Donderdag 29/07/2021

Die arme racisten toch

Hoe verwerpelijk hun ideeëngoed ook, politiek talent kun je de Blok-leiding niet ontzeggen. De manier waarop ze een volkomen terechte veroordeling door het Gentse hof van beroep communicatief wisten te vertalen naar een 'door het establishment gestuurde poging om de vrije meningsuiting aan banden te leggen' was grotesk, maar ook efficiënt. Op minder dan zes weken voor de stembusgang staat het Vlaams Blok centraal op de politieke agenda en extreem-rechts voelt zich daar best lekker bij.

Valt er op de opportuniteit van de inhoud het vonnis weinig af te dingen, over de timing ervan des te meer: op een paar weken van de verkiezingen krijgt de racistische partij zo een godsgeschenk, want ze kan zichzelf deels tot inzet van de verkiezingen maken, wat in het verleden al een beproefde methode voor stemmenwinst is gebleken. Op korte termijn zou dit arrest dus wel eens electoraal lonend kunnen zijn, maar op langere termijn doorkruist het wel de strategie die extreem-rechts al een tijdje bewandelde.

De tenoren van die partij waren immers al een tijd lang bezig met een schizofreen discours. De ranzigste en scherpste kantjes van de retoriek werden afgevijld, de extreem-rechtse voorkeuren verdoezeld, van de echte rabauwen aan de buitenste franjes van de partij werd minstens met woorden afstand genomen, het Blok deed er alles aan om voortaan door het leven te gaan als een respectabele rechtse partij. Daarvoor zouden ze het 70-puntenprogramma desnoods binnenkort op de Antwerpse Grote Markt publiekelijk verbranden.

Maar tegelijk behield het Blok wel haar beeld van antimigrantenpartij, van klokkenluider over de 'drama's van de multiculturele samenleving', om zijn oude publiek niet voor het hoofd te stoten. Dat gebeurde niet zonder interne spanningen: Philip Dewinter valt nog liever dood dan zelfs maar een begin van een excuus voor de vroegere rabiaat-racistische standpunten te formuleren. Frank Vanhecke en Gerolf Annemans staan daar wat dubbel tegenover: ze beseffen dat Dewinter op die manier het stemmenkanon annex boegbeeld van de partij blijft, maar dat hij tegelijk bijna persoonlijk alle redenen incarneert waarom het cordon moeilijker zal worden opgeheven. Overigens hoeft die interne spanning niet overroepen te worden: de top van het Blok klit nog steeds veel dichter bij elkaar dan bijvoorbeeld Johan Leman ooit vermoedde.

Die techniek, de langzame evolutie naar salonfähigheid begon ook langzamerhand vruchten af te werpen. In de audiovisuele en de meerderheid van de geschreven pers was en is het Blok een 'gewone' partij geworden, die op dezelfde behandeling mag rekenen als alle andere. Ook in een aantal politieke milieus begon het Blok aan respectabiliteit te winnen: Pro Flandria, een rechts-nationalistische denkgroep, begon zowaar een campagne tegen het cordon sanitaire en ook bij een aantal figuren binnen CD&V en N-VA werd instemmend geknikt bij de analyse dat het cordon sanitaire geen ethische of principiële opstelling was, maar wel een strategie om 'links' in Vlaanderen eeuwig en twee dagen aan de macht te houden.

Er waren kortom barstjes in het cordon aan het ontstaan. Niet dat iemand verwachtte dat na 13 juni het cordon zou vallen, maar dat er bij de gemeenteraadsverkiezingen hier en daar wel zou kunnen worden gepraat om een wankele meerderheid te ondersteunen, dat achtte men ook niet langer uitgesloten. Het arrest van het hof van beroep werkt die strategie tegen: het wordt ook voor tegenstanders van het cordon nu moeilijker om hun strategie ingang te doen vinden. Hoewel, niets is uitgesloten: stel dat de enige bipartite na 13 juni er een tussen het kartel CD&V-N-VA en het Blok is, dan zul je onmiddellijk een klein rechts-conservatief spreekkoor zien ontstaan 'om deze wil van de kiezer te respecteren'.

Het probleem met het Blok is dat iedere tegenstrategie er voorlopig op afglijdt als water op een eend. Doodzwijgen helpt niet, het harde debat evenmin, en ze behandelen als alle andere werkt ook niet, hebben de media mogen vaststellen. Het Blok kan probleemloos liegen zonder noemenswaardig tegengesproken te worden. Het kan zich veroorloven diametraal tegenovergestelde posities in te nemen, zonder daarop afgerekend te worden. Zo is het Blok tegen de havenuitbreiding op linkeroever, en ervoor op de rechteroever. Men is voor DHL op een economisch congres, men is voorvechter tegen het nachtlawaai in de lokale actiecomités. En bovenal, men komt er mee weg: het Blok wordt alles vergeven, zolang het maar ieder protest en ieder ongenoegen, hoe intern tegenstrijdig ook, blijft ventileren.

Neem de Visa-affaire. In Mechelen heeft Blok-senator Frank Creyelman met geld uit de stadskas, en als lid van de oppositie, meer persoonlijke uitgaven gedaan dan het voltallige Antwerpse schepencollege met al hun Visa-kaarten samen. Hij geraakt er probleemloos mee weg, terwijl de anderen 'de zakkenvullers' blijven. Beangstigend was de analyse van Antwerps schepen Tuur Van Wallendael onlangs: "In de Antwerpse crisis was ik de enige goeie. Waarom? Omdat ik dat volgens het Blok was en alleen dan durft de pers het nog schrijven."

Je zou voor minder moedeloos worden en haast de meest cynische van onze politici volgen. Daar heerst de overtuiging dat wanneer alle andere middelen gefaald hebben, alleen nog de methode overblijft waarmee ook de Volksunie en Agalev de wind uit de zeilen werd gehaald: sleur ze mee in bad en laat ze zichzelf verbranden.

Nochtans zijn er toch ook andere middelen: terwijl de olievlek van de Blok-stem zich bij de laatste verkiezingen verder verspreidde naar centrumsteden en het meer landelijke Vlaanderen, waren de uitslagen in de primaire bolwerken van het Blok, Antwerpen en Gent, beneden de verwachtingen. In vergelijking met de gemeenteraadsverkiezingen ging het Blok in Antwerpen, waar ze met de Visa-affaires nochtans hun stoutste dromen in vervulling hadden zien gaan, achteruit. In Gent zakten ze zelfs in vergelijking met de vorige parlementsverkiezingen. De verklaring van het Blok, dat ze het in Gent moesten opnemen tegen absolute stemmenkanonnen als Guy Verhofstadt en Freya Van den Bossche, klopt niet, aangezien ze in de rest van de provincie Oost-Vlaanderen wel vooruitgingen.

De vakgroep politieke wetenschappen van de Universiteit Gent heeft vastgesteld dat in vergelijking met die vorige verkiezingen de Gentse kiezer vandaag zijn wereld iets verdraagzamer, minder angstig en gematigder tegemoet treedt. Ook zijn de politieke onmachtsgevoelens afgenomen en is het vertrouwen in de medemens licht gestegen.

Die subjectieve gevoelens zijn wel veranderd dankzij een set zeer objectieve beleidsmaatregelen en een stadsbestuur onder leiding van Frank Beke dat de Gentenaar het gevoel geeft dat hij of zij van dichtbij en niet eens zo slecht bestuurd wordt. Het versterkt de analyse dat de beste manier om het Blok te bekampen niet is om ze telkens weer in het middelpunt van het publieke debat te zetten, maar wel om stil en ongedwongen te werken aan de verbetering van de onmiddellijke woonomgeving. Om mensen het gevoel te geven dat ze er daadwerkelijk op vooruitgaan, dat de politiek wel degelijk met hen bezig is.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234