Zaterdag 15/08/2020

De zaken gaan goed, nu alleen die 40 miljoen armen nog

Sinds in 2000 een groots bilateraal vrijhandelsakkoord van kracht werd, hebben Mexico en de Europese Unie hechtere banden dan ooit. Maar hoe moet macro-economisch succes in micro-economisch geluk vertaald worden? 'De globale economie moet om', zeggen vakbonden en sociale groepen op een door de EU en de Mexicaanse regering opgezet forum, in Mexico-stad. 'Ik heb net genoeg om mijn kinderen naar school te sturen, te eten en tv te kijken', zegt een straatventer. 'Maar ik denk vaak aan emigreren.' Door Lode Delputte

1. Avenida Insurgentes: de globale economie op straat.

Veertig kilometer lang doorsnijdt de met flitsend neon en monumentale billboards opgetuigde Avenida Insurgentes Mexico-stad. Als dit al niet de langste stedelijke verkeersader ter wereld is, dan zeker een van de drukste en meest vervuilde. Aan de zuidkant van de Avenida heeft een krantenverkoper zich strategisch op een kruispunt opgesteld, mooi op de middenberm. Tussen twee bomen in heeft de man een waslijn opgehangen. Telkens als het groen is en de chauffeurs doorrazen in plaats van een Milenio, een Reforma of een Jornada te kopen, sopt hij wat kleren.

De krantenverkoper heeft het niet breed, zelfs niet in vergelijking met de bloemenverkoopster aan de overkant. Die heeft een keurig stalletje in plaats van een schoudertas, en kleurrijke koopwaar. Praten doet ze door een roze monddoekje, "al dat lood mijnheer". Ook haar bloemen moeten wachten op rood voor ze van de straat raken. De klanten zijn niet zelden vrouwen en mannen die zonet het Amerikaanse Sanborns-winkelcentrum hebben bezocht of die haastig het zonwerende raam van hun veilige suv's of andere autotypes op een kiertje draaien. Veel van die voertuigen dragen niet eens een nummerplaat. Naar verluidt worden in Mexico sinds de liberalisering van de auto-import uit de VS zoveel nieuwe (ook milieuvriendelijkere) auto's verkocht dat de overheid de aanvragen niet meer verwerkt krijgt.

"Ik heb een auto en een kleine flat", vertelt de 39-jarige tv-professional Arturo achter het stuur van zijn donkerblauwe Golf, "maar aan het eind van de maand moet ik telkens weer afremmen, en aan sparen kom ik niet toe." Met een kordaat handgebaar wuift Arturo de inheemse kinderen weg die zijn voorruit een wasbeurt hopen te geven, net als sommige Roma-meisjes in Brussel. Maar terwijl de kruispuntkinderen in de West-Europese straten nog steeds op de vingers van een hand te tellen zijn, komen ze hier allang handen te kort.

Even verderop, tientallen meters boven de begane grond, staat een groot reclamebord voor Pedigree-hondenvoer. De flaporende reuzenhond is de slechte smaak zover voorbij dat hij zichzelf onvermijdelijk als oriëntatiepunt opdringt in de stadsjungle. Er is in de chaotische Insurgentes-rotonde immers niets anders dat de bezoeker in staat stelt om de juiste kant van de correcte dwarslaan te kiezen.

Wordt de hemel boven de hoofden door het grote kapitaal van de transnationale merken afgehuurd, dan neemt het kleine kapitaal het trottoir in beslag. Op Insurgentes is dat vreemd genoeg onder de vorm van armetierige pornoboeren, die in roestige kraampjes stapels nagemaakte seksvideo's aan de man brengen. Uren zijn ze meestal vanuit hun verre voorsteden met bus en metro onderweg, richting middenklassebuurten, waar ze illegale billen en borsten slijten. Elke dag opnieuw, met tientallen, vervullen ze de intiemste behoeften van een onder erg conservatieve waarden gebukte samenleving.

"Ik heb net genoeg om mijn kinderen naar school te sturen, mijn vervoer te betalen, iedere dag te eten en tv te kijken", zegt een verkoper, een van die naar schatting 23 miljoen inwoners van Mexico-stad, over zijn blootzaakje. "Al weten we niet hoe het morgen zal toegaan", zo haalt hij de schouders op. "Hoelang zullen ze ons op deze rotonde blijven tolereren? De winkeliers willen ons weg omdat wij met onze, euh (aarzelt even), alternatieve spullen het trottoir bezetten en zij hun klanten zien verdwijnen. Maar in de kleine achterafstraten krijgen we niets verkocht. Bovendien heeft de politiek de aanval op de piraterij ook ingezet. Nochtans, geld voor iets anders dan piratenspullen hebben mijn klanten niet. Dat geldt ook voor andere dvd's hoor: alle kinderen studeren hier namaak-Engels."

Zijn economische toekomst mag dan al onzeker zijn, deze weinig bemiddelde maar ook weer niet straatarme man heeft, net als de krantenslijter en de bloemenverkoopster, tenminste al het geluk dagelijks tot in het stadscentrum te raken. Tienduizenden veel havelozere bewoners uit de verre buitenbuurten kunnen dat niet. Het openbaar vervoer is misschien wel goedkoop (een metrorit kost dik 10 eurocent) en niet eens slecht georganiseerd, maar de toeren die een mens moet uithalen om dag na dag de lange reis van de derde naar de eerste wereld te maken - volle bus op, volle bus af, metro in, metro uit, en dat doorgaans met zakken koopwaar en soms een baby, misschien zelfs twee - leiden ertoe dat het sop voor velen de kool niet waard is.

Om nog te zwijgen van de 26 miljoen Mexicanen die het op het platteland moeten zien te rooien. Ofwel blijven ze helemaal verstoken van modernisering, ofwel worden ze erdoor verdrongen. In beide gevallen zijn ze vaak tot emigratie genoodzaakt, wat het gigantisch cijfer van 4,87 vertrekkers per duizend inwoners verklaart.

In buurland de Verenigde Staten zijn ze intussen alweer met twintig miljoen, de Mexicanen. Het goede nieuws is dat de tweede en derde generaties gestaag aan economische, sociale en dus ook politieke macht winnen. "Ik denk er vaak aan, dat emigreren", zegt de borstenkramer. "Ik ben toch wel blij dat mijn ouders destijds hierheen getrokken zijn. Anders was ik nooit op Insurgentes geraakt. Hoe was ik dan aan de bak gekomen?"

2. Het ministerie van Buitenlandse Zaken: globale economie in de politieke coulissen

Obligaat in maat- of mantelpak stekende pleitbezorgers uit ngo-, vakbonds-, politieke en diplomatieke wereld nemen hun pasjes in ontvangst en betreden het modernistische paleis van het ministerie van Buitenlandse Zaken, in Mexico-stad. Ook president Vicente Fox komt langs. Fox, van de conservatieve Partij voor Nationale Actie (PAN), werd bijna zes jaar geleden tot president verkozen. Het staatshoofd, dat zich graag profileert als held van 's lands democratische overgang, komt het tweede Forum Mexico/Europese Unie voor de Dialoog met de Civiele Maatschappij inaugureren. Het Forum is, zeg maar, een toegift van de regerende instellingen aan ngo's en vakbonden. Die eisen ruimere inspraak in de invulling van, en controle op het vrijhandels-, politieke en coöperatieakkoord tussen Mexico en de EU dat in 2000 van kracht werd.

De toon is snel gezet. "Het is de hoogste tijd", zegt globaliseringspecialiste Brid Brennan van de in Amsterdam gevestigde denktank Transnational Institute (TNI), "dat de EU-burgers zich verantwoordelijk gaan voelen voor dit soort vrijhandelsakkoorden. Want daar worden volop neoliberale investeringen in gepromoot, zonder dat de transnationale investeerders verantwoording moeten afleggen. Zo kunnen ze ongehinderd over de economische, sociale, culturele en ecologische rechten van de Mexicanen beschikken."

Met of zonder vrijhandel, de afdwinging van die rechten blijft een probleem. Latijns-Amerika is het continent met de diepste sociale kloof ter wereld, en de structurele ongelijkheid tussen arm, minder arm, een beetje rijk en steenrijk, hangt sinds jaar en dag als een zwaard van Damocles boven de samenleving. In dit land is het niet anders: "Van de 100 miljoen Mexicanen", schrijft de bekende, aan de Unam-universiteit verbonden economist Henri Rajchenberg, "leeft 40 procent in extreme armoede."

De macro-economische vooruitgang die vrijhandelsakkoorden als dat met de VS en Canada (Nafta, 1994) of dat met de Europese Unie (2000) onmiskenbaar opgeleverd hebben (zie hiernaast), vertaalt zich slechts met grote moeite in billijk verdeeld, micro-economisch geluk. De afbraak van nationale industrieën, de leegloop van het platteland, moeilijk in te dammen migratiestromen en de forse groei van de informele economie vreten aan het plaatje. Al vinden veel academici het simplistisch om achter die fenomenen louter de harde hand van de vrijhandel te zien.

En toch, hard wordt het spel zeer zeker gespeeld. Een van de problemen is dat de Europese Unie regionaal in een erg scherpe concurrentiestrijd met de Verenigde Staten verwikkeld is. Zeker nu Washington een eigen groots vrijhandelsprogramma met Latijns-Amerika op stapel staan heeft, de felomstreden Free Trade Area of the Americas (FTAA). Daarin zouden alle markten tussen Vuurland en Alaska met elkaar verbonden worden. Europa zou weleens danig het nakijken kunnen krijgen. "Ach, het is gewoon het wereldwijde economische model dat om moet", vindt Brennan. "Van moordende competitiviteit is geen mens gediend, toch?"

Het forum waar de Mexicaanse regering, de EU en maatschappelijke of vakbondsactoren uit beide regio's elkaar ontmoeten, komt er vooral op vraag van de twee laatste groepen. Onder meer de in Brussel gevestigde koepelorganisatie Cifca, waar naast vele andere Europese groepen ook Oxfam, Broederlijk Delen, Fos en Vredeseilanden deel van uitmaken, geeft present. "Dat de president hier de openingsrede houdt, is natuurlijk een blijk van legitimiteit", merkt de in de Belgische ngo-sector actieve Mexico-watcher Roos De Witte op. "Maar terzelfder tijd gaat het meer om een beleefd luisteren dan om een echte dialoog. Het zou beter zijn als de officiële instanties permanent overleg met de civil society zouden voeren, in plaats van om de drie jaar dit soort fora op te zetten."

In werkelijkheid wil Mexico de ngo's en vakbonden liever niet al te veel ruimte geven. De overheid is bang dat hun eis voor meer sociale wetgeving de zuid-zuiddelokalisering mee in de hand werkt. Gevreesd wordt onder meer voor de assemblage-industrie voor confectie en elektronica. Vooral in Noord-Mexico verkast die naar mirakelland China, waar de arbeids- en andere rechten stukken minder aan de orde zijn en de lonen lager liggen.

"Er wordt vaak gezegd", nuanceert De Witte, "dat het het afdwingen van sociale rechten is dat bedrijven doet opkrassen. Dat is zeker niet het belangrijkste element. China heeft gewoon een betere strategie. Het werkt aan onderzoek en ontwikkeling, aan technologische vernieuwing, aan economische diversifiëring. Ik wil China niet goedpraten, begrijp me zeker niet verkeerd, maar op beleidsvlak doen ze het beter dan de Mexicanen."

Twee dagen lang wordt er verhit gedebatteerd over de economische en politieke betrekkingen tussen Mexico en de Unie, over de perspectieven van het bilaterale vrijhandelsakkoord, over hoe de 'democratische clausule' die eraan vastzit geïnterpreteerd moet worden: maximalistisch, zoals het maatschappelijke middenveld vindt, of minimalistisch, het standpunt van de Unie. Als het van die laatste afhangt, moet Europa alleen ingrijpen als zich pakweg een genocide of etnische zuivering voltrekt. De ngo's vragen daarentegen dat de clausule ook op het respect voor de sociale en arbeidswetgeving zou slaan. Eensgezindheid is er niet, er zal nog flink wat water naar zee vloeien voor het debat beslecht raakt.

"Wij hebben twee jaar moeten vechten om dit forum voor elkaar te krijgen", maakt Gerard Karlshausen, voorzitter van het eerder genoemde Cifca, alsnog een voorzichtig positieve balans op. "We verheugen ons over de langzaam, langzaam groeiende openheid bij de Mexicaanse autoriteiten." Toch, zegt hij, blijft het goede oude wantrouwen van de instellingen stevig overeind: "Of we dat nu fijn vinden of niet, het akkoord tussen de EU en Mexico wordt vooral door economische belangen gestuurd. De Europese Commissie en de bedrijven die erachter steken (veel ngo's zeggen dat de Commissie via tal van lobbygroepen door de multinationals gestuurd wordt, ld) willen de economie liberaliseren, investeringen promoten. Dat hoeft zeker niet altijd slecht te zijn. Alleen is het zo dat wij de sociale en mensenrechtennormen veel hoger op de agenda geplaatst willen zien. Ze zeggen ons altijd: heb geduld. Waarom zouden we geduld oefenen? Elke minimale vooruitgang die we voor elkaar krijgen, is het resultaat van jaren en jaren werken. Geduld is voor de salons. Als je honger hebt en niet weet wat je morgen zult eten, kun je met geduld niets aanvangen."

Ook volgens Federico, een betoger die tegen president Fox kwam manifesteren, is er nog werk aan de winkel: "Als je ziet dat hier amper een paar tientallen mensen hun ongenoegen komen uiten, en dat in een miljoenenstad als Mexico, dan weet je dat de strijd niet gestreden is. De Mexicanen hebben hun mond vol over democratie, maar ze weten geen jota van politiek af." Hij haalt de schouders op: "Ze noemen ons radicalen, ze vergeten dat het radicale van gisteren het normale van vandaag is. Kijk maar wat er sinds de 19de eeuw in jullie eigen Europa zoal veranderd is. Moeten we in naam van het o zo gezonde realiteitsbesef alle hoop laten varen?"

Deze driedelige reportage kwam tot stand met de medewerking van het 'Copenhagen Initiative for Central America and Mexico', www.cifca.org.

vandaag: Globalisering 'made in Mexico'

l

Morgen: 'Guadalajara, een test voor de rechtsstaat'

l

Woensdag: 'Andere autobanden, het verhaal van Euzkadi'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234