Donderdag 25/02/2021

'Die Meistersinger von Nürnberg' opnieuw in de Munt

Toen zeven jaar geleden de oude Munt-productie van Die Meistersinger von Nürnberg uit het vierde Mortier-seizoen opnieuw op de affiche werd gezet, was het vooral de muzikale interpretatie van de toen nog relatief nieuwe muziekdirecteur van de Munt, Antonio Pappano, die van de opvoering een gebeurtenis maakte. Voor het overige kon de herinstudering niet volledig overtuigen. Dat is nu niet anders.

Pappano's opvatting, waarbij toen vooral de gedrevenheid imponeerde, lijkt nog uitgediept. Sommige tempi lijken iets trager geworden maar niet rustiger, de spanning is nog toegenomen. Dat is het duidelijkst in de voorspelen: de ouverture heeft nog altijd veel geweld maar is toch goed gestructureerd en vloeiend; in het voorspel tot het tweede bedrijf is aan de complexe ritmes precies gestalte gegeven en het voorspel tot het derde is een wonder van spanning en evenwicht: goed geworteld in de bas en ondanks de klankenmassa's toch polyfoon opgebouwd. Ook de grote ensembles weet Pappano, ondanks een soms hachelijk koor en enkele onzuiverheden bij de koperblazers, duidelijk te structureren.

Nog altijd dragen de twee zangers die uit de originele productie overblijven, het stuk: José van Dam speelt een bijna minimalistische, wijze, ironische en melancholische Hans Sachs. Zijn zang is in grote gedeelten nagenoeg Sprechgesang geworden maar de beslissende momenten ("Wahn!") hebben grote klasse. Dale Duesing is een wilde, clowneske, in al zijn overdrijving zielige Beckmesser zonder een mooie stem maar met veel karakter. Sommige andere zangers spreiden wel klankschoonheid tentoon, zoals Toby Spence (David) met zijn heldere tenor of Emily Magee (Eva) met een lyrische maar ook een beetje weinig persoonlijke sopraan, terwijl de Meistersinger doorgaans eerder om hun karakter dan om hun bijzondere stemkwaliteit gekozen lijken (misschien met uitzondering van Franz-Josef Selig als Veit Pogner). Een bevredigende bezetting vinden voor Stoltzing is erg moeilijk: Robert Dean Smith heeft mooie momenten (zoals de derde strofe van Walthers lied) maar ook vele zwakkere.

De enscenering (van Kurt Horres) behoudt zijn zinvolle achtergronden, vooral in de overplaatsing naar de negentiende eeuw, met zijn zelfgenoegzame nationalisme, zijn geloof in de vooruitgang en zijn valse hunker naar het verleden (het Bach-standbeeld in het tweede bedrijf is de verbeelding van de Bach-stijlimitaties van Wagner).

Er zijn nog enkele betoverende momenten te beleven, die vooral uit de oorspronkelijke regie en het stemmige decor van Andreas Reinhardt stammen. De invulling daarvan - deze keer gebeurde de herinstudering door François DeCarpentries - is echter bijzonder zwak. Hij heeft er een aantal zinloze elementen aan toegevoegd, zelfs uit de commedia dell'arte. De personenregie lijkt voor de komische momenten, vooral die met het koor, uit Bosmans & Van Coppenolle of het Engelse studententheater (de figuur van David) te putten; voor de innige of heroïsche weet zij geen blijf met handen en blikken. Eva komt niet verder dan poses en oogopslagen uit een vrouwenblaadje en Stoltzing vraagt zich het hele stuk door af of hij de rechtervoet voor de linker moet plaatsen of omgekeerd. Het resultaat is vaak onvrijwillige komisch. De intocht voor de slotscène, met vaandels, trommen en trompetten, doet het nog bij het publiek maar de demagogie is hol en de vormgeving veeleer pijnlijk.

De vraag mag gesteld worden hoeveel keer een op zichzelf waardevolle enscenering van een moeilijk op het toneel te brengen werk een dergelijke herinstudering verdraagt. Het antwoord is waarschijnlijk: geen enkele, behalve als ze door de regisseur zelf gebeurt of door een geestverwant. Je hebt niet de indruk dat DeCarpentries de relativering van de Duitse cultuur, die in de oorspronkelijke regie lag, begrepen heeft. Pappano had dat niet nodig: zijn toegang tot de hoogten en afgronden van Wagner is direct, instinctief en helder.

Nog voorstellingen in de Munt, vandaag , 28 en 30 maart en op 5 en 8 april om 18 uur; op 2 april om 15 uur. Op 2, 5 en 8 april dirigeert Claus Peter Flor; op 5 en 8 april zingt Fionnuala McCarthy de rol van Eva.

Heropvoering van Wagner-opera overtuigt niet helemaal

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234