Dinsdag 26/01/2021

De vergeten rivaal van Christus

Aan het begin van onze jaartelling werd in het Midden-Oosten een goddelijke profeet geboren: Apollonius van Tyana. Apollonius' pas vertaalde en interessante biografie doet bij Patrick De Rynck ernstige vragen rijzen over de vier bio's van een triomferende concurrent. Zijn naam: Jezus Christus. Tijd voor een openbaring.

Dit moet u eerst weten, voor de goede orde: er bestond in de Grieks-Romeinse oudheid een literair genre dat het midden hield tussen biografie, roman, reisverhaal en triviaalliteratuur. Het gaat zogezegd over het leven van de mannelijke hoofdpersoon, die echt heeft geleefd, maar dat leven wordt ferm opgesmukt. Het wordt smeuïger, dramatischer, spectaculairder en voorbeeldiger dan het was. Dat hoorde en hoort bij de wetten van de geromantiseerde biografie. Hoog aangeschreven stond het patchworkgenre niet, maar blijkbaar werkte het wel. De op één na bekendste én ook bewaarde fictiebiografie is de anonieme Alexanderroman, over leven en werk van Alexander de Grote. Over de bekendste heb ik het straks.

En dan nu ter zake.

Verschijning aan ongelovige

Het leven van Apollonius van Tyana is ook zo'n wonderlijke en bewonderende biografie. Dat leven beslaat zowat de hele eerste eeuw na Christus, maar de Griekse biograaf Philostratus maakte er pas aan het begin van de derde eeuw een boek van. Hij schreef het op verzoek van de toenmalige Romeinse keizerin Julia Domna, dochter van een priester van de zonnegod.

Apollonius was een aanhanger van de Griekse filosoof Pythagoras. Hij geloofde dus in reïncarnatie en de onsterfelijkheid van de ziel, had respect voor alle levensvormen, leefde vegetarisch en hield zich streng aan allerlei leefregels. De man, larger than life, promootte en beoefende kwaliteiten als rechtvaardigheid, goedheid, soberheid, zelfbeheersing, wijsheid enzovoort. Hij was in staat tot bilocatie en beheerste alle talen, ook die van vogels en andere dieren. Apollonius bereisde volgens zijn biograaf zowat de hele mediterrane wereld en verbleef onder meer in Ethiopië en bij Indische brahmanen, die hij zeer bewonderde en bij wie zijn leermeester Pythagoras zijn mosterd zou hebben gehaald.

En cours de route verrichtte Apollonius een groot aantal wonderen: profetieën en voorspellingen, zieken genezen, epidemieën verdrijven, exorcisme, vampieren bezweren, een pas overleden meisje weer tot leven wekken... Je leest in zijn biografie ook massa's geografische, zoölogische en etnografische wetenswaardigheden, de ene al meer pseudo dan de andere, over de vele gebieden die Apollonius bezocht. De maffe Alexanderroman leverde ongetwijfeld inspiratie. Philostratus' boek eindigt met de verschijning van de gestorven Apollonius aan een ongelovige leerling.

Heidens kalf

Aan het begin van de vierde eeuw, een periode van hooglopende spanningen tussen christenen en 'heidenen', werd Apollonius hot, ook dankzij Philostratus' biografie. Er waren heiligdommen aan hem gewijd en er verscheen toen ook een polemisch geschrift waarin de man werd afgezet tegen Jezus Christus, wat Philostratus zelf niet doet. De wonderen van de profeet Apollonius waren volgens de polemist talrijker en van een veel betere kwaliteit dan die van de joodse Messias. Menig kerkvader reageerde heftig tegen deze degradatie van zijn goddelijke superheld Christus, wat van de 'oplichter' en 'zwarte magiër' Apollonius een tijdje de vijand nummer één van de Kerk maakte.

Maar het heidense kalf was al aan het verdrinken: tegen het eind van de vierde eeuw was het christendom de nieuwe staatsgodsdienst. Het was voor niet-christenen in bange crisistijden moeilijk optornen tegen de christelijke belofte van een eeuwig en persoonlijk leven in een zalige hemel. Geen naargeestige Hades meer, geen reïncarnatie in allerlei rare creaturen. Of wou u soms een worm worden?

Apollonius werd een figuur in de marge, die vooral voortleefde in hermetische, alchemistische en Rozenkruiserskringen, en dus ook bij Harry Mulisch (zie inzet). Ook in de Arabische en Perzische literatuur treedt hij op. In Europa werd de filosoof pas tijdens de Verlichting weer positief belicht als een man met een Boodschap en met hoogstaande ethische principes. Onder meer Voltaire bejubelde in zijn Essai sur les Moeurs Apollonius, een van de laatste promotoren van de antieke waarden. De jonge artillerieluitenant Napoleon Bonaparte vergeleek in een verloren studie de levens van Jezus en Apollonius. Op Facebook heeft Apollonius vandaag 573 volgers en een minieme websearch leert dat er nog altijd een soort van abstruse Apolloniusadepten zijn.

Geen zotte hypothese

Propagandateksten, bedoeld om mensen te overtuigen van de leer van een man met hoogstaande ethische principes en met wondertrekjes... Het zou een definitie kunnen zijn van het populairste kwartet bio's uit de oudheid: de vier evangelies, geschreven door aanhangers van Christus. Ze stammen allemaal uit de tweede helft van de eerste eeuw, ook de tijd van Apollonius, toen het christendom nog onbeduidend was. De Romeinse historicus Tacitus noemde het kortweg een 'verderfelijk bijgeloof'.

Inmiddels weet u dat het literaire genre van de heldenbiografie aan welbepaalde verwachtingen moest beantwoorden: lezers verwachtten een wonderlijke geboorte, een goddelijke vader, confrontaties met the powers that be, wonderen bij leven, wonderen bij en na de dood van de hoofdpersoon... In de evangelies krijgen ze het netjes allemaal, net als bij Apollonius. Zijn biograaf Philostratus kan die evangelies hebben gekend en er zich door hebben laten inspireren.

De evangelies worden sinds mensenheugenis niet als (overigens minderwaardige) literatuur gelezen, maar als geloofsteksten. Dat creëert blinde vlekken. Het blijft daarom geen al te zotte hypothese te stellen dat Jezus Christus een van de vele profeten was uit de eerste eeuw na, wel ja, Christus. Apollonius was een van zijn collega's. Christus heeft het geluk gehad spoedig na zijn dood op krachtige propagandisten te kunnen rekenen, bij wie in de eerste plaats Paulus en even later ook vier biografen. De steile opgang van zijn lokale sekte uit de omgeving van Nazareth tot een wereldgodsdienst blijft een van de wonderlijke fenomenen uit de wereldgeschiedenis. Een van de slachtoffers is Apollonius van Tyana.

Philostratus,Het leven van Apollonius van Tyana. Vertaald en toegelicht door Simone Mooij-Valk, Athenaeum-Polak & Van Gennep, 29,95 euro.

Fragment

Apollonius' wonderlijke geboorte

"Toen de tijd van Apollonius' geboorte naderde, droomde zijn moeder dat ze naar een weiland moest gaan en bloemen plukken. Toen ze daar was gekomen, verspreidden haar dienaressen zich over het weiland en hielden zich bezig met de bloemen. Zelf ging ze in het gras liggen en viel in slaap. Terwijl ze sliep vormden zwanen, die in de wei hun voedsel zochten, een kring om haar heen. Toen ze hun vleugels ophieven, zoals hun gewoonte is, want er stond een zacht briesje in de wei, begonnen ze plotseling te zingen. Door hun gezang sprong ze op en baarde haar kind, want iedere schrik kan de bevalling op gang brengen, ook voor de tijd. De bewoners van de streek beweren dat op het ogenblik van de geboorte ook een bliksemstraal, die op aarde leek te zullen neerkomen, in de hemel bleef hangen en in de hoogte verdween. Naar mijn mening lieten de goden daardoor zien hoe bijzonder Apollonius was."

Uit: Philostratus, Het leven van Apollonius van Tyana.

'Christus is een occulte figuur'

Christus tegenover Apollonius van Tyana: dat is ook de tegenstelling tussen de Hebreeuwse cultuurstroom en de heidense, Griekse van Pythagoras.

"Ja. Daarom ben ik ook geïnteresseerd in de Alexandrijnse tijd, waar het echt bij elkaar komt."

Maar vertegenwoordigt dat ook niet een conflict, een botsing?

"Voor mij niet. Ja, het is natuurlijk iets heel anders, maar die botsing is onze cultuur. Heel officieel. Het is een Grieks-Romeinse cultuur die, althans tot voor kort, ook christelijk was. Dus occult. In de occulte, Hebreeuwse traditie. Ja, dat zijn wij."

Je zegt nu: christelijk, dus occult. Hoezo?

"Ja: Christus is een occulte figuur. Goed, daar heeft Thomas (van Aquino) een fraai canoniek gebouw omheen gebouwd. Maar het is volstrekt idioot, paradoxaal."

Uit 'Piet Meeuse in gesprek met Harry Mulisch', De Revisor, 1983.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234