Donderdag 29/10/2020

InterviewDe 20'ers van 2020

Debuterend auteur Anneleen Van Offel (28): ‘In mijn hoofd wemelde het al vanaf mijn zesde van de verhalen’

Anneleen Van Offel: ‘Ik wilde schrijven over iets wat ik niet begrijp. Dat wilde ik doen door mensen te interviewen. Ik ben iemand die weinig verzint.’Beeld Kevin Faingnaert

‘Dit boek geeft me bestaansrecht. Nu voel ik dat ik eindelijk samenval met wie ik wil zijn.’ Anneleen Van Offel vertelt het met veel tremolo in de stem. Dat ze op de toppen van haar tenen loopt, nu haar debuutroman Hier is alles veilig midden februa­ri 2020 bij Lebowski verschijnt, kan ze moeilijk verbergen. ‘Toch is er ook een enorme last van me afgevallen.’

De twintigers van 2020

In onze weekendbijlage Zeno presenteren we u een tiental straffe twintigers van wie u in 2020 nog veel zult horen. Ontdek ze hier allemaal.

Zeven jaar lang was Van Offel een schrijfster zonder boek. Zeven jaar lang rijpte er een roman, die ze al tijdens haar studie Woordkunst aan het Antwerpse Conservatorium in de steigers zette. Maar evengoed mikte ze een aantal versies ervan in de prullenmand. “Ik heb het boek pas losgelaten toen ik er volledig tevreden over was. Ik heb ook al schrijvende leren schrijven. Zoals Lize Spit het ooit zei: ‘Je schrijft jezelf een huis. En dat wordt op een bepaald moment gewoon te klein.’”

Van Offel nam de voorbije jaren bijna als een bezetene deel aan zogeheten ‘talentontwikkelingstrajecten’, waaronder de Parijse schrijversresidentie van deBuren en het zomerkamp van uitgeverij Das Mag. Tot Jasper Henderson van Lebowski haar in de smiezen kreeg. “Hij zei: ‘Stuur maar eens wat op’. We zaten direct op dezelfde golflengte. Hij bood me een razend interessante workshop over ‘de stem van de tekst’ aan. En ook hij bezwoer me om mijn tijd te nemen.”

In het Gentse Begijnhof verschans­te Van Offel zich vervolgens regelmatig in haar atelier. En in de tussentijd stuurde ze een paar verhalen naar literaire tijdschriften en publiceerde ze onder meer in De Revisor, Kluger Hans of Hard/Hoofd.

Geneeskunde

Het scheelde overigens niets of er zat hier een dokter tegenover mij, in de Antwerpse koffiebar waar we elkaar treffen. Dat de frêle Van Offel met de springerige rode haardos toch voor het onzekere schrijverschap koos, voelt voor haar als een soort roeping. “Het klinkt misschien vreemd, maar in mijn hoofd wemelde het al vanaf mijn zesde van de verhalen”, lacht ze. “En toen iemand me in het eerste leerjaar vroeg wat ik wilde worden, zei ik zonder verpinken: schrijver. Toch volgde ik tijdens mijn hele middelbare schooltijd bètarichtingen. De droom om arts te worden was toen minstens even groot. Mijn ouders zijn allebei heel wetenschappelijk en rationeel ingesteld; mijn moeder is bioloog en mijn vader is arts. Literatuur lag bij ons niet in de bovenste schuif, al werd er veel gelezen. En op mijn achttiende slaagde ik voor de toelatingsproef geneeskunde. Toch deed ik ook een toelatingsexamen voor het Conservatorium. Drie dagen voor de start van het academiejaar besloot ik mijn studie geneeskunde op te blazen.”

Het was een hartverscheurende keuze, bekent Van Offel. ‘“Ik moet schrijven, ik kan niet anders”, zei ik tegen mijn ouders. Godzijdank bleven ze rustig. En verzekerden me: “Oké, Anneleen, het zit in je. Maar je zal er wel keihard voor moeten werken.”

Van Offel is nog steeds dankbaar voor hun begrip. “Ik ben er vrij zeker van dat ik die drang om verhalen te vertellen van huis uit mee heb gekregen. Mijn vader is een rasechte causeur. Hij maakt voortdurend van alles mee. Zó veel zelfs dat ik het niet altijd geloof. (lacht) Maar hij leerde me wel nadenken over hoe je een pointe vertelt of een atmosfeer creëert. Zelf heb ik een stille natuur en word ik snel overruled, ik hou me eerder op de achtergrond. Maar als ik op een podium sta, heb ik daar geen last van. Daar ben ik de baas en kan niemand me tegenspreken.”

Blinde vlekken

‘Verhalen vertellen’ en ‘nieuwsgierigheid’: twee sleutelwoorden die voortdurend terugkeren in het gesprek. Voor haar debuutroman trok Van Offel vier keer naar Israël, soms twee à drie weken, dan weer twee maanden. Wat dreef haar om haar boek precies dáár te situeren? In Hier is alles veilig volgt ze een Belgische vrouw die op zoek gaat naar haar ex-stiefzoon, die in Israël in een penibele situatie is terechtgekomen. “Ik wilde schrijven over iets wat ik niet begrijp. Dat wilde ik doen door mensen te interviewen. Ik ben iemand die weinig verzint. Het fascineerde me hoe je het kunt rechtvaardigen om een gewoon leven te leiden in een land dat zo onder vuur ligt. Mijn personages moesten buiten hun comfortzone treden.”

Op de vraag of ze vooraf een opinie had over de positie van Israël in het Midden-Oosten, antwoordt ze ontwijkend. “Ik ben met een open blik vertrokken, wilde me niet in ‘een kamp’ laten indelen. Ik las Amos Oz, Meir Shalev, A.B. Yehoshua of David Grossman... Omdat ik geen oordelend persoon ben, wilde ik naar zo veel mogelijk stemmen luisteren. Activisten, soldaten, gematigden, minder gematigden, orthodoxe Joden, noem maar op. Dat klinkt misschien soft, maar ik had absoluut geen zin om er een politiek boek van te maken. Mijn personages zijn geen symbolen van de Israëlische politiek. ‘Kunnen we elkaar begrijpen, ja of nee? Hoe kun je hier leven?’, vroeg ik. Toch kreeg ik een paar keer de vraag teruggekaatst: ‘Hoe kun jij leven in België?’ Op dat moment draaide mijn uitgangspunt 180 graden. Israëli’s hebben hun blinde vlekken, maar ik ook. Alles in de wereld blijkt zomaar een constructie in je hoofd.”

Of ze er nooit over gedacht heeft om er een non-fictieboek van te maken? “Nee,” zegt ze, “dit voelde onmiskenbaar aan als een roman.” Toch is research essentieel voor Van Offel. Net als menselijk contact. “Dat leerde ik bij het project @Instagrannies, dat ik voor de Bond Zonder Naam uitwerk. Daarvoor gaan we op bezoek bij ouderen in een rusthuis om hun levensverhaal te reconstrueren. Daar leerde ik om alert te luisteren. Waar heb je spijt van, waar ben je trots op? Er komen uiterst eerlijke dingen uit.”

Van Offel heeft het reizen nodig om zich mentaal te voeden, beseft ze steeds meer. “De Belgische luchten zijn me te eng en te beperkt”, zegt ze. In De Standaard schreef ze onlangs over haar huwelijksreis door Europa, waarbij ze met echtgenoot Bram vanuit het Noorse Narvik, het meest noordelijke treinstation in Europa, via Oost-Europa naar Italië trok. “Ik ben getrouwd omdat ik een ritueel wilde. Bram en ik beschouwden huwen als een transformatie, als een stap verdergaan in je relatie. Die transformatie wilden we uitlokken door twee maanden alleen met elkaar onderweg te zijn. Het had fout kunnen lopen, maar ik heb er nog geen minuut spijt van.”

Waarom zijn rituelen zo belangrijk? “Omdat ze een ijkpunt in de tijd vormen. Door onze huwelijks­intentie te koesteren, hebben we bepaalde dingen uitgesproken en onder de loep gehouden.”

Nu wacht Van Offel een nieuwe uitdaging: ze is benoemd tot Letterzetter van Kortrijk tot 2021 en curator van het Memento Woordfestival. “Ik wil voluit artistieke interventies doen waarin de literatuur doorheen de hele stad echoot”, belooft ze. Maar eerst is het handenwringen hoe haar debuut zal onthaald worden. “Nu heb ik het zelf niet meer in de hand. Dat is best akelig.” (lacht)

LIZE SPIT OVER ANNELEEN VAN OFFEL

“Ik leerde Anneleen kennen toen ze al volop in het schrijfproces zat”, vertelt schrijfster Lize Spit. “Ik ontmoette haar bij een zomerkamp van Das Mag en merkte hoe dat met vallen en opstaan ging. Maar vooral met durf. Ik heb vertrouwen in Hier is alles veilig omdat ze op een zeer consciëntieuze manier omgaat met haar vak. Ze toonde al op veel manieren een grote betrokkenheid bij de literaire wereld: ze treedt op, presenteert… Het is natuurlijk een zeer ambitieus én gevoelig thema om in een debuut aan te raken: hoe mensen leven in een land als Israël. Maar het is ook moedig dat ze er een aantal keer heen trok en bewoners ter plekke sprak. Anneleen bezondigt zich niet aan navelstaarderij. Ze gaat ook het autobiografische uit de weg, toch opvallend voor een debutante. Ze onderzoekt alle kanten van het maakproces van een tekst, minutieus en precieus. Dat Anneleen er zeven jaar aan werkte, verbaast dus niet, ze wist haar ongeduld om te publiceren perfect te temperen. (lacht) Ze is wel eens bij mij op de koffie geweest, ik heb haar toen een paar tips gegeven. Ik ben uiterst benieuwd naar het eindresultaat.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234