Maandag 21/06/2021

De Vlaamse Vergilius is niet meer

Priester-dichter Anton van Wilderode is gisterenmiddag in het Sint-Niklase Maria Middelaresziekenhuis overleden. Op 28 juni zou hij tachtig jaar zijn geworden. In Vlaanderen was de Wase dichter een eerbiedwaardig 'instituut', in Nederland was hij nagenoeg onbekend. De poëzie van Van Wilderode was doordrongen van het Wase polderlandschap en van een religieus gevoel. De dichter kwam ook uit voor zijn Vlaams-nationalistische overtuiging.

Het Waasland met zijn ochtendlijke nevel boven de zompige weiden is voor Anton van Wilderode steeds een bron van inspiratie geweest. Hij werd er in 1918 als Cyriel Coupé geboren en hij ging er bijna tachtig jaar later dood als Anton van Wilderode. Van Wilderode groeide op in zijn rustige geboortedorp Moerbeke-Waas. Vader Edmond Coupé kwam aan de kost als huisschilder. Het gezin bestond voorts uit moeder Marie-Louise Van Severen, Cyriels tweelingsbroer Filemon en een acht jaar oudere broer die ook priester werd. Het was een harmonisch, door en door katholiek gezin waar het Vlaams bewustzijn van de latere priester-dichter via de jeugdbeweging en zijn oudere broer rijpte.

In 1940 begon Van Wilderode zijn studies aan het Groot-Seminarie in Gent en na zijn priesterwijding ging hij in 1944 in Leuven klassieke filologie studeren. In 1946 werd hij leraar aan het college in Sint-Niklaas. Daar gaf hij les Nederlands (ook Latijn en antieke cultuur) aan verschillende generaties leerlingen. Onder hen ook de schrijver Tom Lanoye en de dichter Dirk van Bastelaere. In 1982 zette Anton van Wilderode een punt achter zijn carrière als leerkracht.

Bij zijn aanstelling als leraar Nederlands had Anton van Wilderode zijn literair debuut gemaakt met De moerbeitoppen ruischten (1943). Voor de publicatie was het manuscript al bekroond met de Poëzieprijs 1942-'43 van de provincie Oost-Vlaanderen. Een van de opmerkelijke gedichten in deze bundel is 'Spreken met vader', een gedicht dat Van Wilderode schreef enkele dagen na de begrafenis van zijn vader Edmond op 14 december 1939. De beginverzen van 'Spreken met vader' luiden als volgt: "Vader, wij hebben u begraven en den grond erkend/ zacht om te slapen, zacht om te vergeten". Dit gedicht werd door Van Wilderode zelf ook geselecteerd voor de bloemlezing uit zijn oeuvre, die in 1994 onder de titel Ex Libris uitkwam.

Uitgerekend op de dag van de begrafenis van zijn vader kreeg de 21-jarige dichter de drukproef van het gedicht 'Herfstlied' toegestuurd door de redactie van het tijdschrift Roeping. Het was het eerste gedicht dat door een blad ter publicatie werd aanvaard. Het jaar daarvoor had de jonge seminarist ook al een novelle met de titel Dis geschreven. Ook dat verhaal vangt aan met het oproepen van het beeld van de vader. In 1937 publiceerde Van Wilderode een paar van zijn prille novellen onder het pseudoniem Maurits Wille.

Het pseudoniem Anton van Wilderode duikt voor het eerst op bij de publicatie van het eerder genoemde gedicht 'Herfstlied' in Roeping. Zelf verklaarde de dichter dat 'Anton' ontleend is aan de patroonheilige van zijn dorp en dat 'Van Wilderode' een willekeurige welluidende naam uit het telefoonboek is. Het kiezen van een pseudoniem werd de jonge auteur aangeraden toen hij het hoofd van het seminarie om toestemming verzocht om te publiceren. Tijdens zijn middelbare opleiding werden de literaire ambities van Van Wilderode aangemoedigd door zijn poësisleraar, de priester Segers. Hij was het ook die Van Wilderode in contact bracht met Herman Oosterwijk. De Nederlander ging Van Wilderode aan het seminarie in Gent opzoeken en pleitte daar, samen met Segers, voor de publicatie van de dichtbundel De moerbeitoppen ruischten. De bundel werd positief ontvangen bij de literaire kritiek, in De Gentenaar sprak men van een jong literair talent.

Dat Van Wilderode geen eendagsvlieg was, bleek toen in 1946 de dichtbundel Herinnering en gezang en het jaar daarop Najaar van Hellas verscheen. Deze laatste bundel werd door Van Wilderodes tweelingsbroer Filemon geïllustreerd. Van dan af krijgt de jonge dichter een zekere bekendheid in het katholieke milieu. Zijn lezingen in Vlaamse parochiezaaltjes over Vlaamse en christelijke waarden waren daar zeker niet vreemd aan. In 1948 trad de priester-dichter ook toe tot de redactie van het literaire blad Dietsche Warande en Belfort. Het Vlaams engagement manifesteerde zich vanaf 1950 nog duidelijker met de teksten die Van Wilderode voor de IJzerbedevaarten in Diksmuide schreef. Dat was het geval in de periodes 1950-'53, 1965-'72 en 1975-'87.

De vele reizen die de dichter begin jaren vijftig maakte, vinden hun neerslag in de bundel Het land der mensen (1952), die in 1957 bekroond werd met de prijs van de Vlaamse Provincies. In 1955 verleende Van Wilderode voor het eerst zijn medewerking aan televisieprogramma's. Hij schreef voor de BRT aanvankelijk vooral scenario's voor religieuze programma's, later ook voor literaire uitzendingen zoals over Multatuli.

Van de bundels die daarna nog verschenen, moet zeker Dorp zonder ouders (1978) worden vermeld. Deze bundel werd in 1980 immers bekroond met de Driejaarlijkse staatsprijs voor poëzie. In Duitsland ontving hij in hetzelfde jaar de prestigieuze Vondelprijs van de Universiteit van Münster.

Behalve gedichten schreef Anton van Wilderode ook monografieën, onder meer over Filip De Pillecijn en André Demedts. Opgemerkt werden tevens zijn vertalingen van Vergilius' Aeneis (1963), Bucolica (1971) en Georgica (1975). In 1979 maakte hij ook een bloemlezing met vijfhonderd religieuze gedichten uit de Nederlandse letterkunde (En het woord was bij God). Voor zijn gezamenlijk oeuvre kreeg Van Wilderode in 1987 de vijfjaarlijkse Prijs voor letterkunde 1986 en de Driejaarlijkse staatsprijs ter bekroning van een schrijverscarrière. (EB)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234