Dinsdag 22/09/2020

Review

'Dirty money' laat de woede van de maker overslaan op de kijker

In 'Dirty Money' vertellen de makers van 'The Apprentice' hoe ze het aftandse kantoor in de Trump Tower lieten ombouwen tot het kantoor van een tycoon.Beeld ap

Woede kan een schitterende motor zijn. En het inspireerde zeker een aantal documentairemakers in hun portretten van graaiers, oplichters en fraudeurs in de zesdelige documentaireserie Dirty Money. Die staat al een paar maanden op Netflix, maar, zo blijkt, woede is prima houdbaar.

In de beste afleveringen van Dirty Money slaat de woede makkelijk over naar de kijker en dan ontstaat er een gevoel dat de Amerikaanse televisiecriticus Matt Zoller Seitz heeft omschreven als ‘the most fun you can have while being pissed off’ (zoveel lol als je kunt hebben terwijl je pissig bent).

De rode draad is een fraudezaak, waarvan in enkele gevallen de verantwoordelijken achter de tralies zijn beland, en in een specifiek geval president van de Verenigde Staten is geworden. De beste aflevering is Drug Short van Erin Lee Carr, over de manier waarop de farmaceutische industrie in handen van Wall Street is gevallen. Relatief kleine spelers op de markt, die veel hebben geïnvesteerd in research en soms het monopolie op een medicijn hebben, worden opgekocht door grote bedrijven, die onmiddellijk het dure laboratorium sluiten en de prijs van het medicijn zonder met de ogen te knipperen vertienvoudigen – of erger. De patiënten kunnen geen kant op. Voor veel mensen betekent het de dood, of bankroet en dan alsnog dood. Bevredigend is dat we hier de ondergang van een van die geldwolven volgen, zonder dat het consequenties heeft voor Wall Street, overigens.

Kortetermijncashprobleem

Even stuitend is Payday van Jesse Moss, over de reusachtige payday-industrie, waar vooral mensen met ‘kortetermijncashproblemen’ (ander woord voor arm) geld kunnen lenen tegen woekerrentes. De geniepige kleine lettertjes zorgen ervoor dat ze hoe dan ook moeten bloeden. Deze aflevering wordt geheel verteld vanuit het perspectief van payday-tycoon Scott Tucker, die uiteindelijk voor jaren de cel ingaat, vanwege grootschalige fraude. En ook Tucker, zoals veel van zijn collega’s in Dirty Money, vindt zichzelf een schitterend voorbeeld van het vrije ondernemerschap, in een land waar de sukkels, de losers en de zieken erop wachten geplukt te worden.

En dan Trump. Je denkt dat je het nu allemaal wel weet, maar The Confidence Man van Fisher Stevens werpt toch nog een scherpe blik op het verleden van de huidige president. Hoe hij in de jaren 90 eigenlijk een mislukt rijkeluiskind was, met talloze faillissementen in zijn spoor. De makers van realityshow The Apprentice vertellen hoe ze zijn aftandse, afgebladderde kantoor in de Trump Tower lieten ombouwen tot het kantoor van een tycoon. En hoe ze Donald Trump vervolgens in dat decor hebben neergezet. De rest is, enfin, u weet hoe het afloopt.

Dirty Money is nu te zien op Netflix.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234