Maandag 03/10/2022

De wereld tussen liefde en haat

Wie het Belgische Venus zomaar een popgroep noemt, gaat aan een aantal opmerkelijke nuances voorbij. Zo hebben haast alle groepsleden banden met het theater, wat zich manifesteert in een geheel eigen, soms nogal serieuze benadering. Bovendien maakt het strikte gebruik van akoestische instrumenten van Welcome to the Modern Dance Hall een subtiel maar dynamisch debuutalbum.

Brussel

Van onze medewerker

Kurt Blondeel

Venus ontstond vier jaar geleden toen Bang! vanwege financiële problemen het contract met Marc Huyghens (gitaar en zang) en Christian Schreurs (viool) verbrak. Acteur/regisseur Patric Carpentier vroeg het duo muziek te schrijven voor zijn productie Bonnie & Clyde. Het akoestische resultaat was zo'n meevaller dat de twee naar extra muzikanten op zoek gingen. Die vonden ze in theater-duvelstoejager Walter Janssens (contrabas) en ex-Juniper Boots-drummer Thomas Van Cottom.

Een repetitieopname van de groep leidde tot optredens en de interesse van producer Mike Butcher (Arno, Pieter-Jan De Smet), met wie Venus vorig jaar de mini-cd Royal Sucker opnam. Tijdens tournees door Frankrijk en vooral Italië ging de bal pas goed aan het rollen. "Wij speelden versterkt, omdat we meestal in grote ruimtes optraden, maar voor de bisronde kwamen wij volledig unplugged terug", vertelt Janssens. "Daar werden de mensen echt wild van. Die optredens gingen ook altijd in stijgende lijn. De Italianen waren heel gevoelig voor die combinatie van instrumenten: als viool en contrabas beginnen te strijken, zorgt dat voor heel lyrische passages."

De groep tekende bij de Italiaanse independent Sonica Factory, waarna ze in Firenze haar langspeeldebuut mocht opnemen. "Een van onze kwaliteiten was dat we geen ambitie hadden, we dóen dit gewoon", is Janssens' verklaring voor dat gezwinde succes. Al even merkwaardig is de samenstelling van de groep: behalve de vier muzikanten is er scenograaf Carpentier, die de hoezen ontwerpt, de videoclips maakt en verantwoordelijk is voor belichting en decoropbouw bij concerten. Vooral aan dat laatste hecht Venus veel belang: "Wij kunnen ook zonder die staande lampen en dat rode achterdoek spelen, maar het helpt het publiek in de sfeer van Venus te komen, en we klinken er ook anders door. Het eerste wat je als podiumartiest doet, is je terrein afbakenen. Wij creëren onze wereld, en jij bent uitgenodigd om te komen luisteren."

Toch heeft Carpentier, hoewel indirect, ook een invloed op het muzikale gezicht van Venus. "Je kunt het vergelijken met een theaterregisseur", verklaart Janssens. "Wanneer wij bijvoorbeeld enkele nieuwe nummers hebben en Patric langskomt op een repetitie, zegt hij iets als: 'Als Marc daarover zingt, waarom speel je dan zó?' Voor 'Don't Say You Need Love' hadden we zo al een pak arrangementen uitgeprobeerd, maar die pasten geen van alle bij het thema van het nummer. Elk nummer is een land met eigen wetten, een eigen kleur en taal. Daarom is de plaat ook geen conceptalbum met slechts één thema. Het is zoals in het theater: alle grote emoties moeten passeren, alles wat tussen liefde en haat ligt."

Toch lijkt vooral de liefde in al haar schakeringen, van onschuldige verliefdheid tot dodelijke passie, een stempel op de plaat te hebben gedrukt. 'White Star Line' evoceert dan weer de ondergang van de Titanic, terwijl 'Ballroom' en 'Bass Shivering Bass' uit het vorig jaar opgevoerde Kiss From The Ghost stammen. In die productie - een vorm van muziektheater waarin de groepsleden ook acteerden en dansten - draaide het voornamelijk om het beroeren van de zintuigen.

Ondanks dergelijke nevenprojecten blijft Venus toch vooral popmuziek maken, zij het in een eigenzinnig idioom. Janssens: "Samen met de drummer zet ik graag eens een groovy riff neer, maar dat heeft zelden zijn plaats binnen Venus. Als een personage in een nummer met een aanzwellend gevoel zit dat hij niet kwijt kan, dan moet ik met mijn bas iets doen waarmee ik dát vertel. Mensen moeten dus niet horen dat wij goeie muzikanten zijn die toffe riffs kunnen spelen, maar moeten in het totaalbeeld meegevoerd worden. Dat is de pretentie die we hebben."

Dat wegcijferen van individuele prestaties ten faveure van een groter geheel leidt al eens tot interne botsingen, aldus Janssens. "We moeten aanvaarden dat we soms het idee van een ander moeten meespelen, om zo een evenwicht te vinden. Ikzelf ben werkzaam geweest als schrijver, acteur en regisseur, en ik zit met een creatieve honger die ik binnen de groep moet weten te stillen. Maar dat is niet altijd evident."

Welcome to the Modern Dance Hall is verschenen bij Sonica Factory/Bang!

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234