Dinsdag 22/09/2020

Bijgedachte

De trein: soms kun je niet anders dan lachen, van pure moedeloosheid

Beeld Photo News

René Van Munster is chef eindredactie van de weekendbijlagen van De Morgen.

Misschien zijn de problemen op pakweg het traject Lichtervelde-De Panne minder acuut, dat kan. Maar tussen Tienen en Zellik is de trein de afgelopen tijd echt wel dikwijls de weg kwijt. En nee, dat is niet allemaal de schuld van spoorlopers en seinstoringen.

Daar hang je dan. Ik probeerde mijn voet te verzetten in het mudvolle portaal, omdat ik een krampscheut in mijn kuit voelde, maar we staan zo opeengepakt dat ik blijf zweven. Mijn schoen raakt de grond niet meer!

René Van Munster.Beeld Wouter Van Vooren

Dat kwam zo. Samen met zo’n honderdvijftig anderen stond ik vorige week maandag om vijf over negen 's ochtends op het station van Tienen te wachten op de trein naar Brussel. (Tienen is een gróót station, met dagelijks 4.500 opstappers.) Normaliter komt er op dat tijdstip een megatrein voorgereden met negen of tien rijtuigen. Nu waren het er drie – waarvan één eersteklas. En er kon eigenlijk niemand meer bij.

Na een minuut of tien duwen en trekken en vloeken en koffiegemors op onschuldige jassen, had de helft van de kandidaat-passagiers – inclusief ondergetekende – zich in de portalen gewurmd en vertrok de trein. Sardienen in staal. De andere helft kon er niet meer bij en bleef achter in Tienen. Lachen!

Probleempje in Leuven, het volgende station: je moet dan even uit dat propvolle tussenportaal (slechte adems, klagende zwangere vrouwen, geplette huisdieren) het perron op stappen om mensen die in Leuven moeten zijn de kans te geven uit te stappen. Dat lukte. Maar probeer dan maar weer eens ín die trein te raken, met al dat Leuvense volk dat ook wil opstappen.

Ik was een uurtje of zo te laat op het werk.

Ik spoor graag, echt waar. Ik ben de files zo beu, dat ik twee of drie keer per week met plezier de trein naar het werk neem. Beetje wegdromen, krant lezen, vroege mails bekijken. Van Tienen naar Brussel-Noord, dan zeven minuten de tijd om over te stappen op de boemel naar Zellik. En vandaar is het nog een frisse 23 minuutjes wandelen naar de redactie in Kobbegem.

Zodra er meer dan een halfuur file wordt gemeld op de E40 tussen Tienen en Brussel, brengt de combinatie NMBS-benenwagen me sneller op de werkplek dan de VW Sharan.

Dat wil zeggen: zelden.

Dinsdag 29 november, 08.30 uur. De keukenradio meldt dat er door toedoen van een wisselstoring grote problemen zijn met de doorstroming van de treinen in Brussel. Kan gebeuren. Ik besluit met de auto te gaan.

Kán gebeuren? Het gebeurt elke dag! Maandag had ik voor de trein gekozen. Tienen-Brussel was min of meer oké, maar de aansluiting in Brussel-Noord liet achttien minuten op zich wachten. Maar ach, wat is achttien minuten als je er lekker bij kunt zitten?

Vroeger gebeurde er geen fuck op de trein. Ja, één keer, begin jaren tachtig. Ik zat op een kille vrijdagavond op de Brussel-Amsterdam, toen die om half negen 's avonds ter hoogte van Mortsel-Oude God krakend en piepend tot stilstand kwam. Om kwart voor vier 's nachts was het euvel verholpen. Ik heb er nog een lezersbrief over geschreven aan De Morgen. Een paar dagen later stond hij in de krant! Geweldige gazet.

Maar verder: saai! Een treinreis was destijds zo stomvervelend slaapverwekkend, dat ik – opgestapt in Berchem Statie – eens wakker werd in het Noord-Franse rangeerstation van Aulnoye-Aymeries, in plaats van in Brussel-Noord. Het was kwart voor drie 's nachts. Gelukje: op hetzelfde perron vertrok een kwartiertje later een slaaptrein naar Brussel. Ik was om kwart voor zeven in Brussel. Ben maar meteen verse koffiekoeken gaan kopen.

Maar die 'Franse' vertraging was dus mijn eigen schuld. Net als die keren (3) dat ik 'Station Tienen!' niet hoorde en rond middernacht pas in Luik tot mijn positieven kwam. Niet zo erg, het is van vrijdag op zaterdag errug gezellig in de Luikse uitgaansbuurt Le Carré. Die nacht kom je wel door.

Het is in elk geval beter dan nét Tienen missen en er pas in Landen (volgende station) uit kunnen (4), en dan zien dat het halféén is en dat er geen trein terug naar Tienen meer rijdt. Veertien kilometer terug naar huis. Dat is láng wandelen hoor, in lichtjes aangeschoten staat.

En onderweg nergens een café open.

Nee, dan nu. Tegenwoordig val je als treinklant niet meer in slaap. De monitors op de perrons kleuren meer geel dan blauw, de mededelingenrobot (v) draait overuren. Zeven minuten vertraging. Elf minuten. Achttien. Drieëntwintig. Drieëndertig! Sein kapot. Persoonsongeval. Wisselstoring. Spoorlopers. Machinist niet komen opdagen. Bladeren op de rails. 'Problemen met een locomotief'.

Het gebeurt ook dat er gewoon níks wordt gemeld. Sta je met dertig scholieren, drie senioren, een journalist met een vouwfiets en twee leraarstypes te wachten op de vertraagde trein naar Zellik, en dan blijkt die al vertrokken te zijn van een ander spoor! Zonder een woord!

Het is soms zo frustrerend. Elf minuten duurt het om van Mechelen naar Brussel-Noord te sporen. Het is mógelijk, ik heb het al mensen horen vertellen. Mijn collega heeft een tijdlang elke vrijdagochtend dat traject gedaan. Elf minuten? Had je gedacht. Een halfuur of meer. Elke vrijdag. Wandeltempo, zonder enige versnelling. Met de trottinette ben je er vlugger. Zo zonde.

Mijn collega neemt tegenwoordig de wagen.

Soms kun je niet anders dan lachen, van pure moedeloosheid. Nog één voorbeeld. Ergens vorige week, de trein van Zellik naar Brussel-Noord. Geplande vertrektijd: 20.02 uur. Precies op dat moment wordt er omgeroepen: 'De trein van 20.02 uur rijdt vandaag niet. U kunt de volgende nemen, om 20.22 uur.' Oké, denk je dan. Lekker blijven wachten. Het is de moeite niet om je te reppen naar de bus, dat gaat geen verschil maken, de aansluiting in Noord ben je toch kwijt.

20.22 uur: omroepbericht. 'De trein naar Brussel-Noord van 20.22 uur heeft 16 minuten vertraging.' Ja verdomme, was ik dan maar wél op die lijnbus gesprongen! Toch?

20.40: de trein naar Brussel-Noord vertrekt. En verrek, hij heeft peper in zijn kont en op het Noord kan ik nog net de trein naar Tienen halen. Je gooit je met doodsverachting van de trappen af, en wat blijkt beneden: ook die aansluiting heeft vertraging: 17 minuten.

Kalm blijven. Ademhalen. Geduldig wachten. Treintje komt inderdaad zo. Zo. Opstappen en wegrijden.

Op de lichtkrant aan het uiteinde van mijn rijtuig staat: 'Volgende station: Brussel-Luxemburg'. Mis, kan niet, dat is de andere kant op.

Minuutje later, stem uit de luidspreker: 'We komen aan in Brussel-Noord.' Weer mis. Komen we net vandaan, meen ik.

Bij aankomst in Leuven: 'We komen aan in Luik.' Bij vertrek uit Leuven: 'Het volgende station is Angleur.'

Aardrijkskunde. Wiskunde. Ik ben om 19.30 uur vertrokken van het werk, en zal om 22.20 uur thuis zijn. Dat zijn 170 minuten. Met de auto was dat 42 minuten geweest.

22.10 uur. Bijna in Tienen. Naast mij probeert de conductrice een gebrekkig Engels sprekend, donker koppel duidelijk te maken dat er vanavond geen trein meer naar Aken rijdt. Duitsland, alweer onbereikbaar. Dat ze kunnen doorsporen naar Welkenraedt, zegt ze, en daar dan een uurtje of acht wachten. "Om 6.42 uur vertrekt de eerste trein naar Aachen."

Station Tienen. Het is pikdonker. Op het pad dat parallel loopt aan perron 1 en uitkomt op een braakliggend terrein, rijdt een man in een gemotoriseerde rolstoel veel te hard voorbij. Hij heeft een bril en een oude pothelm op.

Ik moet denken aan mijn Märklin-speelgoedtrein, vroeger op de zolder thuis. Het nepmos op het viaduct, dat vond ik zo mooi. 

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234