Woensdag 25/11/2020

De vrouw achter de neus

'Nunc est bibendum!' roept de Romeinse hofdichter Horatius in 30 voor Christus. Waarom moet er 'hic et nunc' gedronken worden in Rome? Omdat Cleopatra dood is. Wat volgt is een poging om Horatius' manisch aandoende oproep te begrijpen. Wie was die Cleopatra, de aanleiding voor het dodemansfeest?

M.A. Wes

Diva Cleopatra. Historische en onhistorische verhalen

Voltaire, 's-Hertogenbosch, 256 p., 598 frank.

Aanleiding voor dit stuk is een aantrekkelijk boek dat vorig jaar verscheen, met veel vertaalde en becommentarieerde antieke tekstfragmenten over de hoofdrolspelers in Cleopatra's leven. Het is toen in de Boekenweek-vloedgolf beland: Diva Cleopatra van de Groningse oud-historicus Marinus Wes. Wie dit heeft gelezen, samen met het Duitse werkje Kleopatra van Manfred Clauss uit 1995, dat meer aandacht schenkt aan de sociaal-economische aspecten van de geschiedenis en voor Cleopatra's binnenlandse politiek, die is gewapend tegen het gebazel dat over haar de ronde doet, bijvoorbeeld op ons aller www, waar sommige Cleopatra-sites fanclub-allures vertonen.

Waarom moet er in Rome gedronken worden? Omdat het volgens de dichter geen pas gaf te feesten zolang de Egyptische koningin Cleopatra VII leefde en Rome dus in zijn bestaan bedreigd was. Een sobere drooglegging was al die tijd passender, de grand cru bleef beter onaangeroerd. Drinken tot dronkens toe, dat deed volgens Horatius de geperverteerde zwerm luxebeesten rond Cleopatra. Tot de door Octavianus opgejaagde koningin geen uitweg meer zag en zelfbewust zelfdoding pleegde door slangengif te drinken. De kronkel van Horatius' gedicht is rond: van feest- over orgie- naar dodendrank en terug.

Cleopatra is 39 als ze in augustus 30 in haar Alexandrijnse paleis een, twee of zelfs meer slangen uit een binnengesmokkelde mand met verse vijgen haalt om haar euthanasie te plegen. (Slangen waren in Egypte toegewijd aan de zonnegod Amon-Re; je kreeg er het eeuwig leven door.) Ze spoten hun dodelijk gif vermoedelijk in haar arm, al is het voor de beeldenliefhebbers onder ons aantrekkelijker aan te nemen dat de adders (of de cobra) hun venijn langs haar borst injecteerden. Dat laatste is een laat-antieke vondst van een dichterlijke en een christelijke fantast. Een inspirerend uitvindsel: vaak zie je het slang-naar-borsttafereel uitgebeeld door schilders, zoals op het omslag van Wes' boek.

Cleopatra gaat over tot haar wanhoopsdaad enkele dagen na de dood van Marcus Antonius, een van de Romeinse mannen die haar leven hebben bepaald. Ze heeft er minstens één dreigende aanleiding voor: Octavianus, de tegenstander van Antonius die hem een jaar eerder in Actium versloeg en begin augustus in Alexandrië definitief op de knieën kreeg, wilde de kroon op zijn zegevierend oorlogswerk zetten door Cleopatra in een Romeinse triomftocht mee te tronen. Dat was het gewone lot van veel krijgsgevangenen maar een ultieme vernedering voor de koningin van de moeder aller beschavingen, het steenrijke Egypte dat nu dus definitief van Rome was. Horatius weer: "Zij durfde met een rustige oogopslag / de puinhopen van haar paleis te zien, / greep dapper ruwe slangen vast, / dronk met haar lijf een donkere gifstroom" (vert. P.H. Schrijvers). "Non humilis mulier," zegt het laatste vers, "geen ordinaire vrouw". Horatius wordt in het negatieve positief over Cleopatra op het moment dat ze een oer-Romeinse daad stelt: zelfdoding als de vernedering onverdraaglijk wordt. Wes legt aan het eind van zijn boek een mooie parallel met Vergilius' Dido die dezelfde daad stelt als Aeneïs haar heeft verlaten en verraden.

Octavianus zal zichzelf later Augustus noemen en de toenmalige maand sextilis (de 'zesde', zoals september nog altijd 'de zevende maand' is) ook, ter herinnering aan zijn inpalming van Alexandrië en Egypte. Dat lijkt een van de vele voorbeelden van de propagandistische uitvergroting van het conflict Rome-Egypte dat toen pas ten einde was gekomen. Octavianus had er namelijk al jaren alle belang bij Egypte en zijn toenmalige koningin als zo gevaarlijk en verdorven mogelijk voor te stellen, als een bedreiging van de wereldorde. Zo kon hij z'n partijtwist en Romeinse familieruzie met schoonbroer Marcus Antonius, die gaandeweg tot een burgeroorlog was uitgegroeid, voorstellen als een rechtvaardige oorlog tegen het wilde oosten, de verwijfde en barbaars-immorele Oriënt die Romes manmoedige beschaving bedreigde.

Want die Antonius, een Romeinse man, lag zwijmelend in de armen van een vreemde vrouw die in onvoorstelbare luxe leefde: Cleopatra. De omgekeerde wereld. Zo bedroog Antonius bovendien Octavia, zijn wettige vrouw en Augustus' zuster. Aan zo'n bedenkelijke fat kon je bezwaarlijk een wereldrijk van oerdegelijke goedmannelijke boersoldaten en Realpolitiker toevertrouwen. Antonius was, kortom, geen Romein meer. Het is deze bijwijlen grof seksueel gesmeerde propagandamachine die mee verantwoordelijk is voor het diabolische beeld van Cleopatra als femme fatale en mannenverslindende sirene, een eigentijdse Helena. Ze was gedoemd om, zoals wel meer vrouwen, in de vuilspuiterij mee bevlekt te worden. De Augusteïsche dichters Vergilius, Horatius en vooral Propertius hebben haar kwalijke imago driftig mee verspreid. De eendaagse zeeslag bij Actium werd een wereldoorlogje, en al vroeger was Marcus Antonius gepsychiatriseerd tot 'een geval', voor een politicus een dodelijk imago, zoals in onze dagen nog wel eens blijkt. Het verhaal van Cleopatra's leven komt van mannen. En geschiedenis wordt zoals bekend niet geschreven door losers, dat is haar tweede ongeluk.

Marcus Antonius en Cleopatra hebben elkaar misschien voor het eerst ontmoet in 55 in haar Alexandrië; toen was hij 27 en zij 14. En natuurlijk was hij naar verluidt meteen onder de indruk van haar verschijning. Maar pas de laatste twaalf jaar van haar en zijn leven waren hun contacten intens. Antonius en Octavianus hadden het Romeinse Rijk in 42 in tweeën gesplitst - dat deden ze na de uitschakeling van Caesars moordenaars Brutus en Cassius - en Antonius kreeg toen het (cultureel) rijke oosten onder zijn hoede, het vetste deel met daarbij ook Egypte. Hij maakte er een politiek van de lokale bewindvoerders als een soort vazallencliëntèle aan zich te binden. Je kunt je voorstellen dat Cleopatra, die behalve koningin van Egypte eigenlijk ook een verre Makedonische erfgename van Alexander de Grote was, in Antonius een objectieve bondgenoot zag om haar rijke land minstens te behouden en als het even kon haar gebied flink uit te breiden. Dat kon door dat land én zichzelf loyaal met hem te verbinden. Die politieke keuze staat los van haar 'oprechte' gevoelens voor zijn exuberante en intrigerende persoonlijkheid. Antonius zag zichzelf als een afstammeling van Herakles en werd soms als een eigentijdse incarnatie van Dionysos bejegend. Dat deden ze graag, daar in het hellenistische Oosten: van mensen (halve) goden maken. Hij was in elk geval een man die passies opwekte. Zijn relatie met Cleopatra had alles om explosief te zijn. All for love.

Na een tweeling in 40 wordt in 36 het derde kind van Cleopatra en Antonius geboren. (De drie wezen zullen later worden opgevoed door... Octavia, Antonius' echtgenote en de zus van Octavianus.) Twee jaar later lijkt op een dag de droom van Cleopatra in vervulling te gaan. In 34 viert Antonius een triomftocht, niet in Rome zoals dat hoorde, maar in haar Alexandrië, toentertijd een veel indrukwekkender wereldstad dan de nog jonge Eeuwige Urbs. (Alexandrijn Konstantinos Kavafis zal een deel van zijn poëtisch oeuvre putten uit dit droomverleden van zijn vaderstad.)

De stoet mondt uit bij een gouden troon waarop Cleopatra zit als de godin Isis. Een ultiem moment de gloire, dit schouwspel: Egypte belooft weer een grootmacht te worden, dankzij de farao (zijzelf, die zich tot Koningin der Koningen laat proclameren), een Romeinse toppoliticus van wie in Rome werd beweerd dat hij hoogverraad pleegde, en de opvolgers die klaarstonden. Onder hen haar zoon Caesarion, het 'kleine Caesartje', die in 34 zo'n dertien jaar jong was. 'Caesarion', dat is een spotnaam van de Alexandrijnen voor de jongen die in werkelijkheid 'Caesar Ptolemaeus' heette, een symbolische versmelting van Rome met het Egyptische koningshuis, wat Cleopatra's levenslange ideaal was. Hij was geboren in september 47, enkele maanden nadat Julius Caesar Alexandrië had verlaten. De meeste antieke historici twijfelen niet aan zijn vaderschap. De jongen wordt in 34 tot Koning der Koningen gebombardeerd. Ook hij zal in 30 sterven.

Zo zijn we ten slotte beland bij het begin, bij de man op wie u vermoedelijk al een tijd zit te wachten. We kennen hem en Cleopatra met z'n allen het best van Asterix: Julius Caesar, de eigenlijke hoofdfiguur van dit hele verhaal, de dictator die een einde maakte aan de republiek in Rome. Het is na de iden van maart 44, de dag van de moord op de vergoddelijkte Julius, om zíjn erfenis dat Octavianus, Caesars aangenomen zoon, en Antonius / Cleopatra, de vermoedelijke moeder van Caesars echte zoon, de strijd om de macht aanbinden. Eerder, dankzij Caesars doortastende ingreep in 48, was Cleopatra op de Egyptische troon kunnen gaan zitten van haar gehate en ooit naar Rome gevluchte vader Ptolemaeus XII, bijgenaamd 'de Fluitspeler', na jaren van binnenlandse spanningen en familiaal gekonkel aan het hof. Haar voornaamste zorg was van meet af aan het onderhouden van goede relaties met Rome. Zij heeft Caesar in 46 naar Rome vergezeld, waar 'De Koningin' door haar exuberante tuinfeesten en recepties een kwalijke reputatie opdeed; misschien had ze er ook een misval. Moraalridder Cicero moest niet van haar weten: "Ik kan dan ook niet dan met grote verbittering terugdenken aan het hooghartige gedrag dat de koningin aan de dag legde toen ze aan de overkant van de Tiber in de tuinen woonde." Het is nadien nooit meer goed gekomen tussen Cleopatra en het Romeinse Capitool, "toen de koningin in haar verwaandheid / dood en verderf voor het Rijk beraamde" (Horatius).

Patrick De Rynck

Cleopatra: verhalen en verhaaltjes

Hoogleraar Wes begint zijn Diva Cleopatra zoals een beetje sprookje moet beginnen: 'Er was eens, heel lang geleden...'. Dan volgt inderdaad het verhaal van Cleopatra's leven in de passende 'kinderlijke' stijl. Historische en onhistorische verhalen, zegt de ondertitel van het boek: over Cleopatra weten we al bij al bijzonder weinig, ook in haar hoedanigheid van efficiënte bestuurster van haar land. De moraliserende verhalen over haar en haar luxeleven zijn (dus) des te talrijker. Wie over Cleopatra schrijft, schrijft eigenlijk over zichzelf. Hier volgen in kortnieuwsstijl enkele van de bekendste story's en scènes waar ik het nog niet over had. Misschien kent u ze van de stroom films, strips, schilderijen, gesproken en gezongen toneelstukken, romans en bedrieglijk fraai ogende internetsites waarin Cleopatra de hoofdrol speelt. In Wes' boek worden ze ook verteld, vertaald en becommentarieerd. Wes doet bijwijlen treffend ironisch over wat collega's oud-historici niet allemaal hebben beweerd.

Caesar ontbiedt in 48 Cleopatra en haar gehate broer Ptolemaeus om de kwestie van de troonsopvolging te regelen. Omdat Alexandrië en het paleis gecontroleerd worden door Ptolemaeus, laat zij zich in een beddengoedzak verstoppen en 's nachts in het geniep het paleis binnendragen, waar ook Caesar zich bevindt. De eerste nacht waarin Cleopatra en Caesar in hetzelfde gebouw waren, inspireerde historici en fantasten tot wilde speculaties. De beddengoedzak wordt daarin meestal een chic, Perzisch-achtig tapijt.

Na Cleopatra's hernieuwde troonsbestijging in 47 moet Caesar nog even (enkele dagen? een paar weken?) in Alexandrië zijn gebleven. In deze periode zouden ze samen een luxueuze cruise - Wes: "een welverdiende droomvakantie" - op de Nijl hebben gemaakt, maar dat kan evengoed een verzonnen stadsverhaal zijn.

In 42, als Antonius op het toppunt van zijn macht is, ontbiedt hij Cleopatra naar Tarsos in Kilikië. Zij zou haar god tegemoet zijn getreden verkleed als de liefdesgodin Afrodite en omgeven door als naakte nimfen vermomde tempelprostituees. Het moet een vreemde mengelmoes zijn geweest van een cultische en een zwoel-erotische sfeer met diplomatieke doeleinden. Het goddelijke feestmaal dat ze haar gastheer aanbood was navenant exuberant. Een jaar later brengt Antonius de winter bij haar in Alexandrië door.

Cleopatra zou op een keer hebben beweerd dat ze aan één diner wel tien miljoen sestertiën kon spenderen, een fabelachtig bedrag. Ze sloot een weddenschap met Antonius en zette hem de volgende dag een gewone dagschotel voor. Antonius maakte zich al vrolijk. Daarop kwam het dessert: een beker azijn. Voor de ogen van Antonius deed Cleopatra een van haar oorparels af, de grootste die toentertijd bekend waren, loste die in de azijn op en dronk de beker leeg. Ze won de weddenschap en inspireerde daarmee schilders en literatoren van de 17de en 18de eeuw.

Plutarchos' grootvader had verhalen uit Alexandrië horen vertellen door een vriend van hem die er in de tijd van Cleopatra geneeskunde studeerde. In zijn Antonius-biografie heeft zijn kleinzoon het over het optreden van de zowat negentalige (sic?) Cleopatra: "Ze was naar men zegt in geen enkel opzicht zo'n superieure schoonheid, en wie haar gezien had, was daar niet bepaald van onder de indruk. Maar wie met haar omging, kwam onvermijdelijk in haar greep en haar verschijning had, in combinatie met haar vertrouwenwekkende manier van spreken en de hele manier waarop ze zich in gezelschap presenteerde, iets prikkelends. Ze had ook een buitengewoon aangename stem..."

En voor ik het vergeet: als we op bepaalde munten afgaan, de betrouwbaarste bronnen voor de fysieke verschijning van veel Bekende Grieken en Romeinen, dan is het best mogelijk dat Cleopatra een opvallende neus had.

Het verhaal van Cleopatra's leven komt van mannen. En geschiedenis wordt zoals bekend niet geschreven door losers, dat is haar tweede ongeluk

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234