Donderdag 06/05/2021

De tuin van Sherlock Holmes

Sherlock Holmes en zijn geestelijke vader Sir Arthur Conan Doyle zijn waarschijnlijk de laatsten die men in verband zou brengen met een tuin. Toch zijn de tuinen van Groombridge Place in het Britse Kent prominent aanwezig in de boeken van Conan Doyle, en omgekeerd zijn Holmes en Doyle vandaag prominent aanwezig in Groombridge Place.

paul geerts

The Manor House, with its many gables and its small, diamond-paned windows, was still much as the builder had left it in the early 17th century... the wooden drawbridge and the beautiful broad moat, as still and luminous as quicksilver', zo beschrijft Doyle Groombridge Place in The Valley of Fear. In dat boek onderzoekt Sherlock Holmes de geheimzinnige moord op ene John Douglas, de eigenaar van Birlstone zoals Groombridge daar heet. Aan de hand van dat boek kan men zich een vrij goed beeld vormen van de tuinen. Een groot deel van de plot is zelfs gesitueerd in de 'Drunken Garden', zo genoemd vanwege de bizarre snoeivormen van taxussen die als dronkenmannen schijnbaar willekeurig over het gazon zijn uitgespreid.

'I took a walk in the curious old-world garden which flanked the house', zo vertelt dr. Watson in dat boek. 'Rows of very ancient yew trees, cut into strange designs, girded it round. Inside was a beautiful stretch of lawn, the whole effect so soothing and restful... In that deeply peaceful atmosphere one could forget or remember only as a nightmare that darkened study, with the sprawling, blood-stained figure upon the floor...'

Sir Conan Doyle heeft weliswaar nooit in Groombridge Place gewoond. Maar toen hij de laatste dertig jaren van zijn leven in het nabijgelegen Crowborough verbleef, was hij een geregelde gast van de ongehuwde gezusters Saint die Groombridge hadden geërfd van hun vader die er jarenlang dominee was geweest. Zij waren, net als Doyle, gefascineerd door het bovennatuurlijke en organiseerden regelmatig spiritistische seances waarin geesten werden opgeroepen. Tijdens een van die seances verscheen de 'Geest van de slotgracht' die vertelde dat hij David Fletcher was, een stalknecht die in 1808 was vermoord en in de slotgracht geworpen. Een verhaal dat door Doyle werd opgetekend in zijn boek The Edge of the Unknown, dat in 1927 verscheen. Vandaag houdt een meer dan levensgroot hoofd dat door een van de vensters van de cottage aan de overkant van de gracht piept de herinnering aan de 'Geest van de slotgracht' levend. In de vroegere melkerij werd een klein Conan Doyle-museum ondergebracht met tal van memorabilia van de auteur, zoals zijn neusknijper, zijn fototoestel, een Londens politiefluitje en veel brieven, affiches en gelegenheidsdrukwerk dat op een of andere manier naar Doyle verwijst. De klok op de schouw staat stil op 7 juli 1930 om 7.42 u, het tijdstip waarop hij overleed.

Men hoeft echter niet per se een groot Sherlock Holmes-liefhebber te zijn om een bezoek te brengen aan Groombridge Place. Misschien herinnert u zich nog de film van Peter Greenaway The Draughtsman's Contract uit het begin van de jaren tachtig, waarin de lichtjes decadente sfeer van het rijkelijke buitenleven van de Britse upperclass in de 17de eeuw wordt geëvoceerd. Indien u hield van de prachtige tuinbeelden uit die film, die trouwens een essentieel bestanddeel waren van de plot, dan zal u ongetwijfeld ook genieten van deze tuin. Want The Draughtsman's Contract werd hier gefilmd, een feit waaraan vandaag nog The Draughtsman's Lawn herinnert.

Je moet er wel de wat pretparkachtige sfeer bijnemen die er af en toe heerst. De huidige eigenaars zijn een paar jaar geleden gestart met een ambitieus restauratieprogramma dat de nodige investeringen vergt. Vandaar dat de tuinen nogal commercieel worden uitgebaat en er ook geregeld allerlei toeristische nevenattracties worden georganiseerd, zoals boottochtjes over het kanaal dat door de tuin stroomt of demonstraties met afgerichte valken. Toen ik de tuin vorig jaar bezocht, weliswaar op een zondagnamiddag, was er zelfs een reünie van old-timers en luchtacrobatieën met oude tweedekkers. Ideaal natuurlijk als u samen met kinderen op stap bent, maar toch niet direct de meest serene sfeer om in een tuin rond te kuieren.

De formele tuinen werden in de 17de eeuw aangelegd en zijn nog grotendeels bewaard gebleven in hun oorspronkelijke architectuur met diverse 'tuinkamers'. Ook heel wat bomen dateren nog uit die periode. Naar verluidt zou John Evelyn, een van de bekendste Britse tuinontwerpers en -auteurs uit de 17de eeuw, geholpen hebben bij de aanleg. Tuinen werden in die tijd gebruikt als ontspanning en om er te pronken met de nieuwste planten uit Amerika en tuinstijlen uit Italië en Frankrijk, waardoor het geheel voor de hedendaagse bezoeker misschien wat geforceerd overkomt. Een van de opvallendste tuinkamers is de reeds vermelde Drunken Garden die ook zo'n indruk had gemaakt op Sir Conan Doyle. De oorsprong van de bizarre taxusvormen die er schijnbaar ongeordend staan en die elk moment dreigen om te vallen, is niet bekend. Maar misschien zijn ze gewoon het resultaat van de wat vreemde fantasie van een excentrieke tuinman of een vroegere tuineigenaar. Een van de taxusvormen lijkt trouwens verdacht veel op een penis in erectie...

Midden in die tuin ligt een merkwaardige waterzonnewijzer: een centrale fontein die uit de grote cirkelvormige vijver omhoogspuit, geeft de tijd aan, terwijl witte pauwen zich met narcissistisch genoegen spiegelen in het watervlak. Naast de Drunken Garden, en daarvan gescheiden door een stemmig notelarenlaantje, ligt de Oriental Garden. Vanuit het notelarenlaantje, dat aan beide zijden wordt afgesloten door een smeedijzeren hek, heeft men een mooi uitzicht op het huis en de lager gelegen Draughtsman's Lawn. Onder de oude notelaars ligt een bloementapijt van ondermeer Allium schoenoprasum, A. aflatulense en A. cristophii, Sidalcea malviflora, Lychnis coronaria en diverse sierdistels en viooltjes. In de Oosterse tuin staan vier Japanse esdoorns, die van ouderdom helemaal scheef gezakt zijn. In het midden ligt een klein fonteintje en tegen de noordermuur waken twee stenen Shi Shi-honden, waarvan er een een kanonbal in de mond heeft, die begint te rollen als er een aardbeving dreigt... Tegen het tuiniershuis dat langs deze tuin ligt, leunen ook een paar gigantische snoeivormen van taxus en hulst, die wellicht nog dateren uit de 17de eeuw.

Tegenover het huis, langs de slotgracht, ligt een klassieke knotgarden, een knopentuin met motieven in buxus, waar in het voorjaar honderden donkermauve tulpen 'Queen of Night' bloeien. Het motief van de buxushaagjes is gekopieerd van een 16de-eeuws motief op de houten muurpanelen in het huis. Twee intrigerende figuren in gevlochten wilgen die langzaam begroeid raken met klimop kijken over de slotgracht uit. Naast de knotgarden is er nog een 'geheime tuin' waar de ontwerper van Groombridge, Philip Packer, volgens de overlevering meer dan driehonderd jaar geleden op Kerstdag overleed terwijl hij een boek las. De kleine Sculpture Garden met bustes van de Romeinen Agrippa, Hadrianus, Augustus en Septimus Severus, deed vroeger dienst als schaakbord met levende stukken. Vandaag kan u er opnieuw schaken op een reuzenschaakbord.

Een van de mooiste tuinkamers is zeker de witte tuin die, in vergelijking met de befaamde witte tuin van het nabijgelegen Sissinghurst, opvalt door zijn ongedwongen exuberantie. Dat heeft misschien vooral te maken met het overvloedig gebruik van diverse oude en moderne rozen zoals 'Margaret Merril', 'Winchester Cathedral', 'Blanc Double de Coubert', 'Comtesse de Murinais', in combinatie met tal van vaste planten en struiken. Aan de buitenzijden zijn obelisken geplaatst voor klimrozen als 'Seagull', 'Madame Plantier', 'The Garland', 'Sander's White' enzoverder. Een drietal oude appelaars, waarvan er één een enorme maretak draagt die wellicht een paar honderd jaar oud is, doen vermoeden dat hier ooit een boomgaard moet hebben gelegen. Klimrozelaars, zoals 'Aimée Vibert', zorgen ervoor dat de bomen ook in de zomer bloeien. In het midden staat een enorme taxus die zwaar gehavend is door de blikseminslagen die hij in de loop der eeuwen moest trotseren. Achter de witte tuin ligt nog een enorme bloemenborder waar vooral ouderwetse bloemen bloeien die herinneren aan de 17de eeuw, zoals bijvoorbeeld pioenen, maar toch ook wel wat modernere variëteiten zoals de prachtige Gaillarda 'Burgunder'. Momenteel worden er ook nog een grote groentetuin en een kruidentuin aangelegd. En tegen de hellingen die naar het bos leiden is een terrastuin gemaakt waar een wijngaard wordt aangeplant.

Groombridge Place werd, samen met de helft van het dorpje, in 1992 gekocht door de gefortuneerde Andrew de Candole. Hij had jarenlang gezocht naar een aangepaste woning met tuin waar hij zijn droom - het opnieuw tot leven brengen van een historisch domein - kon realiseren. Als voormalig bewoner van het nabijgelegen Bateman's, het vroegere huis van Rudyard Kipling, was hij nogal kieskeurig, maar het 17de-eeuwse Groombridge Place was precies wat hij wilde. De Candole deed ondermeer een beroep op de postmodernistische designer en tuinontwerper Ivan Hicks (die eerder dit jaar overleed) om van het meer dan vijfentwintig hectare grote bos dat bij het domein hoort, een soort surrealistisch betoverd bos, The Enchanted Forest, te maken. Sir Conan Doyle, die ooit nog een boek schreef dat de 'The Coming of the Fairies' heet, zou zich waarschijnlijk perfect tuisvoelen in de magische wereld van Hicks met elfjes, draken, Griekse priesteressen, slangachtige sculpturen, grotten en vegetale tunnels, mysterieuze vijvers en valleien met varens, doolhoven en zelfs een zigeunerkamp met oude woonwagens. Men bereikt het bos via de Wild Flower Hill en de Smugglers Look-out van waaruit men een mooi uitzicht heeft op het omringende landschap. Toen het huis in de tweede helft van de 18de eeuw een paar jaren leegstond, zou het zijn gekraakt geweest door een bende smokkelaars. Halverwege de kust en Londen was dit een ideale plaats om drank en andere smokkelwaar te verbergen.

Dit betoverde bos heeft misschien iets van een pretpark, maar dan zonder de spectaculaire attracties die daar tegenwoordig bij behoren en met een stevige dosis surrealistische knipoogjes, die het toch weer verteerbaar maken. Ik kan me best inbeelden dat sommige tuinbezoekers dit maar niets vinden en gruwen bij het idee alleen al van bomen waaraan spiegels bengelen en bizarre constructies die men misschien nog wel in Middelheim zou accepteren of op een of andere tentoonstelling waar Jan Hoet de plak zwaait, maar die men niet direct verwacht in een 'gewone' tuin. Maar overigens dient men toch te bedenken dat tuinen in de loop van de geschiedenis altijd een belangrijke recreatieve functie hebben gehad en vaak ook dienden als een kader voor theater, muziek, sport en spel - herinner u The Draughtsman's Contract - als een plek waar men een ideale wereld probeerde te creëren of als een plaats vol mythologische of religieuze symboliek. Het betoverde bos van Groombridge sluit perfect aan bij die traditie. Het is volgens mij dan ook veeleer een hedendaagse interpretatie van bijvoorbeeld het Italiaanse beeldenpark van Bomarzo uit de Renaissance of de romantische namaakboerderij met nepherders en -herderinnen van Marie-Antoinette in Versailles uit de 18de eeuw, dan wel een tuinversie van Disney World.

Groombridge Place ligt een zestal kilometer ten zuidwesten van Tunbridge Wells in het Graafschap Kent. De tuinen zijn dagelijks open van 10 tot 18 u. Vlakbij ligt nog een andere schitterende tuin, Penns-in-the-Rocks, die echter slechts een paar weekends per jaar geopend is, in het kader van The National Garden Scheme.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234