Dinsdag 20/04/2021

'Deze terril is het symbool van de Vlaamse transitie'

'Nooit in mijn leven heb ik meer vriendschap ervaren dan hier', zegt Patrick (51), de chauffeur van CD&V-voorzitter Wouter Beke (39). Hier, dat is de steenkoolmijn van Beringen, waar Patrick ooit als veertienjarige begon te werken als mijnwerker. In zijn ogen, meen ik te zien, komt een beetje vocht. De emotie is hier nooit ver weg, het gevoel van verlies na al die jaren evenmin.

Wouter Beke wijst me een zolderraam aan waar hij als veertienjarige met zijn vriend huiswerk maakte, toen in 1989, net een kwarteeuw geleden, de mijnen gesloten werden. Dat raam keek uit op het toegangsplein van de mijn dat onlangs nog even figureerde in de film Marina. Daar speelden de ontslagen mijnwerkers en de rijkswacht kat en muis, daar werd de wagen van reconversiemanager Tyl Ghyselinck op zijn dak gedraaid. "Hadden ze ons toen niet fatsoenlijk behandeld, het was hier uitgedraaid op een burgeroorlog", weet Patrick.

Wouter Beke: "Ik wou de terril van Beringen beklimmen, omdat die een overzicht geeft van de grondstroom van Limburg en dus van Vlaanderen: je kunt er letterlijk fysiek de geschiedenis van de provincie zien. Hij staat haast symbool voor de transitie van Vlaanderen na de Tweede Wereldoorlog, de industriële samenleving, de opkomst van de mijnen naast de mijnkathedraal, de beginnende multiculturaliteit die ermee gepaard ging en het gebrek aan aandacht ervoor.

"We vieren dit jaar vijftig jaar migratie, en vanop de terril zie je vandaag ook de moskee. Maar de eerste dertig jaar was dat absoluut geen thema.

"Na de groei kwam de neergang, met de sluiting van de mijnen, dan weer opstaan, nieuw industrieel beleid, Ford Genk, en nu staan we weer voor een nieuw scharniermoment. Daarom belichaamt die terril de grondstroom: wat voor mij een verhaal is van beginnen, werken, tegenslag, en opnieuw beginnen. Keer op keer opnieuw aansluiting vinden bij nieuwe economische en maatschappelijke ontwikkelingen, daarop anticiperen, mee beheren en sturen. Dat is voor mij de essentie van politiek..."

... en wat die economie met de mensen doet...

"Ja, dat is de kern. Heb je ooit de film Brassed Off gezien, met Pete Postlethwaite? Die speelt tijdens de mijnsluitingen onder Thatcher, en brengt het verhaal van een mijnwerkersfanfare, die opeens zonder mijn komt te ziten. Wat doe je dan? De fanfare wordt ontbonden, maar ze kunnen elkaar niet missen, blijven toch repeteren en winnen uiteindelijk een groot brassbandfestival."

"Ook dat had je hier: het Kioskplein kun je ook zien, nog steeds een van de mooiste pleinen van het land, tot vandaag het culturele hart van Beringen. Het voormalige ziekenhuis ligt daar, de mijn was niet alleen een economische activiteit, het was een manier van leven.

"Met de sluiting nam men die mensen niet alleen hun werk af, maar ook hun maatschappelijk actieve leven. Hun verenigingen, hun sociaal weefsel, hun deelname aan de gemeenschap. Terwijl die dingen, die we pas later het middenveld zijn gaan noemen, wel noodzakelijk zijn gebleken om de transitie te maken. Want vanuit de fanfare en de Italiaanse club en al die andere verenigingen werden wel acties en solidariteit georganiseerd. Jobs waren meer dan een manier om aan een inkomen te geraken.

"Dat is de kracht van de grondstroom van Vlaanderen voor mij: dat ook toen het economisch model onder druk kwam te staan, er vanuit die samenleving veerkracht en samenhang was om opnieuw te starten."

Als u me even een cynische opmerking toelaat: er zijn bijna geen fanfares meer, mijnheer Beke.

"Er zijn er nog. Minder, maar ze zijn er nog."

Toch: alle sociologen vinden dat net een van de meest kenmerkende trends en oorzaken voor de groeiende angst bij de bevolking: we hebben zo grondig ontzuild en in het middenveld geknipt dat we nu helemaal in ons eentje verder moeten, en alleen de slimsten en de rijksten blijken dat te kunnen.

"De zuilen zijn weggevallen, en voor een stukje ook gelukkig maar, maar de hunker naar verbondenheid is er nog steeds, ook al verlangen we er allemaal naar om een uniek en speciaal wezen te zijn.

"Want ook in al onze vermeende uniciteit blijven we sociale wezens, die een groep en een gemeenschap en sociale contacten nodig hebben. Alleen gingen we vroeger naar de fanfare, en zitten we nu op Facebook. Deden we vroeger mee met een betoging, en worden we nu lid van een virtuele actiegroep. Het is minder duurzaam, minder gestructureerd, maar daarom niet minder waardevol."

We worden gelukkig niet meer van de wieg tot het graf begeleid in de rituelen van een ideologische zuil, maar of Facebook nu echt het alternatief is...

"Het verscherpt de maatschappelijke ongelijkheid, in de zin dat de sterken minder het vangnet van de gemeenschap, de fanfare nodig hebben. Net daarom dat we er weer meer op moeten inzetten, omdat zonder het middenveld vooral de sterkste zal overleven.

"Willens nillens zijn we gemeenschapswezens: je kunt er voor kiezen kluizenaar te worden, je kunt niet kiezen om sociaal te zijn. Dat bén je. Vanaf je eerste levensjaar leer je dat het speelgoed in huis niet alleen van jou, maar ook van je broers en zussen is.

"Maar ik volg je wel: de individualisering is doorgeslagen, en veroorzaakt mee die onbestemde maatschappelijke angst: zijn we nog wel sociaal gewapend genoeg om veranderingen te blijven aankunnen, of zullen we het in ons eentje moeten bolwerken? Is er nog een maatschappelijk vangnet of wordt het ieder voor zich?

"Steeds meer dingen lijken zich aan ons te onttrekken door globalisering en mondialisering. We voelen oude zekerheden, die misschien destijds ook meer ingebeeld dan reëel waren, langzaam verschrompelen. Vandaag vinden we het weer doodnormaal dat de euro er nog altijd is, terwijl we twee jaar geleden met een bang hartje zaten te luisteren naar alle Cassandra's die er het einde van voorspelden. De banken, ooit bakens van vertrouwen, zijn veel van hun morele krediet kwijt."

Het helpt natuurlijk niet dat uw eigen middenveld die grondstroom uit het oog verliest. Het ACW, ooit baken van de coöperatieve gedachte, werd plots medeplichtig in het beheer van Dexia, in een periode waarin die bank zich niet anders gedroeg dan als zwaar speculatief hefboomfonds.

"Die analyse is correct, jammer genoeg. Door zich te laten verleiden door dat verhaal over gigantische rendementen, heeft men wat over honderd jaar is opgebouwd, de erfenis van Rerum Novarum zo je wilt, onderuitgehaald.

"Door de hele coöperatieve structuur - een ook vandaag nog zo sterke gedachte - te verlaten, heeft men de erfenis die hele generaties hebben opgebouwd, in enkele jaren zien verdwijnen. Ze betalen daar vandaag ook een gigantische prijs voor, en ik denk wel dat het een les is die ze nooit meer zullen vergeten."

Een middenveldorganisatie die zo blind van hebzucht wordt, terwijl sommige familiale banken wel het hoofd koel houden en vrij probleemloos overleefden, hoe verklaart u dat?

"... Ik zat er niet bij, ik weet het niet. Ik geloof niet dat het uit eigenbelang was, of dat persoonlijke verrijking een rol speelde, maar wel de oprechte bedoeling om de beweging nog rijker en sterker te maken. Die winsten zijn gebruikt om te investeren in de samenleving, in sociale projecten.

"Maar de verblinding door de hoge winsten heeft er wel toe geleid dat een geschiedenis onderuit is gehaald. Dat heeft ook te maken met een bredere cultuur. Na de val van de Berlijnse Muur was er toch 'het einde van de geschiedenis' van Francis Fukuyama, was het toch definitief de vrije en haast ongecontroleerde markt die de samenleving zou ordenen?

"In die tijd zijn ook de regels voor bankentoezicht teruggeschroefd, Bill Clinton is daar nog mee begonnen. In die slipstream zijn er velen mee gestapt, helaas ook bij ons. Wat ertoe geleid heeft dat ondertussen velen weer met hun voeten en hun gezicht op de grond terechtgekomen zijn."

Waarom is Wouter Beke christendemocraat geworden?

(lange stilte) "Het echte politieke bewustzijn is er bij mij gekomen na de Zwarte Zondag van 1991, de doorbraak van het Vlaams Blok. Ik zat toen in het zesde middelbaar, het moment dat je toch een beetje over je toekomst begint na te denken. Die uitslag was voor mij een eye-opener.

"Ik speelde toen in het schooltoneel een rol in De komedie der IJdelheid van Elias Canetti. Ik was de leider van een triumviraat potentaten dat decreten afkondigde tegen de vermaledijde ijdelheid in de samenleving. Mensen moesten hun spiegels binnenbrengen want dan zou alles vanzelf opgelost worden. En na de uren bekeek dat triumviraat zichzelf in een waar spiegelpaleis.

"Het stuk dateerde uit de jaren dertig, was een commentaar op het oprukkende fascisme, de druk die overheden en partijen kunnen leggen op mensen om hun persoonlijke ontluiking te beletten. Een aanklacht tegen extremen, van welke kant ook, een pleidooi voor de mens. Dan zit je heel dicht bij Levinas en het personalisme: het is maar in de ogen van de anderen dat je jezelf leert kennen.

"Bij Canetti is dat letterlijk, beginnen mensen andermans ogen, en regenplassen, als spiegel te gebruiken. Dat is voor mij de kern van de christendemocratie geweest: een zeker maatschappelijk bewustzijn, een afkeer van extremen. Niet kunnen aanvaarden dat je wakker zou worden in een wereld waarin extremen het voor het zeggen zouden hebben."

"Je hebt zelf, toen we bezig waren aan het wereldrecord regeringsvormen, ooit geschreven dat een samenleving, zeker in crisisperiodes, meer heeft aan bruggenbouwers dan aan gladiatoren. Dat is me altijd bijgebleven, misschien omdat ik me erdoor aangesproken voelde. Dat wil een christendemocraat namelijk zijn, een bruggenbouwer. Een samenleving kan alleen vooruit als iedereen zich gewaardeerd voelt en wil meedoen.

"Mijn ouders - mijn vader was arts - hebben een centrum voor opvang van gehandicapten opgericht. In die tijd eerst zelfs zonder enige erkenning of subsidies, gewoon omdat ze vonden dat ze dat moesten doen. Ik heb daar ook als vrijwilliger gewerkt. Dat heeft me geleerd dat niet iedereen begiftigd is met dezelfde talenten. Dat je als samenleving een verantwoordelijkheid hebt jegens mensen die het moeilijker hebben omdat ze ziek zijn, geboren zijn met een handicap, hun job verloren hebben. Zeker als je zelf sterker in je schoenen staat"

Niet echt een modieuze gedachte in een tijdsgewricht waar vooral de eigen verantwoordelijkheid centraal wordt gezet, en plichten belangrijker zijn geworden dan rechten. De mooie christelijke waarden van erbarmen en mededogen staan onder druk.

"Theodore Dalrymple is hip, ja. Er zijn weinig Vlamingen die hem gelezen hebben, maar zijn denken maakt toch school. "Het zal wel je eigen fout geweest zijn als je er nu zo voor staat." En natuurlijk bestaat er iets als persoonlijke verantwoordelijkheid, en mag je daar ook op aangesproken worden. Maar daarnaast zijn er mensen met een beperking, die ziek zijn. Die mogen meer terugverwachten dan anderen. Niet noodzakelijk een uitkering, maar bijvoorbeeld een job of een bezigheid in de sociale economie, die hen weer een gevoel van eigenwaarde geeft, hen uit een isolement haalt. Dat is niet het pamperen van onverantwoordelijken, dat is een kerntaak van een overheid.

"Mensen niet verbannen naar een leefloon, een instelling of een rusthuis, maar hen zo lang en zo veel mogelijk blijven betrekken in de samenleving."

Wat moeilijk wordt in een samenleving die zowat iedere uitkeringstrekker vooral als profiteur beschouwt.

"Mensen die een heel leven aan de band hebben gestaan bij Ford Genk, hun hele actieve leven sociale bijdragen hebben betaald, studerende kinderen hebben... Gaan we die echt na twee jaar hun werkloosheidsuitkering afpakken?

"Wat is hun verantwoordelijkheid wanneer een of ander internationaal hoofdkwartier beslist om zijn vestiging hier te sluiten? Waar hebben die mensen schuld aan? Gaan we die verplichten eerst hun huis te verkopen en hun spaargeld op te souperen omdat het anders niet kan dat ze een sociale uitkering zouden krijgen? Is dat echt wel de samenleving die we willen? Daar staan de christendemocraten niet voor, excuus."

Waar staan ze eigenlijk nog wel voor? Ooit hanteerden jullie dat oudmodische, maar mooie begrip 'rentmeesterschap': een overheid die als een goede huisvader zorg draagt voor het budget en de gemeenschap. Erg sexy klinkt dat niet meer.

"Waar wij voor staan? Dat je door het versterken van mensen en hun organisaties uiteindelijk ook een betere samenleving maakt. Dat iedereen daarin mee mag. Dat ondernemers kunnen ondernemen, maar dat hulpbehoevenden niet achtergelaten worden. Dat er persoonlijke verantwoordelijkheid is, maar ook solidariteit. Dat de gemeenschap en het middenveld ook dingen kunnen, en dat je dus niet alles van de staat moet verwachten of door die staat moet laten organiseren.

"Dat klinkt misschien wat vaag, maar het weigeren te kiezen voor de belangenagenda van één bepaalde groep, is ook een politieke keuze. Dan zie je in de concrete dossiers vanzelf het verschil met liberalen, socialisten of nationalisten."

De oude CVP was een prachtige democratische beslissingsmachine: al jullie standen bereikten eerst intern een compromis, en dat werd vervolgens opgelegd aan alle andere partijen, omdat jullie ongeveer de absolute meerderheid hadden. Dat werkt moeilijker als je nog maar een kleine twintig procent hebt.

"Het is niet omdat je niet langer iedereen vertegenwoordigt, dat je die ambitie moet opgeven. "Een kaars die veel licht gegeven heeft, zal noodgedwongen wel wat kleiner worden", zei D66'er Hans van Mierlo ooit.

"Zo lang is het nu ook weer niet geleden dat we de grootste politieke formatie waren. We zijn ook niet echt van de aardbodem verdwenen, en de ambitie blijft... Bij de Vlaamse verkiezingen in 2009 waren we de grootste partij. Het tij kan snel keren, in twee richtingen."

Oké, oké, jullie zijn geen splinterpartijtje, maar het is wel even wennen, toch?

"Juist. Dat is de vrije kiezer, die van zuil en traditie losgezongen is, en daar heb ik ook geen probleem mee. Maar door wie laat hij zich dan wel leiden en vooral: is dat echt zoveel beter?

"Ik weiger te geloven dat we op een dalende roltrap zitten die alleen maar naar beneden kan. Als een partij die vijf jaar geleden met moeite de kiesdrempel haalde nu de grootste van Vlaanderen is, dat bewijst dat vooral hoe snel de dingen kunnen veranderen. Maar het zou dwaas zijn om in puur electoralisme te vervallen, met focusgroepen proberen te achterhalen wat een meerderheid wil en daar vervolgens een programma op bouwen. Ik geloof heilig dat je er uiteindelijk alleen komt door trouw te blijven aan je fundamenten."

Jean-Luc Dehaene zei altijd een politicus van de vorige eeuw te zijn. Wat maakt u tot een politicus van deze eeuw?

"Ik denk dat de basis hetzelfde blijft: je moet weten wat je beginselen zijn, authentiek zijn en geen façade opzetten. Mensen voelen steeds beter aan of iemand meent wat hij zegt of dat hij een marketinglesje opdreunt.

"Daarnaast moet je ook beseffen dat er nieuwe virtuele netwerken zijn die je daarvoor moet gebruiken, zonder er slaaf van te worden. Maar het beheersen van dat nieuwe instrumentarium verandert het wezen van de politiek niet - die is hetzelfde als vijftig jaar geleden.

De vroegere Franse president Georges Pompidou heeft het ooit heel juist gezegd: 'Toute politique implique quelque idée de l'homme.' Het is alleen vanuit je eigen mensbeeld dat je een antwoord zoekt op maatschappelijke problemen. Toen én nu. Maar toen vertelde de politicus het op de tribune van de Kamer, nu met een tweet."

Als ik in die dertig jaar één ding heb zien veranderen, is het de termijnvisie, in politiek én in economie. Vroeger was het voor een bedrijf en een partij belangrijk te weten waar je over tien jaar zou staan, vandaag tellen vooral de volgende kwartaalcijfers en opiniepeilingen.

"Denk je dat? Misschien worden we door jullie opgejaagd om veel sneller dan nodig te reageren op dingen die niet eens een reactie verdienen. Maar ik zou in 2011 niet beslist hebben om verder te onderhandelen als ik me liet leiden door peilingen, want ik wist dat die vanaf dat moment eerst naar beneden zouden gaan. Daar was echt geen 'quick win' te verdienen. Als ik op korte termijn had gedacht, waren we toen ook veel beter aan de kant gaan staan in plaats van onze verantwoordelijkheid te nemen.

"Wij waren niet de grootste, wij hadden niet met stekkers gespeeld. Aan de zijlijn gaan staan, had perfect gekund en we hadden geen enkel risico gelopen. Maar we hebben een regering gevormd die - hoewel ze maar een korte periode gezeteld heeft - ons land meer dan behoorlijk door de financiële crisis heeft geloodst, budgettair heeft gedaan wat moest gebeuren, een staatshervorming heeft gerealiseerd en B-H-V heeft gesplitst, en die later, daar ben ik zeker van, als een van de beste naoorlogse regeringen zal worden beschouwd. Ik geloof oprecht dat de bevolking dat ziet, en verder kan kijken dan de makkelijke slogans van de oppositie."

Tot u op 25 mei 's avonds hoort dat u nog 15 procent hebt en daags nadien met een bos bloemen en een fles port naar de uitgang wordt begeleid...

(haalt de schouders op) "Dan nog zal ik gedaan hebben wat ik dacht te moeten doen. Weet je, tijdens die oeverloze onderhandelingen heb ik ook een tijd gependeld tussen de gesprekken en de kraamkliniek, want ik was in oktober 2011 opnieuw vader geworden. Geloof me, op zo'n moment doe je het niet voor de volgende peiling, maar denk je toch eerst en vooral aan de volgende generatie.

"Ik moet nog veertig worden, ik moet wel op langere termijn denken, al was het maar om mijn kinderen later te kunnen zeggen wat ik in die periode voor hun toekomst gedaan heb."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234