Maandag 10/05/2021

Didden: O.L.V. DER AUTOBUSSEN

null Beeld UNKNOWN
Beeld UNKNOWN

Marc Didden volgt alles wat los en vast hangt in de wereld van de cultuur. Hier leest u wekelijks zijn bevindingen.

Zou zo'n helemaal uit boekweitpannenkoeken en Limburgse vlaai opgetrokken superweib als Ingrid Lieten eigenlijk wel beseffen dat ze niet langer een manager van een of ander bedrijf is dat ervoor moet zorgen dat de bussen op tijd rijden, maar nu wel degelijk minister is van de gemeenschap waar wij door geboorte toe behoren?

Zou ze weten dat 'minister' eigenlijk niets anders wil zeggen dan 'dienaar van het volk' en dat je dan, als je toevallig Media in je portefeuille hebt zitten en daardoor ook de openbare omroep, bij wijze van spreken er wel over moet waken dat er daar aan de Reyerslaan stroom uit de stopcontacten komt en water uit de kranen, maar dat je je verder helemaal niet moet bemoeien met hoe de VRT bijvoorbeeld dat voorlopig nog hypothetische derde net zou moeten invullen.

Als Lieten links en rechts gaat verkondigen dat zo'n net voor haar een jongerenzender zou moeten worden, een soort MNM met beeldjes erbij, dan begeeft ze zich rechtstreeks op het inhoudelijke vlak van het televisie maken en dat is een slechte gewoonte die ze, naar ik hoor, zelfs in Albanië aan het afleren zijn. Wat er op de VRT te zien en te horen moet zijn, dat is het werk van de netmanagers en van de vele getalenteerde mensen die bij de omroep werken. Omroepen is het vak van al die mensen en om te weten waar die mee bezig moeten zijn hebben die echt niet het advies nodig van een voormalige gemeentesecretaris van Maasmechelen. En zeker geen plotselinge aanval van jeunisme, die kwaal die politici op zoek naar verse stemmen zo graag doet denken dat alles altijd en alleen voor jongeren bestemd moet zijn.

Ik pleit voor een derde net dat uitsluitend op bejaarden zou mikken, tv-kijkers bij uitstek. Mensen die moe van lijf en leden zijn en hele dagen en vaak ook slapeloze nachten doorbrengen in similileren relaxzetels, terwijl ze naar Australische bagger of zestiende finales van tennistoernooien moeten kijken. Laat die mensen in godsnaam eens een operette zien, of een film met Charel Janssens en Co Flower, of liever nog met Jean Gabin en Arletty, of een bij mirakel geredde aflevering van Schipper naast Mathilde of als het moet De Stomme van Portici.

De jongeren mogen zelfs meekijken van mij. Alsook de allochtonen. En zelfs de blinden. Als het maar geen visuele MNM wordt en als het maar niet moet van Ingrid.

Waar die oudjes - maar zij niet alleen - ook wel deugd van zouden hebben is Antwerpen - gefilmde stad, de prachtige dvd mét boeiend boek die zopas uitgebracht werd door de nog altijd uitmuntende Cinematek. Het gaat om een collectie van werkelijk tientallen films en filmpjes die het leven in de metropool tijdens de twintigste eeuw op hartverwarmende en vaak diep ontroerende wijze op pellicule vastleggen.

Soms gaat het om stadsjournaals, soms om sociale documenten ('Het Noordkasteel en het Sint-Annastrand'). Toespraken van legendarische oud-burgemeesters, openingen van bruggen en tunnels, verslagen van België-Holland, en dat is allemaal even boeiend.

Maar de ware parel in deze fonkelende schatkist vinden we toch terug onder de titel Lefèvre film vertoont.

Het gaat hier om een puntgaaf verfilmde familiekroniek die zich afspeelt tussen 1930 en 1958 en die, met veel zin voor mise-en-scène en een opvallend vlotte cameravoering, het leven weergeeft van een redelijk begoede familie Antwerpse pasteibakkers en ijsmakers, tegen de achtergrond van een snel veranderende stad en een nog sneller veranderende wereld.

Slechts 21 minuten en 54 seconden kort maar vanaf nu voorgoed aanwezig op ons netvlies en, beter nog, in ons hart.

Qua 'De Kunst van de Home Movie' is Lefèvre film vertoont zeer zeker het nec plus ultra, wat toevallig, maar dan met hoofdletters geschreven, ook de naam was van het ijssalon dat de familie Lefèvre vele jaren lang uitbaatte aan de De Keyserlei van de bewuste Gefilmde stad.

Via de dagbladen, radio en tv vernam ik eerder deze week het overlijden van voormalig openbare-omroeppaus Paul Vandenbussche, een man die geen moeite had met macht en over wie in diverse wandelgangen allerlei homerische verhalen de ronde deden die ik niet op waarheid kan controleren en dus ook niet zal citeren. Maar eentje wil ik u toch niet onthouden. Ik heb het van dichter Herman de Coninck, een man met wie ik ooit ambtshalve en tegen milde betaling van maandag tot vrijdag in een hokje zat, waar wij met taal speelden ter verstrooiing van de werkende mens.

Het had met Hasselt te maken, in een tijd toen Ingrid Lieten nog minder bestond dan nu. In het Cultureel Centrum aldaar werd een viering georganiseerd ter ere van Radio Hasselt, een omroep die toen ik weet niet meer hoeveel jaren geleden gesticht was.

Het feest begon nogal punctueel en net toen de zaalverantwoordelijke de deuren dichtmaakte, verscheen de toenmalige administrateur-generaal van de BRT ten tonele. Hij mompelde dat hij te laat was omdat hij weerhouden was en maande de bediende van de cultuurtempel aan hem nog gauw binnen te laten. "Te laat is te laat", zei die brave man. "En ik heb orders gekregen van de BRT om niemand nog binnen te laten."

Paul Vandenbussche verhief toen, enigszins verbolgen, zijn stem en meldde: "Maar ik bén Vandenbussche!", waarop de conciërge doodkalm zei (denk er een zacht, zingende tongval bij): "Dà kan goe zijn, menne man. Maar die van de bussen, die moeten hier altijd langs achter binnen."

Intussen duik ik voor de derde week op rij nog eens in de meesterlijke Clauscollectie De wolken en val ik op een reproductie van de zakagenda van de grote schrijver, anno 1961. Ik zie er dat Miles Davis toen op nummer 881 van Tenth Avenue in New York woonde, appartement nr. 4. En de dichter Allen Ginsberg op nummer 170 van de East Second Street. En de andere dichter Lawrence Ferlinghetti, zoals vandaag de dag trouwens nog altijd, op 261 van Columbus Avenue, in San Francisco. En ik benijd degene die dat toen al allemaal wist.

Ik voel dat ik dat Clausboek voor de rest van mijn dagen diep ga koesteren en denk plotseling spontaan aan de wijze woorden van Groucho Marx:

"Outside a dog, a book is a man's best friend.

Inside a dog, it's too dark to read."

null Beeld BELGA
Beeld BELGA
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234