Woensdag 20/11/2019

Zomerzielen

De zomer van 1979, de zomer van Freddy Horion

Beeld Charlotte Dumortier

In onze reeks Zomerzielen verklaren onze redacteurs op prozaïsche wijze hun liefde aan de zomer. 

Ze met vliegen beplakte kleefrol wiegde boven de keukentafel. Ze klemde een brood tussen haar borsten en sneed een perfecte snee. De eerste maanlanding lag intussen tien zomers achter haar, maar haar gedachten had ze nog niet helemaal geordend gekregen.

“Er waren er hier veel in het dorp die zeiden dat het niet goed ging aflopen, gelijk met den Titanic. Zie wat ge krijgt als ge een schip bouwt en zegt dat zelfs God het niet kan doen ­zinken.”

Apollo 11 was niet alleen op de maan geland, maar ook nog eens veilig teruggekeerd zonder een enkele keer Hem te zien te krijgen. Nu waren er mensen in het dorp die zeiden: “Ziet ge wel. Hij bestaat niet.” Discussies: “Hebt gij ooit een engel in het echt gezien? Een duivel, misschien? Serieus.”

Douglas De Coninck. Beeld Wouter Van Vooren

Het was de laatste zomer bij oma in Kampenhout, in de afzondering van haar hoevetje. Kersenbomen beklimmen, appelbomen helpen stutten, rondjes rond de kerk met de buurjongen. De langzaam tanende hoop op een tweede Tourzege van Lucien Van Impe. De krant was steevast die van gisteren. Maria van aan de overkant kwam die op een vast tijdstip in de voormiddag brengen. Het Laatste Nieuws. Gekreukt en verkeerd gebladerd, en met alle puzzels ingevuld, maar interessanter dan De Morgen bij ons thuis. Meer Tour de France, minder Egmontpact.

Oma ging nog geregeld naar de ochtendmis, eerder uit loyauteit tegenover mijnheer pastoor en zijn lege stoelen. En nee, Hij had zich niet laten zien aan Neil Armstrong en Buzz Aldrin, maar hier was nu wel opeens iets. Geen direct godsbewijs, iets heel anders. Een monster.

Kraampje met hotdogs

Op de gerasterde zwart-witfoto droeg hij een leren jekker en een enorme donkere zonnebril. Vettige zwarte haren bedekten zijn voorhoofd. Je kon je enkel afvragen wat hij verder nog te verbergen had.

Freddy Horion. Hij en zijn kompaan Roland Feneulle hadden in Sint-Amandsberg met een jachtgeweer vijf leden van een gezin afgemaakt voor een buit van 4.000 frank. Een van de slachtoffers was een meisje van dertien. Oma: “Welke mens doet zoiets?” Maria: “Voor mij is dat gene mens.”

De dag na de dag na de wedersamenstelling berichtte Het Laatste Nieuws over de zeker meer dan duizend mensen die daar, hartje zomer, de Antwerpsesteenweg in Sint-Amands­berg hadden verkozen boven een dagje aan zee of Walibi. Die riepen: “Geeft hem aan ons, dat monster!”

Freddy Horion zelf schreef enkele jaren later in zijn boek Monster zonder waarde: “Er stonden afsluitingen, zoals op een kermiskoers. Er stond zelfs een kraampje met hotdogs.” Hij beschreef hoe hij enkele dagen daarvoor in het verhoorlokaal tot bekentenissen was gebracht. “Gij zijt toch geen monster?” “Ja, dat ben ik wel.”

Het was een slome zomer. Art Garfunkel vier weken lang op nummer 1 in de BRT top 30. Banaler dan het jaar daarvoor, in elk geval.

Zomer 1978: lijk van de door de Rode Brigades ontvoerde Italiaanse premier Aldo Moro teruggevonden. Nederland blijvend in angst voor Molukse trein­kapers. Explosie van een tankwagen vol gas op een camping in het Spaanse Los Alfaques. Meer dan 200 doden, onder wie 36 Belgen. “Het is elke dag iets”, zuchtte oma.

2016: aanslag in Nice, 86 doden. Aanslag op de luchthaven van Istanbul. Machete-aanval op twee agentes in Charleroi. Priester Jacques Hamel wordt op het altaar van zijn kerkje de keel overgesneden door twee fanatici van IS. De ijsverkoper op het strand wordt scheef bekeken na meldingen van inlichtingendiensten dat dit weleens de vermomming zou kunnen zijn van het eerstvolgende IS-moordcommando.

Nu komt het nieuws aangewaaid uit Ardense chirokampen en Tomorrowland. Mensen stappen naar de rechter omdat ze niet binnen mogen. Het Brusselse parket kon vorige week bevestigen dat minister Jan Jambon bijna van zijn iPad en zijn portefeuille was beroofd.

En toen was daar Alexander Dean. Zijn eerste van vier moorden pleegde hij in Sint-Amandsberg, langs diezelfde Antwerpsesteenweg als in 1979. Hij is bodybuilder, net als Freddy Horion. Reacties op hln.be: ‘Letterlijk en figuurlijk een monster. Dat hij voor de rest van zijn leven mag wegrotten in zijn cel.’ ‘In het kasteel van Bouillon is er een vergeetput, misschien is dit de beste locatie.’ ‘Gebruiken als voer voor de roofdieren in de zoo, liefst levend en het kost niets!’ ‘Spijt? Nee, kind van de duivel!’

Rauwe biefstuk

Tegenwoordig is Freddy Horion een papieren vriend. Hij schrijft me vanuit de gevangenis, ik schrijf te weinig terug. Ik ben de man gaan appreciëren. Om zijn humor. Omdat er in zijn geval toch best wel wat kennis aanwezig is die toelaat om zijn bad trip, die zomer, te documenteren. Ergens misschien ook omdat hij mijn leven ongewild een richting gaf. Na de zomer van 1979 wist ik wat te zeggen als iemand vroeg: “En wat wilde gij later ­worden?” Journalist.

Freddy Horion verloor zijn moeder op z’n derde. Werd op z’n twaalfde op zijn fiets van de weg gemaaid door een daarvoor nooit vervolgde politieman en beschreef achteraf wat hij in het ziekenhuis zag in de weerspiegeling van een bedpan. “Mijn gezicht was een rauwe biefstuk.” Op school noemden ze hem Frankenstein, op straat werd hij nagewezen. “Kijk, een monster.” Voor assisen gebracht en tot acht jaar cel veroordeeld voor een paar kruimeldiefstallen.

Herman De Coninck (geen familie) in Humo, 16 april 1981: “Tijdens zijn derde penitentiair verlof wil hij zijn kinderen gaan bezoeken, komt het appartementsgebouw binnen, durft uiteindelijk de confrontatie met de nieuwe vriend van zijn vrouw niet aan, maar ziet wel kinderschoentjes op de overloop staan. Een halfuur later heeft hij zich een geweer aangeschaft.”

De zomer van 1979 bracht ons ook Monty Python’s Life of Brian. De stenigingsscène.

We ervaren allemaal versnelde adrenalineproductie bij het bekijken van de YouTube-filmpjes van Alexander Dean, in zijn bijna iconisch benepen keukentje, nepsamoeraizwaard op de achtergrond. Honkbalpet achterwaarts op het hoofd, zelfingenomen lachje. “I’d rather die than seeing you with someone else.”

De setting is anders, maar de feiten en de context zijn griezelig identiek. Ik vrees dat er een dag komt waarop de man net zoveel spijt heeft over zijn filmpjes als over zijn moorden.

De zielenknijpers van Freddy Horion zijn omtrent zijn scores op de schaal van Hare nogal eensluidend, maar na 38 jaar is hij nog altijd de op een na langst zittende Belgische gedetineerde.

Ik bezoek Freddy in de gevangenis van Hasselt en vertel over mijn zomer van 1979, in Kampenhout. Hij luistert niet echt. Hij komt met voorbeelden van mensen die objectief gesproken onnoemelijk veel meer onheil hebben aangericht dan hij en na pakweg 15 of 20 jaar op clementie konden rekenen bij de strafuitvoeringsrechtbank.

“Zélfs de mannen van de genocide in Rwanda. Zélfs de hele CCC. Ik zeg nu niet dat de CCC ergere dingen heeft gedaan dan ik, maar toch.”

“Dat komt doordat jij een icoon bent. Een monster. Je hebt jezelf zo genoemd.”

“Verleden week kwam hier iemand de radiator repareren. Ik zeg: ik ben Freddy, Freddy Horion. Die mens had nog nooit van mij gehoord.” Hij kijkt me aan, denk ik toch, van achter die grote zwarte bril die ook op zijn eenenzeventigste nog altijd dat uitgezakte oog en zijn biefstuk-look moet camoufleren.

Het is lastig om aan een icoon uitgelegd te krijgen wat een icoon is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234