Woensdag 19/01/2022

'De wereld een klein beetje veranderen, daar gaat het om'

In Blindelings balt de Italiaanse essayist, romancier, politiek commentator en ex-senator Claudio Magris de horror van enkele dieptragische taferelen van de twintigste eeuw samen in één caleidoscopische roman. Engagement en politiek blijven geen abstracte begrippen - niet voor de personages, maar ook niet voor Magris zelf.

Door Bert Bultinck

Claudio Magris liet meer dan twintig jaar geleden de intellectuele bestseller Donau op de wereld los, een dik en hoogst erudiet essay over het zogenaamde Mitteleuropa, zeer geschikt voor lezers die bij citaten van Voltaire liever geen bronvermelding hebben. Het complexe spel met de loop van de rivier was meteen ook een metafoor voor de loop van de geschiedenis, met een keur aan filosofische en politieke verwijzingen tot gevolg. Een paar jaar daarna begon de auteur aan Blindelings, een even erudiet maar veel meer verteerbaar boekwerk, waarin een verteller die nergens meer thuis kan komen een extreem versplinterde wereldvisie neerzet. Een slordige zeventien arbeidsjaren later is het werk eindelijk gepubliceerd. De eerste notities van toen zijn uitgegroeid tot een kloeke, dichtbevolkte roman die een duizelingwekkende indruk nalaat.

Duizelingwekkend, maar ook lichtjes verwarrend. Het delirante verhaal van verteller Salvatore springt zonder al te veel waarschuwingen van de Duitse concentratiekampen over naar negentiende-eeuwse verhalen van, bijvoorbeeld, Jorgen Jorgensen. Jorgensen is een obscure Deen die zich in de negentiende eeuw tot koning van IJsland uitriep, een aberratie van de geschiedenis. En zoals Jorgensen naar een Britse strafkolonie in Tasmanië werd gestuurd, kwam Salvatore (of een van zijn alter ego's, dat laat Magris graag in het midden) in het concentratiekamp van Dachau terecht.

Op zijn beurt is Dachau niet meer dan een deel van het verhaal over de Italiaanse Monfalconesi, die ongetwijfeld tot de meest tragische slachtoffers van de geschiedenis behoren. In de schrijnendste gevallen hadden deze arbeiders uit het Italiaanse Monfalcone eerst tegen de fascisten in Spanje gevochten, waarna ze naar de kampen werden gedeporteerd. Bij hun bevrijding uit het concentratiekamp gingen ze naar Joegoslavië om de nieuwe communistische staat vorm te geven, maar werden ze wegens hun stalinistische overtuiging door Tito naar het strafkamp van Goli Otok verbannen. Als ze daarna nog altijd in leven waren, keerden ze terug naar Italië, om daar zowel door de Italiaanse communisten als door de politie met de nek aangezien te worden.

En als dat nog niet genoeg stof zou zijn, dan is dat geen enkel probleem: de roman gaat over veel meer, misschien wel een beetje te veel meer. Je zou het een tableau van misère kunnen noemen, of een repertorium van de Europese scheepvaart. Maar het is ook een therapeutisch gesprek van een Beckettiaanse figuur met zijn dokter Ulcigrai, een bezinning over de noodzaak en de gruwel van de revolutie én een spiegelpaleis van mythische figuren.

Of het iets met zijn overvolle roman te maken heeft, is niet duidelijk, maar in de kamer van het Brusselse Hotel Metropole kijkt de Italiaanse germanist ons een tikje vermoeid aan. De man heeft er twee dagen interviews op zitten, vliegt dezelfde avond nog naar Italië, om de dag erna zijn promotour in Amsterdam voort te zetten. Gevraagd naar de woordspeling met de afkorting PC, die her en der in Blindelings opduikt als was het een computerwaarschuwing, leeft hij echter meteen op. In dit boek zit zijn ziel, en die ziel is groot en veelkantig, zoveel is duidelijk.

"Voor het hoofdpersonage Salvatore staat PC zowel voor personal computer als voor Parti Communiste. Dat is een zeer trieste en melancholische ironie. Niet noodzakelijk voor mij, maar vanuit het standpunt van de protagonist. Het idee van de revolutie heeft zijn leven grandeur en betekenis gegeven, maar hij is er ook het slachtoffer van geworden. Toch is dit geen boek tegen het communisme. Het gaat over de mengeling van de morele noodzaak om de wereld te veranderen en de foute ideeën waarmee het hoofdpersonage heeft geworsteld. En nu lijkt hij met de computer te werken: hij krijgt het gevoel om geserialiseerd te worden; hij lijdt aan een soort van technofobie, aan de angst om als individu afgeschaft te worden. Eén druk op een knop en hij is verdwenen.

"Maar het blijft onduidelijk of hij aan het chatten is. Het zou ook kunnen dat hij tegen een bandrecorder aan het spreken is. Of tegen zijn dokter. Hij begrijpt de technologie niet, voor hem is het zoals de ondervragingstechnieken in de kampen, waar hij probeert mee om te gaan. De PC is voor hem een beeld van het postmodernisme: van ambiguïteit, van de weigering van grote idealen en projecten. Hij probeert zich daartegen te verzetten."

Heeft u net als Salvatore het gevoel dat de grote projecten vandaag geweigerd worden?

"Ik geloof helemaal niet in de stelling dat de geschiedenis ten einde zou zijn. Wij hebben de neiging om de situatie van vandaag gelijk te schakelen met de laatste fase van de geschiedenis. We hebben er geen enkel probleem mee om te zeggen dat onze verre voorouders apen waren, maar wanneer het gaat over onze kleinkinderen hebben we er veel meer moeite mee om te aanvaarden dat zij anders zullen zijn. In de recente geschiedenis - neem de seventies of het einde van de jaren twintig, na de beurscrash in Wall Street - hebben vele mensen het einde van het kapitalisme gezien. Volstrekt fout. We weten niet wat er over tien of twintig jaar zal gebeuren.

"Laat ik nog een voorbeeld geven. Op 8 november 1989 was ik in Frankrijk voor een congres over Oost-Europa, georganiseerd door de toenmalige minister van Cultuur Jack Lang. Op dat moment waren er in Oost-Berlijn al massale betogingen. Ik ontmoette er een filmregisseur die zeer actief was in de protestbewegingen en zijn toespraak erg kort hield omdat hij meteen weer naar Berlijn wilde vertrekken. Ik herinner me dat hij zei: 'Alles is mogelijk, zelfs in China kan er na de Tiananmenprotesten (van juni in datzelfde jaar, BB) veel veranderen, maar de muur zal nog vele jaren recht blijven staan.' Twee dagen later werd de muur ontmanteld. En hij was een van de grootste activisten tegen de muur! Maar ik geloofde hem toen nog, iedereen geloofde hem.

"Wij zijn eenvoudigweg niet in staat om te denken of te voelen dat de huidige situatie kan veranderen. Wij zijn, in de niet-politieke zin van het woord, conservatief en vinden het heel onaangenaam om mentale toestanden, maatregelen of systemen te veranderen. Ik kamp ook met dat gevoel. Die conservatieve systemen organiseren onze realiteit. Maar dat wil niet zeggen dat de geschiedenis ten einde is; dat is een belachelijke gedachte."

Hebben we nieuwe utopieën nodig, of zijn die juist gevaarlijk?

"Volgens mij is er een behoefte aan nieuwe projecten, maar dan met ironie, en een liberaal, flexibel bewustzijn. Het perfecte recept bestaat niet - de wereld een klein beetje veranderen, daar gaat het om. De utopie is het grote project en er is geen desillusie, geen onttovering die groot genoeg is om deze noodzaak te vernietigen. Maar als het grote project iets definitiefs is, iets dat aan anderen wordt opgedrongen, als een model van het paradijs, dan is het verschrikkelijk, totalitair en vals.

"Het project vandaag is een gevoel. Dat is waarom ik die arme mensen bewonder, die eerst naar Dachau werden gedeporteerd en dan gemarteld werden door hun kameraden. De wereld is niet iets dat geregeld moet worden; wij zijn niet bedoeld om te eindigen in een administratie. De mensheid met kleine stapjes helpen, dat is het project. We moeten nadenken over onze verantwoordelijkheid: niet alleen de verantwoordelijkheid voor onszelf, niet alleen voor ons land, maar voor de eerste keer voor de hele wereld. Dat is gevaarlijk, maar het is ook een grote kans."

Kan de mens die globalisering wel aan?

"De wereld verandert almaar sneller en dat geeft grote moeilijkheden. Het is niet zeker dat ons brein die snelheid aankan. In het verleden veranderde de wereld veel trager, zodat we de kans hadden om eraan te wennen. Ik heb twee jaar in het Italiaanse parlement gezeten - ik was mijn eenmanspartij - en mijn grootste vraag was hoe ik de democratie van discussies en controles kon combineren met de snelheid van de maatschappelijke transformaties. De digitalisering, bijvoorbeeld, geeft problemen met eigendomsrecht. Ik heb er in een commissie zes maanden aan gewerkt, speeches gegeven, teksten geschreven, en toen alles klaar was, bleek het niet meer te corresponderen met de realiteit, omdat de wereld er alweer anders uitzag.

"Maar dat is niet het grootste probleem. Vandaag doen de migratiestromen het racisme oplaaien. Racisme is een regressie van de mensheid. Als er miljoenen mensen naar Italië willen komen, dan is er een groot probleem - dan is het niet langer een kwestie van een keuze tussen een open democratie en een regressieve, reactionaire samenleving.

"Het migratieprobleem is het grootste probleem van deze tijd. Miljoenen en miljoenen mensen leven onder een aanvaardbaar levenspeil. Arbeidsmigratie is dan een evidente eerste stap: als ik een bedrijf heb, dan is het in mijn belang om arbeiders uit het buitenland aan te trekken als ik ze nodig heb. Maar we mogen de politieke vluchtelingen niet vergeten. Er moet ook solidariteit zijn. Het verschrikkelijke is dat er een grens is aan onze mogelijkheden om te helpen, een maximum aan onze solidariteit. Het probleem is niet enkel de keuze tussen agressie en openheid, maar ook dat we die beperkingen onder ogen moeten zien."

Hoe kijkt u terug op uw eigen politieke inspanningen in het Italiaanse parlement in het midden van de jaren negentig?

"Dat was een heel moeilijke periode voor mij. Ik was altijd al met politiek bezig geweest, maar het was nooit mijn beroep. Iets vertegenwoordigen - mijn kiezers in Triëste, bijvoorbeeld - is iets dat tegen mijn natuur ingaat. Ik had geen aanleg om senator te worden. Het geschreven woord is mijn wapen.

"Voor die verkiezingen, net voor de grote opkomst van Berlusconi in 1994, was ik voor langere tijd in Duitsland, en heb ik zelfs geen campagne gevoerd. Maar de tegenstanders van Berlusconi hadden mij gevraagd, en ik had het gevoel dat ik het moest doen, au nom de la vertu. Maar net omdat ik iets deed wat ik eigenlijk niet wilde, heeft die periode enorm veel van mij gevergd. Het was zoals een homoseksueel die trouwt met een vrouw omdat hij denkt dat het zijn plicht is om een familie te stichten.

"Toch ben ik zeer kwaad op collega-intellectuelen die ook kandideerden en na hun mandaat zeiden dat ze er gedesillusioneerd uit kwamen. De politiek is niets voor mijn delicate ziel, maar dat wil niet zeggen dat ik de politiek vies vind. Wel heb ik erg veel kritiek op bepaalde politici - zo houd ik me zeer ver van de politiek à la Berlusconi, waarin het privéleven en het openbare leven verward worden, en waarin de politiek een spektakel wordt."

Misschien is dat nog te verkiezen boven de revolutie, die, zoals uw boek illustreert, wel erg veel lijden mee heeft gebracht.

"Lijden is het centrale thema van mijn boek: niet alleen de pijn zelf, maar ook het verlangen en de onmogelijkheid om aan het leed betekenis te geven, de mogelijkheid om enorm veel leed te dragen, en de schuld die het aanrichten van leed meebrengt. Ik schrijf zelfs over de mogelijkheid om je eigen liefdesverhaal te vernietigen. Daarnaast gaat het boek ook over het navertellen van de pijn: de mogelijkheid om in verhalen het leed opnieuw te beleven. Elk verhaal, elke gebeurtenis in mijn roman gebeurt nu, want mijn hoofdpersonage Salvatore spreekt altijd in de tegenwoordige tijd. Hij moet zijn verhaal vertellen, om de herinnering aan de slachtoffers te bewaren en om te verhinderen dat het geweld dat eerst het leven heeft vernietigd ook nog eens de sporen van die vernietiging uitwist."

Te midden van alle ellende flikkeren enkele liefdespassages, die net door dat contrast zonder meer ontroerend zijn. Zijn die momenten cruciaal?

"Op een bepaalde manier is de grote liefde van Salvatore - Marie, Maria, Norah, en alle andere namen die hij haar geeft - zelf een waanzinnige fantasie. Maar ja, de liefde is van het grootste belang.Ik weet niet of de liefde verlossing biedt, maar ze kan in elk geval veel betekenis geven aan het leven. Zij stelt ons in staat om veel moeilijkheden te aanvaarden, die van jezelf maar ook in wederkerige zin, die van een ander. Daarom geeft Maria in het boek hem het voorbeeld van de beste menselijkheid. Want zelfs in de extreme, gedegradeerde vorm schuilt er altijd iets subliems in de liefde."

Claudio Magris

Blindelings

Oorspronkelijke titel: Alla cieca

Vertaald door Anton Haakman & Linda Pennings

De Bezige Bij, Amsterdam, 346 p., 19,90 euro.

Het migratieprobleem is het grootste probleem van deze tijd. Miljoenen en miljoenen mensen leven onder een aanvaardbaar levenspeil. Arbeidsmigratie is dan

een evidente eerste stap

'Wij zijn, in de niet-politieke zin van het woord, conservatief en vinden het heel onaangenaam om mentale toestanden, maatregelen of systemen te veranderen. Ik kamp ook met dat gevoel. Die conservatieve systemen organiseren onze realiteit'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234