Vrijdag 07/08/2020

OpinieMark Elchardus

De wereld is in de meeste gevallen het best gediend als naties de belangen van hun eigen burgers behartigen

Mark Elchardus is emeritus professor sociologie aan de Vrije Universiteit Brussel en opiniemaker bij De Morgen.

In de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw waren ze talrijk, de mensen die voorspelden dat het einde van de natiestaat was aangebroken en de postnationale wereld daagde. Inmiddels is duidelijk dat ze zich schromelijk vergisten. Zelfs een tijdschrift als Foreign Affairs, ooit bij de eerste om ons de komst van de postnationale wereld te melden, pleit nu voor “liberaal nationalisme”. Daarmee wordt hetzelfde bedoeld als inclusief nationalisme.

De belangen die achter de postnationale lobby schuilden, zijn daarmee niet verdwenen. Zij willen zich echter niet belachelijk maken. Spreken daarom niet langer over de postnationale wereld, maar over de ‘multilaterale orde’, ‘global governance’, ‘internationale coördinatie’... Dure woorden die slaan op het geheel van regels waaraan staten zich via verdragen onderwerpen en waarvan de naleving wordt bewaakt door niet-verkozen technocraten en juristen. Die lui zijn, voorspelbaar, van oordeel dat we nog veel meer van die regels behoeven. In de huidige wereld, aldus hun argument, heeft het handelen van één staat altijd gevolgen voor alle andere staten. Kwalijke gevolgen vaak, die slechts kunnen worden ‘gemanaged’ via ‘global governance’.

Denk maar aan Trump die doodleuk uit de Parijse klimaatakkoorden stapt, of die met het excuus dat de veiligheid van zijn land in het gedrang komt een handelsoorlog met China begint, zonder rekening te houden met Europese belangen. De financiële crisis van 2008 maakte in pre-trumpiaanse tijden al duidelijk hoe weinig Amerika geeft om zijn globale, kosmopolitische verantwoordelijkheid. Zeg nu zelf: vraagt dat niet om een strakkere multilaterale orde?

Het globale stadje

Er kan trouwens bitter weinig worden ingebracht tegen het argument dat het onderscheid tussen nationaal en internationaal vervaagt. Nationaal beleid en gedrag hebben verstrekkende internationale gevolgen. Als wij landbouw subsidiëren, veroordelen we Afrikaanse boeren tot miserie, als grootouders wat leuke, maar betaalbare spullen voor de kleinkinderen kopen, subsidiëren ze sweatshops in Bangladesh, als Afrikanen laks zijn met geboortebeperking ontstaat druk op onze grenzen, als we de kwaliteit van ons onderwijs verhogen, worden we economisch competitiever, maar blijft iemand in de wereld zitten met zijn spullen omdat die de vergelijking met ‘made in Belgium’ of (tegen die tijd) ‘made in Flanders’ niet doorstaan.

Betekent dat nu dat we baat hebben bij de multilaterale orde? In geen geval!

Ten eerste is het Amerikaanse beleid dat tot de crisis van 2008 leidde niet het gevolg van een gebrek aan kosmopolitisme of internationale coördinatie, maar van een te grote welwillendheid ten opzichte van de allerrijkste Amerikanen, gekoppeld aan een totaal gebrek aan respect voor de ruime meerderheid van de Amerikanen. 

De eerste slachtoffers van het klimaatbeleid van Trump zijn andermaal de Amerikanen, de eerste slachtoffers van een handelsoorlog met China zijn wederom de Amerikanen. Meer aandacht voor hun belangen zou de wereld veel meer helpen dan een verdere ontwikkeling van de huidige multilaterale orde. Dat werd, gebruikmakend van economische argumenten en formules, hard gemaakt in een presentatie van Harvard-econoom Dani Rodrik op een recente Wereldbank-conferentie (17-18 juni 2019). In de meeste gevallen geldt dat de wereld het best gediend is als naties oprecht de belangen van hun eigen burgers behartigen.

Ten tweede is de huidige multilaterale orde een bijzonder kleine orde, bestaande uit eigenaars en topkaders van internationale bedrijven en banken, van de door hen betaalde lobbyorganisaties en door ons betaalde internationale instellingen. Een paar tienduizend mensen, een klein stadje, het globale stadje. Het heeft een bijzonder sterk sociaal weefsel, omdat al die organisaties vlot personeel uitwisselen. Het is ook een bijzonder productief stadje. Het maakt de regels waarvan het, samen met zijn miljardairs-opdrachtgevers, beter wordt.

President van het geld

Altijd staat hier of daar een politicus klaar om die multilaterale orde met hand en tand te verdedigen. Vandaag doet Emmanuel Macron dat, ‘de president van het geld’. Het gaat, zo beweert hij, om een heroïsch gevecht tussen de verlichte voorstanders van vrijhandel en de populistische krachten van het protectionisme. De inktloonschrijvers van Soros en andere miljardairs springen meteen bij om dat zwart op wit te bevestigen.

Onzin. Het gaat gewoon om een conflict tussen naties die aan de kant van hun burgers willen staan en internationale bedrijven die de ‘global governance’ naar hun hand zetten. Ik zou heel graag kunnen stemmen op een partij die samen met gelijkgezinde partijen in andere landen op zoek gaat naar een nieuwe wereldorde. Een orde waarin naties met een eigen geschiedenis, die onderling cultureel en institutioneel van elkaar mogen verschillen en een eigen toekomst mogen kiezen, de kans krijgen de belangen van hun burgers eerder dan die van het globale stadje te dienen. 

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234