Zondag 16/01/2022

' De Tulpenmens is

Interview met tulpenkunstenaar Ronald Van der Hilst

onvoorspelbaar'

Dat de tulp in de 16de eeuw eerst in Antwerpen arriveerde en pas dertig jaar later naar Nederland trok, ook daar zijn de Antwerpenaren fier op. Om dit lentegevoelige thema in de verf te zetten tekende de stad het wandelparcours 'De tulp in Antwerpen' uit langs haar musea, maar ook langs hun tuinen. Daar zal de tulp in april en mei in haar bizarste en uniekste vormen te bewonderen zijn. Het idee kwam van tuin- en landschapsarchitect - en vooral tulpengek - Ronald Van der Hilst.

door Cathérine Ongenae / Foto's Jimmy Kets

"Bij bloemen is het als met katten en honden", zegt Ronald Van der Hilst (40). "Je hebt rozenmensen en tulpenmensen. Rozenmensen houden van het betrouwbare, zoals hondenmensen. Tulpenmensen worden dan weer aangetrokken door het eigenzinnige en onvoorspelbare, net als een kat of een tulp. Een tulp is bijna niet te volgen. Ze beweegt zich naar het licht, gaat open als het warmer wordt. Op een kwartier tijd kan een tulp veranderen van gedaante."

Van der Hilst is, net als zijn favoriete bloem, een van de grootste exportproducten van Nederland. Letterlijk dan, want hij is lang. Hij groeide op in Bennekom, een dorpje in de Veluwe. "Als kind was ik altijd met bloemen bezig. Ik ging wilde bloemen plukken in de velden en schikte ze in boeketjes. Of ik legde tuintjes aan. Toch wilde ik het liefst van al kunstenaar worden. Maar toen ik aan de academie in Breda ging studeren, bleek dat ze daar niet de klassieke kunsten onderwezen, maar eerder abstract werkten. Daar was ik toen echt nog niet aan toe. Ik wilde iets concreets doen dat toch creatief was, dus werd het tuin- en landschapsarchitectuur."

Via een stage belandde Van der Hilst in Antwerpen, en hoewel hij zichzelf in eerste instantie maar een jaar in de stad zag wonen, is hij blijven plakken. Hij opende zijn eigen bureau aan het Mechelseplein in Antwerpen. Van een tulpomanie was toen nog geen sprake, die stak pas acht jaar geleden de kop op. "Hier in de buurt waren enkele antiquairs die deelnamen aan de opendeurdagen in november en december. Sommige andere winkels, die op de route lagen, wilden ook iets bijzonders organiseren tijdens die dagen. Ik werd ook gevraagd om open deur te houden, maar met mijn tuintekeningen vond ik dat niet zo'n boeiend idee. Dus ging ik op zoek naar iets wat de mensen toch kon interesseren. Ik kende de tulp als symbool van Nederland, en ik kende ook een aantal bloemenstillevens uit de 16de en 17de eeuw waar tulpen op afgebeeld stonden. De link naar antiek was dus gelegd. Toevallig ontdekte ik dat een aantal van de oude tulpenrassen die je op die schilderijen ziet nog bestaan. Helemaal leuk werd het toen ik een aantal kwekers op het spoor kwam die die unieke rassen nog in stand houden. Dat zijn bijna couturetulpen. Al lezend ontdekte ik de geschiedenis van Antwerpen in het tulpenverhaal (zie kader). En ik merkte ook dat men hier helemaal anders op tulpen reageert dan in Nederland. Nederlanders vinden een tulp een massaproduct, iets voor toeristen. Terwijl men de tulp in België hoger acht. Hier is het bijna een symbool van de lente."

Hij verzamelt en verkoopt intussen ook zelf bijzondere tulpen. "In totaal bestaan er ongeveer 4.000 tulpensoorten. Van heel kleine, zo'n vijf centimeter hoog, tot geurende. Maar tien soorten geuren ook echt lekker. Daar had ik er vorig najaar vijf soorten van. In de vorige najaarscollectie - tulpen moet je nu eenmaal in het najaar planten - zat de oudste tuintulp, die al bestaat sinds 1593. Die is tien centimeter hoog, met rode blaadjes met een geel randje. Een andere soort, uit de 16de eeuw, heet Zomerschoon en was in die tijd, die ook wel de tulpomanie wordt genoemd, bijzonder populair. Dat was de ideale tulp volgens de schoonheidsnormen uit die tijd. Die werd toen voor 1.200 gulden verkocht, een enorm bedrag als je het omrekent naar vandaag. Het was toen ook goedkoper om een schilderij te laten maken van een tulp. De mooiste tulpen waren de gestreepte, de egaal gele en witte tulpen vond men niet interessant. Kwekers hebben ook heel lang gezocht naar kleuren die niet in de natuur bestonden, en naar blauwe tulpen. Dat is nooit gelukt. Ook de zwarte tulp had iets mythisch, daar gaat het boek La tulipe noire van Alexandre Dumas over. Echt zwarte tulpen bestaan niet, maar er bestaan wel donkerpaarse of donkerbruine exemplaren. Vorig jaar had ik de Philippe de Comines, uit de 19de eeuw. Op de markt bestaat wel de Queen of Night, maar dat is een massaproduct. Ik beperk me tot de unieke exemplaren."

Toen Van der Hilst de oude soorten op het spoor was gekomen en had aangekocht voor zijn klanten, stuitte hij op een nieuw probleem. Van die oude tulpen bestonden zogoed als geen foto's of afbeeldingen. De kunstenaar roerde zich, en hij begon zelf tekeningen te maken van elke soort. Van de kleine tekeningen kwamen grotere exemplaren en later schilderijen. Intussen heeft hij een speciale kristallen tulpenvaas ontworpen voor Val Saint Lambert, in de vorm van een omgekeerde tulpenbol, met gaatjes in waar je de tulpen in kan prikken. "Zo kunnen ze vrij bewegen. Ik prop ze liever niet samen in een boeket", legt hij uit. "Het heeft geen zin een tulp mooi te zetten, want ze gaat toch haar eigen gang."

Hij begint stilaan bekendheid te verwerven in de artistieke wereld. Een halfjaar geleden besteedde de Italiaanse Elle decor twee pagina's aan zijn werk, en een van zijn tulpen sierde de cover van de trendpublicatie Bloom van Lidewij Edelkoort. Wie daarin belandt, mag zich terecht een specialist noemen. De Italiaanse tegelfabrikant Bardelli, volgens kenners de Rolls-Royce van de tegel, heeft hem gecontacteerd om tulpentekeningen te maken voor een aparte designcollectie. Ook de Nederlandse designer Tord Boontje heeft er een collectie, nog zo'n mooie referentie. Voor Arte, producent van behangpapier, ontwikkelde hij reuzentekeningen van tulpen, voor een speciaal gamma van behangpapier op maat. Momenteel heeft hij twee boeken op stapel staan. Enerzijds maakte hij illustraties voor het boek Tulp bij de vis, een inspiratieboek voor moois en lekkers uit de tuin en op het bord, van de hand van Daphne Aalders, culinair journaliste en voormalig chef van Cirque du Soleil. En er verschijnt ook een klein boekje met zijn tekeningen dat toepasselijk De tulp in Antwerpen zal heten en een overzicht biedt van wat de andere ontwerpers en kunstenaars voor het gelijknamige project gaan doen. n

De tulp in Antwerpen

Tijdens De tulp in Antwerpen, dat op 1 april van start gaat, kan het publiek in verschillende Antwerpse musea werk bewonderen dat op een of andere manier gerelateerd is aan de tulp. In het Museum voor Schone Kunsten zullen dat panelen zijn met tulpen, in het Etnografisch Museum objecten die refereren aan de afkomst van de tulp, en in het Museum Plantin-Moretus kan men de oude houtsneden zien waarmee de drukkerij de allereerste publicaties over tulpen drukte. Er zijn ook buurten die deelnemen aan het project. In de Lange Leemstraat zullen bijvoorbeeld grote canvas tulpen hangen die bewerkt zijn door kunstenaars. Later zullen die geveild worden, de opbrengsten gaan naar de armste mensen uit die buurt.

In twee van de museumtuinen, die van het Museum Plantin-Moretus en die van het Rubenshuis, plantte Van der Hilst vorig najaar eigenhandig zijn bijzondere tulpensoorten. Andere tuinen kregen bijvoorbeeld wilde tulpen aangeplant, of een voorraad 'gewone' tulpen.

INFO www.dewereldinantwerpen.be

'België acht

de tulp hoger dan Nederland.

Hier is het een symbool van de lente'

Van Tulipan naar Tulp

* Rond de eerste millenniumwissel arriveert de tulp uit het westen van China via Perzië in Turkije. Ze krijgt de goddelijke naam Lâle, waarbij dezelfde karakters als die van Allah worden gebruikt. De tulp wordt de lievelingsbloem van sultans en siert de mooie paleistuinen. Haar afbeelding wordt gebruikt op textiel en architecturale bouwwerken.

* In 1554 trekt ene Busbequius, Vlaming en ambassadeur voor de Habsburgse vorst Ferdinand I, op missie naar Constantinopel. Hij ontdekt de vreemde bloemen die de mannen in hun tulband steken. Zijn gids begrijpt zijn vraag naar de naam van de bloem verkeerd en antwoordt "tulipan", de naam van het hoofddeksel. In zijn geschrift Rarorium plantarum historia doopt ene Carolus Clusius de bloem definitief Tulipa.

* Diezelfde Carolus Clusius beschrijft ook hoe de tulp in Antwerpen arriveerde, in de zestiende eeuw, verborgen in een lading stoffen uit Turkije. De Antwerpse koopman verwart de knollen met uien en eet ze op, de rest plant hij in zijn tuintje. Tot zijn verbazing groeien er bloemen uit. De exotische en zeldzame bloem wordt populair bij edellieden en rijke burgers.

* Door de boekdrukkunst verspreidt de tulp zich vanuit Antwerpen over de westerse wereld. Voor een botanisch drukwerk laat Plantijn in 1568 illustraties maken. De houtsneden worden de allereerste afbeeldingen van de tulp.

* In de 17de eeuw kan een tulpenbol evenveel kosten als een herenhuis. Wie een tuin heeft en zich tulpen kan permitteren, zet ze op een ereplekje. Dames dragen de bloemen als juweel. De tulp is nu ook populair in Frankrijk, waar men dol is op de exemplaren met tekeningen in de blaadjes, de zogenaamde 'gebroken' tulpen. Hoe die tekeningen erin komen, is onbekend, wat de bloemen nog duurder maakt. In Nederland begint men volop te experimenteren, hopend op gigantische winsten.

* Als de markt in Nederland in elkaar stort door de overdadige kweek, verliest de tulp haar status als luxeproduct en wordt ze het symbool voor ijdelheid. Ze verschijnt op moraliserende prenten. Enkel de zeldzame soorten behouden hun bijzondere betekenis en worden als symbool voor Gods schepping op religieuze werken geschilderd.

* Rond de 18de eeuw spreekt men in Turkije van de Lâle devri, de Tulpentijd. Sultan Ahmed II bouwt een ware cultus rond de bloem en houdt jaarlijks tulpenfeesten. Nederland gaat volop mee in de tulpomanie. Tot de rage halfweg de 18de eeuw een stille dood sterft. Tot de komst van de industriële revolutie zal de tulp uit de kijker verdwijnen. Dan wordt ze opnieuw opgepikt door arbeiders, die de tulp in hun volkstuintjes opnieuw in ere herstellen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234