Woensdag 14/04/2021

AchtergrondWit-Rusland

Demonstranten tegen het Loekasjenko-regime in Wit-Rusland riskeren in een strafkamp te belanden

Twee journalistes staan in Minsk terecht voor hun berichtgeving over de antiregeringsprotesten. Ze riskeren tot drie jaar gevangenisstraf.  Beeld EPA
Twee journalistes staan in Minsk terecht voor hun berichtgeving over de antiregeringsprotesten. Ze riskeren tot drie jaar gevangenisstraf.Beeld EPA

Nu het protest in Wit-Rusland luwt, pakt het regime van Loekasjenko iedereen op die er fanatiek aan deelnam. Demonstranten opsluiten in een strafkamp is daarbij geen taboe, zo blijkt uit de verhalen van een ex-gevangene en een voormalig agent.

Terwijl hij zich juist voor een aantal dagen had teruggetrokken in de provincie om een essay te schrijven voor zijn studie theologie, pakt Zmitser Chviedaruk (32) ’s avonds toch de trein terug naar Minsk. Zijn vrouw heeft hem geappt. Ze heeft een oproep gekregen voor een gesprek met de aanklager. De volgende dag loopt de kwestie met een sisser af, althans voor hen. Justitie wil informatie over hun advocaat, zo blijkt, en hoe ze die hebben betaald. “Het is verschrikkelijk dat advocaten nu worden aangevallen”, concludeert Chviedaruk, die de afgelopen maanden twee keer gearresteerd werd voor deelname aan demonstraties.

In augustus begon in Wit-Rusland een volksopstand nadat president Loekasjenko zich, volgens de oppositie, via grootschalige verkiezingsfraude verzekerde van een nieuwe regeertermijn. De protesten hield maandenlang aan, maar door keihard optreden van de politie durven momenteel nog maar weinigen de straat op. Nu grijpt het regime van Loekasjenko de kans om iedereen te vervolgen die eraan deelnam.

Afgelopen week doorzocht de politie kantoren van media en mensenrechtenactivisten. Donderdag veroordeelde de rechter in Minsk twee journalisten tot twee jaar strafkamp, omdat ze in november verslag deden van een demonstratie. Advocaten worden ervan beschuldigd geld uit het buitenland te ontvangen. Niemand ontkomt aan de repressie, zegt Chviedaruk. “Gisteren stond onze straat plotseling vol agenten. Ze hielden iedereen tegen, en doorzochten telefoons op foto’s van demonstraties.”

Inmiddels wordt steeds duidelijker hoe ver het regime gaat om de tegenstand te smoren. Demonstranten opsluiten in strafkampen is daarbij geen taboe. Het overkwam Zmitser Chviedaruk afgelopen zomer al. De politie had hem opgepakt op de verkiezingsdag, toen hij zich er bij hen over beklaagde dat er een gat in de stembus zat. Eerst sloten ze hem op in de beruchte stadsgevangenis Okrestina in Minsk. Toen die overvol was, brachten ze hem met honderden medegevangenen naar Slutsk, een stadje op honderd kilometer ten zuiden van Minsk. “Daar hadden ze alle elementen van een strafkamp gecreëerd, zo bleek: torens met gewapende wachters, en hekken rondom, voorzien van prikkeldraad.”

Hoofd misdaadbestrijding

Uit een gelekte opname van de viceminister van Binnenlandse Zaken blijkt dat het regime kampen als bruikbaar middel ziet. “Er is ons opgedragen een kamp te bouwen”, hoor je topambtenaar Nikolai Karpenkov vertellen aan zijn collega’s, in een opname die van eind oktober zou dateren, toen de man nog de functie ‘hoofd misdaadbestrijding’ had. “We omringen het kamp met prikkeldraad. We zorgen voor een zaal om de gevangenen te voeden, zodat ze kunnen werken. En we houden ze er vast totdat alles is gekalmeerd.”

Behalve de opname doken foto’s op van het kamp waar Chviedaruk vastzat, gedeeld door een van de bouwers. Daarop zijn de hekken en wachttorens zichtbaar. Het kamp zou vlak na de verkiezingen inderhaast zijn gebouwd om de gevangenissen te ontlasten, maar zou na de vrijlating van Chviedaruk zijn afgebroken.

De geluidsopname werd naar buiten gebracht door Bypol, een initiatief van oud-politieagenten en voormalige medewerkers van justitie, die “weigerden mensen te slaan, en het vertikten om onschuldige mensen te vervolgen”, zoals Igor Loban het verwoordt. Tot afgelopen augustus was Loban rechercheur bij de politie in Grodno, in het westen van Wit-Rusland. Nu woont hij – krap behuisd, met vrouw en twee jonge kinderen – in een dorp nabij de Poolse hoofdstad Warschau.

Hij moest in augustus vluchten, nadat hij in een videoboodschap zijn sympathie had uitgesproken voor de demonstranten. “Het is belangrijk dat iedereen weet wat er in mijn land gebeurt”, aldus Igor Loban, die mede aan de basis stond van Bypol. “Het is niet zo dat de politie gewoon z’n werk doet. Het regime martelt mensen. Dit is fascisme, in de 21ste eeuw, in het hart van Europa.”

Loban laat beelden zien, zoals de mishandeling van gevangenen op een politiebureau in Minsk, die gemaakt zijn door een van zijn oud-collega’s. In de gymzaal van het bureau bevinden zich tientallen mensen, van wie de handen op de rug gebonden zijn. De vrouwen zitten geknield met hun hoofd richting de muur, de mannen liggen met hun gezicht plat op de grond. Agenten met bivakmutsen slaan met stokken op de benen van de mannen, die het uitschreeuwen van de pijn. “De regering zegt dat dit alles niet gebeurt. Wij hebben bewijs van het tegendeel”, aldus de oud-agent.

Om de regering in het ongewisse te laten wil Loban niet zeggen hoeveel oud-agenten zich inmiddels aansloten bij Bypol. In januari publiceerde het platform interne stukken van het ministerie van Binnenlandse Zaken waaruit blijkt dat sinds het uitbreken van het protest duizend medewerkers het ministerie verlieten. Igor Loban, tegen wie in Wit-Rusland een strafzaak loopt, pleit voor economische sancties van de EU tegen de bedrijven die het regime van Loekasjenko steunen. “Dan heeft hij geen geld meer om de salarissen van de politie te betalen.”

Een eigen matras

Dat er nog weinig aandacht was voor het strafkamp is verklaarbaar. Het kamp van Chviedaruk werd opgezet op het terrein van een zogeheten ‘Centrum voor Arbeid en Behandeling’. Het Wit-Russische ministerie van Binnenlandse Zaken bestiert al jaren een netwerk van dergelijke detentiecentra. Daar zitten onder anderen drugsgevangenen, die werk moeten verrichten.

Bovendien, zegt Zmitser Chviedaruk, “in sommige opzichten was het kamp beter dan de gevangenis”. In Minsk was hij dagenlang getuige geweest van het slaan en mishandelen van gevangenen, in Slutsk hadden ze in elk geval allemaal een eigen matras, een beetje voedsel en de mogelijkheid om te douchen. “Maar niemand weet wat er met ons was gebeurd als we langer vast zouden zijn gehouden”, besluit hij.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234