Zaterdag 16/01/2021

De volgende Clinton

Hillary wordt algemeen als progressiever beschouwd dan

James Bennet / Foto Annie Leibowitz (Contact Press)De politieke ambities van de first lady

De ambtstermijn van president Bill Clinton loopt begin 2001 ten einde, en dat is zo ongeveer de enige zekerheid die hij en zijn vrouw Hillary momenteel hebben. Over de firma Clinton & Clinton doen sinds de Lewinsky-affaire immers de wildste geruchten de ronde. Her en der wordt gefluisterd dat Hillary haar man onmiddellijk na diens presidentschap wil verlaten, maar vooral dat ze een mandaat ambieert als senator voor de staat New York. Woensdag raakte bekend dat Hillary op 7 juli een comité van adviseurs zal oprichten dat moet onderzoeken of dat laatste een haalbare kaart is en dat alvast campagnefondsen kan beginnen in te zamelen. Na haar leven als first lady ruikt ze eindelijk de vrijheid om zich voluit in de politiek te storten.

Op de winderige februaridag dat de Senaat haar echtgenoot vrijpleitte van meineed en obstructie van het gerecht, ging Hillary Rodham Clinton haar aandacht toespitsen op haar leven na zijn presidentschap. Van voor de eerste stemming die dag tot lang na de laatste zat ze samen met haar vriend Harold Ickes op de tweede verdieping van het Witte Huis, in de presidentiële privé-vertrekken, om af te wegen of ze voor het eerst campagne zou gaan voeren voor zichzelf in plaats van voor Bill Clinton. Hillary voelde zich geflatteerd dat de Democraten haar gevraagd hadden om in New York op te komen voor de Senaat. Toen Charles Rangel, de schalkse Democratische volksvertegenwoordiger uit Manhattan, het idee in oktober van vorig jaar voor het eerst geopperd had, had ze het nog weggelachen. Maar ze was wel erg opgetogen over het feit dat haar imago langzamerhand van passief slachtoffer naar politiek zwaargewicht evolueerde. Na al haar beleidswerk en gespeech had het haar gekrenkt dat haar populariteit pas echt de hoogte in was geschoten toen ze de wereld een versteende glimlach schonk en weerloos alle vernederende onthullingen doorstond over de affaire van haar man met that woman.

Samen met Ickes, een door de wol geverfde New Yorkse politicus en voormalige medewerker van haar echtgenoot, zat ze nu dus urenlang de risico's af te wegen van een campagne voor het zitje dat senator Daniel Patrick Moynihan vrij zou gaan maken. Wilde ze echt wel een van de honderd senatoren worden? Zou ze een straatgevecht met een smerige tegenstander kunnen overleven? Zou ze het geklauw van de ontembare New Yorkse reporters kunnen verdragen?

Er was een erg treffend precedent voor de besprekingen met Ickes. Een halve eeuw geleden overwoog een vrouw die Clinton als een voorbeeld beschouwt, Eleanor Roosevelt, ook al om als New Yorks kandidaat op te komen voor de Senaat, daartoe aangezet door een voormalige adviseur van haar echtgenoot. Die adviseur heette zelfs ook Harold Ickes; hij was de vader van Hillary's vriend. Maar net als vele andere parallellen tussen de twee fascinerendste first lady's van deze eeuw illustreert ook deze evenveel verschilpunten als gelijkenissen. Hillary had haar Harold bij zich geroepen, terwijl Eleanor de hare bijna van zich af moest schudden. Voor Hillary, zoals altijd heen en weer geslingerd tussen ambitie en voorzichtigheid, betekende de ontmoeting het begin van maandenlang gepieker. Eleanor wees haar Harold bijna onmiddellijk af.

"Ik heb sterk het gevoel dat het nastreven van zo'n ambt niet de beste manier is om me verdienstelijk te maken", schreef ze hem op 26 mei 1945, amper een paar dagen nadat hij het idee geopperd had. Ze wilde haar kinderen niet met nog een ouder met een publiek mandaat opzadelen. Ze wilde zichzelf ook niet met enige partijdiscipline opzadelen. "Ik hoop dat ik voor en met de Democraten zal kunnen blijven samenwerken", vervolgde ze, "maar ik denk dat het besef vrij te zijn van elke verplichting bij momenten erg heilzaam kan zijn."

Vrij van elke verplichting. Het is een erg betekenisvolle uitdrukking voor politieke echtgenotes, en zeker voor first lady's van de Verenigde Staten van Amerika. Sinds Martha Washington zichzelf ooit met een staatsgevangene vergeleek, hebben de presidentsvrouwen zich altijd onderdrukt gevoeld door het bloemenschikken en het speechen, door het uitoefenen van invloed of net niet genoeg, door de privé-compromissen en de planetaire vernederingen. Eleanor Roosevelt vreesde dat een eigen mandaat haar vrijheid nog verder zou beperken. Hillary ruikt de vrijheid, de vrijheid om zich voluit in de politiek te storten, met haar eigen achterban, op haar eigen voorwaarden, met haar eigen doelstellingen.

Hillary Clinton staat op het punt een vrijgevochten vrouw te worden. In januari 2001 zal ze voor het eerst sinds 1974, toen ze als 26-jarige advocate naar Arkansas verhuisde, eindelijk haar eigen weg kunnen gaan, los van de politieke carrière van haar man. Terwijl de meeste mensen bij zo'n vooruitzicht wellicht zouden gaan fantaseren over anonimiteit en een lange vakantie, is Hillary systematisch op zoek naar manieren om in de schijnwerpers te blijven. Nu er een voorbereidend comité opgericht wordt, ziet het ernaar uit dat de Clintons de rollen netjes zullen gaan omkeren, althans in New York: zij zal zich meer en meer als leidende figuur gaan profileren, terwijl hij genoegen zal moeten nemen met een ondersteunende rol achter de schermen.

En toch, toen ik haar een paar weken geleden vroeg hoe het voelde om zo'n beslissing af te wegen zonder rekening te hoeven houden met zijn politieke vooruitzichten, begon ze telkens weer over hem en over haar rol als ondersteunende echtgenote. "Het is in de achtentwintig jaar dat we elkaar kennen zo'n belangrijk onderdeel van ons leven geweest", zegt ze. En dan, voorzichtiger: "En ik ben blij dat ik een onderdeel ben van zijn politieke aspiraties, omdat ik vind dat ze grotere doelstellingen vertegenwoordigen die hij en ik en vele anderen delen."

Ik had haar even daarvoor ontmoet in het solarium op de derde verdieping, een beglaasde schuilplaats aan de zuidkant van het Witte Huis. Hier is het onverstoorbare symbool van de presidentiële macht gevernist met een fijn laagje gezinsleven. Aan de muren van de gang naar het solarium hangen ingelijste foto's van de Clintons tijdens werk en ontspanning, bijvoorbeeld samen in een hangmat in Arkansas tijdens een picknick met Chelsea. Maar overal waar je kijkt zie je toch de sporen van het vreemde leven dat hier geleid wordt. De meeste verzamelingen matrjosjka's bevatten geen popjes van het gezin in kwestie zelf, en ook geen popjes van de gezinnen Reagan en Bush. Het uitzicht voorbij de roze geraniums op het terras is meestal niet de bovenkant van Washington Monument. Het glas is meestal niet zo dik dat het het uitzicht een klein beetje vervormt.

"Ik ben al zóóó lang niet meer buiten geweest", zegt ze met getuite lippen als ze vraagt of we op het terras kunnen praten. Daar heeft ze het eerst over tomaten en paprika's kweken in potten - "Ik vind het erg moeilijk om goede, verse tomaten te vinden, want bij groentestalletjes of zo raak ik niet" - en bestelt ze behalve een Diet Coke ook een ijsthee, voor wat zij "een dubbele dosis cafeïne" noemt. Ik probeer het nog een keer: wat zal deze verandering betekenen voor haar?

"Maar ik heb altijd al nagedacht over wat ik wilde doen", zegt ze, en dan begint ze toch weer over haar man en over de bibliotheek die hij in Arkansas aan het bouwen is. "We zullen samen blijven werken aan de onderwerpen en de doelstellingen die we gemeenschappelijk hebben, en ook aan de bibliotheek, waarvan ik hoop dat het een vitale plek zal worden voor onderzoek naar openbare dienstverlening."

Jarenlang horen we nu al de verhalen over de twee Hillary Clintons, enerzijds de eigengereide kruisvaarster en anderzijds de stand by her man-levensgezellin. Washington-insiders en ook veel andere Amerikanen zijn er lange tijd van uitgegaan dat die tweede rol een façade is, een geschilderde matrjosjka waarbinnen de ware Hillary zich zou schuilhouden. Die veronderstelling is ongegrond en eigenlijk ook fout. Hillary Clinton is beide, maar ze heeft zich altijd meer op haar gemak en ook doeltreffender gevoeld in de rol van levensgezellin: hem in de rug dekken, hem aanmoedigen, hun beleid en hun verwezenlijkingen verdedigen. En na jaren die rol gespeeld te hebben is ze naar moderne maatstaven dan ook een tamelijk traditionele vrouw geworden, al wil ze zichzelf helemaal niet zo zien.

Ik probeer het andermaal: is het niet op zijn minst 'anders' om nu aan je eigen, rechtstreekse achterban te denken? "Jazeker", geeft ze uiteindelijk toe, misschien uit medelijden. Dan schakelt ze over op de tweede persoon, neemt ze afstand van het verschil dat ze zoëven beschreven heeft. "Omdat jij dan degene bent met de uiteindelijke verantwoordelijkheid en macht."

"Ik probeer naar mijn eigen advies te luisteren", zegt ze, nadat ze jaren haar man en anderen geadviseerd heeft en jongeren opgeroepen om vertrouwen te hebben in het politieke systeem. De storm rond de affaire van haar man en zijn mogelijke afzetting zal haar niet afschrikken om mee te doen, benadrukt ze. "Het voorbije jaar is pijnlijk geweest, niet alleen voor mijn gezin maar ook voor mijn land", zegt ze. Nu we door een voorjaarsstorm in het solarium gejaagd zijn zegt ze eindelijk wat ze kwijt wil over de vernedering die haar voor zoveel Amerikanen tot een heldin gemaakt heeft. "Maar ik heb het gevoel, weet je, dat we daar allemaal, dat we daar allemaal doorheen zijn."

In zekere zin zou Hillary's campagne voor een zitje in de Senaat helemaal niet zo opzienbarend zijn als ze op het eerste gezicht misschien lijkt. Sinds ze van Yale Law School afstudeerde en voor Bill Clinton en Arkansas koos, is het vrij gebruikelijk geworden dat vrouwen meedingen naar de hoogste ambten. Als Hillary kandidaat wordt, neemt ze trouwens de plaats in van een andere vrouw, volksvertegenwoordigster Nita Lowey van Westchester County. Elizabeth Dole, een oudere maar veel minder traditionele politieke echtgenote, is zelfs kandidaat voor de presidentsverkiezingen. Hillary's campagne zou wel degelijk baanbrekend zijn, maar alleen omdat ze er zou komen terwijl haar man nog in het Witte Huis zit. In die zin zou het zeker een primeur zijn voor de Clintons en voor first lady's, maar niet voor vrouwen in het algemeen. Daar is ze te laat voor.

Maar wat dan nog? Ze heeft haar ambitie nooit opgeofferd voor die van haar man, maar beide tot een geheel gesmeed. Daardoor heeft men haar altijd meer beoordeeld naar de manier waarop ze haar man gesteund heeft dan naar wat ze samen met hem verwezenlijkt heeft, meer naar datgene waar ze als vrouw voor staat dan naar wat ze als first lady gedaan heeft. Dat is trouwens heel wat, en de consequentie van die loyale rol is dat ze zijn verwezenlijkingen ook als de hare beschouwt. Toen ze vorig jaar zijn presidentschap redde door uit te halen naar niet bij naam genoemde samenzweerders en ook zijn kant te blijven kiezen nadat hij de affaire opgebiecht had, redde ze ook haar presidentschap. Ze liet het aan haar man over om presidentskandidaat te worden, maar ze heeft altijd geweten wat ze allebei wilden doen met zijn ambten. Iedereen die verwacht dat nu plots een nieuwe Hillary Clinton uit haar Witte Huis-cocon zal breken, heeft haar carrière en haar relatie slecht bestudeerd.

Medewerkers en vrienden van de Clintons zijn het over het algemeen eens over hun relatieve sterktes en zwaktes. Ze houden allebei van politiek en beleid, maar hij is meer gefascineerd door het eerste, zij door het tweede. Hij heeft het superieure brein, zij de superieure werkethiek. Hij streeft naar compromis: zij is veel vastberadener - soms met desastreuze gevolgen, zoals in het Whitewater-onderzoek. Ze houden allebei van praten, maar hij luistert ook. Hij kan zijn tegenstanders snel vergeven; zij "houdt de boeken bij", zoals een van hun vrienden het uitdrukt. Hij zal graag toegeven dat zijn tegenstander ten dele gelijk heeft om een bredere discussie te winnen; zij, de professionele advocaat die haar man nooit was, ziet de wereld in zwart en wit. De politiek van Hillary Clinton heeft slechteriken nodig, of het nu de gevestigde macht in Washington is, de verzekeringsmaatschappijen of rechtse samenzweerders. Dat heeft ze trouwens gemeen met de advocaat tegen wie ze het misschien zal moeten opnemen, de New Yorkse burgemeester Rudolph Giuliani.

Het kan onfair zijn om onverschillig welke politicus met Bill Clinton te vergelijken, maar het is nu eenmaal Hillary's lot, net als dat van Al Gore. Ze heeft niet zijn vermogen om een publiek te 'lezen' en zijn gretigheid om zich erin te storten tot zijn handen pijn doen. Maar toch gaat ze er nu van uit dat ze zal opkomen voor de Senaat. Haar doelstellingen blijven tamelijk vaag, maar haar ambitie en haar zelfvertrouwen zijn ongeschonden en grenzeloos. Alleen is Bill Clinton niet langer het beste vehikel.

Dat betekent echter niet dat ze ook echt zal opkomen, en dat leidt weer tot een ander verschilpunt tussen de Clintons. Als het op politiek aankomt werkt hij veel meer vanuit zijn instinct en vanuit zijn zo geliefde opiniepeilingen, terwijl zij veel cerebraler te werk gaat. Hij krijgt een kick van de risico's en de uitdagingen van een campagne. Zij wordt er bang van. Dit is een levensbelangrijke beslissing voor haar, mogelijk de belangrijkste die ze sinds haar huwelijk ooit genomen heeft, en uiteindelijk zal ze er misschien voor kiezen om haar populariteit en haar politiek prestige toch maar niet op het spel te zetten.

Ze wil niet verliezen. Tussentijdse peilingen stellen op dit ogenblik niet echt veel voor, maar diegene die haar een makkelijke overwinning voorspelden hebben intussen wel plaatsgemaakt voor andere die aangeven dat het een spannende strijd zal worden met Giuliani. Sommige van haar adviseurs maken zich trouwens meer zorgen over een mogelijke tegencampagne van volksvertegenwoordiger Rick Lazio, de Republikein van Long Island, of zelfs van gouverneur George Pataki. "Een van de verlokkingen van senator te zijn is dat je er helemaal alleen voor staat", vertelde een van haar adviseurs me. "Een van de schaduwzijden is dat je helemaal alleen verliest."

Hillary's invloed op het beleid van haar man is het duidelijkst op die plaatsen waar het het minst relevant is voor de mensen die haar voor de Senaat zullen moeten verkiezen. Veel meer dan in de Verenigde Staten zelf heeft Hillary Clinton haar eigen stem gevonden in het buitenland. Daar voert ze een soort schaduw-presidentschap met adviseurs uit de meest uiteenlopende instellingen en een oude 707 waarvan de bakboordmotor geregeld in brand vliegt. Ze voert daar in feite haar persoonlijke buitenlandse beleid, en komt op voor zaken als vrouwenrechten, gezondheidszorg en ontwikkeling, allemaal zaken waar haar man het maar zelden over heeft, en dan nog telkens met haar aan zijn zijde. In haar buitenlandse toespraken verwijst ze ook zelden naar de president, omdat ze haar verhaal over de gelijkberechtiging van vrouwen niet wil besmeuren met de toegeving dat ze haar invloed eigenlijk aan zijn macht ontleent.

Toch zien Hillary's adviseurs haar passie als haar potentieel zwakste punt voor de campagne in New York: het vermoeden dat ze zich met dingen zou gaan bezighouden die ver van Binghamton of de Bronx verwijderd liggen. Het heeft ook niet geholpen dat ze bij uitspraken over een mogelijke campagne geregeld uitlegt waarom New York groot genoeg is voor haar, in plaats van omgekeerd. "New York is een echte microkosmos van Amerika", vertelde ze onlangs aan reporters in Manhattan. Chuck Schumper heeft haar al gezegd dat als ze besluit op te komen, ze zich dan ook volledig aan de campagne zal moeten wijden. "Je kunt niet tegelijk first lady en kandidaat zijn", zei hij.

Hillary heeft het voorbije jaar overigens meer dagen in Noord-Afrika doorgebracht dan in New York. Eerder deze lente bezocht ik samen met haar het Marokkaanse dorpje Tasselmante, waar ze over een lege kippenren heen gebogen een praatje maakte met een van de inwoners. "Hoeveel kippen hebt u?", wilde ze weten. Tien. "En ze zijn gezonder dan uw kippen vroeger waren?", vervolgde Hillary.

Ja, liet de vrouw via haar tolk weten, en ze wees goedkeurend naar de kippenren. Een non-profitorganisatie, de Near East Foundation, promoot het gebruik van kippenrennen bij de vrouwen van het dorp. Hillary's internationale soloreizen - naar Afrika, Azië, de voormalige sovjetrepublieken, Latijns-Amerika - krijgen zelden veel aandacht in de Verenigde Staten, maar in de landen die ze aandoet zijn ze altijd voorpaginanieuws. Daarom richt Hillary haar aandacht op programma's die vooral op vrouwen gericht zijn. Hillary bekeek in Tasselmante ook de grootste verbetering in het dorp, een drinkwatersysteem dat de Japanse regering ter beschikking had gesteld. Het werd aangedreven door een dieselmotor die luid kuchend tot leven kwam toen een magere man uit het dorp het sleuteltje omdraaide. "Dat is enorm", riep Hillary uit toen ze te horen kreeg dat 36 gezinnen nu stromend water hadden.

New York heeft een rijke traditie van internationaal ingestelde leiders, en voor sommige kiezers heeft Hillary's werk in het buitenland dan ook een grote uitstraling. Maar dat zijn de mensen die toch al voor haar zouden stemmen. Bij de vlottende kiezers die ze hoopt aan te trekken, vooral dan in de voorsteden, zou al dat globetrotten, zelfs voor de goede zaak, wel eens veel minder positief kunnen overkomen. Daarom probeert Hillary de laatste tijd vaker het verband te leggen tussen haar buitenlandse reizen en het leven van de New Yorkers, maar sommige van die pogingen maken pijnlijk duidelijk hoe moeilijk dat wel is. Een paar weken na haar Noord-Afrika-reis vatte ze haar bezoek aan Tasselmante samen tot het soort boodschap waar ze zo van houdt, een niet mis te verstane les voor de vrouwenorganisatie die ze in Woodbury, Long Island toesprak. Zoals zij het verhaal vertelde waren de dorpsvrouwen een flink stuk zelfstandiger geworden dan in werkelijkheid het geval was. "Terwijl ze me rondleidden in dat dorpje in de woestijn toonden de vrouwen me trots hoe ze er voor het eerst in geslaagd waren drinkwatervoorziening te organiseren", vertelde ze. Over de Japanse diesel en de man die het sleuteltje vasthield zweeg ze wijselijk.

Eerder die dag had Hillary ook nog een ander verhaal verteld. Op een symposium over gezondheidszorg aan Hofstra University was de hoofdboodschap dat het vertrouwen in de gezondheidszorg hersteld moest worden, en de onderliggende boodschap dat zij daarbij kon helpen. Na de opmerking dat 43 miljoen Amerikanen geen ziekteverzekering hadden - "waarvan 3,1 miljoen in New York alleen" - bracht ze die onderliggende boodschap aan de oppervlakte met een zeldzame bekentenis dat ze gefaald had. "Sommigen van u zullen zich misschien herinneren dat ik in 1993 wel een paar ideeën over dit onderwerp had", stak ze van wal, terwijl er wat gegniffel door de verduisterde zaal ging. "Nu, die aanpak werkte duidelijk niet, en dat gaan we niet nog een keer proberen, wees gerust." Maar hoewel ze ontgoocheld was, zei ze, had ze er ook van geleerd, en opgeven kon ze niet. Haar stem werd zachter en klonk nu bijna nederig. "Ik kom nu dus van de school van de kleinere stapjes, de overtuiging dat kleine, geleidelijke veranderingen die sommige mensen helpen beter zijn dan gewoon weglopen" - haar stem rees spottend en haar handen kwamen los van de lessenaar terwijl ze haar armen opensperde - "en zeggen dat het een onoplosbaar probleem is en dat we er niets aan kunnen doen."

Hillary's adviseurs geloven dat ze dat verhaal kan gebruiken om de mislukking in de gezondheidszorg tot een verkooppunt voor de senaatscampagne kan ombuigen. Het gaat over een vrouw die misschien te hoog gegrepen heeft, maar die dat deed omdat ze zo bekommerd was om de vele onverzekerde Amerikanen. En hoewel die zorg er nog altijd is, heeft ze wel haar lesje geleerd over manieren om haar doel te bereiken. Klinkt bekend? Misschien is dat omdat ook Bill Clinton al meer dan eens getoond heeft dat hij gelouterd is en dat hij geleerd heeft uit zijn fouten.

Het verhaal over de gezondheidszorg is grotendeels waar, hoewel het niets zegt over de schok die Hillary voelde toen haar plan implodeerde. En het zegt ook maar iets over een van de lessen die ze geleerd heeft, omdat ze het resultaat toeschrijft aan de manier waarop ze de hervorming van de gezondheidszorg aanpakte en niet aan het feit dát ze ze aanpakte. Eleanor Roosevelt leerde die les ook toen ze op het ministerie van Burgerbescherming probeerde te werken. "Ik kon geen regeringspost opnemen, zelfs niet zonder salaris of onkostenvergoeding", schreef ze later, "zonder dat ik sommige oppositieleden in het Congres en zelfs sommige van onze eigen partijmensen ruim de gelegenheid bood om te gaan muggenziften."

Tot haar eigen ontzetting is ook Hillary dat gaan geloven. Ze kwam tot de conclusie dat de nationale pers en het politieke establishment in Washington een open rol voor haar als adviseur en medestander van haar echtgenoot minder zagen zitten dan hun tegenhangers in Arkansas hadden gedaan. Door gezondheidszorg naar zich toe te trekken had ze zichzelf willen profileren als een niet-traditionele first lady die haar invloed openlijk aanwendde, niet achter de schermen. Ze hield ervan om zich in beleidsdebatten mengen, maar ze vond ook van zichzelf dat ze openhartig de belangen van haar man verdedigde. Ze zag zichzelf letterlijk als een advocaat die voor haar cliënt optrad. En het pakte verkeerd uit.

"Ik denk dat dat een diepgaande invloed had op hun relatie", zegt een van Hillary's vrienden. "Ze was bijna een talisman voor hem, en plotseling bracht ze hem geen geluk meer. En dat was de rol die Dick speelde."

Dick Morris, natuurlijk. Hillary reikte Morris de hand om de carrière van haar man te redden na de Republikeinse zege in de congresverkiezingen van 1994, net zoals ze dat ook gedaan had toen hij in 1980 het gouverneurschap van Arkansas verloor. Een van Morris' eerste taken die tweede keer was de president wat delicaat nieuws over zijn vrouw overbrengen. Bij zijn eerste opiniepeiling over Clinton, op het einde van 1994, zo herinnert Morris zich, ontdekte hij dat twee derde van de kiezers bepaalde aspecten van hem niet op prijs stelden. Ze vielen in twee categorieën uiteen: de eerste groep vond hem immoreel; de tweede groep vond hem besluiteloos. Die tweede groep zag Hillary als een bijzonder machtig personage. "Zij geloofden in feite dat zij de beste illustratie vormde van zijn zwakte", zegt Morris, "en dat hun huwelijk een optelsommetje was waar honderd punten macht volgens een verdeelsleutel 60-40, 70-30 of 50-50 verdeeld werd. Maar ze zagen niet in dat in een sterk huwelijk tussen twee sterke persoonlijkheden de sterke punten van beide partners elkaar nog sterker maken in plaats van elkaar te verzwakken. Ze zagen het gewoon als een discussie over wie de lakens uitdeelt in het gezin."

Morris liet de president de gegevens zien en voerde aan dat de kiezers wilden dat zijn vrouw geen beleidsmaker was maar een advocate. Hoe meer ze in die rol gezien werd, zo vertelde Morris de president, hoe minder mensen haar ervan zouden verdenken dat ze in stilte aan de touwtjes trok.

En zo geschiedde. Hoewel ze een erg belangrijke stratege was geweest voor de verkiezingscampagne van 1992, trok ze zich in de loop van 1996 terug uit de wekelijkse politieke meetings van de president. Net als sommige anderen in het Witte Huis concludeerde Leon Panetta, de stafchef van het Witte Huis van 1994 tot begin 1997, daaruit dat ze rechtstreeks naar de top ging, want de president bleef wel naar de opvattingen van zijn vrouw verwijzen. Sommige hooggeplaatste ambtenaren uit het Witte Huis tijdens de tweede ambtstermijn konden zich niet herinneren dat ze ooit één beleidsvergadering met haar hadden meegemaakt.

"Ik bleef werken aan alle thema's waar ik altijd al aan gewerkt had, ook gezondheidszorg", vertelde Hillary me. "Maar ik kreeg geen bijkomende titel of geen specifieke verantwoordelijkheid voor een algemeen beleid zoals ik voordien had gehad." Zelf vond ze die gewijzigde rol zinloos, aangezien zowel het publiek als de experts vooral wilden dat ze ter verantwoording kon worden geroepen voor haar daden. Toen ze het initiatief voor de gezondheidszorg leidde, wist iedereen tenminste waar ze mee bezig was. Nu leek het haar alsof niemand dat nog wist.

Verwijzend naar het voorbeeld van Eleanor Roosevelt drong Morris erop aan dat ze een wekelijkse krantencolumn zou gaan schrijven, en dat deed ze. (Morris gebruikte Eleanor altijd om Hillary te laten doen wat hij wilde.) Ze begon ook een boek te schrijven.

Toen het in 1996 uitgegeven werd, op het ogenblik dat haar echtgenoot alleen aandacht had voor zijn herverkiezing, werd It Takes a Village als een politiek statement gezien. Daar was een goede reden voor. Hillary schetst in het boek een wonderbaarlijk zonnig beeld van haar gezinsleven en gaat uitgebreid in op haar rol als moeder, maar afgezien van al het geschaaf aan het imago was het ook een opmerkelijk openhartig boek, een manifest dat Hillary's visie op de wereld uiteenzette.

"Overal waar we kijken liggen kinderen onder vuur." Die apocalyptische stelling vormt de kern van It Takes a Village en eigenlijk van het merendeel van haar openbare werk. Het verklaart ten dele wat mensen zo vaak paradoxaal en zelfs hypocriet vinden aan Hillary: haar merkwaardige mengeling van progressief liberalisme enerzijds en haar gezinswaarden-traditionalisme anderzijds. Ze heeft uitgesproken meningen over echtscheiding, seks bij jongeren, ouderlijk gezag en zelfs gebed thuis, en die meningen zijn ook heel oprecht. Ze groeide op in een gegoede voorstad van Chicago, verzaakte nooit aan het methodisme dat ze op de zondagsschool had geleerd en rebelleerde nooit tegen haar ouders, die ze enorm bewonderde.

Maar het boek is even openhartig over haar progressieve en interventionistische impulsen. Er spreekt dezelfde drang uit om controle uit te oefenen op anderen die ook al uit haar voorstellen voor de gezondheidszorg bleek. Ze vertelt haar lezers alles, van welk type babymatras ze moeten kopen (stevig en vlak) tot hoeveel ze moeten eten ("een redelijke portie vlees bijvoorbeeld is ongeveer zo groot als een pak speelkaarten"). Ze pleit voor algemene gezondheidszorg en strengere wapenwetten, klaagt over de inhoud van het televisienieuws en gewelddadige videospelletjes, jammert over inkomensongelijkheid en citeert goedkeurend Alan Ehrenharts opvatting dat "de ongecontroleerde vrije markt de radicaalste ontwrichtende kracht in het Amerikaanse leven van de afgelopen generatie is geweest".

Als we haar twijfelachtige premisse aanvaarden dat Amerikaanse kinderen de grootste crisis uit de geschiedenis doormaken en daarom alle hulp nodig hebben die maar mogelijk is, dan zijn haar conservatieve en interventionistische opvattingen makkelijk met elkaar te verzoenen. "Op een ogenblik dat het welzijn van kinderen meer bedreigd wordt dan ooit tevoren", schrijft ze, "speelt het machtsevenwicht in onze maatschappij heel sterk in hun nadeel."

In feite ziet ze dat trouwens veel breder dan op het vlak van kinderen: "We moeten altijd waakzaam blijven voor onderdrukking en machtsmisbruik, of die nu van de overheid komt of van een om het even welke andere grote instelling die niet ter verantwoording kan worden geroepen. En daarom blijf ik terugkeren naar mijn favoriete woord, en dat is evenwicht. Er moet dat evenwicht zijn dat de stichters van onze natie in de oprichtingsteksten en onze principes van zelfbestuur hebben opgenomen, maar het moet voortdurend geëvalueerd en gecorrigeerd worden, omdat we zo makkelijk uit evenwicht raken."

Ze gebruikt het woord 'evenwicht' inderdaad heel erg veel, ze doet dat trouwens al jaren. Maar hoewel je de kern van haar verhaal wel kunt volgen, is het toch moeilijk te zeggen wat ze er concreet mee bedoelt, omdat ze haar politieke opvatting nooit in een verkiezingscampagne of een legislatieve strijd heeft moeten verdedigen. Als first lady heeft ze, net zoals in haar boek, altijd twee vormen van comfort gehad die ze zal moeten opgeven als ze als kandidaat voor de Senaat opkomt: zelf kunnen kiezen welke onderwerpen je wilt aanpakken en altijd kunnen terugvallen op aanmoedigingen in plaats van op concrete voorstellen om problemen aan te pakken.

Door haar jarenlange zorg voor het welzijn van kinderen zou ze zeker geloofwaardig overkomen bij thema's als geweld op school, waar ze sinds de schietpartij in Littleton een ware kruistocht van heeft gemaakt. Maar de kiezers zullen ook een precisie van haar verwachten die ze behalve in de gezondheidszorg nog niet aan de dag heeft hoeven te leggen. Als ik haar vraag wat ze precies hoopt te bereiken als senator of als burger, antwoordt ze: "Weet je, er zijn een heleboel thema's die me bezighouden. Ze hebben vaak te maken met het scheppen van een klimaat waarin kinderen kunnen opgroeien tot gezonde, goed opgeleide en productieve burgers. Dat betekent dus dat ik belangstelling heb voor alles van economisch beleid tot onderwijs, adoptie, pleegouderschap, sociale zekerheid en gezondheidszorg." En dan, terwijl ze haar vingers door elkaar strengelt: "Ik denk dat al deze sociale, politieke, economische en culturele onderwerpen met elkaar verbonden zijn."

Hillary wordt algemeen als progressiever beschouwd dan haar man, maar er is weinig bewijsmateriaal om die stelling te staven. "De grootste vergissing van de Amerikaanse pers is te denken dat ze haar kennen", zegt Maggie Williams, Hillary's voormalige stafchef en een van haar beste vrienden. "De mensen denken dat ze zo'n grote progressievelinge is. Ik denk juist dat ze bijzonder conservatief is." Williams noemt haar "patriottisch en praktisch". Ze vindt het belangrijk geld uit te geven aan sociale programma's, maar ze wil wel eerst zeker weten dat ze zullen werken.

Misschien. Maar tot ze politiek op eigen benen staat kan niemand van ons dat weten. Morris zegt dat Hillary lang voor haar echtgenoot het nut inzag van een campagne rond hapklare 'waarden' zoals schooluniformen. Ze is voorstander van de doodstraf, net als de president. Ze is voorstander van het recht op abortus, maar ze heeft er als first lady geen prioriteit van gemaakt. Ondanks al haar krachtige waarschuwingen over kinderen heeft ze niet echt veel gedaan om het machtsevenwicht in hun voordeel te beïnvloeden. Bij de hervorming van de sociale zekerheid, die toch van groot belang was voor kinderen en vrouwen, was de first lady onzichtbaar, al zegt ze dat ze de president voortdurend geadviseerd heeft. Wel staat vast dat ze de drijvende kracht is achter een van de belangrijkste voorstellen van Clintons tweede ambtstermijn, een initiatief ter waarde van 850 miljard frank (21 miljard euro) voor kinderwelzijn dat wel nog door het Congres moet worden goedgekeurd. Als het over kinderen en gezondheidszorg gaat, geeft de president trouwens grif toe dat zijn vrouw daar een grote rol in speelt. "Ik zou ook de first lady willen danken, zonder wie ik waarschijnlijk niet erg veel over deze onderwerpen zou weten", zei hij onlangs tijdens een plechtigheid op het Witte Huis voor het nieuwe gezondheidsprogramma.

Nadat ze haar man tijdens de hele Lewinsky-affaire was blijven steunen, werd Hillary een wel erg makkelijke prooi voor diegenen die vonden dat ze als feministe tekort was geschoten. In het licht van wat ze al zo vaak gezegd heeft over de positie van vrouwen in de samenleving was haar houding op het eerste gezicht inderdaad merkwaardig: "Er zijn tegenwoordig veel problemen aan te wijzen waar vrouwen om uiteenlopende redenen gebruikt worden om een patriarchaat in stand te houden, als objecten gebruikt worden opdat anderen macht zouden kunnen uitoefenen", zei ze nog op de internationale vrouwendag dit jaar.

Maar ze verontschuldigt zich niet voor haar beslissingen van vorig jaar. Tijdens het interview zegt ze eerst dat "de mensen daar maar zelf over moeten oordelen", maar ze voegt er gauw aan toe dat ze daar eigenlijk helemaal geen zaken mee hebben. Een beetje paradoxaal is wel dat ze haar daden juist ziet als een teken van onafhankelijkheid en zelfredzaamheid. "Ik hoop dat jonge vrouwen - eigenlijk vrouwen van alle leeftijden - inzien hoe belangrijk het is om je eigen leven te leiden op basis van je eigen waarden, en niet voortdurend over je schouder te kijken en je af te vragen wat anderen over je denken of zeggen. Uiteindelijk ben jij degene die met jezelf moet leven en moet je doen wat je zelf goed acht. En nogmaals, mijn beslissingen zijn misschien niet die van iemand anders."

Als het over de Clintons gaat is het moeilijk om het persoonlijke en het politieke van elkaar te scheiden. Wat ook haar gevoelens over hem waren, als ze hem vorig jaar verlaten had zou ze een presidentschap ten gronde hebben gericht waar ze tot in het diepste van haar ziel in geloofde. Sommige naaste medewerkers beschrijven hun relatie al jaren als een partnerschap met niet meer dan geveinsde affectie. Zelfs sommige van Hillary's vrienden vragen zich af of ze bij hem zal blijven als ze het Witte Huis verlaten.

Maar volgens andere, dichtere vrienden van Hillary was het niet de politiek die hen samenhield. Volgens hen heeft ze vorig jaar wel overwogen om hem te verlaten, maar haar dochter en haar huwelijksgelofte weerhielden haar ervan. En nog belangrijker, zo benadrukken ze: "Ze houdt van hem, en dat hoeft ze helemaal niet te doen, maar ze houdt nog altijd van hem." Dat komt ten dele door hun intellectuele verwantschap: "Of je nu vindt dat hun veranderingen ten goede of ten kwade zijn, zij zullen er elkaar altijd wel iets over te zeggen hebben."

Het schandaal zorgde voor een complete ommekeer in de dynamiek die na het fiasco met de gezondheidszorg tussen hen heerste. Hij had haar meer nodig dan ooit, en zij was machtiger dan ooit als zijn loyale advocate. Zij kon een duidelijk strijdplan uittekenen met Kenneth Starr als grote vijand, en ze genoot ervan om vorige herfst voor de Democraten op campagne te gaan.

De Clintons hebben nog altijd hun slechte dagen, zeggen vrienden, maar privé spreekt ze over hem met diepe bewondering voor zijn intelligentie en zijn politieke bekwaamheid. Hoewel sommige van hun openbare verschijningen soms nog erg ijzig verlopen - het gebeurt dat ze nauwelijks een blik wisselen als ze een podium delen - zijn ze toch weer in een aantal oude patronen vervallen. Ze maken weer geregeld elkaars zinnen af, en zij vertelt weer haar tedere grapjes over hem.

Een ding staat vast: als ze opkomt voor de Senaat zal ze ongetwijfeld zijn rol beperken, al zal hij zich er wel mee proberen te bemoeien. Het is haar vrienden natuurlijk niet ontgaan dat het voor hem een vreselijke beproeving zal zijn om te moeten toekijken hoe zowel zijn vrouw als zijn vice-president campagne voeren. Maar Hillary is vastbesloten dit alleen te doen, en overal de president om zich heen hebben zou haar positie alleen maar verzwakken. "Ze zou wel gek zijn om niet nauw met hem samen te werken", zegt een van haar medewerkers, "maar dit zal Hillary Rodham Clintons campagne zijn. Het zal haar stem zijn, en haar persoontje. Ik zie hem veeleer een rol achter de schermen spelen."

Hillary heeft intussen een team van uiterst loyale medewerkers en externe adviseurs rond zich verenigd, waarvan de kern uiteraard een aantal raadgevers is waar Clinton & Clinton vroeger al een beroep op deden: Harold Ickes, die in 1992 Bill Clintons campagne in New York leidde; Mandy Grunwald, een voormalige mediastrateeg van Clinton die drie senaatscampagnes voor Moynihan gedaan heeft; en Terry McAuliffe, een goede vriend en de Democratische partijfinancier bij uitstek, de man die de 600 tot 800 miljoen frank (15 tot 20 miljoen euro) bij elkaar zou helpen brengen die voor de campagne nodig zijn.

Bijna als een sportvedette tijdens een demonstratietoernooi komt ze de sporthal van Buffalo State College binnengestormd, toegejuicht door zeshonderd uitzinnige fans, hoofdzakelijk vrouwen. In haar gebruikelijke uniform - een donker broekpak en de blonde helm die het einde van haar zoektocht naar een nieuwe kapsel inluidde - snelt ze naar het midden van het terrein met haar gebruikelijke grijns, de jukbeenderen hoog opgetrokken. "Ask a working woman", staat op het paars en gele bordje achter haar. Ze gaat tussen vijf andere vrouwen zitten die, zo legt ze uit, allemaal gevraagd zijn "om hierheen te komen in de kleren die ze gewoonlijk op het werk dragen".

De bijeenkomst geeft ons alvast een voorproefje van de manier waarop Hillary haar campagne voor de Senaat zou voeren. Zonder notities leidt ze het publiek een uur lang door de meest uiteenlopende beleidskwesties. Als iemand zegt dat er niet genoeg gedaan wordt om tweeoudergezinnen te helpen, herinnert Hillary treffend aan wat ze geschreven heeft over de verschrikking van echtscheidingen. "Ik weet dat er problemen zijn", zegt ze. "Ik bedoel, het huwelijk is geen lachertje." Ze grinnikt als het publiek de grap vat en begint te lachen. "Het is hard werk, ik ben de eerste om dat toe te geven." Als het publiek uitgelachen is, voegt ze eraan toe: "Maar als je een kind hebt, heb je een bijzondere verplichting."

De opmerking illustreert treffend de les die de Amerikanen het voorbije jaar van de first lady geleerd hebben: dat ze dus toch ook een mens is, iemand waar ze zich mee kunnen identificeren. Andermaal is een nachtmerrie een stichtelijk verhaal over persoonlijke groei én een verkoopsargument geworden.

Voor ongeveer elk probleem dat op tafel komt heeft ze een antwoord klaar, maar ze vervalt daarbij wel in een vast patroon: "Het beleid dat de president heeft voorgesteld", of "Een van de vele voorstellen die de president naar het Congres gestuurd heeft." Het komt erop neer dat het aan haar echtgenoot is om de zaken aan te pakken die hier besproken worden. En dan construeert ze een van haar typische transcontinentale volzinnen waarin ze de ene na de andere bijzin verwerkt en waarvan alle zinsdelen uiteindelijk als bij wonder toch nog op hun plaats vallen. Het resultaat klinkt als een soort beleidsverklaring voor Hillary Clinton.

"Ik denk", steekt ze van wal, "dat het een goede zaak zou zijn, niet alleen voor Buffalo of Erie County of New York, maar voor het hele land, als we allemaal eens diep zouden ademhalen en denken: weet je, ik leef hier toch maar bij de gratie Gods, hoe kan ik proberen iemand anders te helpen, hoe kan ik strijden voor de dingen die werkende vrouwen, en vooral alleenstaande werkende moeders en zelfs thuisblijvende moeders - wat dan ook - aanbelangen, hoe kan ik manieren bedenken om deze gemeenschap zo goed te laten functioneren als ze kan functioneren?"

Het is dat alomvattende 'wat dan ook' dat de wazige reikwijdte van Hillary Clintons dagdromen weergeeft. En het is de volgende, afsluitende zin die aangeeft hoe en waar ze die wil waarmaken: "Weet je, sinds ik als klein meisje voor het eerst naar Buffalo kwam..."

© The New York Times Magazine

Vertaling: Wim Coessens

haar man, maar er is weinig bewijsmateriaal om die stelling

te stavenHoewel ze soms nauwelijks een blik wisselen als ze een podium delen, maken ze weer geregeld elkaars zinnen af,

en zij vertelt weer haar tedere grapjes over hem'Het huwelijk is geen lachertje.

Het is hard werk, ik ben de eerste om dat toe te geven. Maar als je een kind hebt, heb je een bijzondere verplichting'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234