Donderdag 17/06/2021

InterviewJonge beleggers

Deze jonge beleggers vinden spaarrekeningen ‘bullshit’: ‘Ik kan leven van mijn aandelen en cryptomunten’

 Kristof D'Haeze, Ilias Dierckx en Stefan Willems. Beeld Geert Van de Velde
Kristof D'Haeze, Ilias Dierckx en Stefan Willems.Beeld Geert Van de Velde

Hard werken, flink sparen en na een loopbaan van 45 jaar met pensioen gaan: steeds meer twintigers en dertigers zien dat scenario niet zitten. Spaargeld brengt niets op, het pensioen is onzeker en het leven is meer dan alleen maar werken. Hun alternatief: rijk worden door aandelen en cryptomunten te kopen en te verkopen. We spraken met drie jonge beleggers die daar hun levensdoel van hebben gemaakt.

De effectenhandelaars in ons land zien al enkele jaren het aantal jonge beleggers opvallend stijgen. Eén van hen is Kristof D’Haeze (30), in het dagelijks leven teamleider informatie bij de NMBS. In zijn vrije tijd belegt hij op de beurs en in cryptomunten: virtuele munten zoals de bitcoin, die niet door een centrale bank worden gecontroleerd. Student Ilias Dierckx (20) verdiept zich daar al sinds 2014 in, toen de cryptomarkt nog in zijn kinderschoenen stond. Stefan Willems (27) is zelfstandig beursanalist, financieel journalist en blogger.

D’Haeze: “Ik ben vier jaar geleden begonnen met aandelen te kopen en te verkopen op de beurs. Enkele vrienden deden dat al, maar ik wilde er eerst meer over lezen voor ik er geld in stak. Toen ik een tijd thuiszat door een blessure aan mijn kruisbanden, heb ik me in die materie verdiept. Ik ben er vrij snel goed in geworden. Ik deelde gratis tips op Telegram om mensen te helpen met traden en zo werd ik benaderd door een bedrijf in Dubai om online les te geven. Dat heb ik twee jaar gedaan. Ik was gespecialiseerd in technische analyse: je probeert dan de koersen van aandelen te voorspellen aan de hand van grafieken en trendlijnen. Toen ik merkte dat de markt van cryptomunten aan het boomen was, ben ik ook daarin gestapt.

“Nu beleg ik op korte en op lange termijn: ik heb een portefeuille waarmee ik de komende decennia een flink vermogen wil opbouwen, en daarnaast nog een kleinere portefeuille, waarmee ik actief handel. Ik probeer elke dag aandelen te kopen die in een dipje zitten, en ze weer te verkopen als de koers is gestegen. Dat is, kort samengevat, wat traden inhoudt.”

Willems: “Ik heb vijf jaar handelswetenschappen gestudeerd en daarna bij ING als beleggingsadviseur gewerkt, ook al vertrouw ik de banken voor geen haar. (lacht) Nu werk ik als onafhankelijke beursanalist.”

Dierckx: “Ik ben in cryptomunten beginnen te handelen omdat ik me verveelde. Mijn oom heeft een vriend die zich met bitcoins bezighoudt en ik was erbij toen hij er meer uitleg over gaf. Mijn oom en ik hebben toen elk 75 euro belegd. Eén bitcoin was op dat moment 1.000 euro waard (nu ongeveer 30.000 euro, red.). Ik leerde steeds meer over de markt in cryptomunten en af en toe kocht ik er bij. Ik ben met kleine bedragen begonnen: nu eens 25 euro, dan weer 30 euro. In 2017 begon de hype en heb ik allerlei munten bijgekocht met het geld van mijn vakantiejob. Een slimme zet, achteraf gezien.”

Willems: “Ik heb mijn eindwerk over de bitcoin geschreven en toen voorspeld dat de koers ooit in elkaar zou klappen, omdat de overheden de munt aan banden zouden leggen. Achteraf gezien kan ik me voor het hoofd slaan dat ik er toen niet in heb geïnvesteerd, maar ik had hem wellicht snel verkocht zodra hij sterk begon te stijgen.”

Dierckx: “Sinds vorig jaar zie je bij de cryptomunten weer een stierenmarkt (waarin de koersen almaar stijgen, red.) en merk je dat steeds meer mensen op de kar springen. Maar wie er nu pas in belegt, is eigenlijk te laat. Cryptomunten zijn nog steeds een goede investering, maar je zult geen monsterwinsten meer boeken. Je moet ze kopen als de koersen blijven dalen, dus in een zogenaamde berenmarkt.”

Hebben jullie nog spaargeld?

D’Haeze: “Op mijn spaarrekening staat nul komma nul euro. Ik geloof niet in de banken. Met het geld op je spaarrekening gaan zij aandelen kopen en verkopen. Waarom zou je het dan niet zelf doen?”

Willems: “Zo’n 95 procent van mijn vermogen zit in aandelen. Ik heb weinig spaargeld nodig, want ik geef heel weinig uit. Ik kom al jaren rond met minder dan 1.000 euro per maand. Ik heb nu zo’n 100.000 euro als reserve. De kans dat ik ooit in de problemen kom, schat ik laag in, maar als ik plots geld nodig zou hebben, kan ik nog altijd een deel van mijn aandelen verkopen.”

D’Haeze: “De meeste mensen vinden het eng om al hun spaargeld in aandelen te steken, maar ik kan er op elk moment aan. Als ik enkele aandelen of cryptomunten verkoop, staat het geld een dag later op mijn rekening. Mijn moeder werkt al haar hele leven bij de bank: zij maakt zich zorgen en zegt dat ik meer moet sparen. Maar dat doe ik al: mijn beleggingen zíjn mijn spaarrekening.”

Dierckx: “Al het geld dat ik kon missen, heb ik in cryptomunten gestoken. Ik ben erg jong begonnen, met een klein bedrag, en nu is dat flink gegroeid. Sindsdien heb ik alles wat ik met vakantiejobs heb verdiend, in cryptomunten geïnvesteerd. Dat zijn geen enorme bedragen, maar ik heb er al heel wat winst mee gemaakt.”

Je hebt toch geen enkele garantie dat je geld niet plots in rook opgaat als het slecht gaat met een bedrijf of een cryptomunt?

D’Haeze: “Ik spreid mijn beleggingen, zodat het niet fout kan gaan: mijn geld zit niet alleen in cryptomunten, maar ook in aandelen en in vastgoed. Je koopt beter zes gewone eieren in plaats van één struisvogelei, zoals de bitcoin. Als dat superei breekt, blijf je met lege handen achter. Als je je geld spreidt over zes gewone eieren, kan het geen kwaad als er één of twee breken.”

30.000 EURO VERBRAST

Wat is jullie drijfveer om te beleggen?

D’Haeze: “Ik wil financieel onafhankelijk zijn. Mijn doel is niet om erg rijk te worden, maar om niet meer te hoeven nadenken over geld en te kunnen kopen wat ik wil. Ik ben materialistisch ingesteld: ik geef graag geld uit aan mooie auto’s, horloges… Dat wil ik zonder stress kunnen doen.”

Dierckx: “Ik vind traden vooral leuk. Ik heb er eerlijk gezegd nog niet over nagedacht wat ik met mijn winst zou kopen. Van mijn eerste geld als jobstudent heb ik een pc gekocht, maar voor het overige heb ik nog nooit een grote aankoop gedaan.”

Willems: “Ik zou ooit van mijn vermogen willen kunnen leven – dat is het FIRE-principe: financially indepent, retire early. Ik wil niet 45 jaar werken en daarna van een pensioen afhankelijk moeten zijn. Ik let op mijn uitgaven en probeer zoveel mogelijk geld te verdienen. Ik wil niet per se stoppen met werken, maar ik wil kunnen doen wat ik graag doe.

“In feite ben ik superkapitalistisch, maar tegelijk totaal niet materialistisch. Het maakt me niet uit of ik een groot huis of de mooiste BMW heb, maar ik wil wel de vrijheid hebben om te kunnen doen wat ik wil. Wil ik reizen, eventjes niet werken of verhuizen? Dan moet ik rekening houden met mijn financiële situatie. Ik wil bereiken dat ik dat niet hoef te doen.”

Dierckx: “Het geeft me wel een goed gevoel dat ik later niet afhankelijk zal zijn van de overheid. Ik hoef niet per se te werken tot mijn 65ste en daarna van het wettelijk pensioen te leven – als dat tegen dan nog zal bestaan. Mensen vinden dat raar, maar… Als jij nu je job als journalist opzegt, wat kun je dan doen? Je moet al een flinke spaarrekening hebben om te kunnen beslissen dat je niet meer wilt werken.”

Willems: “Komende zomer emigreer ik wellicht naar Bulgarije. De kans is groot dat ik daar blijf: je kunt er voor 45.000 euro een luxueuze woning kopen, terwijl je in België voor een doorsneewoning makkelijk 300.000 euro kwijt bent. En dan zit je vast aan een lening en een job om die af te betalen. Ik wil geen slaaf van het systeem zijn. Als ik eens een maand niet wil werken om meer tijd te hebben voor mijn familie, dan wil ik dat kunnen. En laten we eerlijk zijn: daar heb je geld voor nodig.”

Dierckx: “Geld bezorgt je vrijheid, en zo ook voor een deel geluk.”

Geld maakt niet gelukkig, toch?

Allen: “(in koor) Bullshit!”

D’Haeze: “Geld hebben maakt het leven wel verdomd makkelijk. Niet alleen op materieel vlak, maar ook mentaal: zonder financiële problemen heb je veel minder stress. Het helpt ook als je niet móét werken. Die zekerheid doet wonderen voor je mentale welzijn. Ik was niet bang om tijdens de coronacrisis mijn job te verliezen, want ik weet dat ik langere tijd kan overleven met wat ik in aandelen en cryptomunten heb zitten.”

Willems: “Ik ben pas echt gelukkig sinds ik mijn vaste job kon afbouwen en als zelfstandige kon beginnen. Eerder durfde ik het niet. Ik heb nu ook het lef om hard te onderhandelen over mijn tarieven. Als je van je inkomsten afhankelijk bent, kun je dat niet.”

Kristof D’Haeze. Beeld Geert Van de Velde
Kristof D’Haeze.Beeld Geert Van de Velde

Geld maakt geld, luidt het adagium. Komen jullie uit een welgesteld gezin?

Dierckx: “Integendeel. Mijn moeder heeft me in haar eentje opgevoed. Ze heeft het financieel soms moeilijk gehad, daar is ze altijd erg open over geweest. Ik ben nooit iets tekortgekomen, maar ik zag wel hoe hard zij moest werken om me alles te kunnen geven. Dat heeft me bewust gemaakt van de waarde van geld. Ik heb ook hard gewerkt voor het geld dat ik in cryptomunten heb gestoken. Mijn vakantiewerk deed ik in de bouw, dat was zwaar labeur.

“Ik heb geen startkapitaal van mijn ouders gekregen toen ik 18 werd, zoals veel leeftijdgenoten. Ik ben niet jaloers of zo, maar het ergert me wel als ik zie hoe sommigen een paar duizend euro krijgen en het dan uitgeven aan reizen of feesten. Ik ken er zelfs die 30.000 euro verbrast hebben. Dat snap ik niet. Als je zo’n fantastisch cadeau krijgt, geef dan de helft uit aan dingen die je echt wilt, maar doe toch iets verstandigs met de andere helft.”

D’Haeze: “Ik ben ook door mijn moeder opgevoed. Zij heeft een goede job bij de bank, maar daar is ze wel afhankelijk van. Ik heb al snel besloten dat ik nooit in zo’n situatie wil zitten.”

Willems: “Mijn moeder is leerkracht, mijn vader is magazijnier. Ik heb thuis niets over beleggen geleerd, maar ik heb handelswetenschappen gestudeerd en ben daarna in die wereld gaan werken. Daar heb ik alle kneepjes van het vak geleerd. Ik ben blij dat ik de kans heb gekregen om te studeren, en nu wil ik via de blog spaarvarkens.be mijn kennis delen. Het onderwijs blijft toch ernstig in gebreke als het over financiële opvoeding gaat.”

D’Haeze: “Je moet op school wel wiskundeformules blokken, maar je leert er niet hoe je een belastingformulier moet invullen.”

Waar hebben jullie je financiële kennis opgedaan?

Dierckx: “Ik heb alles op het internet opgezocht. Toen ik me voor cryptomunten begon te interesseren, deelden veel experts hun kennis gratis online. Tegenwoordig moet je daar flink voor betalen, en je weet niet welke cursussen de moeite waard zijn. Er circuleert véél onzin over cryptomunten.”

D’Haeze: “Ik heb veel geleerd van vrienden die zelf beleggen. Maar ik heb me eerst een jaar lang voorbereid en zoveel mogelijk informatie opgezocht en gelezen. En vóór ik de sprong waagde, heb ik met simulatoren mijn strategieën uitgetest.”

CRYPTOMILJONAIR

Wat vindt jullie omgeving ervan dat jullie actief beleggen?

D’Haeze: “Vroeger bestond mijn vriendenkring vooral uit jongeren die elk weekend hun geld uitgeven aan feestjes en uitgaan. Ze lachten me vierkant uit toen ik vier jaar geleden begon te beleggen: ‘Maar waarom doe je dat? Je zult al je geld verliezen!’ Nu zien ze hoe goed ik het doe en vragen ze me: ‘Maar hóé doe je dat?’ (lacht)

Dierckx: “Toen ik in cryptomunten begon te investeren, was iedereen in mijn omgeving ertegen. Zelfs mijn oom vond het gevaarlijk toen ik er steeds meer geld in begon te steken. Dat heeft me in het begin wel tegengehouden. Maar ik ben nog jong, wat heb ik te verliezen? Bovendien heb ik het voordeel van de tijd: mijn beleggingshorizon strekt zich héél ver uit.”

D’Haeze: “Mijn moeder vindt het nog altijd maar niks. Ze ziet wel dat ik het goed doe, maar toch blijft ze kritisch. Ik zou haar op een dag zo’n grote som geld willen geven dat ze meteen met pensioen kan, uit dankbaarheid voor alles wat ze voor mij heeft gedaan. En ook wel omdat ze dan misschien zou beseffen dat ik écht goed bezig ben. (lacht)

“Nu, zij behoort tot de generatie die heeft geleerd dat je hard moet werken als je veel geld wilt verdienen. Vroeger klopte dat misschien, maar nu moet je je geld voor jou laten werken. Als ik een bijbaantje moet zoeken om extra geld te kunnen verdienen, heb ik geen leven meer. Het is waanzinnig dat mensen het nog steeds normaal vinden om 45 jaar lang voor een baas te werken en hem rijk te maken. En het geld dat je dan met een beetje geluk overhoudt, moet je braafjes op een spaarrekening zetten, zodat de bank er rijk mee kan worden.”

Willems: “Ik noem dat economische slavernij. Het is een systeemfout van de samenleving: het kan toch niet de bedoeling zijn dat je zo moet leven? Daar worden mensen niet gelukkig van.”

D’Haeze: “Maar wíj zijn zogezegd de rare vogels. Ik werk nog altijd fulltime bij de NMBS, maar vooral omdat ik dan mijn loon kan beleggen. Ik steek erg veel tijd in het traden en het voelt soms aan als een extra job, maar ik werk wel voor mezelf. Ik vind het niet erg om vijftien jaar dubbel zo hard te werken, als ik daarna de vrijheid heb om ermee te kunnen stoppen.”

Ilias Dierckx. Beeld Geert Van de Velde
Ilias Dierckx.Beeld Geert Van de Velde

Sommigen noemen dat het onrealistische wereldbeeld van verwende jongeren, millennials die alles in de schoot geworpen hebben gekregen.

Dierckx: “Ik ben student, maar ik weet wat hard werken is. Bij mijn vakantiejob in de bouw kwam ik elke dag onder het stof thuis en zat er puin in mijn haar. Ik had ook in een restaurant kunnen opdienen, maar ik vond hard zwoegen en zweten best leuk. Ik zie het alleen niet zitten om dat de rest van mijn leven te doen. Dan zijn er twee opties: je gaat slim om met je geld, of je probeert hogerop te raken door te gaan studeren. Maar dan ben je afhankelijk van een werkgever en van wat hij je wil betalen.”

Willems: “In het begin van mijn carrière werkte ik tachtig uur per week. In het weekend kluste ik bij als magazijnier op de luchthaven, en op vrijdag had ik de nachtdienst. Daarnaast schreef ik stukken als journalist, soms gratis, om bekend te raken. Ik probeerde mezelf voortdurend omhoog te werken. Op mijn 21ste ben ik begonnen te beleggen met 6.500 euro, maar dat geld ben ik kwijtgeraakt, waarna ik opnieuw moest beginnen.

“Zo’n 80 procent van wat ik verdien, komt nog steeds uit arbeid, de rest uit mijn investeringen. Het is al heel mooi als je vermogen met 7 of 8 procent per jaar kan groeien. Met cryptomunten gaat het wel sneller: als je daar 1.000 euro in steekt, kan dat binnen het jaar verviervoudigen. Met aandelen lukt je dat nooit.”

Dierckx: “Ik heb 9.500 euro in cryptomunten gestopt, en mijn portefeuille is nu al vijftig keer meer waard. Sommige cryptomunten zijn anderhalf miljoen procent in waarde gestegen, dat is waanzin. Ik heb eens in drie dagen tijd 22.000 euro verdiend met een munt waarin ik 330 euro had gestopt.”

Cryptomunten hebben een slechte naam in de financiële wereld, ook al worden er recordwinsten mee gemaakt. Hoe komt dat?

Dierckx: “Mensen begrijpen niet waar het over gaat. Toen ik bij de bank langsging voor informatie over beleggen in aandelen, keken ze verschrikt op toen ik me liet ontvallen dat ik in cryptomunten beleg. Ze leken te denken dat ik ze in bitcoins zou betalen. Maar het is niet omdat je pakweg in goud belegt, dat je daarna met goudklompjes wilt betalen, hè. Ik investeer in bitcoins, maar als ik euro’s op mijn bankrekening wil, verkoop ik er wat.”

D’Haeze: “Zolang je winst niet in euro’s op je bankrekening staat, ben je alleen op papier cryptomiljonair. Daarom verkoop ik op de juiste momenten, zodat ik geld op mijn rekening heb. Een deel daarvan herbeleg ik daarna weer.”

Dierckx: “De markt van de cryptomunten is niet gereguleerd, dus je moet wel voorzichtig zijn. Louche figuren proberen beginners op te lichten die verblind zijn door hebzucht. Op YouTube beloven zelfverklaarde goeroes dat ze je rijk zullen maken: ‘Geef mij 2.000 euro en ik maak er in een maand tijd 15.000 euro van.’ Dat kan, maar het is uitzonderlijk.”

D’Haeze: “Dat is trouwens illegaal, want dan doe je aan vermogensbeheer, en daarvoor gelden strikte regels. Zelf ben ik met alles in orde, maar praatjesmakers en oplichters verzieken de markt. Ik geloof echt in cryptomunten, maar er zijn evenveel shitcoins op de markt, munten die nergens voor staan maar die het plots erg goed doen, zoals dogecoin.”

Stefan Willems. Beeld Geert Van de Velde
Stefan Willems.Beeld Geert Van de Velde

STRESS VAN DE LOTTO

De Belg belegt traditioneel graag in bakstenen. Jullie ook?

D’Haeze: “Zeker. Ik heb nooit willen huren, omdat ik dan een huis voor iemand anders afbetaal. Ik heb tot mijn 26ste thuis gewoond, zodat ik voor een appartementje kon sparen. Na drie jaar heb ik dat met een flinke winst verkocht en een huis gekocht. Het is ook het eerste wat ik zou doen als ik echt veel geld heb: vastgoed kopen. Dat zal altijd zijn waarde behouden. Als de rest crasht, staat je huis er nog steeds.”

Dierckx: “Ik ben van plan om na mijn studie een appartement te kopen en te verhuren, zodat ik met die inkomsten de lening kan afbetalen en zo verder kan groeien. Vastgoed is een uitstekende belegging als je het risico wilt spreiden.”

Willems: “Ik verdien toch meer geld door te huren dan te kopen. Ik betaal slechts 450 euro per maand, vaste kosten inbegrepen. Maar ik wil vooral niet aan een lening vastzitten. In België zijn de registratierechten schandalig hoog: voor een doorsneeappartement moet je al minstens 20.000 euro rechten aan de staat betalen. Dat geld is dan gewoon weg.”

Nog een Belgische klassieker: pensioensparen. Doen jullie dat?

D’Haeze: “Ja, maar alleen omdat mijn moeder bij de bank werkt en dat vroeger voor mij heeft geregeld. Nu laat ik het maar zo, voor die 80 euro per maand.”

Willems: “Neen. Met pensioensparen kun je 45 jaar lang – of tot aan je pensioen – niet aan je geld. Als je het eerder terug wilt, betaal je 33 procent belastingen. Je krijgt wel jaarlijks een fiscaal voordeel van 30 procent: dat lijkt veel, maar dat is het helemaal niet. En op het einde van de rit moet je er belasting op betalen, nu is dat vastgelegd op 8 procent van het gespaarde kapitaal. De overheid gaat ervan uit dat je op je pensioenspaarfonds een jaarlijks rendement van 4,75 procent hebt, waar ze óók belasting op heft. Bovendien veranderen de belastingregels om de zoveel tijd. Als de staat ooit geld nodig heeft, vrees ik dat men naar dat potje zal kijken.”

Jullie zijn wel achterdochtig.

D’Haeze: “Ik besefte pas hoe nutteloos spaarrekeningen zijn toen ik leerde dat banken mijn spaargeld beleggen en daar jaarlijks 10 tot 15 procent winst op halen. Op mijn spaarrekening kreeg ik maar 0,01 procent rente per jaar. Dan beleg ik dat geld liever zelf. Zelfs als ik er maar 0,1 procent winst mee maak, is dat nog altijd tien keer meer dan wat een spaarboekje opbrengt.”

Willems: “De overheid plukt je ook kaal. Van elke 100 euro die je verdient, hou je als single minder dan de helft over. Op fiscaal vlak lijkt het hier meer op een communistische staat dan op een vrijemarkteconomie. Bulgarije – een voormalige Sovjetrepubliek, nota bene – is veel liberaler dan België.”

Wat is de grootste beleggingsfout die jullie zelf ooit hebben gemaakt?

Willems: “Op mijn 21ste ben ik keihard op mijn bek gegaan: ik heb toen in twee dagen tijd 80 procent van mijn portefeuille verloren. Ik verdiende door te beleggen twee keer zoveel als ik bij de bank verdiende, en ik werd overmoedig. Ik was 13.000 euro kwijt, wat toen heel veel geld voor mij was. Ik ben er een half jaar ziek van geweest: ik wilde niets meer met beleggen te maken hebben.

“Ik was toen erg kwaad op mezelf, maar op een dag besloot ik te analyseren wat ik fout had gedaan. Ik heb er lessen uit getrokken en een systeem ontwikkeld waar ik me nog steeds aan houd. Emotioneel handelen is menselijk, maar ik probeer het te vermijden door nooit van mijn regels af te wijken. Ik weet dat ik stressgevoelig ben, daarom zou ik nooit al mijn geld in bitcoins steken in de hoop dat het iets wordt.”

Dierckx: “Ik heb nooit stress over mijn beleggingen. Toen ik voor het eerst duizenden euro’s investeerde, was het natuurlijk wel slikken, maar het ging goed en nu ben ik het gewend. Ik zou zenuwachtiger zijn als ik op de lotto speel. Veel mensen zijn nochtans sneller geneigd om daar geld aan uit te geven. Maar het is veel slimmer om dat geld te beleggen: als het niks zou opbrengen, heb je ook niets verloren. Bij de lotto ben je het hoe dan ook kwijt.”

D’Haeze: “Je hóópt ook dat je iets wint bij de lotto, het is geen zekerheid. Bij cryptomunten kan ik zeer goed inschatten welke richting het zal uitgaan. En als ik het verkeerd heb, kan ik tijdig ingrijpen en mijn verlies ongedaan maken. Daarom beleg ik ook: ik wil controle over mijn eigen geld, en over mijn eigen toekomst. Die controle heb je niet met een spaarboekje, integendeel.”

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234