Dinsdag 01/12/2020

Diepe krassen in Teflon Didier

uh, voorzitter...” Het wordt even stil in het zaaltje van het partijhoofdkwartier aan de Guldenvlieslaan, waar de MR haar wekelijkse federatieraad houdt, wanneer senator Alain Courtois zijn keel schraapt en het woord vraagt. Courtois, vooral bekend als voetbalbobo, is niet bepaald de grootste mond in de partij, maar nu luistert iedereen gespannen naar zijn tussenkomst. “Je hebt deze morgen een brief ontvangen. We zouden graag een antwoord van jouw kant horen.” Het is maandagochtend 19 oktober, 10 uur. Vanaf nu zal niets nog zijn wat het was bij de Mouvement Reformateur.Een halfuur voordien heeft Didier Reynders in zijn bureau een delegatie van vier parlementsleden ontvangen. Europarlementslid Fréderique Ries, Kamerleden Marie-Christine Marghem en Olivier Destebecq, en Waals parlementslid Gilles Mouyard overhandigen hun partijvoorzitter een brief, ondertekend door 37 MR-mandatarissen (zie kader voor de letterlijke tekst). De delegatie legt uit wat ze willen. Dat Reynders zijn partijleiderschap ter beschikking stelt en binnen de twee maanden voorzittersverkiezingen organiseert. Of anders dat er een referendum onder de leden komt over de cumul van het voorzitter- en vicepremierschap van Reynders.Het woord ‘ontslag’ valt niet. Niet in de brief, niet in de toelichting. Het kwartet gezanten dat is uitgestuurd behoort ook niet tot de ‘usual suspects’ van querulanten die al maandenlang in de kranten het gezag van Reynders in vraag stellen. Het viertal is kundig gekozen uit alle geledingen en regio’s. De aanval is dan ook minutieus voorbereid, daags voordien in het chique businesshotel in Elsene met de nogal toepasselijke naam ‘Renaissance’. Waals fractieleider Willy Borsus verzamelt er een dertigtal getrouwen voor de eindredactie van de bewuste brief. Elk woord wordt gewikt en gewogen. Zijn ook aanwezig: Louis en Charles Michel, sinds lang achter de schermen in de contramine met Reynders en nu voor het eerst ook openlijk in het verzet. Hun aanwezigheid en hun handtekening alleen al verleent de samenzwering het effect van een putsch. “Il est temps de sortir du bois”, klinkt het. Als er later effectief een nieuwe kandidaat-voorzitter moet opstaan tegen Reynders, kan het niet anders dan Charles Michel worden. De Michels azen al langer op de herinname van het partijhoofdkwartier, maar durfden tot dusver het openlijke gevecht nog niet aan. Reynders verkondigde al bij herhaling voorzitter te willen blijven en overleefde de vele tackles van partijgenoten en de kritiek op de zomeruniversiteit en de partijraad van september.Maar nu is het anders. Directe aanleiding voor de rebellie is de verwijdering van Christine Defraigne als Senaatsfractieleider vorige week donderdag. Defraigne is een furieuze Reynderscritica maar ook een stemmenkanon in Reynders’ eigen achtertuin in Luik. Na een zoveelste kritische uithaal naar de eigen voorzitter werd ze donderdag koudweg vervangen als fractieleider, met nog wat beledigende sneren erbovenop. Reynders, die nogal ongeloofwaardig ontkent iets met de defenestratie te maken te hebben, hoopt zo zijn critici op andere gedachten te brengen. Een mogelijk fatale misrekening. Gleed alle kritiek van ‘Teflon Didier’ jarenlang af als boter van een antikleeflaag, dan ruiken zijn vele tegenstanders nu eindelijk hun kans voor een revanche. De opstand komt allerminst uit de lucht vallen. Het gezag van Reynders is al langer aangetast, en daar zijn een paar erg goede redenen voor.

1.Hard en harteloos profiel

De politieke neergang van Didier Reynders begint, zoals dat in een democratie nu eenmaal gaat, bij een verkiezingsnederlaag. Het verlies bij de regionale stembusgang van 7 juni had Reynders evenwel niet zien komen. Zot van glorie en van peilingsresultaten zag hij zichzelf al ‘definitief’ het politieke marktleiderschap in Wallonië overnemen. Reynders zou daarmee eindelijk de ambitie realiseren die Louis Michel zelfs met de omvorming van de PRL tot de MR nooit had kunnen waarmaken: hij zou de PS, zwaar gebukt onder de schandalen van Didier Donfut tot Anne-Marie Lizin, in de oppositie duwen. Het liep even anders: de PS houdt al met al stand, Ecolo pikt de volledige protestbonus in en de MR zelf gaat zelfs nog achteruit. Eigenlijk had Reynders op de verkiezingsavond al ontslag moeten nemen, maar de voorzitter ontkent zowat de nederlaag en verschuilt zich achter de mooie uitslag in het Brusselse Gewest. Ook al kan hij ook daar de meerderheid allerminst breken.In retrospectief is de gelijkenis met de blunders van de VLD bij de kiescampagnes van halfweg de jaren negentig zo treffend dat ze pijn doet aan de ogen. Bij de Europese verkiezingen van 1994 rekenen de pas tot VLD omgevormde Vlaamse liberalen zich ook rijk op basis van onrealistische peilingsresultaten. Het stembusresultaat valt dik tegen en de champagne moet in de koelkast blijven. Een jaar later bij de federale verkiezingen kiest oppositieleider Guy Verhofstadt dan weer voor een snoeiharde anticampagne met affiches waarin het einde van het wettelijk pensioen wordt aangekondigd. Vijftien jaar later maakt Reynders exact dezelfde fouten. Zijn harde en harteloze campagne bruuskeert de Waalse kiezer, op zoek naar enig houvast in tijden van crisis. Die vinden ze wel bij de ‘sociale zekerheid’ van Elio Di Rupo. Zoals in 1995 in Vlaanderen de door Agusta geteisterde SP van Louis Tobback overkwam, inderdaad.Met afgrijzen ziet Louis Michel hoe zijn goedmoedig ‘sociaal liberalisme’ verkwanseld wordt door het cynische optreden van zijn voormalige poulain. Niet alleen aan stembus, maar ook in de pop-polls taant de ster van Didier Reynders. “Reynders is hier en nu geen troef voor de partij”, liet de oude Michel zich vorige week nog in het RTBF-tv-programma Répondez @ la Question ontvallen. Toen al was duidelijk dat de crisis in de partij nog lang niet bezworen was.

2. Strategische blunders

Wat Reynders ook van de nederlagen van de jonge Verhofstadt had kunnen leren is dat een harde anticampagne een ambitieuze centrumpartij niet alleen kiezers kost, maar ook politieke bondgenoten. Ook Louis Michel droomde ervan het machtsmonopolie van de PS te doorbreken, maar hij was wel zo sluw om ergens in het voorjaar van 1999 in een Brussels appartementje een verbond te sluiten met Elio Di Rupo over een gezamenlijke regeringsdeelname. Reynders daarentegen jaagt de concurrentie in elkaars armen. Door met onnodige arrogantie het woordvoerderschap namens de Franstalige partijen bij de communautaire onderhandelingen op te eisen, verwijdert hij zich definitief van de PS en het cdH. Zelfs Ecolo, de logische bondgenoot in een alternatieve politiek voor Franstalig België, begint zich met het naderen van de verkiezingen steeds meer te distantiëren van de MR.Door te blijven inhakken op het ‘kartel’ van PS en cdH, in plaats van zelf een alliantie met cdH-voorzitster Joëlle Milquet op te zetten, betaalde Reynders ook eerder al als vicepremier een zware prijs. Onder het interim-premierschap van ‘vriend’ Guy Verhofstadt wordt zowaar de PS weer aan boord van de federale regering gehaald. Reynders blijkt niet bij machte het verlies van politieke macht te keren. De verkiezingsoverwinning van 2007, met dank aan Sarkozy, draaide zo na een jaar politieke impasse uit op een zware politieke nederlaag.

3. Rommel op Financiën

Weg is sindsdien ook het beeld van Didier Reynders als sluwe strateeg en onfeilbaar toppoliticus. Kreeg hij in de paarse jaren op Financiën nog goede punten - al verminderden die ook al met het verstrijken van de jaren - voor zijn liberale fiscale politiek, dan staat Reynders nu zowat symbool voor het federale malgoverno. Het uitblijven van een deftige belastinginning, het doelbewust onderschatten van de budgettaire kost van de notionele intrest en het blokkeren van een harde aanpak van fiscale fraude breken de regering in tijden van exploderende begrotings-tekorten dan ook zuur op. “Het klopt dat vooral de Vlaamse pers bijzonder kritisch is voor zijn beleid, terwijl hij in de Franstalige media nog redelijk goed wegkomt”, geeft een tegenstander bij de MR toe, “Maar het resultaat blijft het verlies van politiek gewicht voor de MR op regeringsniveau.”Officieel steunen de MR-rebellen Reynders als voorman in de regering. Ze doen dat zelfs erg expliciet in hun brief: “We zijn ons perfect bewust van de onberispelijke en consequente manier waarop je onze ideeën en ons verkiezingsprogramma verdedigt in de regering.” Maar ze wagen hun aanval natuurlijk alleen omdat ze voelen dat Reynders ook in die regering verzwakt is. Daarbij komt nog de dubieuze rol die zijn kabinet speelde in de Fortisaffaire. Reynders is voogdijminister van de Federale Participatiemaatschappij, die namens de Staat optrad in de Fortisrechtszaken. Het staat min of meer dat minstens enkele topmedewerkers van zijn kabinet, via de advocaten van de staat, op voorhand op de hoogte waren van het negatieve arrest van het hof van beroep. In tegenstelling tot CD&V’ers Yves Leterme en Jo Vandeurzen ontspringt Reynders tot dusver de dans. Maar opnieuw kost het hem macht in de federale regering. Het lijkt wel of de betrokkene alvast dat ook zelf beseft. Indiscreties uit de schoot van de federale regering leren dat er sinds de regionale verkiezingen van 7 juni een andere Didier is opgestaan. Charmanter, bescheidener zelfs. Zoals een topminister uit een andere partij het verwoordt: “We doen allemaal alsof onze neus bloedt, maar iedereen voelt wel dat Didier niet goed in zijn vel zit. Alsof hij de macht van tussen zijn vingers voelt glippen.”

4. Alleenheerschappij in de MR

Ook intern in zijn partij heeft Reynders het niet gemakkelijk. De monopolisering van alle machtsposities, gesymboliseerd door zijn ‘double casquette’ van voorzitter en vicepremier, frustreert zijn partijgenoten. “Het probleem met ons voorzitterschap is de voorzitter”, zegt een criticus laconiek. “Reynders leidt de partij als een dictatuur en hij laat zich omringen door een sektarisch clubje van vertrouwelingen.” Klachten borrelen op over een uiteenrafelend partijapparaat, waarin partijstructuren en zelfs het partijbestuur verwaarloosd worden.Nochtans beloofde Reynders bij zijn aantreden als MR-chef net een vernieuwing en versteviging van de interne organisatie, toch ook al niet de fort van het Michelregime dat nog werd voortgezet onder Antoine Duquesne. Reynders kreeg het gebrek aan inspraak al meteen na de recente verkiezingsnederlaag op zijn bord en beloofde, opnieuw, beterschap. Een grootschalige vernieuwingsoperatie (‘Printemps des Réformes’) moet in 2010 de basis leggen voor een electorale comeback. Trop peu, trop tard, oordelen zijn critici. De harde, autoritaire stijl waarmee Reynders en zijn getrouwen intussen dag aan dag de partij - zie ook de defenestratie van Christine Defraigne - blijven leiden, drukt de hoop op openheid ook snel weer de kop in. Bijna dagelijks verscheen er deze zomer in een Franstalige krant een interview met een ontevreden MR-mandataris. De partijtop wimpelde alle kritiek af als ‘marginaal’. Alvast die kwalificatie kan nu niet meer gegeven worden aan het verzet.

5. Impact van het FDF

Voorwerp van intern gerommel is voorts de groeiende macht van het FDF in het MR-huishouden. De radicaal-francofone partij is een van de drie poten van de Mouvement Reformateur (samen met de vroegere romppartij PRL en de dissidente PSC’ers van de MCC) en werd door Louis Michel stevig omarmd om in Brussel een solide machtsbasis te leggen. Operatie geslaagd, maar zeker sinds de aanslepende communautaire impasse over B-H-V en de Brusselse randgemeenten is het politieke gewicht van het FDF danig gegroeid. Zoals de N-VA bij kartelpartner CD&V presteerde, wordt het FDF steeds meer de staart die de hond doet kwispelen. Inclusief dreigementen om het kartel op te blazen en aldus Brussel uit handen te geven. Met de hernieuwde aandacht voor zijn communautaire scherpslijperij is ook de ambitie van het FDF gegroeid. Tot op een niveau waar het de rest van de MR begint te storen. Pas recentelijk kondigde FDF-voorzitter Olivier Maingain aan dat hij zijn partij, die bijna uitsluitend in Brussel en zijn rand actief is, ook wil uitbouwen in Wallonië om er het liberalisme een progressiever en socialer gezicht te geven. Een slag in het gezicht van de traditionele MR en van de clan-Michel in het bijzonder, die net daar haar handelsmerk van gemaakt had. Voorzitter Reynders liet evenwel begaan, omdat hij op zijn beurt steeds meer op het FDF moet steunen om zijn MR-leiderschap te stutten. Ook dat is de rebellen allerminst ontgaan. “Vele mandatarissen vernamen via de pers het initiatief om onze beweging uit te breiden met een nieuwe tak in Wallonië die het gebrek aan sociale bewogenheid van de liberalen moet wegwerken. Vele militanten en mandatarissen beschouwden dat als een onrechtvaardige belediging”, schrijven ze in hun brief. Een ondubbelzinnige verwijzing naar het FDF-imperialisme. Niet toevallig zit bij de ondertekenaars van de protestbrief geen enkele FDF’er. Het FDF is gaandeweg een grote supporter van Didier Reynders geworden. Hoe zwakker de voorzitter, hoe meer zij hun zin kunnen doen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234