Zaterdag 03/12/2022

Dilma Rousseff leidt de samba in Brazilië

‘Kingmaker’ Marina Silva, de groene kandidate die bij de eerste ronde verrassend een wig dreef in het duel tussen de socialistische Rousseff (62) en haar sociaaldemocratische rivaal José Serra (68), gaf uiteindelijk geen stemadvies.

Een televisiedebat gisteravond was de laatste kans voor oud-minister van Volksgezondheid en voormalig gouverneur van São Paulo José Serra om het tij nog te keren. Maar een opiniepeiling van het bureau Datafolha die eerder op de dag in de krant Folha de São Paulo verscheen, liet er weinig twijfel over heel: zondag, in de tweede ronde van de presidentsverkiezingen, wint Dilma Rousseff, de kandidate van de centrumlinkse Arbeiderspartij (PT) en van uittredend staatshoofd Luiz Inácio Lula da Silva. Lula was het die Rousseff naar de nominatie katapulteerde en daar in februari de steun van zijn partij voor kreeg. Hoewel ‘Dilma’ er een decennialange linkse militantie op heeft zitten en in de jaren zeventig zelfs kortstondig als guerrillera door het leven ging, werd ze pas in een recent verleden lid van de PT. Daar was ze Lula in de eerste plaats opgevallen als gedegen manager, waarna ze zijn kabinetschef werd.

Een campagnebeest is Rousseff echter niet gebleken, net zo min als haar rivaal. Niet alleen mankeert het beiden volgens alle waarnemers aan charisma, ook hun respectieve programma’s vielen in grote lijnen met elkaar samen. Dat Rousseff toch aan de leiding komt, heeft alles te maken met de fenomenale campaigner die de huidige president weer gebleken is.

Al is net Lula’s aandrang veel Brazilianen ook in het verkeerde keelgat geschoten. “We zijn toch geen dreumesen die bij het handje naar de stembus moeten worden meegetroond?”, zo geeft een in Brussel residerende Braziliaanse lucht aan haar ongenoegen.

Wederzijdse verwijten

Toch zijn er nog andere redenen voor het voorspelde succes, zondag, van blanco- en niet-stemmers: volgens de peilingen zijn veel stemplichtigen bijvoorbeeld weinig ingenomen met de wijze waarop beide kandidaten elkaar allerlei verwijten naar het hoofd slingerden. Bijwijlen klonk het zowaar alsof een stem voor Rousseff van Brazilië een Castrodictatuur zou maken, of omgekeerd, alsof kiezen voor Serra hetzelfde was als opteren voor achteruitgang. Terwijl Rousseff Serra afdeed als een kandidaat van de oligarchie, beklemtoonde Serra haar gebrek aan electorale ervaring (het is inderdaad de eerste keer dat ze aan een stembusgang meedoet), waar hij zijn eigen lange staat van dienst tegenoverstelde.

Of nog: terwijl de groene kandidate Marina Silva, die op 3 oktober een verrassende 19 procent van de stemmen haalde, uiteindelijk geen stemadvies gaf voor de tweede ronde, was haar naam door toedoen van inhalige Serrafans op diens sympathisantenlijst terechtgekomen. Bij de PT wisten ze zich dan weer plots van de steun van de bekende dichter Ferrera Gullar verzekerd, terwijl die laatste nergens van af wist. Eén keer ontaardde het symbolische wapengekletter in een daad van agressie, toen José Serra bij een bezoek aan Rio de Janeiro lijfelijk belaagd werd door een groep boze PT-militanten.

Pinksterprotestantisme

Toegegeven: dat Dilma Rousseff een tweede ronde nodig had en anders dan de opiniepeilers voorspeld hadden niet meteen tot president verkozen werd, maakte de campagne kortstondig spannender dan ze tot dan toe geweest was. Vooral het evangelische electoraat - dat om religieuze en niet om ecologische redenen voor de tot het pinksterprotestantisme bekeerde Marina Silva had gestemd - dreigde roet in Rousseffs eten te gooien. Die laatste nam meteen een discreter profiel aan inzake progressieve issues als abortus en homohuwelijk, een strategie die kennelijk vrucht heeft afgeworpen.

Grote heisa was er de jongste weken intussen over de rol van de pers. Met zelden gezien vitriool trokken vooral ’s lands klassieke grote kranten de kaart van Serra, een voorkeur die een golf van protest genereerde in de nieuwe media, het internet dus.

“Brazilië is de jongste jaren op spectaculaire wijze gedemocratiseerd”, meent, daarover gebeld in Rio, vorser Giancarlo Summa. Summa, auteur van het onlangs in Parijs uitgegeven werk Le rôle politique de la presse au Brésil. De l’élection à la réélection de Lula, maakt echter een uitzondering voor de pers. “Het analfabetisme is op spectaculaire wijze teruggedrongen, de sociale indicatoren zijn fors verbeterd, de economische groei is opzienbarend. Maar de grote kranten, die van oudsher tot een handvol families behoren, blijven de vehikels van een aantal politieke en economische belangen.”

Zo komt het dat alle euvels van Dilma keihard in de verf gezet werden terwijl onthullingen die tegen Serra konden worden gebruikt, altijd weer onderbelicht bleven. “Telkens als president Lula daar een opmerking over maakte, schreeuwden kranten als O Estado de São Paulo, O Globo of Folha de São Paulo moord en brand, en hadden ze het over censuur”, aldus nog Summa.

Toch, zegt de onderzoeker, zijn de gezaghebbende media niet in staat een verkiezing in hun voordeel te doen uitvallen. “Hooguit kunnen ze nog op de politieke agenda wegen. Daartegenover staat de rol van het internet. Terwijl de kandidaten daar onvoldoende en niet op de juiste wijze gebruik van hebben gemaakt, zie je dat tientallen politieke blogs een democratisch tegenwicht geboden hebben.”

Alleszins lijkt het duidelijk dat Lula - in casu zijn kandidate Dilma - ook zonder de media kan winnen. Al blijft het daarvoor uiteraard wachten tot zondag.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234