Zondag 20/09/2020

De triomf van de verf

Schilderkunst in haar volle breedte. Jonge en minder jonge kunstenaars. Figuratief en abstract, toen en nu. De derde Biënnale van de Schilderkunst, een samenwerking van Raveelmuseum en Museum Dhondt-Dhaenens, verrast en betovert.

Het is de bedoeling om de mens in zijn dagelijkse omgeving te tonen," zegt Piet Coessens, directeur van het Raveelmuseum. "Tegelijk willen we laten zien hoe schilders de voorbije honderd jaar de mens hebben voorgesteld en met welke bedoelingen ze dat gedaan hebben." Het Raveelmuseum en Museum Dhondt-Dhaenens streven met hun Biënnale geen volledigheid na - dat zou met een thema als 'de mens' onbegonnen werk zijn - maar proberen vooral enkele interessante sporen te volgen. Beide musea werken complementair aan elkaar: slechts twee kunstenaars zijn op de twee plekken te zien - Elizabeth Peyton en Karel Appel - terwijl elk museum het thema vanuit de eigen museale mogelijkheden verkent. Zo toont het Raveelmuseum een grote verscheidenheid aan schilders in intieme ensembles vol contrasten en dialogen, terwijl Museum Dhondt-Dhaenens zich beperkt tot tien kunstenaars, maar daarvan wel indrukwekkende reeksen laat zien in de grote zalen van het museum.

Stervende moeder

Het Raveelmuseum opent meteen sterk met drie werken van Roger Raveel zelf, uit drie verschillende periodes. Indrukwekkend is Herinnering aan het sterfbed van mijn moeder(1965). De stervende moeder is vervluchtigd tot een dunne, aarzelende lijn, die haar profiel aangeeft. Een wit vierkant - een kussen? - zweeft als haar 'ziel' over het doek, terwijl haar bed nadrukkelijk en monumentaal aanwezig is, zeker door het houten hoofd- en voeteinde dat Raveel toevoegde: de moeder zal voorbij zijn, maar het bed zal duren.

Piet Coessens confronteert dan een serie bijzonder plastische portretten van Jan Van Imschoot - vier psychiatrische patiënten en een zelfportret van de schilder - met materieschilderijen van Karel Appel en de weinig bekende Mario De Brabandere. Een Christusfiguur van Ensor gaat de dialoog aan met een Christus van Raveel. In de serie portretten wordt een hyperrealistisch beeld van politicus André Cools (Jacques Charlier) geflankeerd door het Congolese staatsieportret van Koning Boudewijn Mwana Kitoko(2000) door Luc Tuymans. Een luchtige aquarel van de Britse kroonprins Charles door Elizabeth Peyton krijgt als tegenwicht een reeks zeefdrukken van Joseph Beuys door Andy Warhol. Van de Duitse schilder Georg Baselitz hangt er een monumentaal werk, Blaues Akkordeon uit 1985: Baselitz knoopte aan met de traditie van het Duitse expressionisme en hing tegelijk zijn werken steevast op hun kop.

Gloednieuw werk is er van de jonge schilderes Ellen De Meutter (°1981), die personages in een kleurrijke maar licht dreigende, wat cartoonachtige droomwereld plaatst. Koen van den Broek laat een schijnbaar alledaags beeld - een kind op een fiets - een onheilspellende slagschaduw over het canvas werpen: J.J. (2012). Pas na herhaald kijken wordt duidelijk wát er te zien is.

Aan de ene kant van het spectrum is er een roze abstractie van Eugène Leroy - een naakt in de traditie van het pure schilderen - aan de andere kant de vrouw die ons met de nek aankijkt van Théo van Rysselberghe - een realistisch geschilderd beeld van de gegoede burgerij anno 1889. Uit hetzelfde tijdsgewricht stammen ook de mijnwerkers van Constantin Meunier: de mens gaat op in de groep.

Droom en lust

Een hoogtepunt is de zaal van de verlaten meisjes, waar een desolaat tafereel van Léon Spilliaert uitgespeeld wordt tegen een meisje in bad van Marlene Dumas: de angstige ogen van het kind en de titel Exit doen het ergste vermoeden. Maar kijk ook goed naar het gebeeldhouwde, bijna minimalistische Zelfportretuit 1939van Jean Brusselmans: enkele zware borsteltrekken volstaan, terwijl de schilder het bruin van het ongeprepareerde doek mee laat spelen in de compositie. Indrukwekkend.

Aan het eind van de tentoonstelling, in een apart zaaltje, heeft Piet Coessens enkele fotografen samengebracht, onder wie August Sander - de vader van het fotoportret - en Thomas Struth. De schilderkunst heeft in den beginne de fotografie zwaar beïnvloed en nu speelt de fotografie een soms essentiële rol voor veel schilders. Tuymans baseert zich graag op foto's die hij met zijn gsm maakt en vervolgens fotokopieert, de weinig bekende Franse schilder Benjamin Moravec haalt zijn beelden van het internet, maar maakt er portretten van alsof het om gezinsleden gaat. Op zich is de verhouding schilderkunst-fotografie een expositie waard.

In Museum-Dhondt Dhaenens in Deurle is de sfeer helemaal anders. Behalve kleine schilderijtjes hangen er ook bijzonder grote formaten. De haarfijn en bijzonder tactiel geschilderde detective-achtige fotoromans van Robert Devriendt - met een formaat van een lucifersdoosje - krijgen als tegenwicht enkele monumentale werken van Constant Permeke: uitvergrote primitieve figuren die ruw en robuust geborsteld zijn. Een blikvanger is Jonge visseruit 1920, rechtstreeks op het hout geschilderd. Van Frits Van den Berghe wordt een indrukwekkend ensemble fijne gouaches getoond, waarin droom en lust de boventoon voeren. Licht surrealistisch werk met onder meer een man die zijn hoofd verliest voor het raam van een bordeel en een andere man die zijn obsessie - de Vrouw - op zijn rug torst als zijn tweede aard. Man en vrouw, ergens tussen droom en daad.

Een verrassing is het bevreemdende werk van de Belgische schilderes Cris Brodahl (°1963): hyper- en tegelijk magisch-realistische portretten, meestal in zwart-wit en met, soms letterlijk, een hoek af. Van de in België nauwelijks bekende Portugees-Britse schilderes Paula Rego hangt een indrukwekkende serie ballerina's, grotesk en tegelijk verfijnd: Degas meets Permeke. In dezelfde ruimte klinkt een melancholisch lied op uit een installatie van Francis Alÿs: 'Bolero', ook 'Shoe Shine Blues'genoemd. Een animatiefilmpje toont heel eenvoudig een schoen en twee handen die met een lap de schoen poetsen. Altijd weer opnieuw, met lichte variaties. Tegelijk klinkt het mooie, weemoedige lied. Het filmpje wordt geflankeerd door voorbereidende tekeningen: fragiele figuren op al even fragiel kalkpapier dat vaak met stukjes tape aaneen wordt gehouden. Hier en daar hangen de kleine, mysterieuze miniatuurschilderijtjes van Alÿs, die altijd aandacht heeft voor de gewone mens in minder gewone omstandigheden. De toestand is droevig, maar niet hopeloos.

En zo biedt deze Biënnale van de Schilderkunst een schitterende tour d'horizon van de mensheid: de werkende, wroetende, dromende, hunkerende mens. De naakte mens, de massamens, de zotte mens. De mens in al zijn en haar vormen en gedaanten. Net als de schilderkunst is de mensheid een intrigerende caleidoscoop.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234