Donderdag 24/09/2020

De veertig beste albums van het jaar

DOOR KURT BLONDEEL, KOEN DE MEESTER, BART STEENHAUT, DIRK STEENHAUT EN GUNTER VAN ASSCHE

1. An End Has a Start (Editors)

De eerste plaat van dit Britse viertal werd twee jaar geleden geen instantsucces, maar door veel te toeren, indruk te maken op festivals en sterke songs achter de hand te houden gingen er van The Back Room een miljoen exemplaren over de toonbank. Op An End Has a Start grossiert het gezelschap nog steeds in een geluid dat in de postpunk van de vroege jaren tachtig is geworteld, maar je hoort ook dat Editors een eigen sound ontwikkelde. Editors heeft het onmogelijke gedaan: het perfecte debuut overklast.

l BESTE NUMMER: 'Escape the Nest'

2. In Rainbows (Radiohead)

Ja, Radiohead heeft weer eens een grensverleggende plaat gemaakt. Alleen: deze keer had de muziek er veel minder mee te maken. Zeker, met de knisperende en cryptische kruising tussen Amnesiac en Hail to the Thief kunnen we weer even voort. Maar de consument een bedrag naar keuze laten betalen voor je onlineplaat? De platenindustrie zal nooit meer dezelfde zijn.

l BESTE NUMMER: 'Reckoner'

3. Back to Black (Amy Winehouse)

Winehouse is niet uit de media weg te slaan met verhalen over anorexia, heroïneverslavingen, dronkenschap en desastreuze concerten. Nog indrukwekkender is Back to Black, een plaat waarop het geluid het midden houdt tussen de girlgroups van de jaren zestig en de soulplaten van de jaren zeventig. De songs handelen over stukgelopen relaties, overspel, zinloze verzoeningspogingen en de kater achteraf. Winehouse doet op deze plaat wat haar in het echte leven moeilijk lukt: haar waardigheid behouden.

l BESTE NUMMER: 'Love Is a Losing Game'

4. A Weekend in the City (Bloc Party)

Ze zijn talrijk, de groepen die zich met hun eerste cd meteen op de kaart hebben gezet, maar er achteraf niet in slagen de hooggespannen verwachtingen in te lossen.

Op A Weekend in the City werd de succesformule van Bloc Party niet nog eens dunnetjes herberekend, maar verrijkte het Londense viertal hun jachtige hoekige gitaarsound met kleurrijke elektronica en computergestuurde beats. En het mag gezegd worden: met grensverleggend resultaat.

l BESTE NUMMER: 'Sunday'

5. Neon Bible (Arcade Fire)

De Canadese groep die het maximalisme in de popmuziek weer aanvaardbaar maakte, trekt twee jaar na Funeral enkele extra registers open. Ook Neon Bible is een epische plaat vol donder en bliksem, waarop ieder detail belangrijk is.

De elf tracks tintelen en borrelen, de instrumentatie - met blazers, strijkers, een dreinend kerkorgel en een gospelkoor - klinkt rijker, ambitieuzer en panoramischer dan ooit. The Arcade Fire verruilt de magie van het verleden voor het confronterende van het hier en nu.

Met thema's als angst, paranoia en claustrofobie mogen de songs tekstueel dan behoorlijk zwaar op de hand zijn, de overweldigende energie en muzikale speelsheid van The Arcade Fire zorgen er alsnog voor dat ze voor een breed publiek verteerbaar blijven.

l BESTE NUMMER: 'Intervention'

6. White Chalk (PJ Harvey)

Nooit klonk PJ Harvey mysterieuzer en vertwijfelder dan op deze minimalistische folkplaat. De Britse zangeres zocht de donkerste kamers van haar hart op en vertelt een metaforisch verhaal van een stukgelopen relatie. De elektrische gitaar blijft aan de kant staan, terwijl een piano de duivel twee keer ten dans vraagt.

l BESTE NUMMER: 'Dear Darkness'

7. Idealism (Digitalism)

Deze Duitse elektrohousers klinken op hun debuut nogal vaak als de slippendragers van Daft Punk, maar kunnen zich verdedigen met een handvol instantclassics. Daarnaast zijn ze niet te beroerd om ook te spotten met zichzelf ("it seems like I'm sorry for a song that I've sung"). Luisteren naar Digitalism is als feesten op nitroglycerine: explosief.

l BESTE NUMMER: 'Zdarlight'

8. Englabörn (Jóhann Jóhannsson)

Jóhannsson maakt bloedmooie muziek die de deelverzameling bestrijkt tussen klassiek, elektronica en pure pop, maar toch duurde het vijf jaar voor dit solodebuut ook bij ons werd uitgebracht. De hoofdrol in deze haast uitsluitend instrumentale stukken wordt vertolkt door een strijkkwartet en waar nodig verrijkt met piano, orgel, glockenspiel en percussie. Links en rechts ruist er een zucht elektronica op de achtergrond, maar de toon van de muziek blijft te allen tijde intiem, ingetogen en weemoedig.

l BESTE NUMMER: 'Ef eg hefdi aldrei'

9. Divenire (Ludovico Einaudi)

Ludovico Einaudi een klassieke muzikant noemen is hem tekort doen. De Italiaanse pianist rekent zowel Bach als Radiohead tot zijn voorbeelden, werkt met de Berlijnse postrockgroep To Rococo Rot en is niet vies van een snuifje electro. Tel daarbij een sobere, uitgepuurde stijl, en er ontstaat een stemmig geluid dat uit de duizenden herkenbaar is en onvermoede emoties losmaakt.

l BESTE NUMMER: 'Divenire'

10. Our Love to Admire (Interpol)

Hoewel hun grandioze voorganger Antics drie jaar lang onovertrefbaar leek, nam Interpol moeiteloos de hindernis van de derde plaat. Op het verrassende Our Love to Admire vieren gitzwarte romantiek, passie en pijn hoogtij. Een relatiebreuk en doodsverlangen schemeren door in enkele songs, waardoor de plaat werkt als sluipend gif.

l BESTE NUMMER: 'Pace Is the Trick'

11. Volta (Björk)

Na haar gewaagde experimenten van de jongste jaren kiest de first lady van de IJslandse pop weer voor een toegankelijkere aanpak, zonder er haar excentriciteit bij in te schieten. Ondanks medewerkers van divers pluimage, zoals Antony (van The Johnsons), Timbaland en de Malinese koravirtuoos Toumani Diabaté klinkt het resultaat erg coherent.

l BESTE NUMMER: 'Wonderland'

12. Favourite Worst Nightmare (Arctic Monkeys)

De opvolger van het snelst verkopende Britse debuut aller tijden is minstens even goed en klinkt zowel bevlogen als explosief. Een plaat die een groep laat horen die nog strakker speelt en nog sterkere melodieën bedenkt. Zanger Alex Turner blijft daarnaast de meest gevatte spreekbuis van de huidige generatie jonge Britten. Wat door sommigen als de val van het jaar voorspeld werd, draaide uit op een triomf.

l BESTE NUMMER: 'Fluorescent Adolescent'

13. Shine (Joni Mitchell)

Ze had gezworen dat ze nooit nog een plaat zou maken, maar tien jaar na haar laatste studio-cd was het spartaans gearrangeerde Shine een terugkeer langs de grote poort. De moeder van alle singer-songwriters sopt haar pen in vitriool over de oorlog in Irak, trekt van leer tegen de manier waarop we onze planeet om zeep helpen, keert zich tegen materialisme als motor van de hedendaagse samenleving en macht als drijfveer voor oorlogen. Zelden klonk woede zo mooi.

l BESTE NUMMER: 'If I Had a Heart'

14. Overpowered (Róisín Murphy)

House uit de jaren negentig, louche seventiesdisco en pompende electro vormen de hoofdmoot op Murphy's tweede soloplaat. Die lieert vakwerk van topproducers aan de hitsige zang van Moloko's chanteuse-allumeuse. Als luisteraar duikel je in een universum van boa's, glitterjurken, dominatrixhelmen en klompen met hoge hakken. Wij willen nooit meer terug naar de echte wereld.

l BESTE NUMMER: 'Movie Star'

15. Overtones (Just Jack)

De zomer begon vroeg dit jaar met Overtones, een cd waarvan het ene uitstekende nummer zo snel op het andere volgt dat het haast een best of lijkt van een groep waarvan het bestaan je was ontgaan. De 27-jarige Jack Allsopp zingt en rapt, doet met zijn dik aangezette Engelse accent aan The Streets denken, maar blijkt een stuk veelzijdiger. Feelgoodpop waarbij de zon door elke noot op je aangezicht gloeit.

l BESTE NUMMER: 'Starz in Their Eyes'

16. Boxer (The National)

Tussen alle lof die de vierde cd van dit Brooklynse vijftal kreeg toebedeeld, was het soms moeilijk uitmaken waar de positieve recensie eindigde en het oeverloze dwepen begon. Vertrouw dan ook op deze naakte feiten: The National grossiert in een bedwelmend soort postpunk die eigenlijk veel te delicaat is gearrangeerd, te plechtstatig wordt gezongen en te sterk onderhuids werkt om slechts postpunk te kunnen zijn.

l BESTE NUMMER: 'Start a War'

17. The State of Things (Reverend & the Makers)

Toen Arctic Monkeys 'I Bet You Look Good on the Dancefloor' schreef, had de groep het naar het schijnt over de discodansjes van Jon McLure. De aanvoerder van Reverend & The Makers nodigt je nu zélf uit tot de dansvloer met The State of Things. Dat doet hij met pulserende bassen en dansbare ritmes.

l BESTE NUMMER: 'He Said He Loved Me'

18. Crucifix (Justice)

Justice heeft een ongezonde obsessie met religie, maar maakt tegelijk goddeloze housemuziek waar je je nek headbangend op verrekt. De Simianremix 'We Are Your Friends' is maar een van de briljante floorfillers die het Parijse duo kan voorleggen. Zo is 'D.A.N.C.E.' een onschuldige danskraker, terwijl 'Phantom' klinkt als de sleazy geluidsband bij een lijntje wit poeder op een toiletbril.

l BESTE NUMMER: 'Phantom'

19. Robbers & Cowards (Cold War Kids)

Jezus is weer cool! Nadat Kanye West en Sufjan Stevens de Heer volmondig loofden op hun platen, outen Cold War Kids uit Los Angeles zich ook als godvrezende artiesten. Met een zanger als bezwerende dominee en weerbarstige songs als belijdenis hebben wij ons bekeerd tot de Cold War Kids. Robbers & Cowards gromt, klauwt en bijt erop los, maar zalft en streelt evengoed.

l BESTE NUMMER: 'Hang Me up to Dry'

20. The Flying Club Cup (Beirut)

Goed, single 'Nantes' bleek niet bestand tegen de meedogenloze Hotshotbehandeling van StuBru. Maar wie de rest van Zach Condons tweede plaat (ja, Beirut is een éénmansband) in leefbare doses tot zich neemt, ontdekt een tamelijk uniek werkstuk vol diepmelancholisch gecroon, stoffige trekzakken, strijkers, ukelele's en blazers, en bovenal een ouderwets geloof in de liefde.

l BESTE NUMMER: 'Cliquot'

21. Comicopera (Robert Wyatt)

Behalve een jazzmuzikant die zich tot pop heeft bekeerd is Wyatt ook een linkse rakker. Dit muziekwerk in drie bedrijven handelt dan ook over het wel en wee van simpele lieden die de speelbal zijn van krachten - politiek, religie, oorlogsgeweld - die ze zelf niet onder controle hebben. Comicopera is een organische plaat van een bevlogen artiest die tegelijk ontroert, troost en stof tot nadenken biedt.

l BESTE NUMMER: 'Stay Tuned'

22. Hotel Impala (Baloji)

De ex-voorman van Starflam vindt zijn familiale en muzikale roots op deze veelzijdige plaat. Dit solodebuut van de voormalige Starflamrapper is een autobiografische reis die barst van de r&b, hiphop, reggae, soul en afrobeat met Baloji's alles overheersende rapflow als gps. Het resultaat is emotioneel, zonder sentimenteel te zijn en de Belgische plaat van het jaar. Met de steun van Gabriel Rios, Amp Fidler, Marc Moulin en het Gentse dj-duo The Glimmers.

l BESTE NUMMER: 'Tout ceci ne vous rendra le Congo'

23. Grinderman (Grinderman)

Met deze afgeslankte Bad Seeds herontdekt Nick Cave de rauwe, onstuimige garagerock waar vroeger The Stooges en The Birthday Party het patent op hadden. Voor het eerst in zijn leven hanteert Koning Kraai zelf de elektrische gitaar en zijn ongekunstelde stijl past perfect bij de snel en spontaan bij elkaar geïmproviseerde songs. Een opwindende plaat die bulkt van het speelplezier.

l BESTE NUMMER: 'Electric Alice'

24. Magic (Bruce Springsteen)

Voor het eerst in vijf jaar bundelt The Boss weer zijn krachten met de E Street Band. Het resultaat: een strakke, energieke rockplaat waarop de gitaren heerlijk loos gaan, Clarence Clemons' sax vrij spel krijgt en de oorlogspolitiek van Bush tegen het licht wordt gehouden. Springsteen blijft een zanger in de oppositie. Op zijn 58ste is zijn strijdlust manifester dan ooit.

l BESTE NUMMER: 'Magic'

25. Ma Fleur (Cinematic Orchestra)

Cinematic Orchestra is een Britse samplejazzband die op Ma Fleur compleet tabula rasa maakt en uitkomt bij akoestische kamersoul met neigingen naar chanson en jazz. Onder meer Fontella Bass, Patrick Watson en Lou Rhodes verzorgen de schitterende vocalen. De tussenliggende instrumentals flonkeren als ijsbloemen en Ma Fleur ontvouwt zich tot een tijdloos meesterwerk.

l BESTE NUMMER: 'To Build a Home'

26. Curses! (Future of the Left)

Nog steeds wild tastend op zoek naar een waardig surrogaat voor de fantastische Pixies? Look no further. Dit vervolg op het even brutale als gevatte McLusky sopt zijn popsongs met sardonisch genoegen in verpletterende indiepunk, cynische humor ('Violence solved everything') en sloganesk geschreeuw. Zo goed dat je je afvraagt: waarom zou een rockgroep ánders willen klinken?

l BESTE NUMMER: 'Adeadenemyalwayssmellsgood'

27. Raising Sand (Robert Plant & Alison Krauss)

Het kreunende rockmonster en de frêle bluegrasskoningin. Niet de titel van een moderne parabel, maar wel een gelegenheidsverbond dat voor de beste duetplaat van 2007 tekende. Plants opvallend zachte frasering, de kristalheldere keel van Krauss, de broeierige productie van T. Bone Burnett, de uitstekende coverkeuze: dit is donkere, sexy americana indeed.

l BESTE NUMMER: 'Through the Morning, through the Night'

28. Matinée (Jack Peñate)

Vanuit het niets bestormde Londenaar Jack Peñate dit jaar de Britse hitlijsten met een energieke mengvorm van gitaarpop, rockabilly en ska. Waarom deze spring-in-'t-veld het in onze lijst haalde van gelijkgestemden als Kate Nash of Jamie T? Vanwege zijn hoge soulgehalte wellicht, dat elke zweem naar ironie, laat staan sarcasme onverbiddelijk weert. Zelfs als er al eens een ballade passeert.

l BESTE NUMMER: 'Learning Lines'

29. Lady's Bridge (Richard Hawley)

Smachtende romantiek, een donkere croonerstem én in weemoed wentelende strijkers: dat is het recept dat de Britse Richard Hawley zich eigen heeft gemaakt. Lady's Bridge klinkt als een 78 toerenplaat die je bij de grootouders op zolder hebt gevonden en gaat over een tijd toen de liefde nog simpel was en de dansvloer in de stadsfeestzaal de plek was waar dromen werkelijkheid konden worden.

l BESTE NUMMER: 'Valentine'

30. Life in Cartoon Motion (Mika)

Queen is vandaag nog slechts een schim van zichzelf, maar de decadente geest van Freddy Mercury leeft glorieus verder in de Libanees-Amerikaanse Mika. Dit debuut staat tot aan de rand gevuld met sprankelende technicolorpop waarin zowel volslanke vrouwen, homoseksualiteit, als de nagedachtenis van Grace Kelly worden gevierd.

l BESTE NUMMER: 'Relax, Take It Easy'

31. Eldorado (Stephan Eicher)

Je zou hem het Zwitserse antwoord op Arno kunnen noemen of de Europese evenknie van Tom Waits, maar Eicher klinkt na een carrière die inmiddels drie decennia omspant vooral als zichzelf. Op Eldorado versmelt hij krolse country met rokerige Chet Bakerjazz, draait er op gezette tijdstippen een loop mee, en spreken de teksten je aan in zowel Frans, Duits als Engels. Een groeiplaat waar je meer en meer aan verknocht geraakt.

l BESTE NUMMER: '(I Cry at) Commercials'

32. War Stories (U.N.K.L.E.)

Digitale beats en grommende gitaren bevolken de derde plaat van James Lavelle, die samen met producer Chris Goss een demonische variant brengt op de platen van Mogwai of de Contino Sessions van Death in Vegas. Niets is wat het lijkt in de wereld van U.N.K.L.E.: de stormachtige psychrockjams klinken agressief en soulvol tegelijk, maar ook het stille water heeft verraderlijke gronden.

l BESTE NUMMER: 'Burn My Shadow' (feat. Ian Astbury)

33. Myth Takes (!!!)

De apocalyptische orgie van dieren en mensen op de hoes van de nieuwe !!! doet niet de minste twijfel bestaan over de inhoud van Myth Takes: het New Yorkse achttal maakte duidelijk de soundtrack bij een orgastisch funkfestijn. Dat doen ze met bonzende beats, baslijnen die door je heupen klieven en een bordeelsfeertje, waarbij de Zillion zaliger op een communiefeest lijkt.

l BESTE NUMMER: 'Heart of Hearts'

34. Men's Needs, Woman's Needs, Whatever (The Cribs)

De krakkemikkige gitaarnummers op deze plaat klinken alsof de groep door een platenkast neusde die begint bij Up the Bracket van The Libertines en alweer eindigt bij Is This It van The Strokes. Maar toch zetten The Cribs hun klauwen in je nek, met ijzersterke hooks en onbetwiste rockhymnes die zich nestelen in je hoofd als parasieten.

l BESTE NUMMER: 'Men's Needs'

35. Mirrored (Battles)

Het New Yorkse mathrockkwartet koppelt grillige gitaarcapriolen aan experimentele elektronica en gooit er stijlfiguren uit dub, prog en hiphop bovenop. De instrumenten gedragen zich als acteurs in een bevreemdende mise-en-scène, terwijl de nonsensicale zangpartijen uitsluitend om hun klankkleur worden gebruikt. Mirrored is een plaat vol creatieve en boeiende botsingen.

l BESTE NUMMER: 'Atlas'

36. Alles Wieder Offen (Einstürzende Neubauten)

Nu hun noisy aanpak plaats heeft gemaakt voor bedachtzaamheid en melodie, hebben de Berlijnse plaatslagers hun toegankelijkste cd afgescheiden. De songs blijven gelaagd, zitten vol kruisverwijzingen en spiegeleffecten en zijn taalkundige en filosofische constructies. Niettemin toont Blixa Bargeld zich in zijn teksten kwetsbaar en direct.

lBESTE NUMMER: 'Nagorny Karabach'

37. Sky Blue Sky (Wilco)

Na de sonische exploraties op haar twee voorgaande platen maakte deze Amerikaanse alt.countrygroep dit jaar een pas op de plaats. Maar zelfs al houdt Wilco het op traditionele, americanaminnende gitaarrock, Sky Blue Sky staat bol van stille groeiers. Eén uitzondering: 'Impossible Germany', dat zich al van meet af aan als een wereldsong ontvouwt.

l BESTE NUMMER: 'Impossible Germany'

38. Wincing the Night Away (The Shins)

Een cd die op nummer twee binnenkomt in de Amerikaanse Billboard 200-langspelerlijst en niét aan Mariah Carey of Bon Jovi toebehoort? Er is hoop voor de Nieuwe Wereld. Zanger en songschrijver James Mercer schuwt nochtans de moeilijke woorden niet. Maar voor een cd omzwachteld met de mooiste melodieën bezwijkt nu eenmaal iedereen.

l BESTE NUMMER: 'Spilt Needles'

39. Untrue (Burial)

Mysterie. Zo hongerig ernaar is de mens, dat hij dat bot gretig knagend van elk vezeltje wil ontdoen. In dat opzicht vormt Untrue een hele kluif. Niet eens omdat de maker ervan gezicht noch naam heeft, of het genre dubstep heet. Wél omdat elk geluid, elk effect en elke stem op deze plaat vervliegt in een donkere, verslavende wasem.

l BESTE NUMMER: 'Archangel'

40. Civilians (Joe Henry)

'Zo moet deze plaat klinken', sprak Joe Henry tegen zijn muzikanten, en hij hield hen de foto voor die het tot hoes van zijn tiende plaat heeft geschopt. Net zoals zwart-witbevriezing de realiteit eventjes uit haar hengsels licht, vat de New Yorker post naast de hoop en verlangens van zijn personages, en leg je je oor onwillekeurig heel dicht te luister.

l BESTE NUMMER: 'Civil War'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234