener, hoe beter. Terwijl de Belg investeert in ­vertragende keukenlades met geluiddemping, hangt er uit elk raam in de VS een airconditioner met het volume van een klein motorvoertuig. In de winter hoor je onophoudelijk gesis en geklop als je, zoals de meeste appartementsbewoners, stoomradiatoren hebt, of luid geblaas als je een forced air-systeem hebt. Een verwarmingssysteem dat je niet of amper hoort, daar kon ik wel eens heimwee naar krijgen tijdens mijn negen jaren in de VS.

Mijn Franse tafelgenoot vertelde dat hij om zes uur die ochtend met de hond was gaan wandelen. Uit de lokale brandweerkazerne kwam een brandweerwagen tevoorschijn en ook al was er geen verkeer, de loeiharde sirenes gingen enthousiast aan. De hele buurt wakker, want het mag geweten zijn dat de brandweer zijn werk doet. Sirenes zijn next level luid in Amerika. Oorverdovend en veel melodischer dan in België, alsof een standaardsirene wel eens genegeerd zou kunnen blijven. Het brandweeralarm in Bellport, het dorp waar ik het laatste anderhalf jaar woonde, wordt elke dag getest. Elke dag. Om 12 uur. De brandweer­kazerne staat naast een restaurant en wie daar zit te lunchen, riskeert gehoorschade. Nooit heb ik iemand horen klagen over dat alarm. De brandweer, die redden levens, die maken zoveel lawaai als ze willen.

Verkoop dat maar eens aan een Belg met zijn stille keukenlades.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234