Zondag 09/05/2021

Voorpublicatie'Onverwachting'

‘Die abortus was een kantelpunt’: vrouwen getuigen in nieuw boek ‘Onverwachting’

null Beeld Flore Deman
Beeld Flore Deman

Eén op de vijf vrouwen in ons land kiest ooit voor abortus. Maar dat betekent nog niet dat het een makkelijke beslissing is. In haar boek ‘Onverwachting’ gaat journaliste Eline Delrue na hoe vrouwen en koppels die knoop ontwarren, en wat de naweeën zijn. Verhalen uit de onderbuik.

Oef. Opluchting. Dat is wat de meeste vrouwen na een abortus voelen.

Vrouwen zoals Margot (41), die op haar 39ste voor abortus koos. Ze kwam net uit een scheiding, had een zoon van zes, en haar relatie rook nog als nieuw.

“Die avond van de abortus hebben mijn lief en ik nog staan dansen in de living. Niet van: ‘Hoera, we zijn ervan af.’ Maar toch wel van opluchting: ‘Oef, het is weg.’ Het was goed gegaan en was gepasseerd.

“Niet dat ik een gevoelloze robot ben, maar ik ben daar wel zonder kleerscheuren uit gekomen. Het enige wat ik bewust gemeden heb, was om te kijken naar The Handmaid’s Tale. Uitgerekend in die week na mijn abortus werd die serie hier bij ons gelanceerd. Euhm, dacht ik, zo’n verhaal over hoe waardevol – precious – kinderen wel zijn? Nee, toch maar gepast en gewacht met kijken.”

Litteken

Slechts een kleine minderheid van de vrouwen heeft spijt van haar abortus. Veel vaker dan spijt is het een verdriet dat speelt, een verlies. Of zoals abortusarts Anne Verougstraete het verwoordt: “We lopen in ons leven zoveel littekens op. Ook een abortus kan zo’n litteken zijn. Zo zie ik wel meer vrouwen die er achteraf spijt van hebben dat ze in die situatie zijn beland. Maar daarom hebben ze nog geen spijt van hun beslissing. Want meestal is die abortus toch ook gewoon de oplossing.”

Saskia (26) weet hoe het voelt, verzekert ze, wanneer een abortus de vloer aanveegt met je zelfvertrouwen en zelfliefde. Vorig jaar raakte ze ongepland zwanger van haar lief uit Tanzania, die uitgehuwelijkt was aan een andere vrouw.

“Ik ben al zo enorm kwaad geweest. Razend op mezelf en op het universum. Waarom werd ik nu in zo’n aartsmoeilijke situatie geplaatst waar ik de rest van mijn leven mee verder moet? Waarom moest mij dit overkomen? Waarom was ik niet voorzichtiger geweest? Na mijn abortus zocht ik naar woorden om mijn ervaring uit te drukken, maar het lukte niet. Mijn keel zat dicht. Ik voelde een ongelooflijke leegte. Ik had een wereld in mij gedragen en nu was er niks meer.”

Ook Kim (29) heeft de voorbije jaren diep gezeten. Ze zat aan de universiteit en was pril verliefd toen ze op haar 24ste een abortus had.

“Volgens mij had ik de ochtend na de abortus posttraumatische stress. Ik herinner me nog dat ik wakker werd en woest was. Ik stond op en was echt buiten mijn zinnen. Ik las een doodnormaal bericht op mijn gsm, maar sprong uit mijn vel. Normaal ben ik een vrij rustige persoon, maar ik heb toen echt nog weken en maanden enorm geworsteld met mezelf.”

“Een half jaar na mijn abortus ben ik met twee vriendinnen op reis vertrokken. Toen begon het iets beter te gaan. Maar de maanden daartussen was puur overleven. Ik liep toen stage in een mediabedrijf, probeerde mijn werk te doen en zette voor de rest mijn gedachten af. Elke avond moest ik de deur uit. En elke avond dronk ik mezelf weer lazarus, tot op het punt dat ik het verdoven voorbij was, dat ik de pijn net weer harder begon aan te raken. Dan kotste ik alles eruit en viel ik in slaap. Heel heftig was dat. Ik wist niet meer wie ik was.”

“Achteraf bekeken was die abortus een kantelpunt in mijn leven. Mijn hele leven zoals ik het gekend had, stortte compleet in elkaar. Dat waren twee absolute shitjaren en ik ging onder een waanzinnig schuldgevoel gebukt. Dat hele proces had ik enorm onderschat. Ik ben jaloers op vrouwen die er meteen klaar mee zijn. Vrouwen die denken: abortus, check en daarmee is alles afgehandeld. Bij mij was dat totaal niet zo. Met die abortuspil heb ik, zonder dat ik het wist, de eerste 24 jaar van mijn leven afgesloten: het einde van een zorgeloos bestaan. Het is nog maar sinds kort dat ik die nieuwe ik heb aanvaard.”

Renate (44), politiek actief, raakte drie jaar geleden zwanger in een buitenechtelijke relatie. Voor haar voelde het leven na die abortus lange tijd als toneelspelen, vertelt ze. “En dat gevoel heb ik ook nu nog voor een stuk. In mijn omgeving en de politiek word ik dan wel als een sterke vrouw gezien, ik kan me nog altijd heel verzwakt voelen.”

“Ik heb toch zeker anderhalf jaar erg slecht gefunctioneerd. Ik kon wel blijven werken, maar ik deed alleen het hoogst nodige. Niet meer dan dat. Ook thuis was dat zo. Ik kookte voor de kinderen en deed de was en de plas, maar ik was geen aangename moeder. Mijn kinderen stelden zich daar ook wel vragen bij, ook nu nog. Ze zien dat er iets scheelt, maar kunnen de vinger er niet opleggen. Maar ik kan het hen nog niet vertellen.”

“Ik heb mezelf wel toegelaten om verdrietig te zijn. Ik kon ook niet anders, mijn verdriet was zo overheersend. Ik heb dagen gehad waarop ik dacht: Komaan, Renate, get a grip. Maar ik kon dat verdriet niet wegduwen.”

“Ondertussen functioneer ik wel weer beter, ik zit niet meer in die totale black-out. Maar die joie de vivre is er niet meer, die kracht ook niet. Het heeft me echt verzwakt, mentaal én fysiek. Vroeger was ik best wel een sterke vrouw, maar nu kan ik met moeite een pot mayonaise opentrekken. Ik kan me sindsdien ook veel minder goed concentreren en kom soms niet op de simpelste woorden. Alsof die abortus gaten in mijn geheugen heeft geslagen.”

Kalenderverdriet

De dag van de abortus, de uitgerekende datum. Het zijn van die dagen die datgene wat voorbij is weer nieuw leven kunnen inblazen.

Noémie (33) onderging net een experimentele medische behandeling toen ze ongepland zwanger raakte en voor abortus koos.

“Bij mij zijn het echt die moeilijke dagen die het hem doen. Die voelen telkens weer als een stomp in mijn maag. Met kinderen op zich heb ik het niet lastig, wel nog met baby’tjes of kleintjes. Zie ik ergens een peuter, dan denk ik: hier had er ook zo eentje kunnen rondstappen. Het is een litteken dat ik voor altijd zal meedragen, denk ik.”

Fien (18) zat in het vijfde middelbaar toen ze op haar 17de een abortus onderging.

“Moederdag is een moeilijke voor mij. Zelf zet ik dan, samen met mijn zussen, mijn mama in de bloemetjes. Maar er is niemand die mij een fijne moederdag wenst. Ik denk daar wel vaak aan: nu zou mijn kind zoveel maanden zijn. Nu zou het dit of dat kunnen, nu zou het jarig zijn. Nu zou ik ermee knuffelen, in de plaats van dit gesprek te voeren.”

Hidaya (49), een huisvrouw met Syrische roots, had vier kinderen toen ze op haar 39ste ongepland zwanger raakte.

“Ik zit dat soms ook te berekenen, als ik alleen thuis ben: hoe oud zou dat kind nu zijn? In welke klas zou het zitten? Het zou ongeveer even oud zijn als mijn oudste kleindochter nu. Niet dat de geboorte van mijn kleindochter me zwaar viel, maar al die fases die ze doorliep, waren wel confronterend. Omdat ik dan dacht: dit had mijn kind nu ook al gekund. Ze hadden zelfs samen kunnen spelen.”

“In die zin zie ik in mijn oudste kleindochter soms mijn eigen kind en voel ik me bij haar meer mama dan oma. Dat maakt me soms wel triest, al is dat een verdriet dat ik vooral op mijn eentje draag. Een verdriet waar weinig ruimte voor is. Op een manier verdien ik die droefenis ook, vind ik, omdat ik het zelf heb gezocht. En tja, hoe verwerk je dat? (hoofdschuddend) Hoe kun je iets proberen te verwerken wat je zo verborgen houdt?”

Kim (29): “Ik heb al zitten denken: het is lockdown, al die ouders zitten nu thuis hard af te zien met de combinatie van kinderen en werk. ‘Hoe had ik dat opgelost?’, vraag ik me soms af. Want hier kon er ook eentje van vijf rondgelopen hebben.

“In mijn hoofd blijft dat kind wel opgroeien. Het ene moment al meer emotioneel beladen dan het andere. Gisteren, tijdens een wandeling, dacht ik: hoe tof zou dat nu zijn, om mijn kleuter laarsjes aan te trekken en samen te gaan stappen. Die vraag achtervolgt me wel. Hoe had mijn leven er nu uitgezien met een kind?”

Saskia (26): “Ik heb er al enorm mee geworsteld. Aan de ene kant voelde het sterk dat ik alle beslissingsrecht had. Aan de andere kant moet ik mijn hele leven verder met het idee dat ik – en ik alleen – de vreselijkste beslissing heb genomen die ik kon nemen. Op sommige dagen kan ik mij achter mijn keuze stellen, op andere dagen wou ik dat ik het gehouden had. Zie ik op straat een kindje passeren dat er half Afrikaans en half westers uitziet, dan voel ik een steek in mijn hart.”

Stille mama’s

Niet iedereen die voor abortus kiest, gaat getekend door het leven. Helemaal niet. Niet iedereen heeft een sterrenkindje, brandt een kaarsje op de uitgerekende dag, of telt dat kind mee in het geheel van het gezin. Maar: het moet wel kúnnen.

Saskia (26): “Abortus is een enorm onzichtbaar verlies, vind ik, en dat doet pijn. In het begin vond ik het ook vervelend dat ik af en toe de vraag kreeg of het voor mij een ‘hoopje cellen’ was, dan wel een vruchtje of een kindje. Ik weet wel dat die vragen goedbedoeld waren, dat iedereen zijn best deed om me te begrijpen, maar ik vond dat totaal irrelevant. Het is een poging om een ontzettend moeilijke ervaring te vatten en te controleren door ze in een hokje te steken. Voor sommigen zal het inderdaad maar om een hoopje cellen gaan, voor anderen om een heel uitgewerkt toekomstpad. Maar het is altijd ingrijpend, complex en enorm uitputtend.”

“Ik zie mezelf als mama. Een stille mama. Een mama aan de binnenkant, zonder dat er daarbuiten een kindje rondloopt.”

Noémie (33): “Ook ik heb dat gevoel: dat ik moeder ben. Ik gaf hem een naam en draag een armbandje met zijn initialen en uitgerekende geboortedag erop.”

Fien (18): “Ik bewaar nog altijd die zwangerschapstest, die kan ik echt niet weggooien. Ik ben ook blij dat ik het potje heb met mijn vruchtje erin. Het idee dat ik mijn kindje niet alleen had laten wegnemen, maar dat ik het ook in de vuilnisbak had laten kieperen of in het toilet had doorgespoeld, dat was ondraaglijk geweest voor mij.”

“Ik heb me wel veel te lang aan dat potje vastgeklampt. Ik kon het maar niet loslaten, nam het heimelijk overal mee naartoe en sliep er zelfs mee. Ik nam het mee naar school, in mijn boekentas. Naar mijn examens ook. Ik kon dat niet laten rusten.”

“Uiteindelijk stopte ik het onderaan in de pot van een kamerplant, een ficus. Zo had ik het altijd in mijn buurt. Maar zelfs dan haalde ik het er soms weer uit, vooral als ik het lastig had. Alsof dat potje dan troost gaf. Begon het een beetje te stinken – een geur die ik moeilijk kan omschrijven – dan stak ik het stiekem in de diepvriezer. Ik zat daar wel mee in, dat mijn ouders of zussen dat gingen ontdekken. Als mijn zussen in de zomer zin hadden in een ijsje, riep ik altijd snel: ‘Ik ga wel!’” (lacht)

“Ook nu nog gebeurt het dat ik mijn kamerplantje knuffel, soms slaap ik er zelfs naast. Op mijn kot kan dat. Daar steekt het niet zo nauw als er eens wat aarde in mijn bed ligt. Daar kan ik wat ik thuis niet kan.”

Ook Renate (44) vroeg haar gynaecoloog om een potje met haar vrucht erin. “Dat kon, en ik heb het thuis in de tuin begraven. Vince, zoals mijn partner en ik hem noemen, heeft zijn eigen boom. Voor mij is het belangrijk dat Vince in mijn leven aanwezig blijft. Hij is mijn eerste en laatste gedachte, elke dag. Zijn naam of die bijzondere data gebruik ik als wachtwoord op mijn computer. Dat is het minste wat ik kan doen: ik wil hem niet nog meer uitwissen.”

Een (b)roze wolk

Bevallen en kinderen krijgen, het is altijd een kantelpunt. Voor sommige vrouwen is hun abortus dat ook. Er is een vóór en een na. Maar hoe kijk je dan vooruit, zonder baby op schoot? En vooral: wat doet het met je kinderwens?

Saskia (26): “Het zal misschien raar klinken, maar na mijn abortus is die kinderwens nog eens tien keer groter geworden. In het begin heb ik me daar hard over geschaamd. Want wat voor iemand was ik dan? Ik had zelf mijn kindje laten weghalen en kon dan ineens niet meer wachten om mama te worden. Wie was ik om nog te pretenderen recht te hebben op kinderen? Gelukkig ben ik toen in contact gekomen met enkele lotgenoten die net hetzelfde voelden. Het luchtte me op dat ik daar niet alleen mee stond.”

“Mama.” Kim (29) proeft het woord in haar mond. “Ik zou het heel graag worden. Ik denk wel dat ik dat goed zou doen, dat ik een lieve mama zou zijn. Misschien niet altijd de meest geduldige, maar toch.

“Ik hoop alleen dat als het ooit weer mag – zwanger worden – het ook zal lukken. Want ik heb endometriose, en moet daarvoor binnenkort onder het mes.

“Mocht het ooit lukken, dan zal het toch anders zijn. Dat zal nooit die vreugde zijn van een eerste kind, want dat is het niet. Jammer, maar dat eerste zal nooit vervangen worden.”

Onverwachting, door Eline Delrue, uitgeverij Borgerhoff & Lamberigts, 238 blz., 22,99 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234