Donderdag 24/10/2019

fotografie

Dirk Lambrechts, fotograaf achter nieuwe rubriek ‘Geborgen’: "Ik wil mezelf herbronnen"

Dirk Lambrechts, zelfportret. Beeld Dirk Lambrechts

"Fotografie is tekenen met licht, dat is de basis." Hij kwam via een omwegje in de fotografie terecht en staat nog altijd graag achter de lens. "Het is een bevoorrecht contact dat je dan hebt met de mensen." Een kennismaking met Dirk Lambrechts, fotograaf en bedenker van de nieuwe rubriek in DM Magazine: ‘Geborgen’.

We kennen elkaar al lang. Ik als journalist, Dirk als een van de betere modefotografen. “Modefotografie, daar ben ik ingerold. En toch ook weer niet. Bij een tante ontdekte ik het tijdschrift Avenue, en dat fascineerde me. Sommige beelden staan nog steeds op mijn netvlies: de shoot van Thierry Mugler op de ijsschotsen, spectaculair. Iconisch. Hoewel ik toen twaalf moet zijn geweest, en hoogstens wat vakantiefoto’s had genomen, was ik gefascineerd door die reportages. Ik tekende heel graag, maar ik zag dat je met een camera ook een droomwereld kon ­creëren.”

Een grafische vorming, gevolgd door een kort bezoek aan de Antwerpse Academie – “Ik vond er mijn draai niet” – resulteerde in een opleiding tot fotograaf. “Ik voelde me er meteen thuis. Met mijn eerste stappen in zwart-wit zocht ik een antwoord op de vraag: hoe zie je de realiteit? En van daaruit ga je naar een abstractie van de werkelijkheid en ontwikkel je je eigen visie. Al snel drong modefotografie zich op als een mogelijkheid. Ik kon er een eigen universum creëren, een verhaal vertellen. En ik vond het fijn om met een team van mensen te werken. Dat had als portretfotograaf ook gekund, maar in de mode kon je toen verder gaan. Je kon het model gebruiken als een actrice om jouw visie te vertolken, je kon in je foto’s verwijzingen naar kunst en film steken. Ik heb meer dan twintig jaar heel graag als modefotograaf gewerkt, voor mooie titels als Vogue en Madame Figaro; in België, maar ook in Milaan, New York en Parijs; tot er almaar minder creatieve vrijheid was en almaar meer commerciële eisen werden gesteld.

“Mode moet een beetje mysterieus en magisch blijven, moet zijn glamoureuze kant behouden. Ik herinner me nog een reclamecampagne van Yohji Yamamoto: twee katten­ogen op een dubbele pagina. Geen kledingstuk te zien. Maar wat een power. Dat kan nu niet meer. Elk beeld moet in een postordercatalogus passen, en dan zijn we fout bezig.

“De job had voor mij op den duur nog weinig met fotografie te maken en meer met marketing en commercie. Ik wilde terug naar de basis, herontdekken waarom ik voor fotografie had gekozen, mezelf herbronnen, mijn creativiteit aanboren.”

Het zijn dappere mensen die opnieuw kunnen beginnen. “Een lucratieve baan laten vallen voor het onzekere, dat is beangstigend. Het is zoeken en uitproberen.”

Samen met zijn indrukwekkende beelden van wolkenpartijen, de Flemish Light-reeks, was 'Cover-ed' een van de eerste projecten die Dirk voelde opborrelen. Een eerbetoon aan zijn vader, met in de hoofdrol twee dekens die zijn grootvader meebracht uit WO II, nu al drie generaties lang liefdevol gekoesterd. Dirk drapeert ze over de mensen die hij wil portretteren. De dekens zetten niet alleen een conversatie in gang, maar weken gevoelens los. Sommige modellen verstoppen zich eronder en zoeken bescherming. They run for cover, ze zoeken dekking. Anderen dragen ze trots als een Romeinse keizer, geven zich bloot onder de dekens.

Telkens wordt hun foto de cover van hun eigen verhaal. Elke shoot is een ontdekkingstocht en een wisselwerking tussen model, visagist en fotograaf. Dirk: “Het is terug naar de basis: een camera en een ‘poseur’. Heel persoonlijk en intiem. Een mooi contact in de studio. Mijn modellen kunnen zich niet verstoppen, maar ik ook niet.”

Oude meesters

Lambrechts is een groot bewonderaar van wat hij de oude meesters noemt. Hij apprecieert de kleur van Harry Gruyaert, de fil­­m­ische sfeer van Peter Lindbergh, de abstractie in zwart-wit van Edward Weston, de esthetische subversiviteit van Robert Mapplethorpe, het elegante, baanbrekende werk van Jeanloup Sieff, maar vooral de kracht en eenvoud van Irving Penn. “Penn zei: hoe langer je naar iets kijkt, hoe meer schoonheid je ontdekt. Hij heeft foto’s van sigarettenpeuken waar ik uren naar kan ­staren, en nog weet ik niet hoe hij het ­klaarspeelt om afval zo waanzinnig mooi in beeld te brengen.”

Voor zijn serie wolken, Flemish Light, raadpleegde hij weer andere meesters: Turner, Caravaggio, Caspar David Friedrich, Vermeer… “Kunst is een blijvende bron van inspiratie. Het spel van licht en donker, de beheersing van kleur. Ik leer er altijd nog van bij.”

Uiteindelijk drijft het woord schoonheid, een haast vergeten begrip, naar boven als bindende factor. “Alle respect voor oorlogsfotografen, maar ik heb me zelf altijd meer aangetrokken gevoeld door schoonheid. Ik wil iets maken wat echt en mooi is, ik streef nog altijd naar een min of meer klassieke esthetiek.”

Het boek Flemish Light is te koop bij boekhandel Peinture Fraîche (peinture-fraiche.be) en in het fotomuseum Antwerpen (fotomuseum.be), 75 euro. Meer van zijn werk via dirklambrechts.com

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234