Zaterdag 31/07/2021

De vloek van het olympisch voetbal

Het is van moeten in Londen. Brazilië moet doen wat het nooit eerder kon: olympisch goud halen in het voetbal. Vijfvoudig wereldkampioen, grootmeester in de zaal en heerser op het strand, maar toch schlemiel op de Spelen. Tot nu. De beste ploeg met de meeste sterren en de meeste druk: verliezen is verboden. 'Het spookt door de hoofden.'

Negentien augustus 2008. In het Workers' Stadium in Peking zet Diego Maradona de Argentijnse tango in. Weinig sierlijk, Diego is te dik voor de dans. Er zit ritme in zijn heup, maar niet die graciele touch die de tango vereist. Reden voor het dansje is het doelpunt van zijn schoonzoon, Sergio Aguëro, die Argentinië net op voorsprong heeft getrapt in de halve finale van het olympisch voetbaltoernooi tegen Brazilië. Het wordt eindelijk 3-0 voor de Argentijnen. Pluisje danst zich suf. Dat ander Pluisje is de echte reden voor de overwinning: Lionel Messi. Toen al.

Brazilië, met Ronaldinho in de ploeg, druipt af. In eigen land wacht de hakbijl: wéér uitgeschakeld. De bronzen plek, na winst tegen België nota bene, doet er niet toe. De vijand Argentinië heeft goud. De vijand lacht, voor het tweede jaar op rij.

De vloek blijft dus leven. Nooit heeft 's werelds succesvolste voetballand het goud weten te veroveren op de Spelen. Nooit. Dus ook niet in Peking. Zilver in '84 en '88 en brons in '96 en '08. Een statistiek waar het land geen raad mee weet. Kan toch niet? "Het is een toernooi waar het voor ons nooit lijkt te lukken", zegt Juninho, die er in '96 bij was. "Misschien bereiden we ons minder goed voor dan in de aanloop van een WK. Aan talent zal het niet liggen."

Rafael Cabral, doelman van de huidige selectie, beseft dat de leegte op het palmares ook een psychologische rol speelt in Londen: "Het Braziliaanse voetbal is in de hele wereld bekend en het feit dat we nooit het olympisch goud wonnen, spookt door onze hoofden."

Dit jaar moet de ban worden gebroken. Alle middelen zijn toegestaan. Alles mag, alles kan. Zolang het goud maar blinkt. De druk op het nationale elftal is gigantisch. De selectie geeft de ernst van de situatie ook aan. Coach Menezes, die vreemde man die nooit profvoetballer is geweest, kiest voor grote namen. Het team in Londen kan evengoed het team zijn voor het WK in 2014, in eigen land (Rio). Neymar, Paulo Henrique Ganso, de twee vedetten van Santos, maar ook Lucas en Pato (AC Milan). Jonge kerels, dat spreekt. Dat moet ook. Op het olympisch toernooi mogen alleen spelers jonger dan 23 voetballen, met drie uitzonderingen. Om de Spelen geen afkooksel van het WK te laten lijken. Ook de drie oudere spelers van de Kanaries geven aan dat het Brazilië menens is. Thiago Silva (AC Milan), Marcelo (Real Madrid) en Hulk, het oerbeest van FC Porto. Andere grote namen, genre Kaká, Robinho en Ronaldinho zijn niet geselecteerd: wegens niet goed genoeg (meer). Beetje te veel allures. Geen blingbling in London.

Vedetten

Het Braziliaanse elftal is nooit gespeend geweest van vedettes. In de jacht op goud gingen Romario, Ronaldinho, Bebeto, Taffarel, Ronaldo, Roberto Carlos en zelfs Rivaldo al voorop. De woorden van Juninho krijgen bijklank: "Aan het talent zal het niet liggen." Die laatste drie waren erbij in '96, in Atlanta. Met nog veertien minuten op de klok, kon de Seleção eigenlijk niet verliezen. Het stond 3-1. Einduitslag? 3-3, eruit gebonjourd door de golden goal van Kanu. In 2000 kwam de hoogmoed voor de val. Coach Luxemburgo had geen ervaren spelers nodig. De jeugd zou het wel even klaren in Australië. Golden goal, wederom, dit keer tegen Kameroen in de kwartfinale.

"Aangezien Brazilië alles heeft gewonnen, krijgt het soms te veel zelfvertrouwen", zegt Athirson, die erbij was in 2000, aan Reuters. "De tijd dat je er enkel naar toe moet gaan om te winnen, is voorbij. De Afrikanen zijn sterker, de Europeanen zijn sterk. Dat is niet altijd zo geweest, maar tegenwoordig wel. Wanneer je voor Brazilië speelt, worden er hoge eisen gesteld. Dat veroorzaakt druk. Maar die druk leggen de spelers zichzelf op. Die komt er niet door de fans of de bond. Ons falen is zuiver psychologisch." Hier krijgen de woorden van Cabral bijklank: "Het spookt door de hoofden."

Druk

De druk die nu op de Kanaries heerst, is tweeledig. Er is de drang om eindelijk goud te pakken, maar er is ook de vooruitblik op 2014, het WK. Van één man wordt het meest verwacht: Neymar. Het jongetje met de hanenkam en de blitse voeten. De Brazilianen willen het weten: kan hij een land naar titels loodsen? Kan hij het land in 2014 een zesde keer tot wereldkampioen kronen? Hij, het uithangbord van het land. Nu al de 'grote man' van het komende WK. Gelinkt aan alle Europese topclubs, maar toch gebleven. Voor veel geld: 14 miljoen euro per jaar (inclusief sponsordeals).

De man - of is het nog jongen? - heeft zelfs zij eigen poppetje in de supermarkt. Een voetballer met een economisch ver reikend potentieel. Gesponsord door onderbroeken (Lupo), elektronica (Panasonic), bier (Ambev) tot zelfs de Spaanse bank Banco de Santander. Hij is belangrijk voor z'n land en voor zijn competitie. Dat hij niet vertrekt naar de Reals en Barça's van Europa -voorlopig toch niet- versterkt de uitstraling van Brazilië in de aanloop naar het WK. Maar scoren op billboards is één zaak, nu moet hij het gaan doel op het veld. Breekt hij de ban? Of staat hij straks ook in het rijtje: Ronaldo, Rivaldo, Ronaldinho, Neymar?

Morgen deel 3, Europa: Het protest tegen Londen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234