Donderdag 20/02/2020

Deurenkomedie die op een kier blijft staan

Om een welgemeend antimaatschappelijk 'fuck you' de zaal in te slingeren mist deze burleske travestie stoutigheid en komisch-ordinair bravoure

Theater l Liefde in de lift, de eerste productie van De Vlaamse Komedie H

Jan De Smet

Overal waar hij woont, stampt Guido De Craene een theatergezelschap uit de grond. In Mechelen was dat De Komeet, de New York Comedy Club liet hij kennismaken met Beast of Belgium en in 2001 schonk hij Brussel het Vlaamse repertoiregezelschap Les Flamands, dat twee jaar later naar Antwerpen verhuisde. Met De Vlaamse Komedie staat een nieuwe opvolger klaar.

De Vlaamse Komedie programmeert wat het publiek wil zien. De Craene gelooft in dat wat populistische uitgangspunt: "Natuurlijk kun je inspelen op de smaak van je publiek en theater afleveren waarbij je je als maker goed voelt. Daarop zijn alle Broadway- en West End-producties gebouwd: kwaliteit en toegankelijkheid, maar ook bezieling. De Vlaamse Komedie brengt commercieel theater in de zin dat het loon van de acteurs door de toeschouwers wordt betaald. Waarom is dat in Vlaanderen zo'n beladen term? Is dat de schuld van Ruud De Ridder met de Dallas-allures van zijn Echt Antwerps Theater? Of van de breed uitgesmeerde beslommeringen van Music Hall? Misschien was het commercieel theater in het verleden te veel in handen van commerçanten en hielden te weinig door theater bezielde mensen zich ermee bezig."

De naam De Vlaamse Komedie is een sneer naar het cultuurbeleid dat, dixit De Craene, in handen is van farceurs. Aan subsidies vragen denkt hij in geen geval: "Dat je blij mag zijn met de zekerheid om gedurende twee of vier jaar je brood te verdienen is toch geen perspectief waar een normaal mens zijn carrière op wil bouwen?"

In Liefde in de lift gaat het er hevig aan toe. What the Butler Saw, de oorspronkelijke Engelse titel van Joe Ortons stuk, was diens laatste werk. Een maand nadat het geschreven was, werd hij door zijn jaloerse minnaar met een hamer de kop ingeslagen. Zo werd hem ontzegd waar hij het meeste van genoot: épater le bourgeois.

Bij de première in 1969 bediende het geshockeerde publiek hem op zijn wenken door de voorstelling te onderbreken omdat het aanstoot nam aan de vele vulgariteiten en obsceniteiten. Toegegeven, Orton laat nogal wat op de toeschouwer los. Het sollicitatiegesprek in een psychiatrische kliniek van een medisch secretaresse (Mieke Laureys) ontaardt in een verleidingspoging van dokter Timmermans (Daan Hugaert). Mevrouw Timmermans (Dédéé Dalle) komt zeer ongelegen het kabinet binnenvallen. Zij wordt gechanteerd door de liftboy (Bert Vannieuwenhuyse), met wie ze de nacht doorbracht. De komst van een inspecteur van het ministerie (Ivo Pauwels) en een politieagent (Guido De Craene) op zoek naar een verkrachter maakt de vraag wie de echte gekken zijn in het gesticht alleen maar prangender. "Is dit verborgen camera?", vraagt een wanhopig personage zich af.

De Vlaamse Komedie brengt een getemde versie van Ortons wilde zwarte farce. De scherpte en de absurditeit zijn weg uit de dialogen en de humor vonkt niet. Er wordt houterig geacteerd en het samenspel zit soms fout. De up-tempo speelstijl ontbreekt, de haarscherpe timing van de deurenkomedie is zoek en de overbodige pauze verslapt het geheel. Om een welgemeend antimaatschappelijk fuck you de zaal in te slingeren mist deze burleske travestie stoutigheid en komisch-ordinair bravoure.

WAAR EN WANNEER Tot 25 juni, elke vrijdag en zaterdag, 20.30 uur, Rode Zaal Fakkelteater, Hoogstraat Antwerpen, 03/232.14.69, 0473/96.53.54, www.lesflamands.be

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234