Vrijdag 03/12/2021

reportage

Deze koppels gaan de deur niet uit zonder matching outfits

Jeanne en Marcella. Beeld RV Geert Joostens
Jeanne en Marcella.Beeld RV Geert Joostens

Ze zijn verliefd, verwant of elkaars beste maatje. Ze houden van opvallen, voelen zich zo meer verbonden of vinden het gewoon gemakkelijk. Deze duo’s hebben krek hetzelfde hangen in hun kast, en daar hebben ze zo hun redenen voor.

Jeanne en Marcella: "We slapen zelfs in hetzelfde bed"

Jeanne en Marcella (94) zijn niet alleen de oudste tweeling van ons land, maar ook veruit de best geklede. Al bijna twintig jaar wonen ze in hetzelfde appartement, maar hetzelfde dragen, doen ze al veel langer. Marcella: “Onze moeder kleedde ons vroeger ook altijd identiek, dus zijn we dat maar blijven doen. Uit gewoonte én gemak.”

De magie begint in hun twee grote mahoniehouten kasten, waar een halve eeuw aan mode­geschiedenis netjes in dezelfde volgorde ophangt. “De meeste kledingstukken kochten we in Oostenrijk, daar gingen we bijna jaarlijks naartoe. Merken als Geiger zijn tenminste nog van degelijke kwaliteit.”

Honderden herinneringen delen ze, van een veertien dagen lange vlucht tijdens de oorlog tot hun tv-carrière (ze hadden begin deze eeuw een populair rubriekje in VTM’s ‘Het Hart van Vlaanderen’, red.). Toch waren er ook jaren die de zussen gescheiden doorbrachten. “Na de oorlog trouwde Marcella met een militair, toen heeft ze lang in Duitsland gewoond”, blikt Jeanne terug. “Maar ik ben altijd hier gebleven, al 51 jaar op hetzelfde adres. Eerst met onze moeder, maar die is al vrij jong gestorven. En dan is Marcella gekomen. Sindsdien doen we alles samen, we slapen zelfs in hetzelfde bed.”

De verbondenheid tussen Jeanne en Marcella is intussen zo sterk dat ze soms zelfs paranormale trekjes krijgt. Toen Marcella een tijdje geleden haar heup brak, voelde Jeanne op precies hetzelfde moment aan dat er iets niet klopte. “Als ze er niet is, ben ik snel ongerust. Zelfs al staat ze gewoon een beetje verderop een praatje te maken. Ik hou mijn hart al vast voor de dag dat een van ons sterft. Wie achterblijft, is de ongelukkige.”

Maar afgezien van een kleine verkoudheid zijn beide dames gelukkig nog kerngezond. Van koken tot poetsen en wassen: in huis doen ze alles zelf. Kraaknet is het er, maar daar wordt ook dagelijks aan gewerkt: “Om zeven uur ’s morgens staan we op en beginnen we te poetsen. Wij zijn het gewoon om hard te werken, dus ook nu doen we niets anders.” Daarnaast zijn er de wekelijkse uitstapjes naar de winkels en de markt, en ook bij de televisie zijn ze niet vergeten. “Elke dag krijgen we nog wel van iemand een uitnodiging of telefoontje. Mensen vragen soms of we ons niet vervelen doorheen de dag. Nonsens! De dag is nog altijd veel te kort.”

Eef, Eulalie en Cisse: "Zo zijn we altijd dicht bij elkaar"

Fysiek lijken ze naar eigen zeggen niet zo op elkaar, maar qua karakter zijn de modebewuste Eef (39) en haar tienjarige dochter Eulalie twee handen op één buik. Om die band ook uiterlijk uit te dragen, gaan ze graag gelijk gekleed door de deur. Eef: “Ik heb een dochter om trots op te zijn, we hebben veel met elkaar gemeen. Daarom vind ik het leuk als dat ook duidelijk is. Niet om in het middelpunt van de belangstelling te staan: het allerfijnst vind ik het wanneer we beiden ons eigen leven leiden – zij naar school, ik het werk – en we dankzij onze outfits toch dicht bij elkaar zijn.”

Eef, Cisse en Eulalie. Beeld RV Geert Joostens
Eef, Cisse en Eulalie.Beeld RV Geert Joostens

Daarnaast is twinning economisch interessant. Als beginnende naaister had Eef telkens veel restjes over, net genoeg voor een volgend kledingstuk in dezelfde stof. “Vaak hoop je door zelf te naaien geld uit te sparen, maar niets is minder waar. In plaats van kleren koop je gewoon heel veel stoffen. Door met die restjes aan de slag te gaan, kon ik mijn schuldgevoel toch wat beperken.” Toen ze merkte dat veel andere mama’s met hetzelfde ­probleem zaten, deelde ze haar naaipatronen zelfs in een boek: Matching outfits, matching minds.

Maar ook in de winkel kochten moeder en dochter heel wat dezelfde stuks, al past dat minder in hun filosofie. “Voor haar kan ik gerust al bij de dames­kleding de kleinste maat kopen. Bij JBC en L&L zie je zelfs dat twinning tussen ouder en kind een echte trend wordt, maar dan is het telkens exact hetzelfde. Voor mij mag het geen slechte karikatuur worden, dat zou zielig zijn. Ik wil geen dorpsfiguur worden van wie iedereen denkt: daar zijn ze weer. Als zij het zelf niet meer zou willen, stop ik ermee. Dan ga ik wel met mijn zoon Cisse (7) verder, die doet nu ook al aardig mee.”

Ondertussen staat Eulalie immers voor de deur van de puberteit, en is matchen met ‘de mama’ niet altijd evident. Helemaal identiek hetzelfde draagt ze dus liever niet meer. “Ze moet nu haar eigen persoonlijkheid ontwikkelen, zichzelf ­kunnen zijn. Ik zou niet willen dat ze op school het mikpunt van spot zou worden – kinderen kunnen zo hard zijn voor elkaar. Daarom betrek ik haar graag bij het naaiproces. Bij dit kleedje was het bijvoorbeeld haar idee om vooraan dat lintje erbij te doen. Eigenlijk is Eulalie mijn muze.”

Jack en Léon: "Het is te schattig om het niet te doen"

Zelf beseffen ze er nog niet veel van, maar tweeling Jack en Léon (2) deelt al sinds het begin van hun dagen dezelfde garderobe. In nette setjes van twee liggen de kleertjes in de kast. Ook de bedjes, lakentjes, stoeltjes, Maxi-Cosi en andere attributen kocht hun mama Ann meteen in tweevoud. “Ik hou zelf van een Scandinavische, minimalistische stijl. Doordat alles ­hetzelfde is, straalt dat voor mij een gevoel van rust uit. En voorlopig vind ik het vooral te schattig om het niet te doen. Zeker in de winter, nu ze zo lekker ingeduffeld zitten.”

Jack en Léon Beeld RV Geert Joostens
Jack en LéonBeeld RV Geert Joostens

Die gewoonte vergt wel wat extra voorbereiding, want zodra een van de jongens een vlek maakt en zich moet omkleden, krijgt ook de andere een vers T-shirt. “Vorige week ging ik hen bij hun grootouders ophalen. Door een accidentje stonden ze daar in verschillende outfits. Voor mij voelde dat echt bizar. Mijn rustfactor was toch even doorbroken.”

Voor een buitenstaander is het geen sinecure de blonde kopjes uit elkaar te houden, en daar maakt hun kleding het niet gemakkelijker op. Toch kan Ann bijna blindelings aanduiden wie wie is: “Uiterlijk zijn er duidelijke verschillen, zoals de manier waarop ze lachen. Maar ook qua karakter zijn ze helemaal anders. Wanneer we naar de speeltuin gaan en er is een schattig meisje in de buurt, is Léon de eerste die rond haar hangt en zijn koekje deelt. Jack houdt zich liever bezig met ravotten. Hij speelt graag met de bal, Léon kan zich dan weer urenlang op blokjes concentreren. Maar soms kan dat ook ineens keren. Het is amusant om te zien hoe ze, parallel aan elkaar, toch hun eigen parcours afleggen.”

Voorlopig zijn de jongens zelf nog niet met kleding bezig, dus vormt de twinning nog geen inbreuk op hun identiteit. Maar zodra ze bewust elk naar iets anders grijpen, staat Ann hen niet in de weg: “Ik vind het enorm belangrijk dat ze hun eigen persoonlijkheid kunnen behouden, weten wie Jack is en wie Léon. Wij proberen dat ook te stimuleren, door bijvoorbeeld af en toe iets met één van hen alleen te doen. Zeker wanneer ze in de kleuterschool starten, zal die ontwikkeling wel in een stroomversnelling terechtkomen. Het zou goed kunnen dat het dan snel gedaan is met die outfits. Dus kan ik er nu maar beter extra van profiteren.” (lacht)

Dicky en Dusty: "Het is een echte ijsbreker"

Dicky (47) en haar hond Dusty (12) kunnen uiteraard niet exact dezelfde kledingstukken dragen, maar matchen doen ze wel degelijk. Meer dan tien bijpassende sets maakte Dicky voor hun wandeltochten. Hij een leiband met koeienprint, zij een tas uit hetzelfde vel. Hij een rood tuig, zij een poncho met dezelfde roodlederen kraag. Hij een jeansshirtje tegen de koude, zij een denim hoedje.

Dicky en Dusty Beeld RV Geert Joostens
Dicky en DustyBeeld RV Geert Joostens

Toch is het esthetische aspect niet waar deze uit de hand gelopen hobby begon: “Voor kleine honden heb je meestal veel keus, maar voor grote honden is het geen sinecure om een goed tuig te vinden. Ofwel zijn ze heel agressief en bezaaid met spikes, ofwel zijn ze gemaakt uit nylon en zitten ze niet lekker. Heel af en toe vond ik wel iets moois uit leder, maar dat kostte me al gauw een paar honderd euro. Daarom begon ik zelf spullen te maken, van gerecycleerde motorjassen, spijkerbroeken en vloerkleden. En omdat ik erg van tassen hou, maakte ik dan maar ineens iets gelijkaardigs voor mezelf.” (lacht)

Zo ging de bal aan het rollen. Dicky kreeg leuke reacties op straat, en al snel klopten tientallen hondenbaasjes bij haar aan voor een handgemaakt setje. Een carrièreswitch van ­web­designer naar hondenkledingontwerper was snel gemaakt. Sinds vier jaar is haar studio ‘DogGoesShopping’ een vaste waarde in Arnhem en omstreken. Naast tassen, poncho’s en hoedjes zijn er ook bodywarmers, handschoenen en sjaals in thema met het tuigje. “Enkel jurkjes voor honden maak ik niet, een hond moet toch een beetje dier blijven. Al heb ik voor Dusty wel enkele verzorgde T-shirts en sjaaltjes, omdat hij in de winter wat last heeft van artrose.”

Dusty zelf heeft er in elk geval geen bezwaar tegen. Na een korte tijd in het weeshuis leeft hij al elf jaar bij zijn excentrieke baasje, twee jaar langer dan de gemiddelde leeftijd voor zijn ras. “Maar ook als er een tweede hond zou komen, ga ik ermee door. Het is gewoon ontzettend fijn om dingen samen te doen met je hond, dus is ook kleding iets dat je samen kunt uitzoeken. Daarnaast geniet ik enorm van de warme reacties van andre wan­delaars, het is een echte ijsbreker.”

Jeannine en Filip: "In dancing Parasol kent iedereen ons"

Het lijkt wel een miniatuurversie van het Witte Huis, maar dan met kanarie­gele zeilen en Griekse stand­beelden op de oprijlaan: de kledingwinkel van Jeannine (77) is moeilijk te missen wanneer je het Oost-Vlaamse Burst binnenrijdt. Terwijl sommige vrouwen van haar leeftijd de dagen aan elkaar rijgen met pralines eten en naar André Rieu luisteren, werkt Jeannine nog steeds fulltime als zakenvrouw én stijladviseur. Ze heeft een zeer aparte stijl, dat wel: haar meer dan driehonderd jurkjes flitsen, fonkelen en glanzen nog feller dan de rits schlagerzangers die haar klantenbestand vormt. Een deel van die stuks naait de kranige sprookjesprinses zelf, voor de rest snuistert ze elke maandag de Brusselse Trade Market rond.

Jeannine en Filip Beeld RV Geert Joostens
Jeannine en FilipBeeld RV Geert Joostens

En daar komt haar 26-jaar jongere vriend Filip (51) in het verhaal: bakker doorheen de week, stijldanser by night flankeert hij Jeannine op haar missie. En dat doen ze altijd assorti. “Dat is natuurlijk goede reclame: mensen komen van ver naar de winkel. Zelfs tijdens de dansles op donderdag zijn we een soort levend uithangbord. Wij zijn West-Vlamingen hè, echte commerçanten”, glundert Jeannine. Ook in dancing Parasol heeft het duo bijna de status van beroemdheid. “Iedereen kent ons, wij zijn daar het best geklede koppel. Altijd vragen ze zich af wat we nu weer zullen dragen, en een week later zie ik andere vrouwen met precies hetzelfde vest.”

Hoewel ze niet samenwonen, is de praktische organisatie van hun outfits geen euvel. Elk weekend bellen ze op voorhand om een kleur te kiezen, vanaf daar doet hun zesde zintuig het werk. “Wij weten wat voor soort rood of roze we gaan dragen, we shoppen dan ook altijd samen. Ondertussen hebben we in elke kleur wel een bijpassend setje”, lacht Filip.

Het cliché wil dat de vrouw het voortouw neemt bij het ­kleding kiezen, maar ook in hem schuilt een stiekeme stylist. “Voordat ik met Jeannine samen was, ging ik wel soberder gekleed. Zij had al zes bomvolle kleerkasten, dus dan ben ik bijpassende stuks beginnen kopen. Veel mannen zijn te schuw om felle kleuren te dragen, maar daar had ik geen probleem mee. Enkel roze, dat was in het begin wel even slikken. Maar anderzijds: Bobby Prins (Belgische schlagerzanger, red.) draagt dat ook, hè.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234