Zondag 28/02/2021

De tol van de tijd

Een handvat van onze geschiedenis, dat is het kerkhof van Dieweg in Ukkel. Hergé ligt er. En Charles Woeste. Er zijn een dodengalerij van Belgische Joden, beelden van Horta, de schim van baron Lambert. Funerair erfgoed, dat nu wegzinkt: de grond die verzakt, de zerk die barst. En iedereen kijkt toe.

"Bitter smaakt het kruid der herinnering 's morgens in de mond." Claus schreef het al, in 1955. Een Oostakkers gedicht, opgetrokken uit zompige kleigrond. Dat ze bitter smaakt, de herinnering. En zeker in Ukkel. De dood kent geur noch smaak. Ze kleurt alleen zwart. Wat rest op het kerkhof van Dieweg is het kruid, en de herinnering. Vooral het kruid. Wat Highgate is in Londen, Père Lachaise in Parijs, is Dieweg in Brussel: het ornament van het verleden. Maar er is dat kruid, die planten, die klimop, die rommel. Een zinnebeeld van verval. Als zelfs het verleden verdwijnt.

Er staan auto's op de parking, maar binnen is er niemand. Boucherie Dieweg, recht tegenover de ingang, daar wel. Een eiland in de tijd is het kerkhof in Ukkel. Wie er passeert, ruikt alleen de salami pur porc van de boucherie, en het gebakken brood, wat verderop. Niemand die achteromkijkt. Niemand die even terugbladert in het boek dat Dieweg is.

Aan de ingang staat een bordje: 'Hergé'. Er hangt ook een touw: "Voor inlichtingen gelieve de klok te luiden." Er ligt aan de balie ook een blad papier: "Een voorstel tot wandeling". Want dat is het, een trip down memory lane. Wie het bordje volgt, ziet wat verder een pijl en dan een rechthoekige, vuistdikke plaat. Het bigroze marmer zegt Georges Remi en 'dit' Hergé. De naam van zijn weduwe staat er ook op. Hoe moet dat voelen? Weten dat je graf al klaar is. Dat de naam is gebeiteld.

De vader van Kuifje valt op in Ukkel. Niet door de esthetiek of een lege tekstballon. Maar door de eenvoud en door het kleine zwart-witte symbool onderaan de zerk, dat aangeeft dat het om een monument gaat. En dat het aan restauratie toe is, zoals de honderden graven. Maar het graf is wél verzorgd, dat van Hergé. Niet overwoekerd door klimop. Het buigt niet onder het eigen gewicht. Het zakt niet weg in de vergetelheid. Dieweg is door toedoen van de tijd ontveld tot een waanbeeld, als was het een ets van Caspar David Friedrich. Een caleidoscoop van puin en grint.

Mausoleum

In 1866 heerste in Brussel een choleraepidemie. De dood vrat aan het volk, dat sneller stierf dan er jong bloed bij kwam. Daarom: Dieweg. Het werd het eindpunt voor de Brusselse aristocratie. Dat merk je nog altijd. Je denkt dat het een kerk is, maar wie het kerkhof binnenwandelt, ziet aan de rechterkant geen kerk maar een mausoleum. Dat van de familie Allard. Er is plaats voor 78 in het massagraf van arduin. Zegt het formulier: "familie ALLARD, machtige financiers". De kleine tempel heerst over de akker. Onaangeraakt. Proper. Ontdaan van takken en groen blad. De tijd raakt niet aan de Allards. Schril is het contrast met de rest van de graven, of wat daar van overblijft.

Alleen de gangen tussen de graven zijn vrij. De rest is in handen van de natuur. Een speelbal van struiken en planten. Eert de doden.

De zerk van art-nouveau-architect Paul Hankar erodeert in de Belgische grond. De beelden van Victor Horta zijn grijs als de lucht. Hier rust ook Isabelle Gatti de Gamond, de Belgische feministe. Er is naast de familie Allard nog bancair bloed: Errera, Lambert, Stern. Charles Woeste telt hier de sterren. Maar het ebt weg.

Twee mensen moeten de boel zien te rooien in Ukkel. Een man die zijn naam niet in de krant wil en een Roemeen, Rado Ionescu, die de tijd van zijn leven heeft "in dat paradijs hier". Maar ook zij beseffen het: "Meneer, dit gaat niet met twee mensen, zo'n enorm gebied."

In 1945 werd het kerkhof gesloten, wegens volzet. Het einde van de Tweede Wereldoorlog en Dieweg lag vol Joden. Het is nog altijd de grootste niet-confessionele begraafplaats van Belgische Joden, met zo'n drieduizend graven. Aan de rand van het kerkhof loopt een ondergrondse galerij. "Tu es poussière et tu retournes à la poussière. Mais l'âme remonte vers Dieu qui l'a donnee." Hier hangen de namen aan de muur, ligt een urne kapotgeslagen op de grond en sijpelt het water langs de muren als zwarte verf.

Belgische dus, maar ook Joden uit het Middellandse Zeegebied. Die namen bloemen mee naar België. Het maakt dat in Ukkel nog altijd cipressen groeien, mahonia's, gele helmbloemen, salomonszegels, boshyacinten, klimrozelaars. Een derde van de flora die in ons land te vinden is, groeit ook in de kamer van de dood. Het kerkhof ligt op een helling, naar de zon gericht. Het zorgt voor een microklimaat waarin de flora vanzelfsprekend goed gedijt. Maar dus ook het kruid. "En dat groeit veel rapper", zegt Rado. "We kunnen er niks aan doen."

In 1958 werd Dieweg in zijn totaliteit beschermd als erfgoed. Alleen Hergé kreeg nog een plek. En de overledenen in de familiekelders. De architecturale sier, samen met de biodiversiteit, gaf Dieweg een bijna mythisch aura. Maar politiek gehakketak heeft de boel laten aanslepen, laten overwoekeren.

'Monumenten en Landschappen' van het Brussels Gewest laat de boel aanslepen. Er is miscommunicatie met het kabinet van Brussels minister-president Charles Picqué (PS). En ook met de groendienst van Ukkel, maar die mogen weinig meer dan de paden vrijmaken. In 2010 werd een beheerplan opgezet voor Dieweg. Een plan dat voorzag in de restauratie van het kerkhof en de detachering van twee specialisten om de natuur op een professionele manier te onderhouden. Er was ook plaats voor een stormbekken, om waterinfiltraties tegen te gaan. Van een bekken geen spoor en de graven zakken weg. Niks detachering. Niks stormbekken. Er is alleen Rado. En de man zonder naam.

"We wilden in 2011 beginnen met de percelenrestauratie", zegt Thierry Wauters van Monumenten en Landschappen in Brussel Deze Week. "Maar het wettelijke kader bleek niet aanwezig. Een budget voor renovatie hebben we nog niet."

Dus ging drie weken geleden dan maar een dertigtal ambtenaren eigenhandig het kruid te lijf. Een project dat het Brussels Gewest inschreef als teambuilding. Rado: "Ik begrijp niet dat ze de boel hier zo laten verkommeren. Dat doet pijn."

Theelichtje

Anderhalf uur dralen in Dieweg, en niemand die komt, niemand die passeert. Alleen Rado en zijn kompaan. "Ik weet hier iedereen liggen. Maar hier is niemand. Alsof deze plek niet bestaat. Mensen komen de graven niet meer bezoeken, niet meer poetsen. Hoewel, soms gebeurt er iets. Kijk, daar (wijst voor zich uit)."

Een minikapel, inclusief glasraam en houten dakbindingen. "Een tijd geleden stond hier plotseling een timmerman."

Bij de terugkeer naar de ingang doemen namen op. Het regenwater danst in de gebeitelde letters. "In loving memory: Charles Leopold Eberhardt fell asleep." Wat verderop ligt Frau Dina Katz. Een uitgebrand theelichtje geeft een teken van leven. "Underen Lieven guten Mutter." In het graf is een arduinen zitbank gehouwen. Blijft hier, Moeder.

"Jean J. King: engage volontaire." Hier doemt de geur van bloedworst en perskop al op, van Boucherie Dieweg. "J King: Sergeant au 4° regiment de ligne." En dan: "Mort pour la patrie".

Dat zijn ze allemaal, ook Rodolphe Levy. "Tué au combat de Hoekske."

Allemaal voor het vaderland. Een laatste eer hebben ze niet meer gekregen. Wel stengels en netels. Wie het hek passeert, komt in de gewone wereld. Die van de salami pur porc. De parking staat nog altijd vol. Maar er is nog altijd niemand. Rado en zijn kompaan zullen blijven knippen en snoeien. Maar de natuur zal altijd winnen. Als er niets gebeurt. Het is zelfs een gedempte vorm van schoonheid, die natuur van verzakkingen. Alsof de dood alleen verval kent. Maar het zou niet mogen. Dat het boek van onze geschiedenis uiteengerafeld op de grond ligt. En dat niemand ons nog bindt.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234